koop tickets online

Cercle door de jaren heen (deel 206)

(periode van 23-07-1960 -> 06-08-1960)

  • Cercle

Het nieuwe voetbalseizoen 1960-1961 naderde op kousenvoeten.  De groen-zwarten maakten zich op om een nieuwe gooi naar de promotie te doen en hoopten dat “derde keer goede keer” ook voor hen van toepassing zou zijn…

Koning Voetbal weer in aantocht…  Cercle maakt zich klaar !” : “Deze week werd een aanvang genomen met de trainingen in het vooruitzicht van de nieuwe kompetitie 1960-1961.  Natuurlijk is het nog te vroeg om nu reeds uit te pakken met de vooruitzichten en de mogelijkheden van Cercle aangezien het hier slechts een eerste kontaktname geldt onder vorm van lichaamsoefeningen –zonder bal– om de stramme spieren los te werken, maar toch mogen we zeggen dat op het Edgard De Smedt Stadion een sfeer van vertrouwen, ja zelfs van optimisme heerst.
Van een buitengewone bedrijvigheid op de transfermarkt kan er bij de groen-zwarten moeilijk gewaagd worden al kan Eric Daels best een goede versterking zijn en kunnen in de laatste dagen nog verrassingen gebeuren.  In grote lijnen wordt dan ook de basisploeg behouden zodat van hun presteren in het komende kampioenschap heel wat zal afhangen.
Voorlopig kunnen we alleen maar hopen dat de spelers zich ten volle zullen inspannen om zo spoedig mogelijk de gewenste konditie en de juiste tred te vinden, ten einde volkomen klaar te zijn voor de officiële start in september a.s.  Verder rekenen we op een goede geest en samenwerking waartoe ook het bestuur en de trainer terdege hun steentje kunnen bijdragen.  In een ideale geest van samenhorigheid en onderling begrip moet Cercle zich dit jaar duchtig kunnen doen gelden en hun aanhangers voluit bevredigen.  Dit is onze enigste en vurigste wens die hopelijk met klank zal vervuld worden.”

Een ander artikel blikte nog even terug op de twee voorbije seizoenen toen Cercle telkens bijna de promotie te pakken had maar in extremis toch de duimen moest leggen :

“ “Derde keer, goei keer” voor Cercle ?“ : “Tot tweemaal toe werd Cercle in de afgelopen kampioenschappen op de meet geklopt voor de zo vurig betrachte promovering naar 1eklasse. Het jammerlijk en veelomstreden falen der groen-zwarten in de beslissende testmatch te Mechelen tegen Patro Eisden, ligt nog vers in het geheugen en nog dagelijks moeten we het aanhoren dat de Bruggelingen nooit meer dergelijke kans zullen krijgen !...
Zulks kan heel goed mogelijk zijn en is zeker te betreuren, terwijl het even waar is dat zware vergissingen begaan werden met verdragende gevolgen.  Maar gedane zaken nemen geen keer, zodat het best is daar niet verder te blijven bij stilstaan en de spons over het verleden te vegen.  Thans dient alles aangewend om niet meer in hetzelfde euvel te vervallen en alles in ’t werk gesteld om zich in ere te herstellen.
De grootste aandacht moet nu gaan naar het seizoen 1960-61 die voor Cercle hopelijk “derde keer, goei keer” wordt. Dinsdag woonden we de eerste training bij op de vernieuwde grasmat en we kunnen zeggen dat deze eerste kennismaking ons een beste indruk heeft gelaten.  Niet dat er geoefend werd dat de stukken er afvlogen, noch dat de meeste spelers reeds blijk gaven van een vergevorderde forme, maar de kameraadschappelijke geest en de goede verstandhouding waren opvallend en bemoedigend.
Onder leiding van de bruingebrande Delfour deden de twintigtal opgekomen spelers lichte lichaams-, lenigheids- en ontspanningsoefeningen waarin allen van goede wil getuigden.  Wij noteerden de aanwezigheid van praktisch de volledige Cercleploeg met Willy Mortier, Robert Serru, Aimé Baas, Dré Perot, Jackie De Caluwé, Noël Demey, Roger Notteboom, Gilbert Bailliu, Eric Buyse, Philemon Desmaele en Albert Michiels.  Enkel Marin Roje en Joseph Van Vlaenderen ontbraken wegens verlof.
We stipten ook de tegenwoordigheid aan van de nieuwe aanwinst Eric Daels van SV Wevelgem, een zwartharige rijzige atleet die de opgelegde oefeningen en bewegingen zeer flink uitvoerde.  Verder nog de bijzonderste invallers Acket, Wittewrongel, Jo Gerard en Verheye, de jongeren Van Hamme en Flamée en de “verloren zonen” Gaston Eeckeman en Willy Craeye.  Deze laatsten waren destijds flinke beloften, die echter bleven hangen en mits intensieve en harde training wellicht weer op het voorplan kunnen komen.
Wezen we reeds op het gemoedelijke van de eerste training die eerder een voorbereidend karakter had, dan zal de oefening echter geleidelijk harder en meer toegespitst worden.  En dat zal meer dan nodig zijn, vermits reeds op zondag 7 augustus een eerste wedstrijd dient betwist en dit in Frankrijk te Charleville waar de groen-zwarten het moeten opnemen tegen de nieuwe Franse eersteklasser Rouen.  Een gemakkelijke inzet is dat in geen geval en Cercle zal zeker behoorlijk zweten om tot een eervol resultaat te komen.
Het moet trouwens gezegd dat trainer Delfour zijn spelers weer een zeer lastig oefenprogramma in de schoenen schuift, want na deze harde inzet in Frankrijk wachten de groen-zwarten nog zware opgaven. Zo op maandag 15 augustus krijgen ze de traditionele Hollandse trip naar Breda, waarvan de terugmatch te Brugge waarschijnlijk begin september ’s avonds zal doorgaan.  Op zaterdag 20 augustus komt Beerschot op bezoek terwijl op zondag 28 augustus niemand minder dan de Belgische kampioenenploeg SK Lierse alhier te gast zal zijn.  Komt dan nog een vriendenpartij tegen Union waarvan de datum echter nog niet werd vastgesteld.
Dit alles wijst er op dat Delfour zijn spelers helemaal wil klaar krijgen voor de start van het kampioenschap op zondag 4 september a.s.  De gelegenheid om zich te roderen krijgen de groen-zwarten in ieder geval slechts voor het grijpen, maar het is nu te zien of allen zich daaraan zullen kunnen aanpassen.
De Cercledirigenten die we even uithoorden omtrent de vooruitzichten en de mogelijkheden der groen-zwarten in het komende kampioenschap, bleken zeer voorzichtig om niet te zeggen terughoudend in hun uitlatingen.  Het is een nieuw begin werd ons verzekerd, zodat men moet afwachten…  Alles hangt af van de konditie van de spelers en van het ploegverband, maar toch verwachten we en hopen we het beste.
We kunnen niet anders dan ons hierbij aansluiten en de hoop uitdrukken dat Cercle dit seizoen beter op haar zaak zal letten en met verenigde krachten hogerop zal trachten te komen.  Waar een wil is, is een weg, moet zowel voor spelers als bestuur de te volgen leidraad zijn !”

De groen-zwarten hadden zich bijna niet geroerd op de transfermarkt maar naarmate de dagen verstreken scheen hier toch wel een kentering in te komen.  Het was het Cerclebestuur menens om zich in het promotiedebat te mengen en dus mocht er op enkele plaatsen wat versterking bijkomen…

Toch nog versterking voor Cercle ?” : “De groen-zwarten hebben dit jaar geen sensationele aankopen gedaan en eerder de kat uit de boom gekeken.  Daarentegen werd Hans Gerard voor een flinke bom duiten van de hand gedaan aan Union Sint-Gillis, zodat de transferaktiviteit voor Cercle eerder een passief betekende.
In laatste instantie schijnt hierin dan toch een gunstige kentering te komen vermits op het ogenblik dat we deze lijnen schrijven vergevorderde onderhandelingen bezig zijn voor de aankoop van nog een paar spelers.
Er is o.m. sprake van de voorspeler van SC Charleroi, Willy Lambert, die over twee seizoenen topscorer was van IIe Klasse, en voor wie alleen nog enkele details dienen geregeld.
Deze week werden tevens een tweetal Hongaarse voetballers getest en ook hier kan het nog tot een akkoord komen ! Afwachten is echter de boodschap…” 

En dat het niet bij woorden bleef bewees het volgend artikel  :

Drie nieuwe spelers voor Cercle” : “In het kader van onze bijdrage over de eerste Cercletraining, lieten we uitschijnen dat de groen-zwarten in extremis best nog een paar belangrijke aankopen zouden kunnen doen.  Dit werd trouwens bewaarheid en vrijdag in de namiddag kregen we de officiële bevestiging dat nog drie nieuwe transfers tot een goed einde gebracht en ondertekend werden.
In de eerste plaats gaat het om de bekende voorspeler van SC Charleroi, Willy Lambert, afkomstig van Nijvel, een gevaarlijke doelschutter die twee seizoenen geleden aan het hoofd stond van de goalgetters van 2eklasse met meer dan twintig doelpunten.
Tevens werden nog twee Hongaren aangeworven die gekwalificeerd zijn om in de fanionploeg op te treden.  Het zijn de 22-jarige Zoltan Locskai, die verleden seizoen bijna alle matchen speelde bij de Anderlechtreserven als centervoor of inside en de 26-jarige André Gaal, die twee jaar geleden als achterspeler optrad bij de Gantoise-invallers.  Naar men ons verzekerde zijn het technisch vaardige elementen die op de afgenomen testen een gunstige indruk lieten.  Het is nu te zien hoe zij zullen presteren in kompetitie- en in ploegverband, zodat dient afgewacht of zij al dan niet aanwinsten voor de groen-zwarten zullen betekenen.”

Nvdr : naast deze drie vermelde spelers stapte ook nog de Hongaar Kovari over van Olympic Charleroi naar Cercle Brugge.  

  • Brugge

* 2018 was een lange, hete en droge zomer en overtrof daarmee de zomer van 1976 die toch in het collectief geheugen was blijven hangen als dé zomer ooit.  Dat de zomers in België ook wel eens kunnen tegenvallen hoeft geen betoog.  Blijkbaar was de zomer van 1960 er geen om over naar huis te schrijven maar ook zonder de medewerking van de weergoden zorgden de vele toeristen toch nog voor de nodige drukte in Brugge :

Steeds regen” : “Het wil maar niet zomeren : vorig jaar teisterde een grote droogte ons land, dit jaar is het tegenovergestelde het geval en volgen de regenbuien mekaar op met de regelmaat van een uurwerk.  Het is dan ook niet te verwonderen, dat men aan de kust begint te vrezen voor het goede verloop van het seizoen.  Reeds stelt men een daling van de belangstelling van de vakantiegangers voor de kust vast.  Te Brugge daarentegen is het elke dag zeer druk en laten de toeristen zich niet door regen en wind afschrikken, om in dichte drommen het centrum af te slenteren, de reien te bevaren en de musea en andere bezienswaardigheden te bezoeken. Deze week was het ook druk ingevolge de Gentse stadsfeesten, waardoor honderden “Stropkes” naar onze streek afzakten en er de goede luim inhielden.  Het was geen zeldzaamheid ’s avonds enkele Gentenaars boven hun theewater op zoek te zien gaan naar hun bus, die ze niet meer wisten staan…” 

* Er werd al een tijdje gesproken over de komst van een grootwarenhuis langs de Scheepsdalelaan maar nu leek het project wel heel concreet te worden : de bouwvergunning was (eindelijk) in orde en dus was het nu enkel nog wachten op de eerste spadesteek :

Grand Bazar zal weldra bouwen” : “De “Grand Bazar” heeft haar bouwvergunning ontvangen, om langs de Scheepsdalelaan een grootwarenhuis op te trekken.  De werken zullen binnenkort aanvangen.  Architekt is dhr. Grosemans uit Antwerpen, de ondernemer is de firma Van Riel en Van den Bergh eveneens uit Antwerpen.
Wat het tweede nieuw grootwarenhuis in onze stad betreft, nl. in de vroegere cinema “Oud Brugge”, daarover is momenteel geen nieuws, alhoewel verwacht wordt, dat in de herfst met de verbouwingswerken zal begonnen worden.”

* Heel wat firma’s kozen Brugge of de dichte omgeving er van om een vestiging te bouwen.  Wij beleefden de gouden jaren zestig : er werd geïnvesteerd, er werden jobs gecreëerd, de mensen konden sparen, kochten bouwgrond, bouwden een huis,… kortom, de economie floreerde.  Ook Oostkamp pikte zijn graantje van deze hoogconjunctuur mee : een bekende firma kwam er zich vestigen en zorgde in de streek voor heel wat werkverschaffing :

De kogel is door de kerk – “Siemens und Halske” vestigt afdeling voor het produceren van apparaten voor zwakstroom te Oostkamp”: “Begin van de bouwwerken van de nieuwe fabriek : november 1960 – Begin van de fabrikatie : april 1961.”

Cerle Brugge KSV

Siemens und Halske werd later gewoon Siemens en heet tegenwoordig Tyco Electronics. De jaren van de grote tewerkstelling liggen intussen ook al een tijdje achter ons… (bron foto : http://www.areyouaco2nsumer.eu/facesofbelgium.htm).

* Vroeger had elke zichzelf respecterende school, instelling of organisatie een tijdschrift dat verspreid werd naar de geabonneerde belangstellenden.  Er een tekst in mogen publiceren werd als een eer beschouwd, redacteur zijn er van was zowat de opperste eer die iemand kon te beurt vallen.  De (talrijke) lezers keken telkens weer uit naar het volgende nummer dat in de bus zou vallen.  Ook het Sint-Leocollege kon destijds bogen op een prima tijdschrift : “Contact”, een interessant driemaandelijks boekje dat kon uitpakken met heerlijke, vlot geschreven teksten die boeiden van A tot Z.  In 1960, “Contact” was toen reeds aan de veertiende jaargang toe, kwam de vaak gecontesteerde voorgevel van het college aan bod :

Cerle Brugge KSV

Kroniek van het Sint-Leokollege” : “Van het kollegetijdschrift “Contact” verscheen onlangs het derde nummer van zijn 14ejaargang.  Wie iets afweet over het uitgeven van bladen en tijdschriften weet dat het een hele prestatie is om het zolang vol te houden.  Het is onbetwistbaar een teken van leven en vitaliteit, tevens wil het een “spieghel historiael” blijven van het kollegeleven en van de oudleerlingenbond.
In de kollegekroniek van de hogere en voorbereidende afdeling stippen wij in de eerste plaats het feit aan dat het voorgebouw van het kollege langs de Potterierei zijn voltooiing nabij is.  De voorgevel ziet er wel uit als een architektonisch anachronisme, maar toch zal hij de bouwvallige krotten van voorheen vlug doen vergeten.  Ontegensprekelijk zal het de standing en het prestige van het kollege merkelijk verhogen.” 

De lijstgevel van het Sint-Leocollege dateert uit de twintigste eeuw.  Helemaal links zien we 'Villa Latina'.  De oorspronkelijke villa ging reeds jaren geleden tegen de grond maar het college liet met zorg de voorgevel van de oude villa reconstrueren en integreerde de achterliggende ruimte in het college.  Let even op de tv-antenne op het dak van het schoolgebouw met er naast het torentje van de kapel dat boven de nok van het dak uitpriemt.  Op de voorgrond kabbelt de Langerei eeuwig verder (bron : beeldbank Brugge).

Cerle Brugge KSV

Zo zagen de gevels (in het artikel in “Contact” bouwvallige krotten genoemd) langs de Potterierei er uit voor de vaak gecontesteerde voorgevel van het Sint-Leocollege er kwam (bron : beeldbank Brugge).

* Dat er heel wat sporten bestaan en je waarschijnlijk geen sport kunt bedenken die niet beoefend wordt is wellicht een feit.  Iets waar we nu niet onmiddellijk aan denken is go karting.  Is rijden met een go kart trouwens wel een sport ?  Wie het beoefent zal dit met klem bevestigen.  Anderen zullen dan weer in alle toonaarden ontkennen dat het ook maar iets met sport te maken heeft.  De vraag zou dus voer voor discussie kunnen zijn.
Go karting anno 2018 kennen we enkel nog van wedstrijden die indoor of outdoor op speciale circuits gehouden worden maar in de tijd van onderstaand artikel (augustus 1960) waren enkele straten in Sint-Kruis het decor van deze Grote Prijs.
De eerste go kart werd in 1956 in Californië door ene Art Ingels gebouwd.  Binnen de kortste keren groeide go karting uit tot een populaire bezigheid en, hoe kan het ook anders ?, waaide het over naar Europa.
In 1960 deed go karting, in het “Brugsch Handelsblad” omschreven als een “Nieuwe Sensatiesport”, dan ook zijn intrede op Brugse bodem :

Sport en sensatie te Sint-Kruis op 21 augustus – Grote Prijs van West-Vlaanderen voor Go-Kart’s” – “Nieuwe Sensatiesport…” : “Na een welkomwoord van voorzitter N. Inion en een korte uiteenzetting van sekretaris F. Tamsin, gaf dhr. M. Van Gorp uit Brussel een vluchtige maar zeer bevattelijke uitleg over “Karting”.  Deze nieuwe sport vond 3 à 4 jaar geleden zijn oorsprong in Amerika (natuurlijk !) waar het om zijn veelvuldige sensatie en spannende strijd dadelijk een ophefmakende opgang maakte.
 

Deze nieuwe “gedemokratiseerde” autokoersen worden betwist met een eenvoudig, laagzittend wagentje, zonder chassis, met vier kleine wielen waarop dikke banden gemonteerd zijn.  Verder is er een stuur, een voetrem en een gaspedaal met achteraan een motor van 100 of 200 cc.  Hiermede wordt een snelheid bereikt van 60 à 80 km. per uur terwijl de kostprijs ervan schommelt tussen 12 en 14.000 frank.” 

Spektakulair en ongevaarlijk” : “Dhr. Van Gorp beklemtoonde dat Karting een zeer spektakulaire sport is en in verhouding één der minst gevaarlijkste.  Alhoewel nu iedere week omzeggens één of meer wedstrijden betwist worden, is het aantal ongevallen heel miniem.”

 

Cerle Brugge KSV

Karters op het circuit van Zandvoort in 1960.  Het zag er toen allemaal nog een beetje primitief en amateuristisch uit… (bron foto : Wikipedia).

Cerle Brugge KSV

Een moderne go kart lijkt, met een beetje fantasie, steeds meer op een formule 1 wagen… (bron foto : Capital Karts).  

* Wij staan er niet altijd bij stil dat er ook nog zoiets bestaat als korporatief voetbal en vooral, dat het korporatief voetbal een rijke geschiedenis heeft. Zeker in tijden dat er veel grote bedrijven waren die heel wat personeel tewerkstelden groeide en bloeide het bedrijfsvoetbal.
Reeds in 1923 kwamen enkele initiatiefnemers uit de West-Vlaamse bedrijfssportwereld bijeen om inmiddels opgerichte sportverenigingen te polsen of ze interesse hadden om toe te treden tot een nog op te richten West-Vlaamse Sportbond.  Het streefdoel was om de sportbeoefening onder de werkgemeenschappen beter te coördineren en te bevorderen.
Op 1 februari 1924 was de kogel door de kerk en werd de officiële aansluiting bij de Koninklijke Belgische Voetbalbond ondertekend.  Zoals toen gebruikelijk was gebeurde dit onder een Franstalige benaming : “Le Groupement Corporatif de la Flandre Occidentale, dans le but de développer la pratique des Sports, surtout le Football”.
De pas opgerichte liga werd als volwaardige toetredende federatie opgenomen en de eerste competitie ging van start op 30 augustus 1925.
Eén van de oudste ploegen in het bedrijfsvoetbal is KV Rust Roest, het elftal van de in Brugge wereldberoemde Gistfabriek met thuishaven langs het Zuidervaartje in Sint-Kruis.  Deze bedrijfsploeg, met oranje-zwarte uitrusting, werd opgericht op 15 augustus 1911 en erkend onder het stamnummer 45.  In 2018, ruim honderd jaar later, bestaat de ploeg nog steeds !

In augustus 1960 kwamen de afgevaardigden van de diverse korporatieve ploegen want de nieuwe competitie stond voor de deur :

Korporatief Verbond Brugge vergaderde” : “In de stemmige receptiezaal van de brouwerijen Aigle-Belgica had zaterdag jl. de jaarlijkse algemene vergadering plaats van het Korporatief Gewest Brugge. Praktisch alle clubs waren vertegenwoordigd en het was voorzitter Leon De Clerck die iedereen welkom heette en in de eerste plaats de Direktie van Aigle-Belgica een hartelijk dankwoordje toestuurde voor de gulle gastvrijheid.”

Degenen onder de lezers die niet meer piepjong zijn maar daarom natuurlijk ook nog niet stokoud, zullen zich bij het zien van de reeksindelingen ongetwijfeld nog enkele ploegen herinneren :

De ploegen voor het kampioenschap ’60-’61:

Reeks A: Univerbel, Franco Belge, Rust Roest, La Brugeoise, Aigle-Belgica, Gazel, Société Générale, Vismijn, Un. Cotonnière, Politie, Sodivac Oostende.

Reeks B: Augustinus, CNF, CBRT, Bitumac, Stad Oostende, Oosteroever, Spoor Oostende, Zeewezen, Flandria Zedelgem.

Reeks C: Phenix, Lanssens, Auto Occidentale, Vander Ghote, St-Katriena, Ombesa, De Cock, Brugfina, Stadspersoneel Brugge (onder voorbehoud).

 

Cerle Brugge KSV

* De Damse Vaart, zoals deze waterloop in de volksmond bekend is, heet officieel het Napoleonkanaal.

Napoleon (° 15 augustus 1769 (Ajaccio, Corsica), + 5 mei 1821 (Sint-Helena)) bracht een groot deel van zijn heerschappij (1799-1815) door op de slagvelden (bron foto : AliExpress).

Keizer Napoleon Bonaparte zag het economisch en strategisch belang (o.a. het transporteren van oorlogsmateriaal) in van een verbinding van de grote Noord-Franse havens, vanaf Duinkerke, met de Westerschelde in Antwerpen.  Napoleon wilde daarom de bestaande kanalen Duinkerke – Veurne – Nieuwpoort – Plassendale – Brugge met een nieuw kanaal Brugge – Damme – Sluis – Aardenburg – Breskens vervolledigen. Het leek logischer om gewoon over de Noordzee te varen maar daar heerste de Engelse vloot waar de Fransen niet tegen opgewassen waren.  Zo werd van de nood een deugd gemaakt en startte men in 1811 met de aanleg van de Damse Vaart.Het leek logischer om gewoon over de Noordzee te varen maar daar heerste de Engelse vloot waar de Fransen niet tegen opgewassen waren.  Zo werd van de nood een deugd gemaakt en startte men in 1811 met de aanleg van de Damse Vaart. Om het kanaal te graven werden vooral Spaanse krijgsgevangenen ingezet.  De aanleg van het Napoleonkanaal had een enorme stedenbouwkundige impact op Damme. Er stroomde reeds een waterloop door de stad maar Napoleon verlegde deze rivier vijftig meter omdat er een bocht in zat.

Waar nu Damme brug ligt, lag toen, pal in het stadscentrum, de Korenmarkt.  Deze markt en enkele omliggende herenhuizen dienden plaats te ruimen voor het nieuwe kanaal.  Niet enkel Damme maar ook Oostkerke deelde in de brokken.  Het grondgebied van Oostkerke omvatte een klein havenstadje : Monnikerede.  Het bevond zich waar tegenwoordig de Damse Vaart loopt, tussen Oostkerkebrug en de bocht naar Hoeke.  Het havenstadje dankte zijn naam aan de monniken van de Lisseweegse Abdij Ter Doest die ter plaatse enkele bezittingen hadden.  De oudste teruggevonden vermeldingen van Monnikerede dateren uit 1226. Het stadje had een schepenbank (vergelijkbaar met de huidige schepencolleges) en verkreeg in 1266 stadsrechten en een aantal handelsrechten voor scheepvaart over het Zwin.  De bloeiperiode van Monnikerede situeerde zich vooral in de veertiende en begin vijftiende eeuw.  Het havenstadje dreef handel met Engeland en Frankrijk en ook de visserij werd er beoefend.  Er was een kapel, een molen, een stadhuis en een reeks koopmanshuizen.  Na deze periode verminderde het belang van het stadje steeds meer.  De verzanding van het Zwin, economische moeilijkheden en oorlogstroebelen veroorzaakten de geleidelijke teloorgang.  Omstreeks 1550 werd de haven niet meer gebruikt en toen kort daarop de Tachtigjarige Oorlog uitbrak (oorlog tussen de Nederlanden en de Spaanse overheersers die begon in 1568 en eindigde in 1648 en onderbroken werd door een tussenliggende vrede, het Twaalfjarig Bestand, die duurde van 1609 tot 1621) was het lot van het havenstadje beklonken.
De aanleg van het Napoleonkanaal zorgde er voor dat Monnikerede helemaal van de kaart werd geveegd.  Het tracé van de nieuwe waterweg liep dwars doorheen het voormalige centrum van het vroegere havenstadje.  In het landschap zijn nauwelijks nog zichtbare sporen van het stadje terug te vinden.  Enkel de Monnikeredestraat verwijst naar het vroegere havenstadje.  Toch kon door archeologisch onderzoek, gecombineerd met het goed bewaarde stadsarchief, gedetailleerde kennis opgebouwd worden omtrent de structuur en de geschiedenis van Monnikerede.
Toen Napoleon op 18 juni 1815 te Waterloo definitief verslagen werd, was het nieuwe kanaal tot aan het fort Sint-Donaas in Lapscheure gerealiseerd.  Koning Willem I liet, tussen 1818 en 1824, het kanaal verder doortrekken tot in Sluis. In 1829 werd het plan opgevat om, zoals oorspronkelijk voorzien was, het kanaal door te trekken tot in Breskens maar toen in 1830 de Brabantse Omwenteling losbrak, wat leidde tot het ontstaan van het onafhankelijke België, werden deze plannen definitief opgeborgen.

Het is in dit Napoleonkanaal, het gedeelte tussen Brugge en Damme, dat jaarlijks een fel gesmaakte zwemwedstrijd doorgaat simpelweg Damme – Brugge genoemd.  De eerste editie ging door in 1910 en telde dertien deelnemers die 4060 zwemmeters voor de kiezen geschoven kregen.  De eerste winnaar was Jef Pletinckx, aangesloten bij CN Bruxelles, die 1 uur en 20 minuten nodig had.  Op 19 augustus 2018 was Damme – Brugge reeds aan de 96steeditie toe.
Ook in 1960 stond er een Damme – Brugge op het programma :

Zondag 14 augustus te 15 uur : Damme – Brugge” : “De Brugse Zwemkring heeft zich dank zij een ruime financiële steun van de Stad Brugge, een buitengewone inspanning getroost om de 38everjaring van Damme – Brugge grote luister bij te zetten.  Niet minder dan vijf verschillende landen zijn vertegenwoordigd, zodat alvast reeds een eerste rekord gebroken is, dit der buitenlandse deelname.
Nederland zendt ons niemand minder dan de Robben uit Hilversum die reeds in 1952 en 1955 de wisselbeker van de Stad Brugge wonnen en nu een grote kans maken om deze definitief te veroveren.
Uit Frankrijk ontving men de inschrijving van de specialist fondzwemmer (schoolslag) Jedinger uit Metz en 4 zwemmers van de CH Mulhouse.
Duitsland vaardigt vier vrije slagzwemmers af van de SV Westfalen Dortmund terwijl ook Luxemburg vertegenwoordigt is door 4 zwemmers van Dudelange.
Bij de Belgische deelnemers dienen vermeld : de Belgische rekordhoudster Alice Van Nooten die reeds in 1958 en 1959 zegevierde.  Verder Liliane Mampuy.  In schoolslag heren o.m. Bruno Deheselle van AZC, de doelman van de nationale waterpoloploeg en Longueval van Doornik.  In vrije slag heren treffen wij een sterk AZC-trio aan alsmede een sterke Gentse ploeg.
 

Van Brugse zijde werden volgende namen medegedeeld : Martine De Ghesele (vrije slag) en Yvette Lauwers (schoolslag).  Bij de heren Guido Maes, Germain Rotsaert, André Jaque en Jan Blondelle, allen in schoolslag.
Tevens is een prachtig afwachtingsprogramma voorzien onder vorm van een tweekamp Brugse Zwemkring – Schw. Club Poseidon Koblenz.  Deze wedstrijd gaat over de klassieke afstanden en wordt omlijst door verscheidene proeven voor BZK-jongeren.  Ook 2 aflossingswedstrijden wisselslag en vrije slag voor de waterpolospelers staan op het programma.  

Cerle Brugge KSV

Tot slot twee waterpolowedstrijden nl. BZK II – GZV II en BZK I – Poseidon Koblenz.
Prijzen der plaatsen : deze worden gezien het selekt internationaal gezelschap zeer laag gehouden : 5, 10 en 15 frank.”

De zwemwedstrijd Damme – Brugge lokt jaarlijks heel wat kijklustigen.  Hier een zicht op de talrijke zwemmers (in Damme) tijdens de 93steeditie (2015) (bron foto : Krant van West-Vlaanderen).

 

(Marnix Knockaert)

Gerelateerde nieuwsberichten

Cerle Brugge KSV
Cercle en Brugge door de jaren heen… (deel 220)

(periode van 28-01-1961 -> 04-02-1961)


Cercle

De groen-zwarten legden een hobbelig parcours af.  Er werden punten gehaald als het niet verwacht werd maar er werden vooral kostbare punten verloren als het niet mocht.  Voor een elftal dat ambities koesterde om te promoveren was dat geen ideaal scenario.  Gelukkig was de volgende wedstrijd een thuismatch tegen het pas dertiende geklasseerde Olse Merksem.  Met twaalf punten achter hun naam hadden de blauw-gelen niet bijster veel overschot op de laatste in de rangschikking, Lyra, dat amper negen punten verzameld had.  De Antwerpenaars leden best geen nieuw puntenverlies om niet in verlegenheid te komen.  Voor Cercle leek deze wedstrijd de kans bij uitstek om een ruime zege te laten optekenen zodat de komende matchen met een gerust gemoed konden aangevat worden.  Of… zou het nog maar eens anders uitpakken ?

“Vic Bergh” trok voor “Het Brugsch Handelsblad” richting Edgard De Smedtstadion in de hoop dat hij er een verslag kon neerpennen waarin hij een klinkende Cerclezege kon beschrijven…

Cercle Brugge – Olse Merksem 1-4 : Ontgoochelend en smadelijk verlies…” : “Voor wie nog een bewijs moest hebben dat het de laatste weken niet meer vlot bij Cercle, dat er iets hapert, betekent de even afgetekende als smadelijke 1-4 nederlaag van zondag jl. op eigen veld tegen Olse Merksem waarlijk de proef op de som !  De groen-zwarten kunnen voor dit nieuw home-verlies inderdaad weinig of geen verontschuldigingen doen gelden, want het was het resultaat van een doorslechte en ontgoochelende prestatie waaruit omzeggens geen enkele speler vrijuit gaat…  Over gans de duur van de wedstrijd, waarvan de inzet voor de lokalen nochtans van kapitaal belang was met het oog op het verstevigen van hun nog steeds gunstige positie, rammelde het in de Brugse ploeg dat het een aard was en werd zij bestendig netjes de les gespeld door een eerder middelmatige maar geestdriftige en snelle tegenstrever.  Zowel inzake verband, als in samenspel, doordrijvendheid en schotvaardigheid stonden de Bruggelingen onder hun gasten, hetgeen de juiste 1-4 eindcijfers trouwens treffend aantonen.  Het feit dat de groen-zwarten zelfs een goedkope penalty vandoen hadden om de eer te redden, onderschrijft met klank hun hopeloze steriliteit en ondoelmatigheid die niet alleen het gevolg zijn van een te lateraal en te gesloten acteren, maar ook en vooral van een manklopend systeem en een weinig oordeelkundige ploegopstelling.  Als men immers nagaat dat twee specifieke kanthalfs in de voorlijn geplaatst worden en deze laatste iedere steun ontzegd wordt van de gedwongen defensief spelende middenspelers, dan is het klaar dat de onontbeerlijke productiviteit zoek blijft.  Zolang de groen-zwarten geen snedig, direct aanvalsspel kunnen opbrengen, gepaard aan een effectieve schotvaardigheid en afwerking, zal er, helaas, niets in huis komen van de reeds zo lang gekoesterde promoveringsdromen.  Wil men vooraleer het te laat is nog redden wat er te redden is, dan dient er kordaat en onverwijld ingegrepen en hiervoor mag men voor niets en niemand terugschrikken.  Het belang en de toekomst van Cercle staan hier onvoorwaardelijk op het spel !”
 


Technische  krabbels…
Cercle Brugge – Olse Merksem  1-4


- opkomst : 5.000 toeschouwers.
- terrein : goed.
- weersgesteldheid : mist en regenachtig.
- leiding : ref. Cumps, zwak.
- fair-play : correct.
- corners : Cercle 8, Olse Merksem 5.
- doelpunten : 20’ Brandts 0-1, 25’ Roje via Demey 0-2, 35’ Lambert (penalty) 1-2, 54’
  Didden 1-3, 55’ Brandts 1-4.
- Cercle : Mortier, Roje, Serru, Michiels, Wittevrongel, Demey, Notteboom, Lambert, Perot,
  De Caluwé, Desmaele.
- Olse Merksem : Jacobs, Verbois, De Hert, Willems, Soetewey, Didden, Adel, Sips,
  Brandts, Vandeweyer, Adriaenssen.


Als het minder goed gaat met de favoriete ploeg is het vanzelfsprekend dat de supporters zich roeren.  Dat was bij Cercle niet anders.  Al had het, de tegenvallende resultaten van de laatste weken in acht genomen, nog lang geduurd voor iemand zijn nek uitstak.  Iedere supporter spuide wel zijn eigen mening gevolgd door de nodige oplossingen maar tot nu toe was het altijd gekoeld zonder blazen.  De hierna volgende lezersbrief met de toepasselijke titel “Quo vadis Cercle ?” (*) van “een groen-zwarte aanhanger” zorgde ervoor dat het protest tastbaar werd en in een stroomversnelling terecht kwam.  Nu kon geen enkele groen-zwarte verantwoordelijke nog langer zijn hoofd in het zand stoppen.  De zware thuisnederlaag tegen Olse Merksem was de spreekwoordelijke druppel die de al even spreekwoordelijke emmer liet overlopen.  Het was de hoogste tijd om het roer om te gooien…

(*) “Quo vadis” : Latijn voor “Waarheen gaat gij ?” (nvdr)

Quo vadis Cercle ?” : “Toen ik verleden zondag na de match aan ’t mijmeren was over hetgeen men zou kunnen noemen “het treurig geval Cercle”, schoot mij plotseling te binnen dat de wekelijkse voetbalpartij eigenlijk een “heerlijke ontspanning” zou moeten zijn.  Hoe dikwijls echter zijn de prestaties van de Brugse groen-zwarten voor ons, Cerclemannen, een heerlijke ontspanning ?  Veeleer zien wij met schrik de zondag tegemoet.  Ook als de tegenstander bepaald zwakker is zijn wij nooit een ogenblik gerust.  Onze verwachtingen ?  Onze dromen van voor het seizoen ?  Niets anders dan ontgoochelingen !...  Wanneer wij nuchter de gang van zaken bij Cercle beschouwen, dan moeten wij achteraf besluiten : het is de logische ontknoping van hetgeen wij effenaf WANBEHEER moeten noemen.  Ik wil nu niet uitweiden over datgene waarvan ik niet 100 % zeker ben, zoals de persoon van die of die, of nog de training, of nog andere zaken.  Ik stel enkel vast wat nu toch eindelijk voor iedereen allerduidelijkst is : diegene die de ploeg samenstelt, heeft sinds anderhalf jaar nog niets anders gedaan dan de Cercleploeg stelselmatig verzwakken !  Verleden jaar werd de beste voorspeler die wij hadden (*)(dat hij tekortkomingen had ?  Noem de speler die er geen heeft !) meerdere keren onverantwoordelijk niet opgesteld o.a. niet in de kapitale testmatch tegen Eisden.  Nadien werd hij verkocht.  Verzwakking van de ploeg.  Wij zouden kunnen een halflijn hebben van tenminste dezelfde sterkte als die van de gemiddelde elftallen uit de 1e afdeling.  NOOIT wordt dergelijke middenlijn opgesteld.  Verzwakking van de ploeg !  Uitstekende kanthalfs, waarvan men sinds lang weet dat zij in de voorlijn maar half presteren, worden regelmatig weerkerend vooraan geplaatst.  Verzwakking van halflijn en van voorhoede !  Als de voorlijn mank loopt door gewonden of weerbarstige forme, moet de halflijn niet meteen verzwakt worden !  Dan moeten reserven in de aanvalslijn, als die voor handen zijn.  En Cercle beschikt over degelijke invallers.  Iedere persoon die aan de leiding staat, mist al eens, zelfs grovelijk, zelfs twee, drie maal.  Maar dat iemand een jaar en half steeds maar dezelfde flaters begaat, is niet meer aanvaardbaar.  Er is daar iets niet meer in orde, hetzij verregaande incompetentie, hetzij blinde vooringenomenheid of wat dan ook, maar er is daar iets niet meer in orde.  Diegenen die nog dergelijke selectionneur steunen, moeten weten dat zij zich in verdenking stellen.  Is de toestand niet reeds zo ver gezet dat, indien de goed-menenden niet de koppen bij mekaar steken en krachtdadig ingrijpen, Cercle recht naar de ondergang gaat ?  Er is werk voor klaarziende, krachtdadige persoonlijkheden die geloven dat zij daar een heerlijke taak te vervullen hebben.  De Cercle-aanhangers –veel talrijker dan men denkt– zien uit naar de komst van dergelijke persoonlijkheden, die er ook zijn in de schoot van het bestuur. – Een groen-zwarte aanhanger.”

(*) Verleden jaar werd de beste voorspeler die wij hadden… : de briefschrijver bedoelt hier duidelijk Hans Gerard (nvdr).

Ondanks het feit dat Cercle een beetje de pedalen kwijt leek te zijn, en dat is misschien nog zacht uitgedrukt, bleven de groen-zwarten aanklampen bij de toonaangevende elftallen in Tweede Klasse.  Iedereen leed wel eens onverwacht puntenverlies en dat zorgde er voor dat Cercle zich op de vierde plaats kon handhaven.  Omdat ook de topploegen regelmatig al eens één of meerdere puntjes vergooiden, slopen de mindere goden op kousenvoeten dichterbij.  Daardoor was het mogelijk dat na zestien wedstrijden het twaalfde geklasseerde Berchem Sport slechts zes punten minder telde dan leider FC Diest.  De Brugse groen-zwarten totaliseerden, ondanks de tegenvallende prestaties van de laatste weken, amper twee punten minder dan de leider.  Alles bleek dus nog mogelijk…  De stand in Tweede Klasse : 1. FC Diest (21 punten), 2. FC Beringen (21), 3. Union Namen (19), 4. Cercle (19), 5. SK Sint-Niklaas (18), 6. FC Turnhout (18), 7. FC Mechelen (17), 8. Kortrijk Sport (15), 9. Racing Doornik (15), 10. SC Charleroi (15), 11. Racing Brussel (15), 12. Berchem Sport (15), 13. Olse Merksem (14), 14. FC Tilleur (12), 15. Lyra (9), 16. White Star (9).

De Brugse gemoederen waren, ondanks de nog steeds gunstige klassering, zeker nog niet tot bedaren gebracht.  Het potje kookte over, de frustraties kwamen tot een uitbarsting en de diverse oplossingen werden als gloeiend hete lava uitgebraakt.  En, zoals het vaak gaat als het mank loopt, eiste men de kop van de trainer.  Een andere, en natuurlijk een betere, trainer zou meteen alle problemen van tafel vegen.  Na de trainerswissel zou Cercle elke tegenstander van het veld spelen om, op het einde van de competitie, met de vingers in de neus, snel even de titel mee te graaien…

Nieuwe trainer bij Cercle ? : “De laatste ontgoochelende thuiswedstrijden waarop zes van de acht te winnen punten onbegrijpelijk verloren gingen, hebben een grote beroering verwekt in de Brugse sportmiddens in het algemeen en in de Cerclerangen in het bijzonder.  De groen-zwarte supporters, die hun schoon geld betalen om hun ploeg goed voetbal te zien spelen en meteen te zien winnen, staken verleden zondag hun teleurstelling en mistevredenheid niet onder stoelen of banken.  Zowel de spelers om hun passief optreden als de trainer om zijn niets-opbrengend systeem werden zwaar aangevallen en zondagavond konden we zelfs een telegram lezen van een Cerclesupporter die als volgt zijn verontwaardiging uitdrukte : “Delfour à la porte ou le Cercle est perdu” !  Krasser kan het zeker niet zodat er begrijpelijkerwijze ook in de groen-zwarte bestuurskringen uiteenlopende reacties zijn losgekomen met als middelpunt de kwestie van een nieuwe trainer.  Zonder de technische bevoegdheid van Edmond Delfour aan te vechten is het niettemin een feit dat hij tactisch en als selectionneur grotendeels heeft gefaald.  Uit doorgaans zeer betrouwbare bron konden we dan ook vernemen dat het verlopend contract van dhr. Delfour niet zal hernieuwd worden en dat reeds duchtig uitgekeken wordt naar een nieuwe oefenmeester.  Wie het zal zijn blijft vooralsnog een raadsel, maar naar verluidt is de kans groot dat het een bekende oud-Gantoisespeler en gewezen internationaal wordt die trouwens als trainer reeds zijn sporen verdiende.  Er dient dus afgewacht, maar laat ons hopen dat dit netelig en delicaat probleem ten spoedigste wordt opgelost.”

Of de resultaten nu goed of minder goed waren, de bal bleef rollen en de voetbalzondagen volgden elkaar op.  De volgende wedstrijd, een uitmatch, beloofde alvast een lastige klus te worden voor de groen-zwarten.  Er stond immers een reisje naar Namen op het programma.  De Walen deden het bijzonder goed en waren ondertussen opgeklommen naar de derde plaats, net voor Cercle.  Een pronostiek wagen was schier onbegonnen werk want de huidige groen-zwarte ploeg kon van iedereen winnen maar ook van iedereen verliezen.  Het zou dus een dubbeltje op zijn kant worden.  In “Het Brugsch Handelsblad” werd alvast eens vooruit geblikt.

Brugse ploegen voor morgen zondag” – “Namen – Cercle : Cercle zit na de ramp tegen Merksem begrijpelijkerwijze met de handen in het haar en staat voor een zware taak om uit de penarie te geraken.  Daarbij worden de groen-zwarten dan nog morgen een lastige en gevaarlijke verplaatsing naar Union Namen voor de voeten geschoven, zodat zij met heel wat meer wilskracht en moreel zullen moeten bezield zijn om deze hinderpaal zonder veel kleerscheuren over te geraken.  Waar verschillende spelers wegens verwondingen nog onzeker waren, zal de ploeg slechts in laatste instantie samengesteld worden al heeft volgende formatie veel kans om te Namen in lijn te komen : Mortier, Roje, Serru, Perot, Wittevrongel, Demey, Desmaele, Daels, Buyse, Michiels, Balliu, De Caluwé.”

En dan was het zo ver…  Het was nog geen match van de waarheid maar nieuw puntenverlies konden de groen-zwarten zich toch echt niet veroorloven.  Of… zorgden zij nog eens voor een aangename verrassing door het derde gerangschikte Union Namen in eigen huis te kloppen ?  “Veritas” mocht voor “Het Brugsch Handelsblad” meereizen naar Namen en hoopte waarschijnlijk dat hij niet met het schaamrood op de wangen Bruggewaarts zou moeten keren…

Union Namen – Cercle Brugge 0-1 : Willy Mortier matchwinnaar…” : “Volgens de algemene verwachtingen –wij hadden al evenmin gedurfd één frank te zetten op een Cerclezege– hadden de Brugse groen-zwarten geen schijn van kans om te Namen ook maar iets van de buit te oogsten, want de Walen dreven immers op een prima conditie en het terreinvoordeel zou eveneens zijn woordje meepraten.  Wel waren de lokalen bestendig in de meerderheid en moesten de Brugse verdedigers vaak hard op de tanden bijten, doch naarmate de partij vorderde en de stand blank bleef, herwonnen de Cercleboys stilaan hun zelfvertrouwen, temeer dat het spoedig bleek dat de Waaltjes niet de gevreesde ploeg vormden die men wel dacht.  De bijzonder goed gesloten Brugse verdediging schonk de Naamse aanvallers weinig of geen bewegingsvrijheid en de zuivere skoorkansen die voor Mortier ontstonden, waren gemakkelijk op de vingers van één hand te tellen.  Daarbij moeten wij hieraan toevoegen dat de Brugse doelman weer in een prima dag verkeerde en dat hij o.m. door twee sublieme saves de kansen op een overwinning gaaf hield.  Want indien de gastheren, bij wie enkel de oud-speler van FC Luik Keyeux outstanding was, op voorsprong hadden kunnen geraken, dan had de eindstand wellicht helemaal anders kunnen zijn.  Als wij dus Willy Mortier als matchwinnaar bestempelen, ligt de uitleg te vinden in wat voorafgaat.”

Technische  krabbels…
Union Namen – Cercle Brugge  0-1


- opkomst : 7.000 toeschouwers.
- leiding : ref. Burguet, lokaal getint.
- terrein : zonder een sprietje gras en gevaarlijk door de rondgestrooide as.
- fair-play : binnen de perken.
- weersgesteldheid : betrokken doch zacht weder.
- corners : Union Namen 8, Cercle 2.
- het doelpunt : 76’ Desmaele 0-1.
- Union Namen : Nicolay, Pollet, Devos, Sulon, Marnette, Dodet, Keyeux, Tonneau, J. en F.
  Demarteau, Muniken.
- Cercle : Mortier, Roje, Serru, Perot, Wittevrongel, Demey, Desmaele, Daels, Bailliu,
  Michiels, De Caluwé.


Cercle bracht dus twee belangrijke punten mee naar huis en dat vertaalde zich in de rangschikking in een mooie derde plaats.  De stand in Tweede Klasse : 1. FC Diest (23 punten), 2. FC Beringen (21), 3. Cercle (21), 4. FC Turnhout (20), 5. FC Mechelen (19), 6. Union Namen (19), 7. SK Sint-Niklaas (18), 8. Kortrijk Sport (17), 9. Sporting Charleroi (17), 10. Olse Merksem (16), 11. Racing Doornik (15), 12. Racing Brussel (15), 13. Berchem Sport (15), 14. FC Tilleur (12), 15. Lyra (11), 16. White Star (9).
De weg om een promotieticket te behalen, de eerste twee uit Tweede Klasse promoveerden, was echter nog (heel) lang en bezaaid met wolfijzers en schietgeweren.  Het toeval wilde bovendien dat in de volgende wedstrijd alweer een topploeg moest bekampt worden.  Het tweede gerangschikte FC Beringen mocht zich verheugen in een bezoekje aan het Edgard De Smedtstadion.  En bij een wedstrijd in het vooruitzicht hoorde uiteraard een vooruitblik…

Cercle – Beringen : De groen-zwarten staan morgen zondag alweer voor een kapitale thuismatch die beslist moet gewonnen worden om de promotiekansen gaaf te houden.  Beringen is natuurlijk ook allesbehalve een zwak broertje en speelt zondag wellicht ook haar laatste kans, zodat het een buitenmate vinnige en spannende strijd voor de kostbare inzet wordt.  Kan Cercle de nodige geestdrift en zegewil opbrengen, dan geven we haar een lichte voorkeur op een nipte zege.  Heel waarschijnlijk zal dezelfde opstelling in lijn komen die Namen klopte met uitzondering van De Caluwé die gewond werd en eventueel door Buyse zal worden vervangen : Mortier, Roje, Serru, Perot, Wittevrongel, Demey, Desmaele, Daels, Bailliu, Michiels, Buyse.”

Het bericht over een nieuwe trainer die op komst was waarbij bepaalde bronnen lieten uitschijnen dat zij wisten of toch minstens een sterk vermoeden hadden wie het zou worden zette kwaad bloed bij de beheerraad van Cercle Brugge die een vinnige reactie stuurde naar “Het Brugsch Handelsblad” :

Een nieuwe trainer voor Cercle ?” : “Onder deze titel publiceerden we hier in ons vorig nummer een primeur uit een zeer betrouwbare bron waarover we vanwege de beheerraad van RCS Brugeois volgend schrijven ontvingen” : “Het bestuur van de RCS Brugeois is ten zeerste verwonderd in uw blad van 28 januari jl. te lezen dat Cercle Brugge uitziet naar een nieuwe trainer.  Wij houden eraan dit bericht ten stelligste te loochenen.  We behouden steeds het volle vertrouwen in de heer Ed. Delfour, en verzoeken U in het vervolg vooraleer dergelijke ongegronde geruchten te verspreiden, U beter te willen inlichten. – De Beheerraad van RCS Brugeois.” – “N.d.R. – Mogen wij even beleefd aan de Beheerraad van Cercle laten opmerken, dat wij hun goede raad kunnen missen !  Onze inlichtingsbron kon niet “beter” en betrouwbaarder zijn en wij hebben ervaring genoeg van onze “stiel” om te weten hoe we moeten handelen !  Om het verder goede verloop van het kampioenschap niet te hinderen, verstrekken wij thans geen nader commentaar.  Alleen drukken we de hoop uit Cercle’s heropstanding te kunnen begroeten en… derde keer goe keer, de groen-zwarten als kampioenen te mogen huldigen.”

De confrontatie tussen de Beheerraad van Cercle Brugge en de redactie van “Het Brugsch Handelsblad” mocht uitgedrukt worden als hard tegen onzacht.  De komende weken zouden uitwijzen wie gelijk had maar ondertussen waren de kiemen van de onrust gezaaid…  “Een supporter” kroop op zijn beurt in zijn pen om zijn mening en zijn ongerustheid te ventileren :

Onze lezers schrijven…  Een andere klok…” : “Zij staan er nog steeds…  Ik bedoel de beste stuurlui aan wal !  En voor diegene die niet begrijpt waar ik het over heb, zal ik maar meteen zeggen dat ik het hier over de Cercle-aanhang heb.  Ik zal mij zeer angstvallig onthouden hier het woord supporter uit te spreken, want ik stel mij de vraag hoeveel van die ongeveer 6.000 mensen die ’s zondags rond het Edg. Desmedtstadion staan geschaard er werkelijk als supporter aanwezig zijn ?  Ik kan verkeerd zijn, maar ik ben er zeker van dat voor iemand vreemd aan onze streek, die per toeval op een doorsnee thuismatch van Cercle belandt, het zeer moeilijk zou aan te nemen zijn dat Cercle de bezochte club is…  Veeleer gelijken de meeste mensen (supporters ?) op een hoopje twistzieke kritikasters die er hun namiddag komen verslijten om alle soorten tekortkomingen op te speuren en deze (meestal ingebeelde wantoestanden) aan de kaak te stellen op een wijze die met sport of sportiviteit niets meer te maken heeft.  De “super-visie” van deze “technici” kent geen grenzen.  Ik wil hier niet uitmaken of ze al het ongelijk hebben en ik ben zeker geen spreekbuis van het Cerclebestuur, maar iets zou ik die sarcasten toch wel willen wijs maken, nl. dat het terrein geenszins de plaats is voor hun stomme afbraakpolitiek en dat ze beter deden te beseffen dat ze met hun stembanden anders kunnen tewerk gaan !  Ik bedoel dat het hun eerste plicht is de spelers die in het veld staan aan te moedigen en liefst zo luid mogelijk.  Eenmaal zover, kunnen diezelfden als ze huiswaarts keren, zich met de gedachte troosten dat zij toch IETS positiefs hebben gedaan.  En willen die mensen dan kost wat kost nihilist zijn, dat ze dan a.u.b. zwijgen en de spelers gerust laten.  Het staat natuurlijk eenieder vrij te handelen en te denken zoals hij wil, maar zou het wel toevallig zijn dat onze jongens de meeste punten gaan halen op een ander ?...  Vergeten wij om Gods wil niet dat iedere speler al eens een hart onder de riem nodig heeft, en daar zit het hem juist : het Cerclepubliek is een ondankbaar publiek.  Het slecht presteren van een ploeg wordt al te vaak door het publiek in de hand gewerkt, meer nog, HET  ONTSTAAT er dikwijls door.  Op Cercle komen de aanmoedigingen steeds NADIEN en ik durf dit een pietluttige houding noemen.  Doe u de moeite en ga vele ploegen in provinciaal bekijken : 50 mensen maken meer lawaai (in opbouwende zin) dan 6.000 kelen op Cercle doen !  Kijk naar Club !  Daar worden de goals er in geroepen door een massa trouwe supporters…  Waar blijven de groen-zwarte supportersverenigingen ?  Waar zijn de “Buffalo’s” ?  Dat ze zich verenigen –zo nodig elk op zich zelf, al is een federatie hier wel aangewezen– en luide verkondigen aan onze jongens dat ze ook te Brugge geliefd zijn, roep zo luid tot ze het geloven dat “HUN” supporters achter hen staan en geloof mij, zij worden vanzelfs hun eigen.  Ook wij moeten er de goals “inroepen”, daardoor doen wij onszelf en de spelers plezier !  En wie weet ???  – Een supporter.”

Of het nu goed of minder goed ging en de Cercleresultaten de laatste weken al eens wat tegen vielen, de supportersvereniging “Groen-Zwart” uit de Rijselstraat in Sint-Michiels vond toch dat een feestje mocht… :

Groen-Zwart Sint-Michiels in feest” : “Zaterdag jl. kwamen 52 leden van de supportersclub “Groen-Zwart” in hun lokaal, café “City”, bijeen voor een smakelijk souper, gevolgd door een gezellig samenzijn.  De lokaalhoudster die de taak van kokkin op zich had genomen, verdiende terecht de lof die haar door iedereen werd toegezwaaid.  Nadat de inwendige mens terdege was versterkt, zorgde het orkest voor de allerbeste stemming.  Het slaagde er overigens wonderwel in, en zeker toen het nieuw Cerclelied, voor die gelegenheid gemaakt, werd gelanceerd.  De feestvierders lieten het niet aan hun hart komen, ondanks de minder goede uitslagen van hun geliefde ploeg.  De hh. Brinckman en Verkeyn lieten zich als zangsolisten gelden, alsook het duo dhr. en mevr. G. Verkeyn.  Voor de humor zorgden A. Ruysschaert en R. Lagast.  Op zeker ogenblik kwamen zelfs Hitler en Loemoemba op het tapijt !  Het feest duurde tot in de vroege zondagmorgenuurtjes.  Moge het wakker bestuur van de supporterskring het bij deze eersteling niet laten, is de wens van alle feestvierders.”

En we vonden nog een tweede verslagje van hetzelfde supportersfeestje :

Supportersclub “Groen-Zwart” “ : “In het lokaal City, Rijselstraat te Sint-Michiels, werd aan een vijftigtal leden met hun dames een zeer verzorgd avondmaal aangeboden door de Supporterskring Groen-Zwart.  Het welkomstwoord werd uitgesproken door voorzitter Georges Van Vyve, die de erevoorzitter Gerard Versyp verontschuldigde, maar tevens Arthur Ruysschaert als eregast begroette.  Na het eetmaal werd in de beste verstandhouding tot in de “vroege” uurtjes gedanst en gefeest.  Dat de Sint-Michielse Cercle-aanhangers optimisten zijn, werd bewezen bij het aanleren van een nieuw Cerclelied, dat zo talrijke malen werd gezongen, dat de match tegen Union Namen eenvoudig niet meer kon verloren worden.  Tot slot vroeg het toegewijde lid Maurits Willems aan alle supporters om bij de volgende thuiswedstrijden van Cercle alle niet opbouwende en negatieve kritiek aan het adres van de spelers te laten varen en deze integendeel tot het uiterste aan te moedigen.”

Brugge

In de vorige aflevering hadden we het over de slechte staat van de Bisschopsdreef in Sint-Kruis dat aangekaart werd in het artikel “Al hutseklutsend door de Bisschopsdreef te Sint-Kruis – Onhoudbare toestand voor bewoners en weggebruikers”.  Maar het was niet enkel in Sint-Kruis dat er straten in slechte toestand te vinden waren.  Ook Sint-Andries deelde in de spreekwoordelijke brokken… :

Ellendige toestand van Diksmuidse Heirweg te Sint-Andries” : “Wegens de grote regenval der laatste weken is de Diksmuidse Heirweg in een reusachtige modderpoel herschapen.  De bewoners vragen zich terecht af wanneer daar eindelijk eens voor een oplossing zal gezorgd worden.  De straat is bezaaid met verraderlijke putten die vol water liggen zodat de autobezitters het nauwelijks wagen met hun auto buiten te komen uit vrees onklaar te geraken.  Doch vooral voor de huismoeders wier kinderen er dagelijks viermaal door moeten om naar school te gaan is het werkelijk geen pretje.  Natte kousen en doorlopen schoenen zijn er dagelijkse kost.  Voor fietsers is de weg praktisch onberijdbaar geworden.  Reeds herhaalde malen werd op deze toestand gewezen.  Hopen wij maar dat de betrokken instanties zo vlug mogelijk voor een oplossing zullen zorgen.  Wij verwijzen onze lezers overigens naar het verslag der jongste gemeenteraadszitting, elders in ons blad, waarin melding wordt gemaakt van het standpunt van de gemeentelijke overheid terzake.”

Net zoals we vorige keer dieper ingingen op de geschiedenis van de Bisschopsdreef doen we dit deze keer ook voor de Diksmuidse Heirweg.

De Diksmuidse Heirweg werd aangelegd toen de Romeinen heer en meester waren in onze gewesten.  Zij legden op meerdere plaatsen heirbanen aan omdat ze deze rechte wegen nodig hadden om op snelle wijze hun troepen te verplaatsen en om de werking van hun postdiensten zo goed mogelijk te kunnen verzekeren.  De Diksmuidse Heirweg liep toen over de heuvel waar nu het Galgenbos ligt.  Buiten deze heirbaan zijn er geen Romeinse activiteiten in de buurt van het Galgenbos gekend.

Lees meer
Cerle Brugge KSV
Cercle en Brugge door de jaren heen… (deel 219)

(periode van 14-01-1961 -> 21-01-1961)


Cercle

De voorbije resultaten waren niet van die aard om de komst van leidersploeg FC Diest met een gerust gemoed af te wachten.  Of was het juist onder dergelijke druk dat de groen-zwarten zichzelf zouden overtreffen ?  “Vic Bergh” mocht die bewuste zondag richting Edgard De Smedtstadion stappen om te kijken en neer te pennen wat Cercle er van bakte tegen de wit-zwarten:

“Cercle Brugge – F.C. Diest 0-1 : Weinig overtuigende leidersploegen…” : “Men moest zeker geen profeet zijn om te voorspellen dat Cercle en Diest elkaar in hun tweede onderling treffen een harde strijd zouden leveren om de kostbare punten en het ermee gepaard gaande leiderschap.  Beide ploegen, die bij de inzet van de competitie reeds onbeslist speelden, stonden immers op gelijke hoogte aan kop geklasseerd, zodat hier de eerste plaats op het spel stond.  Bij onze gebruikelijke navraag der kansen voor de wedstrijd bleek men in de groen-zwarte rangen tamelijk optimistisch en vol betrouwen en werd in grote lijnen een nipte Brugse zege vooropgezet.  Toch klonk bijna overal een licht voorbehoud met betrek tot het acteren der groen-zwarten dat unaniem geestdriftiger, sneller en directer werd gewenst dan dit in de vorige matchen het geval was.  Het is helaas bij deze wens gebleven, want was er naar waarheid niets aan te merken op de geestdrift en zegewil van Gilbert Bailliu en zijn maats, die naar beste vermogen hebben getracht de beslissing af te dwingen, dan hervielen zij andermaal in hun te traag en te lateraal kort passenspel dat er niet naar was om de stevige Diestse verdedigers fataal in het gedrang te brengen.  De oude zonden kwamen bij Cercle weer volop boven en zouden aan de basis liggen van de nieuwe teleurstellende prestatie en een nog meer ontgoochelende nederlaag die best vermeden kon worden.  FC Diest was immers evenmin een overtuigende leidersploeg en had na een halfuurtje opvallend haar beste pijlen verschoten.  Aanvankelijk liet zij wel een gunstige indruk door een snel, gedecideerd aanvallen dat toch preciesheid en afwerking miste om helemaal te voldoen.  Daarna presteerden de gasten verder op een bescheiden peil dat zelden de gewone middelmaat overschreed.  Normaal had niemand een doelpunt in de voeten in de 2e helft die Cercle veruit het meest bij de bal bracht, zonder dat hieruit evenwel enig noemenswaardig gevaar kwam, met uitzondering van een open kans die Perot hopeloos verknoeide.  De 0-0 stand, die tot enkele minuten voor het einde gehandhaafd bleef, typeerde heel voorbeeldig de staat der waardeverhouding die uiteindelijk echter enigszins vervalst werd door een luckygoal der bezoekers die hiermee een licht gevleide maar kostbare zege veroverden.  Een schoner voorbeeld van een lucky-goal als dit dat zondag Diest in de laatste minuten aan de leiding en de zege bracht, kan men zich moeilijk indenken.  Toen de naar links gezwenkte Maes immers Van Camp bediende, kon men moeilijk van een gevaarlijke actie gewagen, temeer dat laatstgenoemde eerder lukraak op doel schoot en Mortier reeds voor heel wat hetere vuren had gestaan.  Een eerste tegenslag voor Cercle was reeds dat de harde bal uit koers werd geslagen door Baas die in een beschermend gebaar zijn handen voor het gezicht hield.  Alles wees er evenwel nog op dat de Brugse doelman geen moeite zou hebben om deze situatie op te klaren, maar Mortier had ongelijk met het leder af te wachten in plaats van er op af te gaan.  Thans liet hij het botsen en op het ogenblik dat hij het wilde grijpen gleed hij even uit en flodderde het balletje effectvol naast hem tegen de touwen, hetgeen vanzelfsprekend een diepe ontgoocheling bij de enen en een dolle vreugde bij de anderen verwekte.  Hiermee was immers definitief de beslissing gevallen over deze kapitale vierpuntenwedstrijd, die Cercle niet verdiende te verliezen.  We zegden het reeds, de groen-zwarten schitterden niet in dat keiharde duel, vooral wegens de aangestipte tekortkomingen, maar waren toch doorlopend vol goede wil en zowel in de 2e helft als in het derde kwartier de meerdere hetgeen wel opwoog tegen het degelijk aanvangsoffensief der wit-zwarten, dat evenwel ook steriel bleef.  Inderdaad waren de groen-zwarten mede een al te stug defensief en het vrijgeven van het middenveld, dadelijk op hun helft gedrongen en schepte Diest herrie door een degelijk en snedig combineren waarbij gans de voorhoede met uitzondering voor de achteruitgeschoven Saenen verwarrend door elkaar switchte.  De lokalen trachtten het gevaar te beperken door een stugge mansdekking die o.m. Roje bestendig in de voeten zag lopen van Van Camp, maar slaagden daar niet altijd in.  Nog best dat de befaamde bezoekende doelschutters niet helemaal bij de zaak waren en een paar halfgemaakte doelpunten lieten liggen, anders had de thuisploeg reeds heel wat vroeger in het krijt gestaan.”

Technische  krabbels…
Cercle Brugge – F.C. Diest  0-1

- opkomst : 8.000 toeschouwers.
- terrein : zeer glibberig.
- weersgesteldheid : overtrokken en regenachtig.
- leiding : ref. Casteleyn, goed.
- fair-play : naar het einde toe een tikje te hard.
- corners : Cercle 2, Diest 6.
- doelpunt : 83’ Van Camp 0-1.
- Cercle : Mortier, Roje, Serru, Perot, Baas, Demey, Desmaele, Daels, Bailliu, Michiels, De
  Caluwé.
- FC Diest : Goeleven, Drijvers, Bos, Greeven, Verdonck, Boeckx, Maes, Van Camp, Saenen,
  Van Roosbroeck, Van Rompaeye.

Ook “Dani” stond met een “Bont beeld” uiteraard even stil bij de nederlaag van Cercle

Lees meer
Cerle Brugge KSV
Cercle en Brugge door de jaren heen… (deel 218)

(periode van 31-12-1960 -> 07-01-1961)


Cercle

De groen-zwarten zaten in een dipje, dat was het minste wat over de huidige toestand kon gezegd worden.  Verloren op FC Mechelen (2-1) en thuis slechts gelijk gespeeld tegen Sporting Charleroi (2-2).  Na de goede resultaten eerder was dit een koude douche.  Hoog tijd dus om het in de volgende thuiswedstrijd, tegen Racing Doornik, over een andere boeg te gooien.  De hamvraag was uiteraard of deze theorie vlot in de praktijk kon omgezet worden.  “Vic Bergh” trok in opdracht van “Het Brugsch Handelsblad” richting Edgard De Smedtstadion.  Zou hij er getuige van zijn dat Cercle de gunstige kentering inzette of bleven de groen-zwarten in hetzelfde bedje ziek ?

“Cercle Brugge – Racing Doornik 0-0 : Cercle zonder doelschutters” : “Toen Cercle, spijt een doorlopende meerderheid er maar niet in slaagde de stug versterkte en gesloten Doornikse verdediging uit elkaar te krijgen en na ruim een uur spel nog steeds vruchteloos achter een doelpunt zocht, hoorden we de zo verkleefde en steeds luid aanmoedigende Maurice Bonte (alias Chareltje Mentebolle) met overtuiging roepen : “Het zal weer in het laatste kwartier moeten gebeuren”.  En inderdaad, naarmate het einde naderde van deze snel en hardbetwiste wedstrijd, nam de lokale druk op het Waalse doel nog toe, stuwde Perot onvermoeibaar zijn maats in de aanval en nam hij de Racingkeeper op de korrel.  Maar alles bleef vruchteloos, tegenover de vaak treuzelende en pingelende Brugse aanvallers namen de numeriek sterkere geel-zwarte verdedigers niet het minste risico en ruimden alles ongenadig hard en ver weg.  Zoals Charleroi de week tevoren, bereikte ook Racing Doornik thans haar doel door de lokalen in bedwang te houden en een kostbaar puntje te ontfutselen dat we, niettegenstaande de afgetekende Cerclemeerderheid, niet eens onverdienstelijk kunnen noemen.  Tegenover de opnieuw falende groen-zwarte voorlijn, die het zelden tot een snedige en gave doordrijvende actie bracht, huldigden de gasten een stevig versterkt “safety first”, dat weliswaar af en toe enkele gaten vertoonde en hard op de proef werd gesteld, maar vooral dank zij de effenaf puike keeping van Liénard, kranig standhield tot het einde.  Dit nieuw kostelijk verliespuntje mag gerust weer op de rekening van de lokale voorhoede geschreven worden, die nooit de juiste tred vond tegen een nochtans te kloppen bezoekende defensie en andermaal opvallend inspiratie, slagvaardigheid en zelfs samenhang miste, om dan nog niet te spreken van de onvoldoende schotvaardigheid en slordige afwerking.  We zien waarlijk niet goed in wie van de Cercleforwards zondag een doelpunt had kunnen scoren, al kwam het voorbeeld nog zo treffend van André Perot die de enige met schietpoeder in de schoenen was, maar een bijna onklopbare Liénard op zijn weg vond !  Hier werd heel treffend aangetoond dat de Brugse voorlijn niet meer bij de zaak is en vruchteloos de verloren forme aan het zoeken is.  De verpersoonlijking van dit falen vindt men in het presteren van Bailliu, die normaal de motor is van de voorhoede waarrond gans de aanvalsactie draait, maar die thans maar niet op gang geraakte.  Gilbert werkte en draafde wel als niet één en trachtte zich doorlopend vrij te spelen, zonder nochtans ooit de juiste tred of opening te vinden.  Als men er aan toevoegt dat zijn nevenmaats al te uitdrukkelijk op hem speelden en de verantwoordelijkheid van het besluiten meestal aan hem overlieten, zal het niemand verwonderen dat er weinig van terechtkwam.  Notteboom bleek evenmin op dreef en miste dan nog “de” kans van de wedstrijd toen hij door Perot vrij in het straatje werd gezonden en alleen voor doel nog ver naast plaatste.  Daels kende enkele goede flitsen maar miste regelmaat in zijn presteren en vooral preciesheid in zijn doelschieten.  Michiels van zijn kant acteerde heel ijverig tussen de lijnen, maar het ontbrak hem aan de juiste pas.  Ten slotte was er vooraan nog de jeugdige Flamée die zijn debuut deed als linksbuiten, daar waar hij in reserve meestal als kanthalf of inside optreedt.  Zijn eerste helft was heel bevredigend, want hij speelde goed op zijn lijn, gaf verzorgde passen weg en dreef enkele goede doelpogingen door, maar na de rust was het beste er bepaald van af.  Hij ging mee op in het treuzelend en te persoonlijk spel van de andere voorspelers en verbrodde zodoende tal van goed opgezette acties.  In Flamée zit er gewis stof van een flinke voetballer, alhoewel er nog heel wat dient geschaafd…  Toch achten we dit experiment niet mislukt en we zouden hem gerust nog een nieuwe kans geven.  Zonder volledig te overtuigen, kon Cercle in haar geheel toch beter bevredigen dan tegen Charleroi, die trouwens iets hoger dan Doornik mag aangeschreven worden.  Zondag zat er beslist meer geestdrift en zegewil in het acteren der groen-zwarten, maar het falen van de voorlijn en een zekere vermoeidheid en loomheid die op gans de ploeg en haar presteren weegt ontzegde hen een mogelijke overwinning.  Als we spreken van vermoeidheid, dan baseren we ons hiervoor bijzonder op de verklaringen van de Cerclespelers zelf, die achteraf betoogden dat de inspanningen die reeds sinds 15 augustus bijna zonder onderbreking geleverd werden en de zware velden, terdege de reservekrachten van menig groen-zwarte acteur hebben aangetast.  En dat moet wel zo zijn, want de goede wil van alle spelers ten spijt om toch maar de zege uit het vuur te slepen, viel het op dat zulks niet voldoende was om de beslissing af te dwingen.  Dat tikje macht en snelheid dat nodig is om een aanval succesvol door te voeren ontbrak hetgeen de fysiek sterke tegenstrevers toeliet steeds gepast het gevaar te keren.  De halflijn was nog de enige die hierop een uitzondering maakte.  Perot was immers onvermoeibaar zowel in het verweer als in het opbouwen, alhoewel zijn slordig aangeven ook heel wat inspanningen deed teloor gaan.  Na de rust speelde hij trouwens voluit de aanval en was quasi de enige om op doel te schieten.  Meer sober maar even effectief was De Caluwé maar ook zijn ultiem vooruitstuwen leed schipbreuk.  De beste lokale speler was echter Baas die kalm en beheerst alles afstopte en ook zijn ontzetten tot in de puntjes verzorgde.  De sympathieke Sluisenaar heeft weer volop zijn zelfvertrouwen teruggevonden, hetgeen vast en zeker aan de basis ligt van zijn flink verbeterd en betrouwbaar presteren.  Noch Mortier, noch Serru, noch Roje kan ten slotte iets aangewreven worden, al moeten we Marin nogmaals waarschuwen voor zijn soms al te flegmatiek optreden, hetgeen ei zo na zelfs een doelpunt kostte.  Van de Cerclekeeper onthouden we zijn mooie save op het ver verrassend schot van J. Leblancq terwijl hij voor de rest een eerder rustige namiddag beleefde.  Kunnen we het betreuren dat de groen-zwarten voor de tweede opeenvolgende maal een kostbaar puntje verspeelden, dan willen wij hen hiervoor geen steen werpen.  Morgen kunnen zij genieten van een verdiende rustdag die hen hopelijk weer helemaal zal heropknappen om dan met nieuwe krachten en nieuwe moed de beslissende terugronde aan te vatten.  Kan Cercle in de komende matchen de nodige geestdrift en allesgevende zegewil opbrengen, dan is nog niets verloren en blijven haar promoveringskansen gaaf.  Maar dan zal er niets, volstrekt niets aan het toeval mogen overgelaten worden !”.

Technische  krabbels…
Cercle Brugge – Racing Doornik  0-0


- opkomst : 4.000 toeschouwers.
- terrein : iets glibberig.
- weersgesteldheid : betrokken en regenachtig.
- leiding : ref. Hannet, behoorlijk.
- fair-play : tamelijk correct.
- corners : Cercle 7, Doornik 1.
- Cercle : Mortier, Roje, Serru, Perot, Baas, De Caluwé, Notteboom, Daels, Bailliu, Michiels,
  Flamée.
- Racing Doornik : Liénard, Gaillet, Liégeois, J. Leblanc, Timmermans, G. Leblanc,
  Mangain, Rivière, Debaissieux, Baert, Deneubourg.

Lees meer
Cerle Brugge KSV
Cercle en Brugge door de jaren heen… (deel 217)

(periode van 17-12-1960 -> 24-12-1960)


Cercle

Na het puntengewin van de laatste weken zagen de groen-zwarten het helemaal zitten om hun komende tegenstander, FC Mechelen, in de ogen te kijken.  Nochtans waren de Mechelaars voor de Bruggelingen vaak een struikelsteen.  Cercle stond ondertussen helemaal bovenaan, Mechelen daarentegen bengelde op de negende plaats.  Maar zou dit verschil in de klassering ook tot uiting komen op het veld ?  “Veritas” was de gelukkige om in opdracht van “Het Brugsch Handelsblad” mee te reizen naar “Achter de Kazerne”.  Zou hij er getuige van zijn hoe Cercle zijn zegetocht verder zette of zou het uitdraaien op een anticlimax ?

“F.C. Mechelen – Cercle Brugge 2-1 : Vlug lokaal succes werd Cercle fataal !” : “Het moet zijn dat het terrein achter de Mechelse kazerne de groen-zwarten niet gunstig gestemd is, want de herinnering aan de fameuze testmatch tegen Eisden ligt nog vers in ieders geheugen –wat John Saeys iedere keer wij van ver of nabij dit veld benaderen, dringend om één minuut stilte doet vragen– of daar wordt Cercle alweer met ’n nederlaag huiswaarts gestuurd.  Wij moeten dat puntenverlies, dat het vroege lokaal succes tot grondslag heeft, echter geenszins dramatiseren, want van al de onmiddellijke achtervolgers is er geen enkele in geslaagd de volle buit in de wacht te slepen zodat –zoals Robert Braet gevat opmerkte– het moreel van de groen-zwarten absoluut niet aangetast is.
Beslissende blitzstart van de maneblussers : de wedstrijd begon waarlijk op catastrofale wijze voor de Bruggelingen : pas had referee Van Hellemont het sein voor de aftrap gegeven, of de Mechelaars nestelden zich reeds voor de kooi van Mortier.  De pittige lokale aanvalsleider Michiels trachtte langs de rechterflank door te breken waar Demey een raté van formaat weggaf en dan maar de situatie trachtte recht te trekken door een foutieve sliding.  Men kwam hierdoor echter van de regen in de drup want de toegestane vrijschop werd door de oud-Lierse speler Sels genomen en deze trakteerde Mortier op een autenthieke Lierse vlaai dat de bal reeds achter hem in het net lag alvorens de Cerclejongens zich hadden opgesteld !  Malinois probeerde de beslissing af te dwingen en de éénarmige en steeds gevaarlijke Tuyaerts liet de nonchalante Roje een paar keren ter plaatse, zodat de alarmklok bestendig luidde in het groen-zwarte kamp.  Gelukkig hield Mortier, die wel een tikje schuld had aan het openingspunt, thans het hoofd koel, zodat het geen herhaling werd van het Merksem-avontuur.  Toch bleven de Cercleverdedigers vlotten en eer de eerste 10 minuten om waren zat nr. 2 reeds in de kas.  Bij de derde lokale corner zond Sels hoog voor doel waar Demey met het hoofd wilde ontzetten, doch de bal doorliet voor de roepende Roje die evenwel verrast werd.  Het leder belandde op de dijen van de onthutste Perot en huppelde vandaar in de voeten van Van Bulck die ongenadig besloot.  Als we er dan nog bijvoegen dat we in deze periode vijf gloeiende kogels noteerden van het Mechels trio Sels-Michiels-Tuyaerts, wijst zulks voldoende op de overrompelende aanhef der Maneblussers.  Toch lieten de groen-zwarten zich niet onbetuigd want ook zij kregen twee doelrijpe kansen voor de voeten, doch Daels, nochtans zeer actief, miste telkens van een niet de goede richting.  Na deze stormloop van de Mechelaars, ging de wedstrijd verder gelijk op, met Cercle technisch de betere, doch zonder veel geestdrift, precies of zij legde zich reeds neer bij de nederlaag.  Het dient echter ook gezegd dat er geen greintje geluk mee gemoeid was, want zowel Notteboom als Daels besloten rakelings naast, toen keeper Jacobs geklopt scheen, terwijl Gilbert Bailliu zeven minuten voor het einde op de dwarslat kanjerde.  Het was dan ook maar een magere troost, toen dezelfde Cerclespeler op enkele seconden voor het affluiten, na een onbeschrijflijk geharrewar, de bal over de doellijn kon duwen.
Groen-zwarten zijn weerwraak verschuldigd : voor acht dagen, bij gelegenheid van de verplaatsing naar Tilleur, waren de Cerclespelers reeds om half elf in de “Londres” gevraagd voor het diner, zodat zij op het ogenblik van de aanvang, uitgehongerd waren, bij zoverre dat toen de scheidsrechter besliste de match uit te stellen, allen zonder uitzondering op de mand belegde broodjes vlogen en deze in een oogwenk volkomen leeggeplunderd was.  Het moet zijn dat zondag misschien te veel gegeten werd in het Cerclelokaal, want de meeste spelers verschenen lui en zonder veel overtuiging op het veld en het ware voor ons bijna een onmogelijke taak uit deze wedstrijd uitblinkers te halen : stuk voor stuk hebben wij de groen-zwarten reeds beter gezien dit jaar en vooral in de defensie liep het dikwijls mank.  Bovendien toonden de aanvallers niet de minste schotvaardigheid, zodat wij gerust mogen besluiten dat allen ons een flinke revanche verschuldigd zijn.  De minst slechten waren o.i. Mortier –buiten zijn plaatsingsfout bij het eerste doelpunt– en Bailliu, die zich afsloofde om vaart in het Cercleteam te brengen, doch er helaas niet in gelukte…  Nu Cercle voor drie opeenvolgende thuiswedstrijden staat, resp. tegen Sporting Charleroi, Racing Doornik en Diest, hopen wij dat de Brugse supporters hun jongens flink zullen blijven steunen, om het maximum aantal punten aan huis te houden.  Op een ogenblik dat alle kopploegen om beurten punten verliezen, kunnen de groen-zwarten zich stevig op kop werken en aldus DE kans grijpen, derde keer MOET goede keer zijn, Cercle !”

Technische  krabbels…
F.C. Mechelen - Cercle Brugge  2-1

- opkomst : 4.500 toeschouwers.
- terrein : zwaar, maar goed bespeelbaar.
- leiding : ref. Van Hellemont, kon bevredigen.
- corners : Mechelen 9, Cercle 12.
- doelpunten : 1’ Sels 1-0, 10’ Van Bulck 2-0, 89’ Bailliu 2-1.
- F.C. Mechelen : Jacobs, Borremans, Geets, De Moor, De Koster, Dehoef, Sels, Dockx, Michiels, Van Bulck, Tuyaerts.
- Cercle : Mortier, Roje, Serru, Perot, Baas, Demey, Notteboom, Daels, Bailliu, Michiels, De Caluwé.

Een derde van de competitie was afgewerkt en de conclusie mocht getrokken worden dat de ploegen die elkaar bekampten met de promotie als inzet, sterk aan elkaar gewaagd waren.  Tussen het nummer één, Cercle, en het nummer elf, FC Mechelen, waren er slechts vier punten verschil.  In een tijd dat een overwinning (slechts) twee punten opleverde betekende dit dat twee winstmatchen of twee verlieswedstrijden de klassering konden doen kantelen…

1. Cercle (15 punten), 2. SK Sint-Niklaas (14), 3. FC Turnhout (14), 4. FC Beringen (14), 5. FC Diest (13), 6. UR Namen (13), 7. SC Charleroi (12), 8. Racing Doornik (12), 9. Berchem Sport (12), 10. Kortrijk Sport (11), 11. FC Mechelen (11), 12. White Star (9), 13. Olse Merksem (8), 14. Racing Club Brussel (8), 15. Lyra (6), 16. FC Tilleur (4).


De groen-zwarten hadden, na de misstap in Mechelen, één en ander recht te zetten wilden zij hun kansen op promotie gaaf houden.  Dat betekende zonder meer dat met de volgende tegenstander, het zevende gerangschikte Sporting Charleroi, korte metten moest gemaakt worden.  De Henegouwers moesten simpelweg voor de bijl !  Of de praktijk even simpel zou blijken als de theorie moesten we nog eventjes afwachten.  Er werd alvast een vooruitblik geworpen op de komende wedstrijd : “Cercle – SC Charleroi : voor deze kapitale ontmoeting zou naar verluidt de Cercleploeg lichtjes gewijzigd worden door het heroptreden van Willy Lambert, terwijl Demey dan toch de plaats zou moeten ruimen voor De Caluwé.  Merken we evenwel op dat de samenstelling van hiernavolgend elftal slechts officieus is : Mortier, Roje, Serru, Perot, Baas, De Caluwé, Notteboom, Daels, Bailliu, Lambert, Michiels.”

“Vic Bergh” mocht richting Edgard De Smedtstadion stappen om er voor “Het Brugsch Handelsblad” zijn bevindingen aan het papier toe te vertrouwen.

“Cercle Brugge – S.C. Charleroi 2-2 : Groen-Zwarten spelen met vuur…” : “Wie zondag Cercle in actie heeft gezien tegen Charleroi, zal beslist met ons bekennen dat zij er niet veel van terecht gebracht heeft en opnieuw een kostbaar puntje te grabbel gooide.  Het scheelde zelfs geen haar of het werden er twee, want met nog amper enkele minuten te spelen waren er zeker nog weinig toeschouwers, zelfs van de hardste supporters, die nog op enige puntenoogst rekenden.  Beslist, deze in de lucht hangende tweede thuisnederlaag ware niet verdiend geweest, omdat de groen-zwarten in deze belangrijke wedstrijd doorlopend technisch en territoriaal baas waren geweest tegen een Waalse ploeg die van meet af door een stug defensief een puntendeling speelde.  Maar het kan evenmin geloochend dat de lokalen hierbij niet van de nodige beslistheid en doordrijvendheid blijk gaven om een voor de hand liggende zege te wettigen.  Het voorbeeld kwam nochtans van Charleroi, die spijt haar verdedigende tactiek met haar scherpe uitvallen langs de puntspelers heel wat meer gevaar schepte voor het Brugse doel dan dit het geval was langs de andere zijde.  Maar de Waaltjes hanteerden vooral de wapens snelheid en directheid, hetgeen schril afstak met het traag, treuzelend en lateraal evolueren der thuisspelers, die hiermede in het oude en weinig renderend euvel hervielen.  De groen-zwarten, en dan vooral de aanvallers, speelden weer eens met vuur en zonder het allesgeven van Perot hadden zij zich opnieuw lelijk verbrand.  Thans kon op het nippertje de schade nog beperkt worden, want toen de Gentenaar van tegen de zijlijn een free-kick voor het bezoekende doel lobde, ‘knikte’ Bailliu dan toch de gelijkmaker tegen het net.  Velen slaakten een zucht van verlichting omdat dan toch één puntje werd gered maar allen kwamen er rond voor uit dat Cercle het zeker anders aan boord zal moeten leggen om haar promoveringsdromen in vervulling te zien gaan…”

Technische  krabbels…
Cercle Brugge – S.C. Charleroi 2-2

- opkomst : 4.500 toeschouwers.
- terrein : uitstekend bespeelbaar.
- weersgesteldheid : zware mist.
- leiding : ref. Van Gysegem, bevredigend.
- fair-play : weinig aan te merken.
- corners : Cercle 6, Charleroi 3.
- doelpunten : 12’ De Valerio met een 30-meter schot 0-1, 20’ Mazzoleni werkt onvoldoende ’n rake kanjer van Lambert weg en Notteboom schuift binnen 1-1, 71’ Bertoncello op voorzet van Kabya 1-2, vrijschop van Perot en kopstoot van Bailliu 2-2.
- Cercle : Mortier, Roje, Serru, Perot, Baas, De Caluwé, Notteboom, Lambert, Bailliu, Michiels, Daels.
- S.C. Charleroi : Mazzoleni, Collard, Kossowski, A. en P. Prevot, Vanderwijt, Kabya, Spaute, De Valerio, Van den Bossche, Bertoncello.


Ook tegen Sporting Charleroi viel er onverwacht en onwelgekomen puntenverlies te noteren.  Geen enkele ploeg mocht, ook toen niet, ongestraft knoeien met de punten zonder dat het gevolgen had.  Cercle moest dan ook de leidersplaats afgeven aan F.C. Beringen omdat de Limburgers één wedstrijd meer gewonnen hadden.  Na deze speeldag zag de klassering er als volgt uit : 1. FC Beringen (16 punten), 2. Cercle (16), 3. FC Diest (15), 4. FC Turnhout (14), 5. SK Sint-Niklaas (14), 6. Berchem Sport (14), 7. SC Charleroi (13), 8. UR Namen (13), 9. Racing Doornik (13), 10. Kortrijk Sport (11), 11. FC Mechelen (11), 12. Olse Merksem (10), 13. Racing Club Brussel (10), 14. White Star (9), 15. Lyra (7), 16. FC Tilleur (6).

De volgende speeldag bracht voor Cercle een tweede opeenvolgende thuiswedstrijd met zich mee.  Tegenstander van dienst was het negende gerangschikte Racing Doornik.  De Bruggelingen konden zich absoluut geen nieuw puntenverlies permitteren.  Maar de Henegouwers telden slechts drie punten achterstand en zouden zich beslist niet als een hapklaar brokje aanbieden.  De groen-zwarten verkochten dus best niet het vel voor de beer geschoten was…
Traditiegetrouw werd er alvast een korte blik geworpen op de komende match : “Cercle – Racing Doornik : voor de komende thuiswedstrijd van morgen zondag tegen RC Doornik, die hopelijk een meer overtuigende prestatie der groen-zwarten zal meebrengen, zal waarschijnlijk de hiernavolgende ploeg ongewijzigd in het veld komen : Mortier, Roje, Serru, Perot, Baas, De Caluwé, Notteboom, Daels, Bailliu, Lambert, Michiels.”

Wie meestal, om niet te zeggen altijd, de situatie in een pennentrek en een raak woord kon omschrijven, was “Dani”.  In zijn “Bonte Beelden…” ontsnapte niets of niemand aan zijn scherpe opmerkingszin.  Ook Cercle was af en toe eens het mikpunt van zijn milde spot :
 

Lees meer