koop tickets online

Cercle door de jaren heen (deel 206)

(periode van 23-07-1960 -> 06-08-1960)

  • Cercle

Het nieuwe voetbalseizoen 1960-1961 naderde op kousenvoeten.  De groen-zwarten maakten zich op om een nieuwe gooi naar de promotie te doen en hoopten dat “derde keer goede keer” ook voor hen van toepassing zou zijn…

Koning Voetbal weer in aantocht…  Cercle maakt zich klaar !” : “Deze week werd een aanvang genomen met de trainingen in het vooruitzicht van de nieuwe kompetitie 1960-1961.  Natuurlijk is het nog te vroeg om nu reeds uit te pakken met de vooruitzichten en de mogelijkheden van Cercle aangezien het hier slechts een eerste kontaktname geldt onder vorm van lichaamsoefeningen –zonder bal– om de stramme spieren los te werken, maar toch mogen we zeggen dat op het Edgard De Smedt Stadion een sfeer van vertrouwen, ja zelfs van optimisme heerst.
Van een buitengewone bedrijvigheid op de transfermarkt kan er bij de groen-zwarten moeilijk gewaagd worden al kan Eric Daels best een goede versterking zijn en kunnen in de laatste dagen nog verrassingen gebeuren.  In grote lijnen wordt dan ook de basisploeg behouden zodat van hun presteren in het komende kampioenschap heel wat zal afhangen.
Voorlopig kunnen we alleen maar hopen dat de spelers zich ten volle zullen inspannen om zo spoedig mogelijk de gewenste konditie en de juiste tred te vinden, ten einde volkomen klaar te zijn voor de officiële start in september a.s.  Verder rekenen we op een goede geest en samenwerking waartoe ook het bestuur en de trainer terdege hun steentje kunnen bijdragen.  In een ideale geest van samenhorigheid en onderling begrip moet Cercle zich dit jaar duchtig kunnen doen gelden en hun aanhangers voluit bevredigen.  Dit is onze enigste en vurigste wens die hopelijk met klank zal vervuld worden.”

Een ander artikel blikte nog even terug op de twee voorbije seizoenen toen Cercle telkens bijna de promotie te pakken had maar in extremis toch de duimen moest leggen :

“ “Derde keer, goei keer” voor Cercle ?“ : “Tot tweemaal toe werd Cercle in de afgelopen kampioenschappen op de meet geklopt voor de zo vurig betrachte promovering naar 1eklasse. Het jammerlijk en veelomstreden falen der groen-zwarten in de beslissende testmatch te Mechelen tegen Patro Eisden, ligt nog vers in het geheugen en nog dagelijks moeten we het aanhoren dat de Bruggelingen nooit meer dergelijke kans zullen krijgen !...
Zulks kan heel goed mogelijk zijn en is zeker te betreuren, terwijl het even waar is dat zware vergissingen begaan werden met verdragende gevolgen.  Maar gedane zaken nemen geen keer, zodat het best is daar niet verder te blijven bij stilstaan en de spons over het verleden te vegen.  Thans dient alles aangewend om niet meer in hetzelfde euvel te vervallen en alles in ’t werk gesteld om zich in ere te herstellen.
De grootste aandacht moet nu gaan naar het seizoen 1960-61 die voor Cercle hopelijk “derde keer, goei keer” wordt. Dinsdag woonden we de eerste training bij op de vernieuwde grasmat en we kunnen zeggen dat deze eerste kennismaking ons een beste indruk heeft gelaten.  Niet dat er geoefend werd dat de stukken er afvlogen, noch dat de meeste spelers reeds blijk gaven van een vergevorderde forme, maar de kameraadschappelijke geest en de goede verstandhouding waren opvallend en bemoedigend.
Onder leiding van de bruingebrande Delfour deden de twintigtal opgekomen spelers lichte lichaams-, lenigheids- en ontspanningsoefeningen waarin allen van goede wil getuigden.  Wij noteerden de aanwezigheid van praktisch de volledige Cercleploeg met Willy Mortier, Robert Serru, Aimé Baas, Dré Perot, Jackie De Caluwé, Noël Demey, Roger Notteboom, Gilbert Bailliu, Eric Buyse, Philemon Desmaele en Albert Michiels.  Enkel Marin Roje en Joseph Van Vlaenderen ontbraken wegens verlof.
We stipten ook de tegenwoordigheid aan van de nieuwe aanwinst Eric Daels van SV Wevelgem, een zwartharige rijzige atleet die de opgelegde oefeningen en bewegingen zeer flink uitvoerde.  Verder nog de bijzonderste invallers Acket, Wittewrongel, Jo Gerard en Verheye, de jongeren Van Hamme en Flamée en de “verloren zonen” Gaston Eeckeman en Willy Craeye.  Deze laatsten waren destijds flinke beloften, die echter bleven hangen en mits intensieve en harde training wellicht weer op het voorplan kunnen komen.
Wezen we reeds op het gemoedelijke van de eerste training die eerder een voorbereidend karakter had, dan zal de oefening echter geleidelijk harder en meer toegespitst worden.  En dat zal meer dan nodig zijn, vermits reeds op zondag 7 augustus een eerste wedstrijd dient betwist en dit in Frankrijk te Charleville waar de groen-zwarten het moeten opnemen tegen de nieuwe Franse eersteklasser Rouen.  Een gemakkelijke inzet is dat in geen geval en Cercle zal zeker behoorlijk zweten om tot een eervol resultaat te komen.
Het moet trouwens gezegd dat trainer Delfour zijn spelers weer een zeer lastig oefenprogramma in de schoenen schuift, want na deze harde inzet in Frankrijk wachten de groen-zwarten nog zware opgaven. Zo op maandag 15 augustus krijgen ze de traditionele Hollandse trip naar Breda, waarvan de terugmatch te Brugge waarschijnlijk begin september ’s avonds zal doorgaan.  Op zaterdag 20 augustus komt Beerschot op bezoek terwijl op zondag 28 augustus niemand minder dan de Belgische kampioenenploeg SK Lierse alhier te gast zal zijn.  Komt dan nog een vriendenpartij tegen Union waarvan de datum echter nog niet werd vastgesteld.
Dit alles wijst er op dat Delfour zijn spelers helemaal wil klaar krijgen voor de start van het kampioenschap op zondag 4 september a.s.  De gelegenheid om zich te roderen krijgen de groen-zwarten in ieder geval slechts voor het grijpen, maar het is nu te zien of allen zich daaraan zullen kunnen aanpassen.
De Cercledirigenten die we even uithoorden omtrent de vooruitzichten en de mogelijkheden der groen-zwarten in het komende kampioenschap, bleken zeer voorzichtig om niet te zeggen terughoudend in hun uitlatingen.  Het is een nieuw begin werd ons verzekerd, zodat men moet afwachten…  Alles hangt af van de konditie van de spelers en van het ploegverband, maar toch verwachten we en hopen we het beste.
We kunnen niet anders dan ons hierbij aansluiten en de hoop uitdrukken dat Cercle dit seizoen beter op haar zaak zal letten en met verenigde krachten hogerop zal trachten te komen.  Waar een wil is, is een weg, moet zowel voor spelers als bestuur de te volgen leidraad zijn !”

De groen-zwarten hadden zich bijna niet geroerd op de transfermarkt maar naarmate de dagen verstreken scheen hier toch wel een kentering in te komen.  Het was het Cerclebestuur menens om zich in het promotiedebat te mengen en dus mocht er op enkele plaatsen wat versterking bijkomen…

Toch nog versterking voor Cercle ?” : “De groen-zwarten hebben dit jaar geen sensationele aankopen gedaan en eerder de kat uit de boom gekeken.  Daarentegen werd Hans Gerard voor een flinke bom duiten van de hand gedaan aan Union Sint-Gillis, zodat de transferaktiviteit voor Cercle eerder een passief betekende.
In laatste instantie schijnt hierin dan toch een gunstige kentering te komen vermits op het ogenblik dat we deze lijnen schrijven vergevorderde onderhandelingen bezig zijn voor de aankoop van nog een paar spelers.
Er is o.m. sprake van de voorspeler van SC Charleroi, Willy Lambert, die over twee seizoenen topscorer was van IIe Klasse, en voor wie alleen nog enkele details dienen geregeld.
Deze week werden tevens een tweetal Hongaarse voetballers getest en ook hier kan het nog tot een akkoord komen ! Afwachten is echter de boodschap…” 

En dat het niet bij woorden bleef bewees het volgend artikel  :

Drie nieuwe spelers voor Cercle” : “In het kader van onze bijdrage over de eerste Cercletraining, lieten we uitschijnen dat de groen-zwarten in extremis best nog een paar belangrijke aankopen zouden kunnen doen.  Dit werd trouwens bewaarheid en vrijdag in de namiddag kregen we de officiële bevestiging dat nog drie nieuwe transfers tot een goed einde gebracht en ondertekend werden.
In de eerste plaats gaat het om de bekende voorspeler van SC Charleroi, Willy Lambert, afkomstig van Nijvel, een gevaarlijke doelschutter die twee seizoenen geleden aan het hoofd stond van de goalgetters van 2eklasse met meer dan twintig doelpunten.
Tevens werden nog twee Hongaren aangeworven die gekwalificeerd zijn om in de fanionploeg op te treden.  Het zijn de 22-jarige Zoltan Locskai, die verleden seizoen bijna alle matchen speelde bij de Anderlechtreserven als centervoor of inside en de 26-jarige André Gaal, die twee jaar geleden als achterspeler optrad bij de Gantoise-invallers.  Naar men ons verzekerde zijn het technisch vaardige elementen die op de afgenomen testen een gunstige indruk lieten.  Het is nu te zien hoe zij zullen presteren in kompetitie- en in ploegverband, zodat dient afgewacht of zij al dan niet aanwinsten voor de groen-zwarten zullen betekenen.”

Nvdr : naast deze drie vermelde spelers stapte ook nog de Hongaar Kovari over van Olympic Charleroi naar Cercle Brugge.  

  • Brugge

* 2018 was een lange, hete en droge zomer en overtrof daarmee de zomer van 1976 die toch in het collectief geheugen was blijven hangen als dé zomer ooit.  Dat de zomers in België ook wel eens kunnen tegenvallen hoeft geen betoog.  Blijkbaar was de zomer van 1960 er geen om over naar huis te schrijven maar ook zonder de medewerking van de weergoden zorgden de vele toeristen toch nog voor de nodige drukte in Brugge :

Steeds regen” : “Het wil maar niet zomeren : vorig jaar teisterde een grote droogte ons land, dit jaar is het tegenovergestelde het geval en volgen de regenbuien mekaar op met de regelmaat van een uurwerk.  Het is dan ook niet te verwonderen, dat men aan de kust begint te vrezen voor het goede verloop van het seizoen.  Reeds stelt men een daling van de belangstelling van de vakantiegangers voor de kust vast.  Te Brugge daarentegen is het elke dag zeer druk en laten de toeristen zich niet door regen en wind afschrikken, om in dichte drommen het centrum af te slenteren, de reien te bevaren en de musea en andere bezienswaardigheden te bezoeken. Deze week was het ook druk ingevolge de Gentse stadsfeesten, waardoor honderden “Stropkes” naar onze streek afzakten en er de goede luim inhielden.  Het was geen zeldzaamheid ’s avonds enkele Gentenaars boven hun theewater op zoek te zien gaan naar hun bus, die ze niet meer wisten staan…” 

* Er werd al een tijdje gesproken over de komst van een grootwarenhuis langs de Scheepsdalelaan maar nu leek het project wel heel concreet te worden : de bouwvergunning was (eindelijk) in orde en dus was het nu enkel nog wachten op de eerste spadesteek :

Grand Bazar zal weldra bouwen” : “De “Grand Bazar” heeft haar bouwvergunning ontvangen, om langs de Scheepsdalelaan een grootwarenhuis op te trekken.  De werken zullen binnenkort aanvangen.  Architekt is dhr. Grosemans uit Antwerpen, de ondernemer is de firma Van Riel en Van den Bergh eveneens uit Antwerpen.
Wat het tweede nieuw grootwarenhuis in onze stad betreft, nl. in de vroegere cinema “Oud Brugge”, daarover is momenteel geen nieuws, alhoewel verwacht wordt, dat in de herfst met de verbouwingswerken zal begonnen worden.”

* Heel wat firma’s kozen Brugge of de dichte omgeving er van om een vestiging te bouwen.  Wij beleefden de gouden jaren zestig : er werd geïnvesteerd, er werden jobs gecreëerd, de mensen konden sparen, kochten bouwgrond, bouwden een huis,… kortom, de economie floreerde.  Ook Oostkamp pikte zijn graantje van deze hoogconjunctuur mee : een bekende firma kwam er zich vestigen en zorgde in de streek voor heel wat werkverschaffing :

De kogel is door de kerk – “Siemens und Halske” vestigt afdeling voor het produceren van apparaten voor zwakstroom te Oostkamp”: “Begin van de bouwwerken van de nieuwe fabriek : november 1960 – Begin van de fabrikatie : april 1961.”

Cerle Brugge KSV

Siemens und Halske werd later gewoon Siemens en heet tegenwoordig Tyco Electronics. De jaren van de grote tewerkstelling liggen intussen ook al een tijdje achter ons… (bron foto : http://www.areyouaco2nsumer.eu/facesofbelgium.htm).

* Vroeger had elke zichzelf respecterende school, instelling of organisatie een tijdschrift dat verspreid werd naar de geabonneerde belangstellenden.  Er een tekst in mogen publiceren werd als een eer beschouwd, redacteur zijn er van was zowat de opperste eer die iemand kon te beurt vallen.  De (talrijke) lezers keken telkens weer uit naar het volgende nummer dat in de bus zou vallen.  Ook het Sint-Leocollege kon destijds bogen op een prima tijdschrift : “Contact”, een interessant driemaandelijks boekje dat kon uitpakken met heerlijke, vlot geschreven teksten die boeiden van A tot Z.  In 1960, “Contact” was toen reeds aan de veertiende jaargang toe, kwam de vaak gecontesteerde voorgevel van het college aan bod :

Cerle Brugge KSV

Kroniek van het Sint-Leokollege” : “Van het kollegetijdschrift “Contact” verscheen onlangs het derde nummer van zijn 14ejaargang.  Wie iets afweet over het uitgeven van bladen en tijdschriften weet dat het een hele prestatie is om het zolang vol te houden.  Het is onbetwistbaar een teken van leven en vitaliteit, tevens wil het een “spieghel historiael” blijven van het kollegeleven en van de oudleerlingenbond.
In de kollegekroniek van de hogere en voorbereidende afdeling stippen wij in de eerste plaats het feit aan dat het voorgebouw van het kollege langs de Potterierei zijn voltooiing nabij is.  De voorgevel ziet er wel uit als een architektonisch anachronisme, maar toch zal hij de bouwvallige krotten van voorheen vlug doen vergeten.  Ontegensprekelijk zal het de standing en het prestige van het kollege merkelijk verhogen.” 

De lijstgevel van het Sint-Leocollege dateert uit de twintigste eeuw.  Helemaal links zien we 'Villa Latina'.  De oorspronkelijke villa ging reeds jaren geleden tegen de grond maar het college liet met zorg de voorgevel van de oude villa reconstrueren en integreerde de achterliggende ruimte in het college.  Let even op de tv-antenne op het dak van het schoolgebouw met er naast het torentje van de kapel dat boven de nok van het dak uitpriemt.  Op de voorgrond kabbelt de Langerei eeuwig verder (bron : beeldbank Brugge).

Cerle Brugge KSV

Zo zagen de gevels (in het artikel in “Contact” bouwvallige krotten genoemd) langs de Potterierei er uit voor de vaak gecontesteerde voorgevel van het Sint-Leocollege er kwam (bron : beeldbank Brugge).

* Dat er heel wat sporten bestaan en je waarschijnlijk geen sport kunt bedenken die niet beoefend wordt is wellicht een feit.  Iets waar we nu niet onmiddellijk aan denken is go karting.  Is rijden met een go kart trouwens wel een sport ?  Wie het beoefent zal dit met klem bevestigen.  Anderen zullen dan weer in alle toonaarden ontkennen dat het ook maar iets met sport te maken heeft.  De vraag zou dus voer voor discussie kunnen zijn.
Go karting anno 2018 kennen we enkel nog van wedstrijden die indoor of outdoor op speciale circuits gehouden worden maar in de tijd van onderstaand artikel (augustus 1960) waren enkele straten in Sint-Kruis het decor van deze Grote Prijs.
De eerste go kart werd in 1956 in Californië door ene Art Ingels gebouwd.  Binnen de kortste keren groeide go karting uit tot een populaire bezigheid en, hoe kan het ook anders ?, waaide het over naar Europa.
In 1960 deed go karting, in het “Brugsch Handelsblad” omschreven als een “Nieuwe Sensatiesport”, dan ook zijn intrede op Brugse bodem :

Sport en sensatie te Sint-Kruis op 21 augustus – Grote Prijs van West-Vlaanderen voor Go-Kart’s” – “Nieuwe Sensatiesport…” : “Na een welkomwoord van voorzitter N. Inion en een korte uiteenzetting van sekretaris F. Tamsin, gaf dhr. M. Van Gorp uit Brussel een vluchtige maar zeer bevattelijke uitleg over “Karting”.  Deze nieuwe sport vond 3 à 4 jaar geleden zijn oorsprong in Amerika (natuurlijk !) waar het om zijn veelvuldige sensatie en spannende strijd dadelijk een ophefmakende opgang maakte.
 

Deze nieuwe “gedemokratiseerde” autokoersen worden betwist met een eenvoudig, laagzittend wagentje, zonder chassis, met vier kleine wielen waarop dikke banden gemonteerd zijn.  Verder is er een stuur, een voetrem en een gaspedaal met achteraan een motor van 100 of 200 cc.  Hiermede wordt een snelheid bereikt van 60 à 80 km. per uur terwijl de kostprijs ervan schommelt tussen 12 en 14.000 frank.” 

Spektakulair en ongevaarlijk” : “Dhr. Van Gorp beklemtoonde dat Karting een zeer spektakulaire sport is en in verhouding één der minst gevaarlijkste.  Alhoewel nu iedere week omzeggens één of meer wedstrijden betwist worden, is het aantal ongevallen heel miniem.”

 

Cerle Brugge KSV

Karters op het circuit van Zandvoort in 1960.  Het zag er toen allemaal nog een beetje primitief en amateuristisch uit… (bron foto : Wikipedia).

Cerle Brugge KSV

Een moderne go kart lijkt, met een beetje fantasie, steeds meer op een formule 1 wagen… (bron foto : Capital Karts).  

* Wij staan er niet altijd bij stil dat er ook nog zoiets bestaat als korporatief voetbal en vooral, dat het korporatief voetbal een rijke geschiedenis heeft. Zeker in tijden dat er veel grote bedrijven waren die heel wat personeel tewerkstelden groeide en bloeide het bedrijfsvoetbal.
Reeds in 1923 kwamen enkele initiatiefnemers uit de West-Vlaamse bedrijfssportwereld bijeen om inmiddels opgerichte sportverenigingen te polsen of ze interesse hadden om toe te treden tot een nog op te richten West-Vlaamse Sportbond.  Het streefdoel was om de sportbeoefening onder de werkgemeenschappen beter te coördineren en te bevorderen.
Op 1 februari 1924 was de kogel door de kerk en werd de officiële aansluiting bij de Koninklijke Belgische Voetbalbond ondertekend.  Zoals toen gebruikelijk was gebeurde dit onder een Franstalige benaming : “Le Groupement Corporatif de la Flandre Occidentale, dans le but de développer la pratique des Sports, surtout le Football”.
De pas opgerichte liga werd als volwaardige toetredende federatie opgenomen en de eerste competitie ging van start op 30 augustus 1925.
Eén van de oudste ploegen in het bedrijfsvoetbal is KV Rust Roest, het elftal van de in Brugge wereldberoemde Gistfabriek met thuishaven langs het Zuidervaartje in Sint-Kruis.  Deze bedrijfsploeg, met oranje-zwarte uitrusting, werd opgericht op 15 augustus 1911 en erkend onder het stamnummer 45.  In 2018, ruim honderd jaar later, bestaat de ploeg nog steeds !

In augustus 1960 kwamen de afgevaardigden van de diverse korporatieve ploegen want de nieuwe competitie stond voor de deur :

Korporatief Verbond Brugge vergaderde” : “In de stemmige receptiezaal van de brouwerijen Aigle-Belgica had zaterdag jl. de jaarlijkse algemene vergadering plaats van het Korporatief Gewest Brugge. Praktisch alle clubs waren vertegenwoordigd en het was voorzitter Leon De Clerck die iedereen welkom heette en in de eerste plaats de Direktie van Aigle-Belgica een hartelijk dankwoordje toestuurde voor de gulle gastvrijheid.”

Degenen onder de lezers die niet meer piepjong zijn maar daarom natuurlijk ook nog niet stokoud, zullen zich bij het zien van de reeksindelingen ongetwijfeld nog enkele ploegen herinneren :

De ploegen voor het kampioenschap ’60-’61:

Reeks A: Univerbel, Franco Belge, Rust Roest, La Brugeoise, Aigle-Belgica, Gazel, Société Générale, Vismijn, Un. Cotonnière, Politie, Sodivac Oostende.

Reeks B: Augustinus, CNF, CBRT, Bitumac, Stad Oostende, Oosteroever, Spoor Oostende, Zeewezen, Flandria Zedelgem.

Reeks C: Phenix, Lanssens, Auto Occidentale, Vander Ghote, St-Katriena, Ombesa, De Cock, Brugfina, Stadspersoneel Brugge (onder voorbehoud).

 

Cerle Brugge KSV

* De Damse Vaart, zoals deze waterloop in de volksmond bekend is, heet officieel het Napoleonkanaal.

Napoleon (° 15 augustus 1769 (Ajaccio, Corsica), + 5 mei 1821 (Sint-Helena)) bracht een groot deel van zijn heerschappij (1799-1815) door op de slagvelden (bron foto : AliExpress).

Keizer Napoleon Bonaparte zag het economisch en strategisch belang (o.a. het transporteren van oorlogsmateriaal) in van een verbinding van de grote Noord-Franse havens, vanaf Duinkerke, met de Westerschelde in Antwerpen.  Napoleon wilde daarom de bestaande kanalen Duinkerke – Veurne – Nieuwpoort – Plassendale – Brugge met een nieuw kanaal Brugge – Damme – Sluis – Aardenburg – Breskens vervolledigen. Het leek logischer om gewoon over de Noordzee te varen maar daar heerste de Engelse vloot waar de Fransen niet tegen opgewassen waren.  Zo werd van de nood een deugd gemaakt en startte men in 1811 met de aanleg van de Damse Vaart.Het leek logischer om gewoon over de Noordzee te varen maar daar heerste de Engelse vloot waar de Fransen niet tegen opgewassen waren.  Zo werd van de nood een deugd gemaakt en startte men in 1811 met de aanleg van de Damse Vaart. Om het kanaal te graven werden vooral Spaanse krijgsgevangenen ingezet.  De aanleg van het Napoleonkanaal had een enorme stedenbouwkundige impact op Damme. Er stroomde reeds een waterloop door de stad maar Napoleon verlegde deze rivier vijftig meter omdat er een bocht in zat.

Waar nu Damme brug ligt, lag toen, pal in het stadscentrum, de Korenmarkt.  Deze markt en enkele omliggende herenhuizen dienden plaats te ruimen voor het nieuwe kanaal.  Niet enkel Damme maar ook Oostkerke deelde in de brokken.  Het grondgebied van Oostkerke omvatte een klein havenstadje : Monnikerede.  Het bevond zich waar tegenwoordig de Damse Vaart loopt, tussen Oostkerkebrug en de bocht naar Hoeke.  Het havenstadje dankte zijn naam aan de monniken van de Lisseweegse Abdij Ter Doest die ter plaatse enkele bezittingen hadden.  De oudste teruggevonden vermeldingen van Monnikerede dateren uit 1226. Het stadje had een schepenbank (vergelijkbaar met de huidige schepencolleges) en verkreeg in 1266 stadsrechten en een aantal handelsrechten voor scheepvaart over het Zwin.  De bloeiperiode van Monnikerede situeerde zich vooral in de veertiende en begin vijftiende eeuw.  Het havenstadje dreef handel met Engeland en Frankrijk en ook de visserij werd er beoefend.  Er was een kapel, een molen, een stadhuis en een reeks koopmanshuizen.  Na deze periode verminderde het belang van het stadje steeds meer.  De verzanding van het Zwin, economische moeilijkheden en oorlogstroebelen veroorzaakten de geleidelijke teloorgang.  Omstreeks 1550 werd de haven niet meer gebruikt en toen kort daarop de Tachtigjarige Oorlog uitbrak (oorlog tussen de Nederlanden en de Spaanse overheersers die begon in 1568 en eindigde in 1648 en onderbroken werd door een tussenliggende vrede, het Twaalfjarig Bestand, die duurde van 1609 tot 1621) was het lot van het havenstadje beklonken.
De aanleg van het Napoleonkanaal zorgde er voor dat Monnikerede helemaal van de kaart werd geveegd.  Het tracé van de nieuwe waterweg liep dwars doorheen het voormalige centrum van het vroegere havenstadje.  In het landschap zijn nauwelijks nog zichtbare sporen van het stadje terug te vinden.  Enkel de Monnikeredestraat verwijst naar het vroegere havenstadje.  Toch kon door archeologisch onderzoek, gecombineerd met het goed bewaarde stadsarchief, gedetailleerde kennis opgebouwd worden omtrent de structuur en de geschiedenis van Monnikerede.
Toen Napoleon op 18 juni 1815 te Waterloo definitief verslagen werd, was het nieuwe kanaal tot aan het fort Sint-Donaas in Lapscheure gerealiseerd.  Koning Willem I liet, tussen 1818 en 1824, het kanaal verder doortrekken tot in Sluis. In 1829 werd het plan opgevat om, zoals oorspronkelijk voorzien was, het kanaal door te trekken tot in Breskens maar toen in 1830 de Brabantse Omwenteling losbrak, wat leidde tot het ontstaan van het onafhankelijke België, werden deze plannen definitief opgeborgen.

Het is in dit Napoleonkanaal, het gedeelte tussen Brugge en Damme, dat jaarlijks een fel gesmaakte zwemwedstrijd doorgaat simpelweg Damme – Brugge genoemd.  De eerste editie ging door in 1910 en telde dertien deelnemers die 4060 zwemmeters voor de kiezen geschoven kregen.  De eerste winnaar was Jef Pletinckx, aangesloten bij CN Bruxelles, die 1 uur en 20 minuten nodig had.  Op 19 augustus 2018 was Damme – Brugge reeds aan de 96steeditie toe.
Ook in 1960 stond er een Damme – Brugge op het programma :

Zondag 14 augustus te 15 uur : Damme – Brugge” : “De Brugse Zwemkring heeft zich dank zij een ruime financiële steun van de Stad Brugge, een buitengewone inspanning getroost om de 38everjaring van Damme – Brugge grote luister bij te zetten.  Niet minder dan vijf verschillende landen zijn vertegenwoordigd, zodat alvast reeds een eerste rekord gebroken is, dit der buitenlandse deelname.
Nederland zendt ons niemand minder dan de Robben uit Hilversum die reeds in 1952 en 1955 de wisselbeker van de Stad Brugge wonnen en nu een grote kans maken om deze definitief te veroveren.
Uit Frankrijk ontving men de inschrijving van de specialist fondzwemmer (schoolslag) Jedinger uit Metz en 4 zwemmers van de CH Mulhouse.
Duitsland vaardigt vier vrije slagzwemmers af van de SV Westfalen Dortmund terwijl ook Luxemburg vertegenwoordigt is door 4 zwemmers van Dudelange.
Bij de Belgische deelnemers dienen vermeld : de Belgische rekordhoudster Alice Van Nooten die reeds in 1958 en 1959 zegevierde.  Verder Liliane Mampuy.  In schoolslag heren o.m. Bruno Deheselle van AZC, de doelman van de nationale waterpoloploeg en Longueval van Doornik.  In vrije slag heren treffen wij een sterk AZC-trio aan alsmede een sterke Gentse ploeg.
 

Van Brugse zijde werden volgende namen medegedeeld : Martine De Ghesele (vrije slag) en Yvette Lauwers (schoolslag).  Bij de heren Guido Maes, Germain Rotsaert, André Jaque en Jan Blondelle, allen in schoolslag.
Tevens is een prachtig afwachtingsprogramma voorzien onder vorm van een tweekamp Brugse Zwemkring – Schw. Club Poseidon Koblenz.  Deze wedstrijd gaat over de klassieke afstanden en wordt omlijst door verscheidene proeven voor BZK-jongeren.  Ook 2 aflossingswedstrijden wisselslag en vrije slag voor de waterpolospelers staan op het programma.  

Cerle Brugge KSV

Tot slot twee waterpolowedstrijden nl. BZK II – GZV II en BZK I – Poseidon Koblenz.
Prijzen der plaatsen : deze worden gezien het selekt internationaal gezelschap zeer laag gehouden : 5, 10 en 15 frank.”

De zwemwedstrijd Damme – Brugge lokt jaarlijks heel wat kijklustigen.  Hier een zicht op de talrijke zwemmers (in Damme) tijdens de 93steeditie (2015) (bron foto : Krant van West-Vlaanderen).

 

(Marnix Knockaert)

Gerelateerde nieuwsberichten

Cerle Brugge KSV
Cercle en Brugge door de jaren heen… (deel 218)

(periode van 31-12-1960 -> 07-01-1961)


Cercle

De groen-zwarten zaten in een dipje, dat was het minste wat over de huidige toestand kon gezegd worden.  Verloren op FC Mechelen (2-1) en thuis slechts gelijk gespeeld tegen Sporting Charleroi (2-2).  Na de goede resultaten eerder was dit een koude douche.  Hoog tijd dus om het in de volgende thuiswedstrijd, tegen Racing Doornik, over een andere boeg te gooien.  De hamvraag was uiteraard of deze theorie vlot in de praktijk kon omgezet worden.  “Vic Bergh” trok in opdracht van “Het Brugsch Handelsblad” richting Edgard De Smedtstadion.  Zou hij er getuige van zijn dat Cercle de gunstige kentering inzette of bleven de groen-zwarten in hetzelfde bedje ziek ?

“Cercle Brugge – Racing Doornik 0-0 : Cercle zonder doelschutters” : “Toen Cercle, spijt een doorlopende meerderheid er maar niet in slaagde de stug versterkte en gesloten Doornikse verdediging uit elkaar te krijgen en na ruim een uur spel nog steeds vruchteloos achter een doelpunt zocht, hoorden we de zo verkleefde en steeds luid aanmoedigende Maurice Bonte (alias Chareltje Mentebolle) met overtuiging roepen : “Het zal weer in het laatste kwartier moeten gebeuren”.  En inderdaad, naarmate het einde naderde van deze snel en hardbetwiste wedstrijd, nam de lokale druk op het Waalse doel nog toe, stuwde Perot onvermoeibaar zijn maats in de aanval en nam hij de Racingkeeper op de korrel.  Maar alles bleef vruchteloos, tegenover de vaak treuzelende en pingelende Brugse aanvallers namen de numeriek sterkere geel-zwarte verdedigers niet het minste risico en ruimden alles ongenadig hard en ver weg.  Zoals Charleroi de week tevoren, bereikte ook Racing Doornik thans haar doel door de lokalen in bedwang te houden en een kostbaar puntje te ontfutselen dat we, niettegenstaande de afgetekende Cerclemeerderheid, niet eens onverdienstelijk kunnen noemen.  Tegenover de opnieuw falende groen-zwarte voorlijn, die het zelden tot een snedige en gave doordrijvende actie bracht, huldigden de gasten een stevig versterkt “safety first”, dat weliswaar af en toe enkele gaten vertoonde en hard op de proef werd gesteld, maar vooral dank zij de effenaf puike keeping van Liénard, kranig standhield tot het einde.  Dit nieuw kostelijk verliespuntje mag gerust weer op de rekening van de lokale voorhoede geschreven worden, die nooit de juiste tred vond tegen een nochtans te kloppen bezoekende defensie en andermaal opvallend inspiratie, slagvaardigheid en zelfs samenhang miste, om dan nog niet te spreken van de onvoldoende schotvaardigheid en slordige afwerking.  We zien waarlijk niet goed in wie van de Cercleforwards zondag een doelpunt had kunnen scoren, al kwam het voorbeeld nog zo treffend van André Perot die de enige met schietpoeder in de schoenen was, maar een bijna onklopbare Liénard op zijn weg vond !  Hier werd heel treffend aangetoond dat de Brugse voorlijn niet meer bij de zaak is en vruchteloos de verloren forme aan het zoeken is.  De verpersoonlijking van dit falen vindt men in het presteren van Bailliu, die normaal de motor is van de voorhoede waarrond gans de aanvalsactie draait, maar die thans maar niet op gang geraakte.  Gilbert werkte en draafde wel als niet één en trachtte zich doorlopend vrij te spelen, zonder nochtans ooit de juiste tred of opening te vinden.  Als men er aan toevoegt dat zijn nevenmaats al te uitdrukkelijk op hem speelden en de verantwoordelijkheid van het besluiten meestal aan hem overlieten, zal het niemand verwonderen dat er weinig van terechtkwam.  Notteboom bleek evenmin op dreef en miste dan nog “de” kans van de wedstrijd toen hij door Perot vrij in het straatje werd gezonden en alleen voor doel nog ver naast plaatste.  Daels kende enkele goede flitsen maar miste regelmaat in zijn presteren en vooral preciesheid in zijn doelschieten.  Michiels van zijn kant acteerde heel ijverig tussen de lijnen, maar het ontbrak hem aan de juiste pas.  Ten slotte was er vooraan nog de jeugdige Flamée die zijn debuut deed als linksbuiten, daar waar hij in reserve meestal als kanthalf of inside optreedt.  Zijn eerste helft was heel bevredigend, want hij speelde goed op zijn lijn, gaf verzorgde passen weg en dreef enkele goede doelpogingen door, maar na de rust was het beste er bepaald van af.  Hij ging mee op in het treuzelend en te persoonlijk spel van de andere voorspelers en verbrodde zodoende tal van goed opgezette acties.  In Flamée zit er gewis stof van een flinke voetballer, alhoewel er nog heel wat dient geschaafd…  Toch achten we dit experiment niet mislukt en we zouden hem gerust nog een nieuwe kans geven.  Zonder volledig te overtuigen, kon Cercle in haar geheel toch beter bevredigen dan tegen Charleroi, die trouwens iets hoger dan Doornik mag aangeschreven worden.  Zondag zat er beslist meer geestdrift en zegewil in het acteren der groen-zwarten, maar het falen van de voorlijn en een zekere vermoeidheid en loomheid die op gans de ploeg en haar presteren weegt ontzegde hen een mogelijke overwinning.  Als we spreken van vermoeidheid, dan baseren we ons hiervoor bijzonder op de verklaringen van de Cerclespelers zelf, die achteraf betoogden dat de inspanningen die reeds sinds 15 augustus bijna zonder onderbreking geleverd werden en de zware velden, terdege de reservekrachten van menig groen-zwarte acteur hebben aangetast.  En dat moet wel zo zijn, want de goede wil van alle spelers ten spijt om toch maar de zege uit het vuur te slepen, viel het op dat zulks niet voldoende was om de beslissing af te dwingen.  Dat tikje macht en snelheid dat nodig is om een aanval succesvol door te voeren ontbrak hetgeen de fysiek sterke tegenstrevers toeliet steeds gepast het gevaar te keren.  De halflijn was nog de enige die hierop een uitzondering maakte.  Perot was immers onvermoeibaar zowel in het verweer als in het opbouwen, alhoewel zijn slordig aangeven ook heel wat inspanningen deed teloor gaan.  Na de rust speelde hij trouwens voluit de aanval en was quasi de enige om op doel te schieten.  Meer sober maar even effectief was De Caluwé maar ook zijn ultiem vooruitstuwen leed schipbreuk.  De beste lokale speler was echter Baas die kalm en beheerst alles afstopte en ook zijn ontzetten tot in de puntjes verzorgde.  De sympathieke Sluisenaar heeft weer volop zijn zelfvertrouwen teruggevonden, hetgeen vast en zeker aan de basis ligt van zijn flink verbeterd en betrouwbaar presteren.  Noch Mortier, noch Serru, noch Roje kan ten slotte iets aangewreven worden, al moeten we Marin nogmaals waarschuwen voor zijn soms al te flegmatiek optreden, hetgeen ei zo na zelfs een doelpunt kostte.  Van de Cerclekeeper onthouden we zijn mooie save op het ver verrassend schot van J. Leblancq terwijl hij voor de rest een eerder rustige namiddag beleefde.  Kunnen we het betreuren dat de groen-zwarten voor de tweede opeenvolgende maal een kostbaar puntje verspeelden, dan willen wij hen hiervoor geen steen werpen.  Morgen kunnen zij genieten van een verdiende rustdag die hen hopelijk weer helemaal zal heropknappen om dan met nieuwe krachten en nieuwe moed de beslissende terugronde aan te vatten.  Kan Cercle in de komende matchen de nodige geestdrift en allesgevende zegewil opbrengen, dan is nog niets verloren en blijven haar promoveringskansen gaaf.  Maar dan zal er niets, volstrekt niets aan het toeval mogen overgelaten worden !”.

Technische  krabbels…
Cercle Brugge – Racing Doornik  0-0


- opkomst : 4.000 toeschouwers.
- terrein : iets glibberig.
- weersgesteldheid : betrokken en regenachtig.
- leiding : ref. Hannet, behoorlijk.
- fair-play : tamelijk correct.
- corners : Cercle 7, Doornik 1.
- Cercle : Mortier, Roje, Serru, Perot, Baas, De Caluwé, Notteboom, Daels, Bailliu, Michiels,
  Flamée.
- Racing Doornik : Liénard, Gaillet, Liégeois, J. Leblanc, Timmermans, G. Leblanc,
  Mangain, Rivière, Debaissieux, Baert, Deneubourg.

Lees meer
Cerle Brugge KSV
Cercle en Brugge door de jaren heen… (deel 217)

(periode van 17-12-1960 -> 24-12-1960)


Cercle

Na het puntengewin van de laatste weken zagen de groen-zwarten het helemaal zitten om hun komende tegenstander, FC Mechelen, in de ogen te kijken.  Nochtans waren de Mechelaars voor de Bruggelingen vaak een struikelsteen.  Cercle stond ondertussen helemaal bovenaan, Mechelen daarentegen bengelde op de negende plaats.  Maar zou dit verschil in de klassering ook tot uiting komen op het veld ?  “Veritas” was de gelukkige om in opdracht van “Het Brugsch Handelsblad” mee te reizen naar “Achter de Kazerne”.  Zou hij er getuige van zijn hoe Cercle zijn zegetocht verder zette of zou het uitdraaien op een anticlimax ?

“F.C. Mechelen – Cercle Brugge 2-1 : Vlug lokaal succes werd Cercle fataal !” : “Het moet zijn dat het terrein achter de Mechelse kazerne de groen-zwarten niet gunstig gestemd is, want de herinnering aan de fameuze testmatch tegen Eisden ligt nog vers in ieders geheugen –wat John Saeys iedere keer wij van ver of nabij dit veld benaderen, dringend om één minuut stilte doet vragen– of daar wordt Cercle alweer met ’n nederlaag huiswaarts gestuurd.  Wij moeten dat puntenverlies, dat het vroege lokaal succes tot grondslag heeft, echter geenszins dramatiseren, want van al de onmiddellijke achtervolgers is er geen enkele in geslaagd de volle buit in de wacht te slepen zodat –zoals Robert Braet gevat opmerkte– het moreel van de groen-zwarten absoluut niet aangetast is.
Beslissende blitzstart van de maneblussers : de wedstrijd begon waarlijk op catastrofale wijze voor de Bruggelingen : pas had referee Van Hellemont het sein voor de aftrap gegeven, of de Mechelaars nestelden zich reeds voor de kooi van Mortier.  De pittige lokale aanvalsleider Michiels trachtte langs de rechterflank door te breken waar Demey een raté van formaat weggaf en dan maar de situatie trachtte recht te trekken door een foutieve sliding.  Men kwam hierdoor echter van de regen in de drup want de toegestane vrijschop werd door de oud-Lierse speler Sels genomen en deze trakteerde Mortier op een autenthieke Lierse vlaai dat de bal reeds achter hem in het net lag alvorens de Cerclejongens zich hadden opgesteld !  Malinois probeerde de beslissing af te dwingen en de éénarmige en steeds gevaarlijke Tuyaerts liet de nonchalante Roje een paar keren ter plaatse, zodat de alarmklok bestendig luidde in het groen-zwarte kamp.  Gelukkig hield Mortier, die wel een tikje schuld had aan het openingspunt, thans het hoofd koel, zodat het geen herhaling werd van het Merksem-avontuur.  Toch bleven de Cercleverdedigers vlotten en eer de eerste 10 minuten om waren zat nr. 2 reeds in de kas.  Bij de derde lokale corner zond Sels hoog voor doel waar Demey met het hoofd wilde ontzetten, doch de bal doorliet voor de roepende Roje die evenwel verrast werd.  Het leder belandde op de dijen van de onthutste Perot en huppelde vandaar in de voeten van Van Bulck die ongenadig besloot.  Als we er dan nog bijvoegen dat we in deze periode vijf gloeiende kogels noteerden van het Mechels trio Sels-Michiels-Tuyaerts, wijst zulks voldoende op de overrompelende aanhef der Maneblussers.  Toch lieten de groen-zwarten zich niet onbetuigd want ook zij kregen twee doelrijpe kansen voor de voeten, doch Daels, nochtans zeer actief, miste telkens van een niet de goede richting.  Na deze stormloop van de Mechelaars, ging de wedstrijd verder gelijk op, met Cercle technisch de betere, doch zonder veel geestdrift, precies of zij legde zich reeds neer bij de nederlaag.  Het dient echter ook gezegd dat er geen greintje geluk mee gemoeid was, want zowel Notteboom als Daels besloten rakelings naast, toen keeper Jacobs geklopt scheen, terwijl Gilbert Bailliu zeven minuten voor het einde op de dwarslat kanjerde.  Het was dan ook maar een magere troost, toen dezelfde Cerclespeler op enkele seconden voor het affluiten, na een onbeschrijflijk geharrewar, de bal over de doellijn kon duwen.
Groen-zwarten zijn weerwraak verschuldigd : voor acht dagen, bij gelegenheid van de verplaatsing naar Tilleur, waren de Cerclespelers reeds om half elf in de “Londres” gevraagd voor het diner, zodat zij op het ogenblik van de aanvang, uitgehongerd waren, bij zoverre dat toen de scheidsrechter besliste de match uit te stellen, allen zonder uitzondering op de mand belegde broodjes vlogen en deze in een oogwenk volkomen leeggeplunderd was.  Het moet zijn dat zondag misschien te veel gegeten werd in het Cerclelokaal, want de meeste spelers verschenen lui en zonder veel overtuiging op het veld en het ware voor ons bijna een onmogelijke taak uit deze wedstrijd uitblinkers te halen : stuk voor stuk hebben wij de groen-zwarten reeds beter gezien dit jaar en vooral in de defensie liep het dikwijls mank.  Bovendien toonden de aanvallers niet de minste schotvaardigheid, zodat wij gerust mogen besluiten dat allen ons een flinke revanche verschuldigd zijn.  De minst slechten waren o.i. Mortier –buiten zijn plaatsingsfout bij het eerste doelpunt– en Bailliu, die zich afsloofde om vaart in het Cercleteam te brengen, doch er helaas niet in gelukte…  Nu Cercle voor drie opeenvolgende thuiswedstrijden staat, resp. tegen Sporting Charleroi, Racing Doornik en Diest, hopen wij dat de Brugse supporters hun jongens flink zullen blijven steunen, om het maximum aantal punten aan huis te houden.  Op een ogenblik dat alle kopploegen om beurten punten verliezen, kunnen de groen-zwarten zich stevig op kop werken en aldus DE kans grijpen, derde keer MOET goede keer zijn, Cercle !”

Technische  krabbels…
F.C. Mechelen - Cercle Brugge  2-1

- opkomst : 4.500 toeschouwers.
- terrein : zwaar, maar goed bespeelbaar.
- leiding : ref. Van Hellemont, kon bevredigen.
- corners : Mechelen 9, Cercle 12.
- doelpunten : 1’ Sels 1-0, 10’ Van Bulck 2-0, 89’ Bailliu 2-1.
- F.C. Mechelen : Jacobs, Borremans, Geets, De Moor, De Koster, Dehoef, Sels, Dockx, Michiels, Van Bulck, Tuyaerts.
- Cercle : Mortier, Roje, Serru, Perot, Baas, Demey, Notteboom, Daels, Bailliu, Michiels, De Caluwé.

Een derde van de competitie was afgewerkt en de conclusie mocht getrokken worden dat de ploegen die elkaar bekampten met de promotie als inzet, sterk aan elkaar gewaagd waren.  Tussen het nummer één, Cercle, en het nummer elf, FC Mechelen, waren er slechts vier punten verschil.  In een tijd dat een overwinning (slechts) twee punten opleverde betekende dit dat twee winstmatchen of twee verlieswedstrijden de klassering konden doen kantelen…

1. Cercle (15 punten), 2. SK Sint-Niklaas (14), 3. FC Turnhout (14), 4. FC Beringen (14), 5. FC Diest (13), 6. UR Namen (13), 7. SC Charleroi (12), 8. Racing Doornik (12), 9. Berchem Sport (12), 10. Kortrijk Sport (11), 11. FC Mechelen (11), 12. White Star (9), 13. Olse Merksem (8), 14. Racing Club Brussel (8), 15. Lyra (6), 16. FC Tilleur (4).


De groen-zwarten hadden, na de misstap in Mechelen, één en ander recht te zetten wilden zij hun kansen op promotie gaaf houden.  Dat betekende zonder meer dat met de volgende tegenstander, het zevende gerangschikte Sporting Charleroi, korte metten moest gemaakt worden.  De Henegouwers moesten simpelweg voor de bijl !  Of de praktijk even simpel zou blijken als de theorie moesten we nog eventjes afwachten.  Er werd alvast een vooruitblik geworpen op de komende wedstrijd : “Cercle – SC Charleroi : voor deze kapitale ontmoeting zou naar verluidt de Cercleploeg lichtjes gewijzigd worden door het heroptreden van Willy Lambert, terwijl Demey dan toch de plaats zou moeten ruimen voor De Caluwé.  Merken we evenwel op dat de samenstelling van hiernavolgend elftal slechts officieus is : Mortier, Roje, Serru, Perot, Baas, De Caluwé, Notteboom, Daels, Bailliu, Lambert, Michiels.”

“Vic Bergh” mocht richting Edgard De Smedtstadion stappen om er voor “Het Brugsch Handelsblad” zijn bevindingen aan het papier toe te vertrouwen.

“Cercle Brugge – S.C. Charleroi 2-2 : Groen-Zwarten spelen met vuur…” : “Wie zondag Cercle in actie heeft gezien tegen Charleroi, zal beslist met ons bekennen dat zij er niet veel van terecht gebracht heeft en opnieuw een kostbaar puntje te grabbel gooide.  Het scheelde zelfs geen haar of het werden er twee, want met nog amper enkele minuten te spelen waren er zeker nog weinig toeschouwers, zelfs van de hardste supporters, die nog op enige puntenoogst rekenden.  Beslist, deze in de lucht hangende tweede thuisnederlaag ware niet verdiend geweest, omdat de groen-zwarten in deze belangrijke wedstrijd doorlopend technisch en territoriaal baas waren geweest tegen een Waalse ploeg die van meet af door een stug defensief een puntendeling speelde.  Maar het kan evenmin geloochend dat de lokalen hierbij niet van de nodige beslistheid en doordrijvendheid blijk gaven om een voor de hand liggende zege te wettigen.  Het voorbeeld kwam nochtans van Charleroi, die spijt haar verdedigende tactiek met haar scherpe uitvallen langs de puntspelers heel wat meer gevaar schepte voor het Brugse doel dan dit het geval was langs de andere zijde.  Maar de Waaltjes hanteerden vooral de wapens snelheid en directheid, hetgeen schril afstak met het traag, treuzelend en lateraal evolueren der thuisspelers, die hiermede in het oude en weinig renderend euvel hervielen.  De groen-zwarten, en dan vooral de aanvallers, speelden weer eens met vuur en zonder het allesgeven van Perot hadden zij zich opnieuw lelijk verbrand.  Thans kon op het nippertje de schade nog beperkt worden, want toen de Gentenaar van tegen de zijlijn een free-kick voor het bezoekende doel lobde, ‘knikte’ Bailliu dan toch de gelijkmaker tegen het net.  Velen slaakten een zucht van verlichting omdat dan toch één puntje werd gered maar allen kwamen er rond voor uit dat Cercle het zeker anders aan boord zal moeten leggen om haar promoveringsdromen in vervulling te zien gaan…”

Technische  krabbels…
Cercle Brugge – S.C. Charleroi 2-2

- opkomst : 4.500 toeschouwers.
- terrein : uitstekend bespeelbaar.
- weersgesteldheid : zware mist.
- leiding : ref. Van Gysegem, bevredigend.
- fair-play : weinig aan te merken.
- corners : Cercle 6, Charleroi 3.
- doelpunten : 12’ De Valerio met een 30-meter schot 0-1, 20’ Mazzoleni werkt onvoldoende ’n rake kanjer van Lambert weg en Notteboom schuift binnen 1-1, 71’ Bertoncello op voorzet van Kabya 1-2, vrijschop van Perot en kopstoot van Bailliu 2-2.
- Cercle : Mortier, Roje, Serru, Perot, Baas, De Caluwé, Notteboom, Lambert, Bailliu, Michiels, Daels.
- S.C. Charleroi : Mazzoleni, Collard, Kossowski, A. en P. Prevot, Vanderwijt, Kabya, Spaute, De Valerio, Van den Bossche, Bertoncello.


Ook tegen Sporting Charleroi viel er onverwacht en onwelgekomen puntenverlies te noteren.  Geen enkele ploeg mocht, ook toen niet, ongestraft knoeien met de punten zonder dat het gevolgen had.  Cercle moest dan ook de leidersplaats afgeven aan F.C. Beringen omdat de Limburgers één wedstrijd meer gewonnen hadden.  Na deze speeldag zag de klassering er als volgt uit : 1. FC Beringen (16 punten), 2. Cercle (16), 3. FC Diest (15), 4. FC Turnhout (14), 5. SK Sint-Niklaas (14), 6. Berchem Sport (14), 7. SC Charleroi (13), 8. UR Namen (13), 9. Racing Doornik (13), 10. Kortrijk Sport (11), 11. FC Mechelen (11), 12. Olse Merksem (10), 13. Racing Club Brussel (10), 14. White Star (9), 15. Lyra (7), 16. FC Tilleur (6).

De volgende speeldag bracht voor Cercle een tweede opeenvolgende thuiswedstrijd met zich mee.  Tegenstander van dienst was het negende gerangschikte Racing Doornik.  De Bruggelingen konden zich absoluut geen nieuw puntenverlies permitteren.  Maar de Henegouwers telden slechts drie punten achterstand en zouden zich beslist niet als een hapklaar brokje aanbieden.  De groen-zwarten verkochten dus best niet het vel voor de beer geschoten was…
Traditiegetrouw werd er alvast een korte blik geworpen op de komende match : “Cercle – Racing Doornik : voor de komende thuiswedstrijd van morgen zondag tegen RC Doornik, die hopelijk een meer overtuigende prestatie der groen-zwarten zal meebrengen, zal waarschijnlijk de hiernavolgende ploeg ongewijzigd in het veld komen : Mortier, Roje, Serru, Perot, Baas, De Caluwé, Notteboom, Daels, Bailliu, Lambert, Michiels.”

Wie meestal, om niet te zeggen altijd, de situatie in een pennentrek en een raak woord kon omschrijven, was “Dani”.  In zijn “Bonte Beelden…” ontsnapte niets of niemand aan zijn scherpe opmerkingszin.  Ook Cercle was af en toe eens het mikpunt van zijn milde spot :
 

Lees meer
Cerle Brugge KSV
Cercle en Brugge door de jaren heen… (deel 216)

(periode van 26-11-1960 -> 10-12-1960)


Cercle

Een verplaatsing naar Berchem Sport was nooit te onderschatten.  De Rooiploeg stond er om bekend over een stugge defensie te beschikken en maakte het, zeker in eigen huis, de meeste tegenstanders zeer moeilijk.  Berchem telde bovendien slechts één puntje achterstand op Cercle zodat Brugs verlies haasje-over in de klassering betekende.  Wilden de Bruggelingen de rol niet lossen dan deden ze er best aan om minstens een gelijkspel te behalen.
“Veritas” was voor “Het Brugsch Handelsblad” de reporter van dienst en spoorde op die bewuste zondag vol goede moed richting Berchem…   

“Berchem Sport -  Cercle Brugge 1-2 : Het groen-zwarte systeem klopte perfect…” : “Het moet zijn dat Gerard Versyp een goede “mascotte” voor Cercle is, want telkens de “Bond” hem een zondagje vrijaf geeft, is onze internationale ref er natuurlijk bij voor de wedstrijden van zijn poulains.  Nu wil het toeval, dat hij twee opeenvolgende zondagen in de gelegenheid was de Brugse groen-zwarten te vergezellen op gevaarvolle verplaatsingen naar Kortrijk en Berchem, en zij dan ook iedere keer met de volle buit terugkeerden.  Nu beweren sommige insiders dat Cercle bij Gerard zal aandringen om verlof aan te vragen, elke keer als Cercle een moeilijke uitwedstrijd te spelen heeft…  Wat er van waar is, dat zal de toekomst wel uitwijzen.  Intussen hebben de groen-zwarten alweer een lastige uitstap tot een goed einde gebracht en meteen hun mogelijke titelambities kracht bijgezet.  En als wij even de film van de match te Berchem opnieuw voor onze ogen laten afrollen, stellen wij vast dat er “iets” bij Cercle veranderd is.  En dit “iets” is voornamelijk het moreel dat Cercle vroeger zo dikwijls parten speelde, de tijd dat zij bij de minste achterstand, en vooral dan op verplaatsing, alle moed verloor, is nog niet zo ver af…  Daar is alvast een ommekeer gekomen : de ploeggeest is uitstekend geworden en de inschakeling van bvb. een Daels en een De Caluwé, om maar deze twee te noemen, werkt beslist stimulerend op hun ploegmakkers.  Ook het thans opgelegde systeem zit er wel voor een deel tussen : in plaats van het vroegere gepingel en het veel te lateraal spel, werd deze spelwijze totaal over boord gegooid.  Het werd een integrale 4-2-4 waarbij het middenveld veelal prijs wordt gegeven en met snelle en verrassende tegenaanvallen wordt uitgepakt.  Dat de vlugge Notteboom en de verbazende Eric Daels hierbij de voornaamste troeven van het nieuwe Cercle worden, laat zich gemakkelijk raden.”

Technische  krabbels…
Berchem Sport - Cercle Brugge  1-2

- opkomst : 2.000 toeschouwers.
- terrein : glad doch goed bespeelbaar.
- weersgesteldheid : regen en daarna overtrokken.
- leiding : ref. Geluck, niet van kritiek vrij te pleiten.
- fair-play : liet van lokale zijde wel wat te wensen over.  Na de wedstrijd leek de Cercle-
  kleedkamer op een ziekenzaal, want de scheenbenen van Lambert, Notteboom, Michiels,
  Daels en Demey vertoonden duidelijk de sporen van de al te harde contacten met de
  Berchemspelers, bij wie vooral Vercammen het mes hanteerde.
- corners : Berchem 5, Cercle 2.
- doelpunten : 7e minuut : na een daverende lokale inzet speelde Verfaillie door aan Van
  Dijck die Lippeveldt met een through-pass bediende ; deze draaide rond Serru en was de
  uitlopende Mortier met een schuiver te vlug af, 1-0 – 23e minuut : bij een aanval langs De
  Caluwé – Michiels spurtte Daels in het gat en hoewel hij foutief ten val gebracht werd, kon
  de Wevelgemnaar toch nog doorspelen naar Lambert, die een eerste keer op de
  Berchemmuur besloot, doch kon hernemen en zijn schot door Vets zag afgeweerd worden op
  het been van Vercammen voorbij de onthutste doelman, 1-1 – 64e minuut : een free-kick
  word door Lambert tot bij De Caluwé geschoven, die van ver zijn kans waagde ; ’t schot
  veranderde enigszins van richting door Degroote, zodat de verraste Van Looy niet meer bij
  de bal kon, 1-2.
- Berchem Sport : Van Looy, Cools, Vercammen, Degroote, Vets, Everaert, Lippeveldt,
  Verfaillie, Rossen, Van Dijck, Pollet.
- Cercle : Mortier, Roje, Serru, Perot, Baas, Demey, Notteboom, Daels, Michiels, Lambert,
  De Caluwé.


Winnen zonder ook maar één doelpunt te scoren, ook dat is een kunst die tot het voetbal behoort.  Berchem Sport had drie doelpunten aangetekend en ging toch met 1-2 de boot in…  “Dani” had dit uiteraard ook opgemerkt en, hoe zou het ook anders kunnen, er een leuk “bont beeld” van gemaakt :

Lees meer
Cerle Brugge KSV
Cercle en Brugge door de jaren heen… (deel 215)

(periode van 12-11-1960 -> 19-11-1960)


Cercle


Na de onverwachte zege tegen leider FC Turnhout hoopte elke Cerclefan uiteraard dat er tegen middenmoter SK Sint-Niklaas een verlengstuk aan het succes zou gebreid worden. Maar konden de groen-zwarten ook bevestigen ?  Het gebeurde wel eens meer dat de Bruggelingen wonnen als niemand het verwachtte maar het zou ook niet de eerste keer zijn dat zij de boot ingingen als niemand het voor mogelijk hield.
“Vic Bergh” trok die zondagnamiddag alvast richting Edgard De Smedtstadion om er voor “Het Brugsch Handelsblad” zijn bevindingen aan het papier toe te vertrouwen.   

“Cercle Brugge – S.K. Sint-Niklaas 0-1 : Cercle gaf vroeg Sint-Niklaasgeschenk !” : “Na de memorabele wedstrijd tegen FC Turnhout, waarin de groen-zwarten zich voor eenmaal op hun best toonden, werd het verleden zondag voor de trouwe Cercle-aanhangers weer eens een grote teleurstelling.  Niet zozeer het feit dat Cercle op eigen veld een eerste nederlaag opliep tegen een verrassend goede St-Niklaasploeg, ontstemde de lokale supporters, dan wel de wijze waarop domweg de zo kostbare twee punten als ’t ware werden weggesmeten…  Reeds voor de wedstrijd was er ten alle kante kritiek over de opstelling van de Brugse ploeg waarbij men er niets beter op gevonden had dan de zgz. “zieke” Roje op de backplaats te vervangen door Demey !  Iedereen die de matchen van Cercle van nabij volgt weet immers dat laatstgenoemde speler dit seizoen nog niet boven kwam en zijn vervanging zich reeds een hele tijd opdrong, wat wegens duistere redenen nog niet gebeurde.  Waar de anders zo sympathieke Oostkampenaar als half niet overtuigde, was het op zijn minst onverantwoord hem als achterspeler in lijn te brengen, iets waarmee men zowel de speler in kwestie als Cercle zelf een heel slechte dienst bewees.  De logica eiste in de eerste plaats de onbeschikbare Roje door de reserveback Van Vlaenderen –die de week tevoren tegen Roeselare trouwens goed zijn man had gestaan– te vervangen.  Maar neen, men leende zich liever tot een experiment waarvan men bij voorbaat wist dat er heel wat risico’s aan verbonden waren.  Het matchverloop heeft dat trouwens op treffende wijze bevestigd.  De Brugse verdediging rammelde dat het een aard was en zonder de onvermoeibare activiteit van Perot en Michiels, het brio van Mortier en… het slecht afwerken van de Waaslandse voorspelers, had het best een ramp kunnen worden.  Thans moest men tot 10 minuten voor het einde wachten om de gasten het enige doel van de partij te zien skoren, waarmee zij verdienstelijk de volle inzet wegkaapten.  De grove selectieflater had het hen echter heel wat vergemakkelijkt, zodat we gerust mogen zeggen dat Cercle en trainer Delfour een maand te vroeg aan hun tegenstrevers een St-Niklaasgeschenk uitreikten.”


Technische  krabbels…
Cercle Brugge – S.K. Sint-Niklaas  0-1


- terrein : uiterst glibberig en na de rust modderig.
- weersgesteldheid : betrokken en af en toe felle regenvlagen.
- opkomst : 6.000 toeschouwers.
- leiding : ref. Van Nuffel, goed, maar miste verantwoordelijkheidszin om de flagrante fout
  tegen Perot te bestraffen.
- fair-play : weinig aan te merken.
- corners : Cercle 9, St-Niklaas 6.
- het doelpunt : 80e min. : terwijl Demey en Baas passief lieten begaan, kan Van Dorselaer
  vrij en scherp boven de lichtjes uitgelopen Mortier binnenknallen.
- Cercle : Mortier, Demey, Serru, Perot, Baas, Michiels, Notteboom, Lambert, Bailliu, Daels,
  De Caluwé.
- Sint-Niklaas : Vereecken, Struyf, Janssens, Piessens, Ommeganck, Verleysen, Zaman,
  Beyers, Mariman, Van Dorselaer, Maes.


Na acht wedstrijden stond Kortrijk Sport op de eerste plaats met 11 punten, FC Beringen totaliseerde eveneens 11 punten maar omdat de Limburgers een verlieswedstrijd meer hadden stonden zij pas tweede.  S.K. Sint-Niklaas was na de zege op Cercle opgeklommen naar de derde plaats (10 punten) terwijl de groen-zwarten nu op de zevende stek stonden met negen punten.

De onbegrijpelijke opstelling van Demey als achterspeler zorgde voor heel wat commotie bij de Brugse voetbalsupporters.  Uiteraard was “Dani” er als de kippen bij om een “Bont beeld” van wat leefde bij de Cerclefans in “Het Brugsch Handelsblad” te laten publiceren…

Lees meer