koop tickets online

Cercle en Brugge door de jaren heen… (deel 209)

(periode van 10-09-1960 -> 10-09-1960)


•    Cercle

De tijd van de oefenwedstrijden zat er op.  Nu kwam het serieuze competitiewerk er aan.  Een competitie waarin de groen-zwarten een rol van betekenis wilden spelen met een promotieticket als ultieme beloning.  De weg was lang en meerdere ploegen deden graag een gooi naar de promotie maar ook elftallen die tegen de degradatie vochten konden punten kosten.  En zelfs tegen ploegen waarvan georakeld werd dat ze niets te winnen of te verliezen hadden keek je maar best uit.  De lange weg naar Eerste klasse was overduidelijk bezaaid met heel wat wolfijzers en schietgeweren…
Om het eerste elftal een hart onder de riem te steken had de reservenploeg alvast geprobeerd het goede voorbeeld te geven : ze hadden de reserven van F.C. Diest een 4-0 oplawaai verkocht : “Vorige zaterdag boekten de Cerclereserven een vlotte 4-0 zege tegen Diest.  Met drie doelpunten schoot de oud Sporting Charleroi-midvoor Lambert zich op het voorplan, maar de grote uitblinker was ontegensprekelijk de Wevelgemnaar Eric Daels.”   

De reserven hadden getoond hoe het moet maar het eerste elftal moest nu nog de theorie omzetten in praktijk…


“F.C. Diest – Cercle Brugge 2-2 – Fatale penalty zes minuten voor tijd…” : “Er waren nog amper 6 minuten te spelen en Cercle stond nog steeds met 1-2 aan de winst, toen de ver naar achter opererende lokale rechtsbuiten Maes zijn zoveelste hoge voorzet naar Mortier’s kooi zond.  En weer lieten de supporters hun mistevredenheid horen, want de center was eens te meer veel te dicht bij het doel gegeven, waar Mortier hoog opspringend de bal met de beide vuisten wegbokste.  Op hetzelfde ogenblik beging Roje echter een even dwaze als nutteloze haakfout op de toespringende Van Roosbroeck…
“Penalty !” huilde naast mij de Diesterse trainer Marcel Vercammen en terzelfdertijd floot scheidsrechter Van Gijsegem, terwijl hij kordaat naar de elfmeterstip wees.  Meteen kreeg Jefke Van Camp gelegenheid om de stand te effenen, want alhoewel vrij slecht gegeven, belandde de bal toch tegen de touwen, daar Mortier de verkeerde hoek gekozen had…  En evenals verleden jaar tijdens de eerste kompetitiewedstrijd, verloren de groen-zwarten opnieuw een punt door een “onnozele” strafschop !  Wedden dat Roje nog vaak aan die eerste wedstrijden zal terugdenken ?
Toch dient het gezegd dat die puntendeling de getrouwe weergave is van het geleverde spel.  Toonde de Diest-aanval zich heel wat bedrijviger dan de eerder slappe Brugse voorhoede, dan stond de trapvaste Cercle-defensie veel steviger te been dan haar wit-zwarte overburen, zodat het gelijk spel ongetwijfeld iedereen (of niemand) zal bevredigd hebben.”

Technische krabbels…

F.C. Diest – Cercle Brugge 2-2


- opkomst : 2.500 toeschouwers.
- weersgesteldheid : om beurten regen en zon.
- terrein : goed doch gras veel te lang.
- fair-play : niets te melden.
- leiding : ref. Van Gijseghem, goed.
- corners : Diest 6, Cercle 4.
- doelpunten : 47’ Van Roosbroeck 1-0, 67’ Buyse 1-1, 80’ Bailliu 1-2, 84’ Van Camp
  (penalty) 2-2.
- F.C. Diest : Goeleven, Drijvers, Bos, Greeven, Verdonck, Saenen, Maes, Van Camp,
  Boeckx, Van Roosbroeck, Van Rompay.
- Cercle : Mortier, Roje, Serru, Perot, Baas, Demey, Locskai, Buyse, Bailliu, Michiels,
  Gerard.

Wij weten het reeds van vorige gelegenheden maar ‘Dani’ was er in ‘Het Brugsch Handelsblad’ altijd als de kippen bij om bijzondere gebeurtenissen van de afgelopen week in een ‘bont beeld’ vast te leggen.  De penaltyfout van Marin Roje, zes minuten voor tijd, die Cercle uiteindelijk een waardevol punt zou kosten was voor ‘Dani’ dan ook een dankbaar onderwerp :

En natuurlijk geen ‘bont beeld’ zonder een korte begeleidende tekst : “Cercle haalde op Diest toch een punt.  Niettemin geraakte Roje voor zijn eerste match toch reeds verzeild in een strafschophistorie.  Van een specialist op dit gebied gesproken.”

Cerle Brugge KSV

De volgende wedstrijd leverde een thuisduel op tegen White Star.  De groen-zwarten konden van deze gelegenheid gebruik maken om de puntjes op de i te plaatsen na het uit de handen geven van de zege op F.C. Diest.  Met minder dan een zege zouden de supporters geen genoegen nemen en volgend (vermoedelijk) elftal moest dit zien te realiseren : Mortier, Roje, Serru, Perot, Baas, Demey, Buyse, Daels, Lambert, Bailliu en Michiels.



    Brugge
 

* “Brugse paraplegiekers hebben de eer” : deze titel deed mij toch even de wenkbrauwen fronsen gewoon omdat ik het woord waarmee het onderwerp van deze zin omschreven werd niet onmiddellijk verwacht had in een weekblad uit 1960.  Zoals jullie weten betekent paraplegie een verlamming aan beide zijden van het lichaam of, korter gezegd, een dubbelzijdige verlamming.  Tegenwoordig is het maar de normaalste zaak van de wereld dat atleten met een beperking sportief actief zijn en er ook voor hen competities, ja zelfs Olympische Spelen, georganiseerd worden.  De hoogste tijd dus om even op het internet te zoeken naar de oorsprong er van.  Wat blijkt : de georganiseerde sport voor sporters met een lichamelijke beperking deed zijn intrede na de Tweede Wereldoorlog.  Heel wat gewonde soldaten en burgers waren in revalidatiecentra terecht gekomen en sport werd er geïntroduceerd als een belangrijk onderdeel van het revalidatieprogramma.  Aanvankelijk groeide sport als revalidatie uit tot recreatieve sport en later tot wedstrijdsport.  Eén van de pioniers was Ludwig Guttmann, een Duitse neuroloog, die verbonden was aan het Stoke Mandeville ziekenhuis in Engeland.  Toen in 1948 de Olympische Spelen gehouden werden in Londen organiseerde hij in Stoke Mandeville een sportieve wedstrijd voor sporters met een rolstoel : de Stoke Mandeville Games dat de basis werd voor de latere Paralympische Spelen.
Het initiatief verspreidde zich over de hele wereld en ook in Brugge voelden ‘paraplegiekers’ zich geroepen om het sportieve strijdperk te betreden : 

“Tijdens de selektiewedstrijden van zaterdag jl. voor de Belgische paraplegiekers die moesten aangeduid worden voor de Stokemandeville-games, die te Rome, in ’t kader van de Olympische Spelen zullen betwist worden, hebben de Brugse paraplegiekers, de troetelkinderen van dokter Vertongen, zich bijzonder onderscheiden.  In de basketballwedstrijden overwonnen zij andermaal de Brusselaars met 13 tegen 12.  Van de 500 deelnemers uit alle delen van het land werden er niet minder dan 4 Brugse paraplegiekers geselektioneerd om te Rome aan de spelen deel te nemen.
Zondag 2 oktober zal men die moedige kerels aan het werk kunnen zien in de Vrije Technische School te Brugge, waar zij sportdemonstraties zoals basket-ball, turnen en ping-pong zullen ten beste geven.  Over deze uitzonderlijke sportgebeurtenis komen wij in onze volgende nummers nader terug.  Intussen wensen wij onze Brugse jongens veel sukses te Rome, alwaar dr. Vertongen hen zal vergezellen.”

Cerle Brugge KSV

Rolstoelatleten in actie op de 800 meter rolstoelrace tijdens de Olympische Spelen voor mindervaliden tijdens de Paralympische Zomerspelen 1980 (bron foto : Wikipedia).

* In Brugge had vroeger (bijna) elke wijk zijn feest.  Eén van de in Brugge wereldberoemde wijkfeesten is dat van de Verloren Hoek (op het einde van de Carmersstraat) maar ook andere wijken konden destijds prat gaan op een flink georganiseerd wijkfeest.  Eén daarvan was Sint-Gillis dat bij de ietwat oudere Bruggelingen veel beter bekend is als ’t Zilletje :

“Geslaagd wijkfeest op Sint-Gillis” : “Als een der oudste volkswijken van onze stad heeft Sint-Gillis andermaal blijk gegeven de oude traditie der wijkkermissen in ere te willen houden.  Nadat de feestelijkheden van verleden jaar door allerlei misverstanden in het “water” waren gevallen, heeft dit jaar een nieuwe groep durvers van Sint-Gillis de handen uit de mouwen gestoken en het initiatief genomen, om de herinrichting van een feestkomitee te bewerken en aldus aan “ ’t Zilletje” opnieuw zijn kermispret te schenken.  Dat men hierin ten volle geslaagd is heeft het verloop der feestelijkheden voldoende bewezen, en graag vernoemen wij hier de samenstelling van dit verdienstelijk nieuw komitee.  Het zijn de hh. Martens Paul, erevoorzitter ; François Lebacq, voorzitter ; Bert Wills, ondervoorzitter ; Van Mieghem, sekretaris ; Henri Van Troye, penningmeester en de kommissarissen Medard Rosseel en Raymond Somers.  En met hen juichen alle inwoners van de wijk “Leve ’t Zilletjie”.

Was er een tijd dat de wijkfeesten welig bloeiden dan kwam er ook een tijd dat het ene wijkfeest na het andere verdween.  De samenleving veranderde, de sociale contacten verminderden of hielden (bijna) helemaal op te bestaan, de vele vrijwilligers die zich belangeloos voor hun wijk of kwartier hadden ingezet haakten af en de aflossing van de wacht stond niet klaar.  Maar alles keert terug zegt men weleens.  Daarom niet noodzakelijk in de oude vorm maar de laatste jaren zijn er in de diverse stadsgedeelten toch weer de nodige enthousiastelingen die, om de buurtbewoners eens samen te krijgen en beter te leren kennen, hun schouders onder het initiatief van een straat-, wijk- of buurtfeest stoppen en op die manier wat ambiance proberen te brengen waar zij wonen.

Ook in Sint-Gillis probeerde men de buurtfeesten nieuw leven in te blazen maar het verliep met vallen en opstaan.  Het grootste probleem was dat zelfs de wijkbewoners niet stonden te popelen om aan de vele activiteiten deel te nemen of zelfs maar bij te wonen.  Op de site Buurtwerk Sint-Gillis leert het artikel “Sint-Gillis Brugge : exit” ons hoe moeilijk het kan zijn om dergelijke festiviteiten te laten bestaan en te doen slagen.

Buurtfeest Sint-Gillis op 29 augustus 2015 (bron foto : http://www.bb-emma.be).

* Nu wij toch enigszins in de sfeer van het feesten verzeild zijn viel mij in een ander artikel een in onbruik geraakt woord op : koekezondag.  Is dat geen mooi woord ?  Maar wat betekende het ?
 

Cerle Brugge KSV

Het artikeltje dat je hieronder aantreft en het woord koekezondag bevat gaat over een wielerwedstrijd voor onafhankelijken en bevat een schat aan namen van firma’s en bedrijven waarvan de meeste ondertussen al jaren tot de geschiedenisboekjes behoren.  Daarover alleen al uitweiden zou mij ontelbare interessante bladzijden achtergrondinformatie van een rijk Brugs verleden opleveren.  Misschien kom ik hier later nog eens op terug want heel veel Bruggelingen herinneren zich ongetwijfeld nog de brouwerijen ’t Hamerken en Aigle-Belgica, Cinema Metro, café ’t Nieuw Kwartier, betonfabriek De Clercq-De Maerschalk, café Mexico, café Sint-Elooi, wasserij Canteclaer en wasserij Sinte-Anna en nog zo veel meer…

- Gemeente  Sint-Kruis -
_________________

Koekezondag  25 september 1960
Grote Prijs  Was- en Zelfwasserij
Canteclaer (Sint-Kruis) en Sinte-Anna (Brugge)
voor Onafhankelijken BWB
15.000 frank prijzen – 3.000 frank premiën
Palm en beker aan de overwinnaar
Ereprijs Meubelgalerij Huyghe – Ezelstraat, 71, Brugge

Ingericht door de Supportersclub “Recht op Geluk” in samenwerking met het Gemeentebestuur – Kon. Brugse Velosport – Bieren Meiresonne (verdeler Germain Pattijn) – Bieren ’t Hamerken en Aigle-Belgica – Meester-kleermaker Achiel Cauwels – Zuivelfabriek Ste-Marie Oedelem – Velo’s en Bromfietsen Jos Janssen – Huis Richard Verté – Roger Caestecker (Schilderwerken) – Garage De Scheemaecker (Ford en Taunus) – Likeurstokerij De Hert – Verzekeringsmaatschappij Constantia – Firma Lambert-Dauw (Minerale Vetten en Oliën) – Betonfabriek De Clercq-De Maerschalk – Cinema Métro – Café “De Tramstatie” – Café “Mexico” – Café “Sint-Elooi” – Café “De Schulle” – Café “Het Nieuw Kwartier” – Dagblad “Het Volk” en het Weekblad “Brugsch Handelsblad”.

Inschrijving : vanaf 12 uur in café “St-Elooi” (bij de Kerk) – Vertrek te 13 uur aan café “Casino”. – Aankomst : café “De Tramstatie”. – Premiënuitreiking : café “Mexico”.
Mikroreportage  RADIO  NORD, Noordzandstraat, Brugge – Radio  T.V. Siera – Koelkasten Siemens.
  

Freewheelend op het internet lees je dat met Koekezondag de zondag na de kermis bedoeld wordt.  Dat klopt met de datum (25 september) in het artikel want Sint-Kruis Kermis gaat altijd door op de derde zondag van september.  In 1960 viel Sint-Kruis Kermis op 18 september en vierde men een week later, dus op 25 september, Koekezondag.
Om de kermis destijds een feestelijk karakter te geven maakten vele huismoeders een deeg met zacht brood, dat vervolgens licht gesuikerd werd en waar zij dan eventueel rozijnen aan toe voegden om vervolgens hun eigen koekebrood te bakken.  Rozijnen kwamen vroeger in de meeste gezinnen enkel met de kermis of ter gelegenheid van een communiefeest op tafel.  Vooruitziende moeders maakten wat extra deeg of zij bewaarden wat over was van Kermiszondag voor de daaropvolgende zondag zodat de voorbije kermis alvast op een feestelijke manier kon afgesloten worden.  Meteen kreeg die zondag de naam Koekezondag mee.
Blijkbaar was dit gebruik vooral gekend in West-Vlaanderen.
Wie graag meer te weten komt over heem- en volkskunde in het Brugse kan ik zeker verwijzen naar de vele werken hieromtrent van wijlen Magda Cafmeyer.
Zij werd geboren als Magdalena Cafmeyer in Sint-Kruis op 10 september 1899 in wat je een kroostrijk gezin mag noemen.  Zij was immers het zesde van twaalf kinderen in het gezin van Arthur Cafmeyer en Hermine Neyrinck.  Geen enkele van de dochters stapte in het huwelijksbootje.  Ofwel werden zij kloosterlinge ofwel werden zij onderwijzeres.  Magda studeerde voor onderwijzeres aan de Brugse Rijksnormaalschool.  In 1923 werd zij onderwijzeres in een volksschool van de Zusters van de Heilige Vincentius.  Zij bleef les geven in de Brugse scholen van deze congregatie tot aan haar pensionering in 1955.
Toen zij nog onderwijzeres was toonde zij reeds veel belangstelling voor de achtergrond van haar leerlingen.  Zij vroeg hen naar de gewoonten bij hen thuis, welke liedjes er gezongen werden, welke verhalen hun ouders en grootouders vertelden,… en schreef dit allemaal zorgvuldig op.  Uit al die informatie distilleerde zij haar eerste publicaties.
Na haar pensionering organiseerde zij de archivering van mondelinge informatie op een meer professionele manier : gewapend met een bandopnemer, een fototoestel en een notaboek bezocht zij de oudere bewoners uit de Brugse regio om ze te laten vertellen over hun leven.  Zij verzamelde een schat aan informatie over de stiel die zij uitgeoefend hadden, over hun legerdienst, over spreuken en gezegden, over geloof en bijgeloof, over devotie en over nog zo veel meer.
Zij verwerkte deze rijke oogst aan gegevens in talrijke artikels die verschenen in het tijdschrift “Biekorf”, “Handelingen van het Genootschap voor geschiedenis te Brugge”, in de volkskundige almanak “ ’t Beertje”,…  Alleen al in “Biekorf” publiceerde zij tussen 1933 en 1983 niet minder dan 126 uitgebreide bijdragen in de vlotte vertelstijl haar eigen en getuigend van haar brede belangstelling  !
In het tijdschrift “Biekorf” uit 1947 schreef Magda Cafmeyer het artikel “Als het kermis is” waarin zij merkwaardige bijzonderheden geeft over Sint-Kruis Kermis zoals de opsomming van de gevierde kermisdagen : “… zaterdagavond : kermisopening met vreugdeschoten en klokgelui – kermiszondag – maandag : viering in familie en dienst voor de overledenen – dinsdag : ringsteking – woensdag : prijsbolling – donderdag : allerlei volksspelen – Koekezondag en zelfs Koeksmaandag (voor de Brugse kantwerksters)…”

Magda Cafmeyer pende verder ook heel wat neer over Sint-Kruis en Male, over de toponymie (= plaatsnaamkunde) en de hydrografie van Brugge en van het gebied ten noordoosten van Brugge.
Magda Cafmeyer mocht zeker een bezige bij genoemd worden want naast haar vele auteurswerk was zij van 1952 tot 1972 conservator van het Museum van Volkskunde, werd zij ook nog stadsgids, gaf zij vaak voordrachten of lessen in de Koninklijke Gidsenbond, was zij stichtend lid van de Vereninging voor Volkskunde Antwerpen, bestuurslid van de West-Vlaamse Bond van volkskundigen, corresponderend lid van de Koninklijke Belgische Commissie voor Volkskunde, stichtend lid van de vzw Abdij van Male,…
 

Cerle Brugge KSV

(bron foto : http://heemkundesintkruis.brugseverenigingen.be/SintKruizenaars/CafmeyerMagda)
Magda Cafmeyer overleed op 11 februari 1983.  In haar geliefd Sint-Kruis werd een straat naar haar vernoemd.          
 

* Van buurtfeesten en Koekezondag naar bier is maar een kleine stap.  In de destijds heel bekende maar ondertussen reeds jaren verdwenen brouwerij Aigle-Belgica werd een nieuwe technische directeur aangesteld : “Nieuwe technische direkteur benoemd in de brouwerijen Aigle Belgica” : “Als opvolger van wijlen Theo Janssens werd voor enkele dagen dhr. P.R. De Decker, ingenieur IFBr., aangesteld.  De nieuwe technische direkteur is afkomstig uit Brussel en kwam in 1936 in Aigle Belgica te Gent in dienst.  In 1948 werd hij adjunkt van dhr. Janssens te Brugge.  Net zoals zijn voorganger is de nieuwe technische direkteur vergroeid met zijn bedrijf.  Wij wensen hem vele jaren aan de technische leiding van de Brugse brouwerij en het beste voor de toekomst.” 

Eerder in deze reeks gaven wij een historiek van deze brouwerij die in de loop der jaren in het Brugse uitgegroeid was tot een begrip.  Voor wie het toen zou gemist hebben volgt hieronder een beknopte versie…
 

Een luchtfoto van de brouwerij Aigle-Belgica in Brugge toont ons hoe groot deze brouwerij wel was.  De gebouwen, die zich vooral situeerden tussen de Elisabeth Zorghestaat, de Carmersstraat, de Rijkepijndersstraat en de Snaggaardstraat, besloegen niet minder dan 13.000 m² !  Op de voorgrond zien wij de gebouwen van het Sint-Leocollege kant Elisabeth Zorghestraat. 

(bron tekst en foto : http://www.thamerken.be/brouwerijgeschiedenis/AIGLE.htm).

Cerle Brugge KSV

In 1553 vond je in de nabijheid van de Carmersbrug, waar nu Hotel Adornes gevestigd is, brouwerij Den Arend terug.  Deze naam was het uiteindelijke restant van brouwerij De Blauwe Arent die destijds in de Noordzandstraat was opgestart.
In het begin van de negentiende eeuw was Antoine De Meulemeester de eigenaar van brouwerij Den Arend.  Hij kocht het huizenblok op rond de bestaande brouwerij, het erf “De Blauwe Kroon”, om de brouwerij uit te breiden.

De grote bloei van de brouwerij kwam er in de tweede helft van de negentiende eeuw onder leiding van Leon De Meulemeester.  Reeds in 1877 wilden de brouwerijverantwoordelijken het gloednieuwe lage gistingsprocédé toepassen maar… de oude wet op de accijnzen vormde de struikelsteen.  Leon De Meulemeester omzeilde dit obstakel echter heel handig door… een directeur der Accijnzen in dienst te nemen als commercieel directeur.  De oude wet werd korte tijd later gewijzigd en brouwerij Den Arend was er als de kippen bij om het nieuwe product pils op de markt te brengen.

In 1906 richtte Leon De Meulemeester samen met zijn drie kinderen Victor, Alphonse en Alice de NV Den Arent op.  De behuizing langs de Sint-Annarei was te klein om de nieuwe installaties voor de lage gisting in onder te brengen en zonder verpinken kocht NV Den Arent tussen 1923 en 1925 meer dan vijftig godshuizen in de omgeving van de Elisabeth Zorghestraat, de Snaggaardstraat en de Rijkepijndersstraat.  Wat nu fel protest zou uitlokken kon toen wel nog : NV Den Arent kreeg toelating om alle huisjes af te breken.  Als enige tegenprestatie vroeg stad Brugge dat de NV vijfentwintig nieuwe godshuisjes zou bouwen in de Stijn Streuvelsstraat in het nieuwe Gezellekwartier.  Op de vrijgekomen gronden (meer dan 13.000 m² !) bouwde de NV een nieuwe brouwerij waarvan de gebouwen (met toelating van stad Brugge !) een hoogte van liefst tweeëntwintig meter mochten hebben.
In 1928 besloten brouwerij Den Arent uit Brugge en brouwerij Belgica uit Gent hun krachten te bundelen : de nieuwe NV Grote Verenigde Brouwer Aigle-Belgica was geboren !
De fusie was voor de Gentse vestiging het begin van het einde want op het einde van de jaren veertig werden de brouwketels in de vroegere brouwerij Belgica stilgelegd.
In Brugge daarentegen boerde men naarstig verder.  De brouwerij bouwde en verbouwde, verschafte aan ongeveer tweehonderd mensen werk en telde in de jaren zeventig meer dan zeshonderd (!) verplichte café’s.  Viermaal daags werd er gebrouwen in ketels van driehonderd hectoliter.
Maar het mooie liedje bleef niet duren.  De mouterij werd stilgelegd in 1968.  Piedboeuf, dat reeds tweeëntwintig procent van de aandelen bezat, nam in 1978 brouwerij Aigle-Belgica over.  De verouderde ketels raakten in onbruik en de gebouwen dienden tot 1982 enkel nog als een depot voor het Jupilerbier.  In 1982 verhuisde het depot naar het industriegebied ’t Waggelwater in Sint-Andries.  De gebouwen van de eens zo machtige Aigle-Belgica werden in 1985 gesloopt.  Een tot puin vervallen wijk bleef achter !


•    Internationaal

De problemen in de vroegere kolonie Belgisch-Congo waren nog steeds niet voorbij.  Zowel Joseph Kasavubu als zijn opponent Patrice Lumumba betwistten elkaar onophoudelijk de heerschappij.  Men kon enkel hopen op een snelle en vreedzame oplossing…

“Krachtproef Kazavoeboe – Loemoemba ontknoping nabij ? – Loemoemba roept zich in dagorde tot staatshoofd uit” : “De krachtproef tussen Kazavoeboe en Loemoemba nadert snel haar hoogtepunt.  In een nota, verstrekt aan de pers, betwistte gisteren het kabinet van president Kazavoeboe de juridische geldigheid van de stemmingen ten gunste van Loemoemba in kamer en senaat.  De stemming, aldus de nota, betekent niet, dat het vertrouwen in de regering betuigd werd, vermits Loemoemba geen eerste minister meer is, krachtens een volkomen wettelijk besluit van het staatshoofd.  De stemming is derhalve slechts een wens, wettelijk komt het het parlement niet toe, een beslissing van het staatshoofd te wijzigen.  De uitvoerende en de wetgevende macht zijn gescheiden, zodat thans alleen Iléo, belast met de regeringsvorming, de uitvoerende macht vertegenwoordigt.
Van zijn kant richtte Loemoemba een dagorde tot het leger, waarin hij verklaarde, zich zelf als staatshoofd uit te roepen en Kazavoeboe andermaal van verraad beschuldigde.  Loemoemba nam ook het opperbevelhebberschap van het leger op zich.  Hij stuurde een legerafdeling naar het UNO-hoofdkwartier, ten einde de UNO te bewegen, de kontrole over radio en vliegvelden op te heffen.  De afdeling werd door UNO-strijdkrachten beleefd afgescheept.  Tegen gisterennamiddag verwachtte men een betoging van niet nader vernoemde jeugdbewegingen tegen Loemoemba, gisterenvoormiddag was de toestand te Leopoldstad nog rustig, terwijl de UNO alles onder toezicht houdt.”

De toestand in onze vroegere kolonie dat zich herdoopt had tot de Republiek Congo ging natuurlijk niet onopgemerkt voorbij aan Dani die er prompt een “bont beeld” van maakte voorzien van een gevatte ‘ondertiteling’ :

Cerle Brugge KSV

“In Kongo is het slot van de historie nog niet in het zicht.  Loemoemba en Kazavoeboe zetten elkaar beurtelings af.  En daarmee stijgt de warboel nu ook ten top.”

(Marnix Knockaert)
 

Gerelateerde nieuwsberichten

Cerle Brugge KSV
Back in Business

“Alleen de optimisten zullen overleven”, is een toepasselijk spreekwoord.  Toen Cercle enkele weken geleden zeven punten achter holde op Lierse, gaven velen geen cent meer voor Groen-Zwarte kansen op de tweede periodetitel.  
Iemand die zich toen positief opstelde en verklaarde dat alles mogelijk is in 1B, kreeg niet de stempel “positief” maar “naïef” op het voorhoofd gedrukt.  Persoonlijk meegemaakt…

Maar, op een psychologisch moment, net voor de korte winterstop en met de feestdagen in het verschiet, staat Groen-Zwart zowaar reeds tweede in de huidige periode met slechts één puntje achterstand op de Pallieters en, eveneens niet onbelangrijk mocht het uiteindelijk toch niet lukken, derde in de totaalrangschikking met negen punten voor op plaats vijf.

Gezien er nog een onderlinge confrontatie komt met Lierse (thuiswedstrijd op vrijdag 19 januari om 20.30 hr) heeft de ploeg van Frank Vercauteren vanaf heden alles in eigen handen.  Nu komt de periode waarbij een ruime kern van pas kan komen.  Dat alle posities op zijn minst dubbel bezet kunnen worden zal zijn nut hebben bij de ondertussen (gezien het vorderen van de competitie) oplopende gele kaarten en gebeurlijke blessures.  Zo zagen we bv. hoe Hector Rodas (zelf langdurig gekwetst voorheen) Jérémy Taravel prima verving tijdens diens schorsing.  Dat we eindelijk terug over het Monegaskisch talent Cardonna kunnen beschikken na zijn langdurige blessure, heeft een duidelijke invloed op de resultaten.  Ook Gianni Bruno staat terug aan de deur te kloppen.  Daarnaast laten de woorden van trainer Frank Vercauteren in de pers weinig aan de verbeelding over dat er eerstdaags nog gerichte versterking zou komen om het doel te realiseren.

Over pers gesproken.  Het blijft hemeltergend hoe stiefmoederlijk 1B behandeld wordt in de  media.  Ikzelf trok in elk geval reeds mijn conclusies.

Na het feestgedruis staan in de komende twee maanden nog acht “cupfinals” te wachten.  Op zondag 25 februari valt het doek over de reguliere competitie in 1B.  We sluiten thuis af tegen Westerlo.  Vijf van de acht wedstrijden spelen we in “Jan Breydel”.  Het mag dan al putje winter zijn, de vereniging rekent op uw warme steun om het doel, winst van de 2e periode en daarna nog wat meer, te bereiken.  

Eerstvolgende afspraak dus op vrijdag 5 januari met de thuiswedstrijd tegen OHL (20.30 hr).

Leve Cercle!

Georges Debacker
Hoofdredacteur SHOT-online

Lees meer
Cerle Brugge KSV
Ambitie - Gianni Bruno

Gianni Bruno is reeds van jongs af aan aanzien als een groot talent.  Het is dan ook niet verwonderlijk dat hij zijn jeugdopleiding kreeg bij Standard en Lille.  Zijn beroepscarrière speelde zich tot nu toe enkel in het buitenland af, nl. in Frankrijk en in Rusland.De openingswedstrijd van dit seizoen is meteen zijn officieel debuut in de Belgische competitie.  Dit interview met Gianni, zeer sympathieke jongen en een vlotte prater, is meteen het tweede opeenvolgende – na eerder deze week Benjamin Delacourt – met een Rijselse link.

Je naam verraadt je Italiaanse roots?

Mijn grootouders zijn inwijkelingen.  Mijn ouders zijn in Italië geboren, maar kwamen met hun ouders op zeer jonge leeftijd naar België.  Ikzelf zag het levenslicht in Luik, maar eveneens met de Italiaanse nationaliteit.  Toen ik op mijn vijftiende zou opgeroepen worden voor de nationale jeugdelftallen vroeg de voetbalbond me om ook de Belgische nationaliteit  aan te nemen.  Dat was geen probleem gezien ik in België geboren was.  Op die manier bekwam ik de dubbele nationaliteit.

Je vader was jeugdtrainer bij RFC Liège en het is dan ook niet verwonderlijk dat je daar voor het eerst tegen een bal trapte?

Klopt.  Mijn vader heeft een trainersdiploma en trainde o.a. ook kleinere ploegen.  Nadien deed hij ook scouting voor ploegen uit 1e en 2e klasse.  Hij ging dus veel wedstrijden bekijken en in het weekend vergezelde ik hem. Ik zag dus veel ploegen aan het werk.  Toen ik vijf jaar was (1996) trainde mijn vader de jeugd van RFC Liège.  Mijn oudere broer speelde er ook, de stap was vlug gezet.  Ik volgde dus mijn vader en broer.

Met de Luikse traditieploeg ging het financieel niet goed en in 2000 stapte je over naar de jeugdwerking van Standard?

Standard wou reeds enkele jaren dat ik bij hen tekende maar mijn vader was daar niet voor te vinden.  Hij was immers ook Club Luik supporter…  Toen de gebroeders Mpenza bij Standard tekenden, ik was een grote fan van hen, wou ik per se wel naar de Rouches.  Toen Standard dan opnieuw aanklopte mocht ik wel van mijn pa.

Na zeven jaar jeugdvoetbal bij Standard trok je naar het Franse Lille, ondanks een aanbod van “de Rouches”?

Lille volgde mij reeds van een jaar voordien.  Toen kwam er een concreet voorstel .  De dag dat ik besliste om te tekenen kwam er een voorstel van Standard. D’Onofrio contacteerde mijn vader, maar die gaf hem te kennen dat ik mijn beslissing reeds genomen had.

"Ik ben heel blij terug in België te zijn."

Je doorliep verder de jeugdrangen bij Lille (2007-2011) om vervolgens je debuut te maken bij de eerste ploeg. Meteen de start van een passage bij enkele Franse ploegen?

Inderdaad.  Tijdens het seizoen 2013-2014 werd ik uitgeleend aan Bastia.  Toen werd ik getransfereerd naar Evian, waar ik een contract voor vier seizoenen tekende.  Daar klikte het niet zo goed met de coach.  Na zes maand werd ik uitgeleend aan FC Lorient.  Na dat seizoen keerde ik terug naar Evian, maar die waren gedegradeerd naar D2.  Toen speelde ik zes maanden met Evian in tweede afdeling en vertrok vervolgens naar Rusland.In Evian vond ik immers geen plezier meer in het voetbal.  Ik voelde me niet goed in de stad.  Ook met de supporters verliep het niet vlot.  We speelden niet goed, haalden geen goede resultaten, het klikte niet met de coach, kortom: geen goede ervaring. 

In Rusland, bij Krylya Sovetov Samara, kon je het beter vinden.  O.a. bij coach Franky Vercauteren?

De timing van de competitie is daar anders.  Ik speelde twee maand onder Franky Vercauteren.  Hij wou me behouden en Evian leende me nog een jaar uit.  Ik speelde onder Vercauteren de vier eerste competitiewedstrijden en raakte dan gekwetst en was vijf maand out (met o.a. revalidatie in België).  Bij mijn terugkeer, in maart dit jaar, was mijnheer Vercauteren ontslagen en speelde ik de twee/drie  laatste maanden terug mee met Samara.  Dit was onder de Russische trainer Vadir Skripchenko.  De man sprak enkel Russisch, maar er was wel 24/24 een vertaler tegenwoordig.  Ik moest me echter wel opnieuw bewijzen gezien hij me niet kende, maar ik genoot zijn vertrouwen.  Zo viel ik eerst tweemaal in om daarna de tien slotwedstrijden te spelen.  Hij speelde me wel meer op de rechterflank uit dan op mijn favoriete centrale positie.  

Samara is een grote Russische stad.  Hoe was het om daar te leven?

Er leven ruim 1.200.000 mensen in Samara.  Het is een uur vliegen van Moskou.  Laat ons zeggen dat ze “un peu à retard” zijn, een beetje achter op onze moderne Europese wereld.  Ze zijn  niet even modern ingesteld als hier.   De mensen zijn er ook wat koud, meer gesloten.  Ik kende er echter geen problemen.  Op voetbalgebied verliep alles vlot.  De club was goed georganiseerd en ik maakte er heel wat vrienden.  Het was er goed voetballen en het was een goede ervaring voor mij.  Ik blik er zeer positief op terug!

Was je er alleen?  Ben je gehuwd?

Ik ben niet gehuwd maar sinds een jaar verloofd.  In september zijn we reeds negen jaar “samen”.  Zij verbleef een twee/drie maand bij mij in Rusland.

Je was ondertussen een vrije speler?

Ik lag nog onder contract bij Evian, maar de ploeg is tijdens mijn verblijf in Rusland failliet gegaan.  Vandaar ben ik vrij.

Reeds geruime tijd gaf je te kennen graag naar België terug te keren.  Er was reeds eerder interesse uit de hoek van Standard, Z.-Waregem, Moeskroen, YR KV Mechelen, …  Jij wou naar een ploeg met “un bon projet” .  Die heb je hier dus gevonden?

Mijn oorspronkelijke bedoeling was om in 1A te spelen.  Het is er echter moeilijk om een goed project te vinden waar ik in pas.  Sommigen haakten ook af op mijn loon/tranferkosten.  Doordat ik ondertussen een vrije speler ben, veranderde de situatie. Ik keek even de kat uit de boom.  Toen kreeg ik een telefoontje van mijnheer Riga die me perfect uitlegde wat de ambities van Cercle waren, de verhoudingen met Monaco, de doelstelling om kampioen te spelen, enz…
We hadden er beiden een goed gevoel bij en het contract volgde snel.

"Ik hoop dat we een super seizoen beleven en dat de supporters met plezier naar het stadion komen."

Een mediatitel was dat je via “la petite porte” terug naar België kwam maar dat dit wellicht geen slechte keuze is?  Naast de mogelijkheid om kampioen te spelen is er nog altijd de mogelijke deelname aan PO2 om je hogerop in de kijker te spelen?

Vooreerst wil ik hier spelen om kampioen te worden!  Ik voetbal nu reeds drie/vier jaar tegen de degradatie.  Het ging weliswaar om ploegen uit eerste klasse, maar die toch speelden om niet te degraderen.  Ik hoopte eindelijk eens te voetballen bij een ploeg waar de doelstelling “stijgen” is.  Het is zo dat voor een aanvaller het beter acteren is bij een ploeg die speelt om te winnen dan bij een ploeg die speelt om niet te verliezen…  Het project van Cercle is om kampioen te spelen.  Het is inderdaad zo dat ik via “la petite porte” België terug binnenkom, maar het zal voor mij mogelijks de grote poort openen.

Komende week, tijdens de openingswedstrijd op Westerlo, speel je je eerste officiële wedstrijd in de Belgische competitie.

Daar kijk ik echt naar uit.  Ik ben heel blij terug in België te zijn.  Dit vooral ook voor mijn familie.  Nu kunnen ze maximaal aanwezig zijn om naar me te komen kijken.  Voorheen zat ik telkens echt ver weg van Luik…  

Waar ga je wonen?

Ik betrek binnenkort een appartement dichtbij het centrum.  “J’adorre la ville de Bruges”!  Ook in Luik heb ik samen met mijn vriendin een appartement.  Zo kan ik ook af en toe in Luik verblijven, een stad waarvan ik eveneens hou, en zo ver rijden is het nu ook niet.

Wat verwacht je, voor jou persoonlijk en voor de ploeg, van het komende seizoen?

Persoonlijk hoop ik de ploeg te helpen met een zo groot mogelijk aantal doelpunten of beslissende voorzetten.  De ploeg helpen overwinningen te behalen, regelmatig te zijn gedurende het ganse seizoen en gespaard te blijven van blessures. Ik hoop van harte dat we een heel goede groep kunnen smeden.  Er zit heel veel individuele kwaliteit in.    Nu komt het er op aan er een groep van te maken.  Zonder het groepsgevoel kun je geen wedstrijd winnen.  Het is belangrijk om goed samen te werken en een goede mentaliteit te creëren.   Men heeft hier gepoogd om een zeer goed team samen te stellen, een mooi project, zeer professioneel.  Ik hoop dat we een super seizoen beleven en dat de supporters met plezier naar het stadion komen. 

Tot slot, weet je dat er een goede vriendschapsband bestaat tussen de supporters van Cercle en die van RFC Liège?

Ik heb daaromtrent iets gezien op het internet.  Best leuk.  Het was uiteindelijk mijn eerste ploeg.

(Georges Debacker)

Lees meer
Cerle Brugge KSV
SHOT sprak met … Bart Bogaert, de Supporters Liaison Officer

SHOT sprak met …
 

Bart Bogaert
 

Supporters Liaison Officer


De wat ??? zult u zich afvragen.  Vandaar dat SHOT-online even op de kar springt om wat duiding te geven.
Eén van de verplichtingen om een UEFA-licentie te bekomen is het aanstellen van een (of meerdere) Supporters Liason Officer(s) (SLO).  D.w.z. dat alle ploegen uit 1A en 1B met enige ambitie een dergelijke functie dienen te creëren.  De Pro-League startte met het project in 2016, maar er is nog heel wat werk aan de winkel, o.a. om dit in een wettelijk kader te gieten.
SHOT vroeg tekst en uitleg aan de eerste Groen-Zwarte SLO.

 

Bart, hoe kwam men bij jou terecht?

Ik sta mijn moeder sowieso bij in de persruimte, ze leidt ook de busverplaatsingen, men kent me en zo kwam (hoofdsteward, nvdr) Stefaan met de vraag of ik deze functie wou vervullen.

Lees meer
Cerle Brugge KSV
Crescendo

Hoewel deze term - het geleidelijk versterken van de toon - afkomstig is uit de (Italiaanse) muziekwereld, is deze overgangsdynamiek treffend voor wat we de voorbije weken meemaakten op Cercle.  Achttien op achttien, ik herinner me niet spontaan wanneer we dit eerder beleefden.  Bovendien is Groen-Zwart ook reeds acht wedstrijden op rij ongeslagen.  Ondanks tweemaal met tien man te moeten spelen en een 2-0 achterstand op “het Kiel”, vochten onze spelers met succes terug.  Niet mis voor een behoorlijk jonge ploeg met voornamelijk technisch talent.  De hand van coach Vercauteren laat zich voelen.

De wil om te winnen en te ‘vechten’ was zeer duidelijk in de voorbij wedstrijd tegen Roeselare.  Gezien de omstandigheden deed deze nipte overwinning dubbel deugd.  Met de beslissing van scheidrechter Dieperink om Lambot rood te geven bij de aangeschoten bal, was het net of hij ons de dieperik wou induwen.  Nog tal van zijn (en eerste assistent) beslissingen smaakten bij de Groen-Zwarte fans als een Zeeuwse slijkmossel.  Een Vlaams gezegde luidt: “Als je van een “Hollander” niet gekl**t wordt, is hij het vergeten” (sorry voor onze Nederlandse Cerclevrienden).  Wel, deze was het niet vergeten.  Zo oordeelde althans het grootste deel van de tribunes.  Het Bondsparket  oordeelde de maandag nadien terecht dat de uitsluiting (meer dan) voldoende was.  Zodoende kan Benjamin vrijdag aantreden op OHL.

Betreffende journalistiek kan men zich ook soms “blauw ergeren”, wat voor een Cerclesupporter natuurlijk dubbel erg is… Over de strafschopfase lazen we (digitale versie van grote kranten) dat Lambot de bal met de handen (meervoud) uit het doel haalde.  Nou jongens, die noemen zich dan journalist!  Even flagrant, zo niet flagranter, was de berichtgeving over het “besmeuren met verf van het eigen stadion”.  Aanleiding: één berichtje van een idioot op de sociale media.  De juistheid van het bericht verifiëren, of achtergrondinformatie opzoeken is voor bepaalde perslui (die naam niet waardig) blijkbaar te veel moeite.  Gelukkig zijn er tal van andere journalisten die hun werk wel au serieux nemen.

In een vorig stukje had ik het o.a. over het gebrek aan persbelangstelling voor 1B.  Anderzijds valt het wel op dat er naargelang wie er aan de leiding staat ruimere artikels over die ploeg verschijnen.  Zowel vorig seizoen als het huidige was de omvang van de artikels telkens ruimer als het ploegen aan de Schelde betrof …

Afin, wat natuurlijk écht van tel is, is onze positie.  In de algemene rangschikking staan we op de eerste plaats met o.a. het meest gescoorde doelpunten.  Op zich heeft die plaats (cf. Lierse vorig jaar) slechts een symbolische waarde.  Het kan wel zijn nut hebben bij de finalewedstrijden waar we vanzelfsprekend hopen van de partij te zijn.  Plaatsen we ons en staan we eerste, dan mogen we de belangrijke terugwedstrijd thuis spelen.  Ook zijn actueel enkel Cercle en Beerschot, indien ze niet promoveren, de twee enige ploegen die nu reeds mathematisch zeker zijn van deelname aan PO2.

Ook met de kijkcijfers gaat het crescendo.  We spreken niet over overvolle tribunes, waarbij  een groot deel van ons zich trouwens onwennig zou voelen, maar over een leuke bezetting met een goede sfeer.  De Brugse politie (en belastingbetaler) hoeft er zelfs geen agent extra  voor in te zetten/betalen …

Nog een uitsmijter: binnenkort wordt de “gouden schoen” uitgereikt.  Als de stemgerechtigden van nu de kortzichtigheid van hun collega’s destijds willen rechtzetten, dan is er maar één mogelijke winnaar: postuum drievoudig topschutter Josip Weber!  Al is het symbolisch  …

Tot slot nog een treurige vermelding, maar met onze hoop dat het goed afloopt.  Na de wedstrijd tegen Roeselare werd Alexander Boi, broer van Fré, nog in volle euforie van de winst, voor zijn deur aangereden.  Alexander verkeert op het ogenblik van dit schrijven nog in kritieke toestand.  We wensen de ganse (Cercle-)familie Boi veel sterkte en hoop op een goede afloop.

Cerclevrienden, steun Groen-Zwart in deze laatste vier cruciale wedstrijden van de reguliere  competitie door uw aanwezigheid én aanmoedigingen.  We zijn er bijna, maar nog niet helemaal.  Kent u het liedje nog?

Laat ons crescendo gaan/spelen…

Leve Cercle!

Georges Debacker
Hoofdredacteur SHOT-online

Lees meer
Cerle Brugge KSV
Koos bewust voor buitenlands avontuur - Lloyd Palun

Daags voor de tweede uitwedstrijd van het seizoen (tegen Oud Heverlee Leuven) trok ik opnieuw naar de groen-zwarte kant van het Jan Breydelstadion.  Na de training had ik een interessant gesprek met onze nieuwe rechtsachter Lloyd Palun.  

Lloyd, je bent zoals veel spelers net bij Cercle Brugge.  Kun je even je carrière tot nu toe schetsen voor onze lezers?  

Ik zag het levenslicht in Arles, in het zuiden van Frankrijk.  De stad waar Vincent Van Gogh ook vaak vertoefde.  Mijn roots liggen evenwel in Gabon en ik draag ook nog steeds die nationaliteit.  Mijn eerste voetbalervaring deed ik op bij het Zuid-Franse Martigues. Ik doorliep er de jeugdreeksen en maakte er ook mijn debuut in de eerste ploeg.  Het was een ploeg die wat zweefde tussen de laagste profreeksen en de hoogste amateurreeksen.  Ook Eric Cantona speelde daar trouwens nog in de jaren 1980.  In 2009 verkaste ik naar Trinité Sport, een amateurploeg, ook al in Zuid-Frankrijk.  Opnieuw een jaar later kwam het naburige en grote Olympique Gymnaste Club Nice-Côte d&rqsuo;Azur, kortweg OGC Nice aankloppen.  Een ploeg met een rijke traditie.  Ze werden ondermeer vier keer kampioen in de Ligue 1.  Ik bleef er van 2010 tot 2015.  Ik speelde er een aanzienlijk aantal wedstrijden op het hoogste niveau.  Vorig jaar speelde Nice trouwens een fantastisch seizoen.  Het eindigde op een derde plaats en speelt momenteel voor een plaats in de Champions League.  Na de tijd bij Nice ging ik aan de slag bij Red Star Parijs.  Een ploeg die toen in Ligue 2 aantrad, maar momenteel een reeksje lager speelt.  

"De ploeg terug naar het hoogste niveau brengen is onze taak."

En toen kwam Cercle Brugge.  Waarom koos je uiteindelijk om de groen-zwarte kleuren te verdedigen?  

Eerst en vooral koos ik voor het ambitieuze project dat Cercle me voorstelde.  Francois Vitali bouwde aan een zeer competitieve ploeg en alles rond de ploeg straalt gewoon ambitie uit.  Die ambitie is ook meteen uitgesproken en is gewoon kampioen spelen met Cercle.  De ploeg terug naar het hoogste niveau brengen is onze taak.  Ik begrijp dat Cercle een begrip is in het Belgische voetbal en de ploeg hoort gewoon thuis op het hoogste niveau.  Naast de grote sportieve ambities, koos ik ook bewust voor een buitenlands avontuur.  Ik had ook wat aanbiedingen uit de Franse Ligue 2, maar die legde ik naast me neer om twee jaar bij Cercle te tekenen.  Het was voor mij, op mijn 28ste,  een goede stap in mijn carrière.  

Wat was je eerste indruk bij Cercle?    

De eerste indruk was meteen zeer positief.  Alles verloopt hier super professioneel.  De spelers en de leden van de technische staf kunnen in alle rust werken.  De omkadering is gewoon top.  Eigenlijk moeten wij alleen maar denken aan de prestaties op het veld, al de rest is voor ons geregeld.  De voertaal is hier ook Frans.  Dat is voor mij uiteraard ook een pluspunt.  Toch ben ik momenteel bezig met het leren van de Nederlandse taal.  Ik vind dit zeer belangrijk.  Tenslotte woon ik hier ook in de buurt en wil ik me wat integreren.  

Hoe zit het op persoonlijk vlak?  Je woont in de buurt van Brugge vertelde je net?  

Inderdaad, ik woon in de rand van Brugge.  Een stad die ik ondertussen al een paar keer bezocht en echt fantastisch vind.  Ik ben niet getrouwd, maar woon samen met mijn vriendin en heb twee kinderen. 

De competitiestart verliep alvast foutloos met twee overwinningen en een zes op zes, tevreden? 

Uiteraard zijn we met het resultaat van de twee eerste wedstrijden zeer tevreden.  We behaalden het maximum en dat is goed.  Ik ben echter van mening dat alles altijd beter kan.  Eigenlijk is dit ook logisch.  Het is een volledig nieuwe ploeg en de automatismen kunnen nog wat beter.  Maar het is belangrijk dat we hard blijven werken en elkaar scherp houden.   Dan volgen de resultaten vanzelf.  Maar bovenal moeten we vooral ook plezier hebben in het voetbalspelletje.  

De eerste twee wedstrijden stond je ook telkens in de basiself.  Is de rechtsachter je beste positie?  

Het is in elk geval mijn favoriete positie.  Ik hou ervan om de hele flank af te dweilen en ook goede voorzetten af te leveren voor de spitsen.  Het samenspel met Irvin Cardona verliep tijdens die twee wedstrijden al zeer goed.  Het verdedigende werk is mijn prioriteit, maar als ik een mogelijkheid zie schuif ik graag eens mee.  Ik ben wat ze noemen ‘een loper’.  Ik kan ook uit de voeten op de linksback mocht dat nodig zijn.  

Straks volgt een wedstrijd in en tegen OH Leuven.  Ken je die ploeg al?  En weet je al hoe de competitieformule werkt?  

Ik moet eerlijk bekennen dat ik OH Leuven nog niet aan het werk zag en ze dus ook niet ken.  Dit geldt eigenlijk voor de meeste tegenstanders.  Maar tijdens de tactische bespreking voor de wedstrijd zal de technische staf ons wel wijzen op hun sterktes en zwaktes.  En de competitieformule is mij inderdaad al uitgelegd door de spelers die hier al een tijdje actief zijn.  Ik denk dat het de enige competitie ter wereld is waar ploegen vier keer tegen elkaar spelen.  Op het einde gaat het gewoon om het winnen van een periode en op die manier de promotie af te dwingen.  

Laat ons hopen dat Cercle Brugge daarin slaagt dit seizoen.  Aan de inzet van onze sympathieke rechtsback zal het in elk geval niet liggen!  

(Stijn Sinnaeve)

Lees meer