koop tickets online

Cercle en Brugge door de jaren heen… (deel 212)

(periode van 1-10-1960 -> 8-10-1960)

 

Cercle

De competitiestart van Cercle had beter gekund, daarover was nagenoeg iedereen het eens.  Toch ambieerden de groen-zwarten (andermaal) de promotie.  Daarvoor zou er echter een versnelling hoger moeten geschakeld worden die ze bovendien constant(er) moesten aanhouden.  Maar om de theorie in de praktijk om te zetten diende er (waarschijnlijk) nog een lange weg afgelegd te worden.  De komst van het eerder bescheiden Union Namen kon misschien de eerste grote stap in de goede richting worden.  Vic Bergh mocht alvast voor “Het Brugsch Handelsblad” richting Edgard De Smedtstadion stappen om er aan het papier toe te vertrouwen wat de groen-zwarten er van bakten :

Cercle Brugge – Union Namen 2-1 : Daverende start en beslissend slot !” : “Voor de mop wordt wel eens de strikvraag gesteld “Waar zit de beste vis ?” met als antwoord : “tussen de kop en de staart” !  Met betrek tot de jongste wedstrijd tegen Union Namen zouden we ook wel eens een lichte variante hierop toepassen en vragen : “Wanneer speelt Cercle het beste voetbal ?”.  En hier zou het antwoord van de sportliefhebbers die dit treffen bijwoonden zeker éénsgezind luiden : “In het begin en naar ’t einde”.
Inderdaad kenden de groen-zwarten een ongewoon schitterende start waarbij ze de indruk lieten hun tegenstrevers met haar en huid te zullen oppeuzelen en een daverende nederlaag toe te dienen.  Het bleef echter bij één vroeg doelpunt en een strovuurtje, dat tijdens het verder verloop nog zelden opflakkerde en kort na de rust zelfs helemaal gedoofd werd door de bezoekende gelijkmaker.
Veel hoop op een tweede Brugse overwinning was er niet meer en velen namen reeds vrede met het verworven punt.  Tot er dan toch in de laatste minuten weer roering kwam in de Brugse brouwerij met Perot en Bailliu als grote bezielers.  En zie, als een “mooachingske” (*) van Jo Gerard dan toch goed uitviel waren Perot – Bailliu er als de weerlicht bij om met een tweede Cercledoelpunt het pleit te beslissen !”.

(*) “mooachingske” is een typisch Brugs woord en kan het best uitgelegd worden als een “fantasietje” (nvdr).

 

Technische  krabbels…
Cercle Brugge – Union Namen  2-1

- opkomst : 4 à 5.000 toeschouwers.
terrein : in uitstekende staat.
weersgesteldheid : steeds zon.
leiding : ref. Dandois, goed.
fair-play : hard maar korrekt.
corners : Cercle 7, Namen 5.
doelpunten : 3’ een keurige kombinatie Perot, Bailliu, Daels wordt door Jo Gerard besloten
  met een rake kopbal die tegen de zijnetten vliegt en vandaar terug in het spel komt, maar
  Buyse schiet een 2e maal binnen 1-0, 47’ Mortier weert een hard schot van Demarteau in de
  voeten van Sulon wiens hernemen geen genade kent 1-1, 84’ nadat Gerard zichzelf
  gedribbeld heeft kan hij gelukkig toch nog doorschuiven naar de inlopende Perot die de bal
  heel gevat lichtjes achterwaarts bij Bailliu doet afwijken en het is 2-1.
Cercle : Mortier, Roje, Serru, Perot, Baas, Demey, Daels, Buyse, Bailliu, Michiels, Jo
  Gerard.
Union Namen : Nicolay, Collin, De Vos, Geelen, Marnette, Dodal, Keyeux, Tonneau,
  Sulon, Lemineur, Demarteau.


 

De merkwaardige manier van voetballen inspireerde “Dani” uiteraard tot een “Bont Beeld” voorzien van de nodige commentaar :

“Na de ontgoochelende prestatie tegen Merksem verleden week, won Cercle van Union Namen, na een eerder matte wedstrijd.  Er zal wat meer vuur in de Cercle-boy’s moeten komen indien ze dit seizoen hoger willen.”

Cerle Brugge KSV

Er meldde zich een weekend aan zonder competitievoetbal en bijgevolg plaatste Cercle een oefenwedstrijd op het programma, kwestie van het wedstrijdritme te behouden en liefst ook nog de nodige progressie aan de supporters te etaleren.  Oefenpartner was het in Brugge niet onbekende NAC Breda :

Heden zaterdag te 17 uur : Cercle – N.A.C. Breda” : “Rust roest blijkt het parool van de Brugse ploegen die van de vrije kompetitiedag gebruik hebben gemaakt om uit te komen tegen twee sterke Nederlandse formaties.  De groen-zwarten komen reeds heden zaterdag te 17 uur op het Edgard De Smedtstadion in lijn tegen het goed bekende Hollands team NAC Breda.  Het geldt hier een terugwedstrijd van de voor het seizoen reeds betwiste ontmoeting te Breda, waar de Bruggelingen een duurbevochten 1-2 overwinning afdwongen.  Het hoeft geen betoog dat de gasten, die op een sterke ploeg kunnen bogen met tal van bekende spelers, op weerwraak belust zijn zodat de Cerclespelers hun beste schoenen zullen moeten aandoen om hun sukses te herhalen.  In deze veelbelovende partij komt Cercle in lijn met haar gewone basisploeg, waarbij toch naar verluidt enkele ekspirementen zullen doorgevoerd worden.  Zo spreekt men van de jeugdige Zomergemnaar Marc Verheye een kans te geven als linksbinnen, evenals Notteboom, Locskai e.a.”  

Dat deze match tegen een sterke Nederlandse ploeg leerzaam en wellicht ook verrijkend zou zijn hoefde geen betoog.  De groen-zwarten wilden hun supporters tonen dat zij op het goede spoor zaten en de in hen gestelde verwachtingen konden inlossen.  Ook nu weer mocht Vic Bergh in opdracht van “Het Brugsch Handelsblad” richting Cerclestadion stappen om er ter plaatse vast te stellen of de gekoesterde hoop op beterschap terecht was.

Cercle Brugge – N.A.C. Breda 2-6 : Gasten gaven het voorbeeld !” : “Wie zaterdag slechts aan de rust op het Cercleterrein kwam om de 2e helft van de vriendenwedstrijd tegen Breda te zien en reeds 0-4 cijfers op het skoorbord zag prijken, zal zich zeker wel hebben afgevraagd wat er gebeurd was ?  Men weet immers dat de groen-zwarten reeds op 15 oogst op bezoek gingen bij Breda en er een 1-2 overwinning boekten, zodat deze ruststand allesbehalve normaal leek.  Wie echter wel de 1e time volgde kon zeggen dat er niets abnormaals was voorgevallen, tenzij dat Cercle met haar reeds klassiek geworden tutterspelletje niet eens boven water was gekomen, terwijl de bezoekers daarentegen een demonstratie hadden gegeven van snel en rechtstreeks spel dat in het middenveld ook wel eens kort en lateraal was maar éénmaal in het doelgebied de nodige diepte had om de puntspelers te lanceren en de wankele lokale defensie uit haar hangsels te lichten.  De vier geskoorde doelpunten waren telkens het gevolg van het spelopentrekken of een vleugelverandering en we mogen er gerust aan toevoegen dat het geen één te veel was.  Mogelijk lag er wel een onoplettendheid van Mortier’s plaatsvervanger Acket aan de basis van de eerste voltreffer, maar anderzijds had hij zich weinig te verwijten.  Daarbij liet Breda nog een paar open kansen liggen wat trouwens bij de aanvang ook het geval was met Michiels en Buyse.  Kort na de rust dreigde het zelfs een volledige ramp te worden voor de thuisploeg als het even spoedig 0-6 werd, maar gelukkig zou de in de 2e helft opgestelde Notteboom voor een gunstige kentering zorgen.  Hijzelf had wel tegenslag met twee rake schoten die op de palen te pletter sloegen, doch Michiels en Daels zouden dan toch met twee degelijke voltreffers het zware vonnis milderen.  De Hollanders hadden in de eerste 56 minuten getoond hoe het moest en Notteboom, die vanuit de tribune eerst zijn maten hopeloos had zien krasselen, volgde uitstekend dit voorbeeld samen met Daels die als binnenspeler zonder enige twijfel zich doelmatiger kon uitleven dan op de hoek…”.

Technische  krabbels…
Cercle Brugge – N.A.C. Breda  2-6

opkomst : 500 toeschouwers.
terrein : goed maar iets glibberig.
leiding : ref. Roesbeke, kon beter.
fair-play : kon er door.
corners : Cercle 2, Breda 5.
doelpunten : 3’ Geraards 0-1, 29’ Machielse 0-2, 30’ Vissers 0-3, 34’ Van Gastel 0-4, 49’
  Baas in eigen doel 0-5, 56’ Van Gastel 0-6, 65’ Michiels 1-6, 73’ Daels 2-6.
Cercle : Acket, Roje, Serru, Perot, Baas, Demey, Daels (Notteboom), M. Verheye (Daels),
  Bailliu, Buyse (Verheye), Michiels.
N.A.C. Breda : De Ryck, Hoogerhuysse, Bogers, Hoven, Schrijvers, Luyten, Overbeke,
  Geraards, Vissers, Van Gastel, Machielse.


 

Brugge

 

* Het “Stubbekwartier” in Brugge is een enigszins onbekende en dus waarschijnlijk ook een eerder onbeminde wijk.  Ten onrechte, want achter het project dat leidde tot het “Stubbekwartier” stak een weldoordachte visie en het waren niet de minsten, o.a. koning Leopold II, die er hun schouders onder zetten om het prestigieuze opzet te laten slagen.  Tijdens de voorbije decennia werd de wijk bovendien grotendeels opgeknapt en verfraaid waardoor het er aangenaam toeven is.  Een beetje geschiedenis…
Tijdens de tweede helft van de negentiende eeuw kwam een eeuwenoude Brugse droom terug bovendrijven : Brugge opnieuw verbinden met de Noordzee.  Koning Leopold II was dit idee genegen en hij gaf in 1897 de gerenommeerde stedenbouwkundige Hermann Josef Stübben de opdracht om Brugge naar het noordwesten uit te breiden.
Om deze ambitieuze plannen te realiseren waren er natuurlijk heel wat bijkomende arbeidskrachten nodig en al deze arbeiders en bedienden moesten ook ergens wonen.  Meteen was het “Stubbekwartier” geboren : hier zouden de honderden ambachtslui, bedienden en ambtenaren die één of andere taak vervulden bij de uitbreiding van de nieuwe achterhaven gehuisvest worden.  Zoals het een zichzelf respecterende woonwijk past waren er ook plannen om een kerk te bouwen.  De kerk is er nooit gekomen maar het huidige Werfplein, tegenwoordig het hart van de buurt, werd alvast voorzien als het voorplein van de te bouwen kerk.

Cerle Brugge KSV

Het huidige Werfplein kreeg meer dan eens een andere naam.  Zo noemde het ooit het Grondwetsplein, de Koning Albertplaats en de Werfplaats (bron foto : www.erfgoedcelbrugge.be).

Hermann Josef Stübben werd op 18 februari 1845 geboren in het Duitse Hülchrath.  Hij studeerde van 1864 tot 1870 aan de Berlijnse Bauakademie en begon in 1871 zijn carrière als “Regierungsbaumeister” voor de bouw van spoorwegen.  Van 1876 tot 1881 was hij stadsarchitect voor Aken en van 1881 tot 1898 stadsarchitect voor Keulen.  Nadat in Keulen de acht kilometer lange middeleeuwse stadsomwalling gesloopt was, ontwierp Stübben de nieuwe stadsdelen en restaureerde hij de overblijvende monumenten.  In 1884 zat hij de Havencommissie voor die de nieuwe haven van Keulen ontwierp.  Op 14 mei 1891 kreeg Stübben de titel van “Beigeordnete” als erkenning van zijn vele verdiensten bij de uitbreiding van Keulen.  Van 1892 tot 1898 was hij voorzitter van de Commissie voor de uitbreiding van Posen (tegenwoordig Poznan genoemd), een stad in het westen van Polen.  Van 1898 tot 1902 fungeerde hij als bestuurder bij de elektriciteitsmaatschappij Helios en van 1904 tot 1920 als “Geheimer Oberbaurat” in Berlijn.
Met een dergelijk goed gevuld curriculum vitae mocht het geen verbazing wekken dat hij met veel hooggeplaatste personen, niet enkel in Duitsland maar ook in het buitenland, in contact kwam.  Ook de Belgische koning Leopold II deed een beroep op hem.  Hij liet Stübben de Tervurenlaan aanleggen die moest leiden naar het prestigieuze Koloniaal Museum (nu het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika).
Ook in Klemskerke (De Haan) mocht Stübben in opdracht van Leopold II aan de slag gaan.  De koning had er een eigendom van een honderdtal hectare die hij in concessie gaf aan een vennootschap die er, volgens de plannen van Stübben, een nieuwe badplaats creëerde.  Leopold II liet Stübben verder ook nog, in een daarvoor voorziene wijk, een honderdtal villa’s in Anglo-Normandische stijl optrekken, die dan aan particuliere eigenaars in een langdurige erfpacht werden toevertrouwd.  De Brugse familie Van Caillie, die een groot aan de zee grenzend terrein in Duinbergen (tussen Knokke en Heist) bezat, deed eveneens een beroep op Stübben om aan deze nieuwe badplaats de nodige stedenbouwkundige allures te verlenen.
Ook de familie Lippens, sinds jaar en dag in één adem vernoemd met Knokke, liet Stübben een deel van hun stad, met name Het Zoute, aanpakken.  Hij ontwierp er een badplaats volgens zijn geijkte formules rekening houdend met het bestaande duinenlandschap en toverde daarrond een landelijke weidse omgeving waar mooie villa’s, ook hier weer met de voorkeur voor de Anglo-Normandische bouwstijl, hun plaatsje kregen.
Het was een openbaar geheim dat koning Leopold II een boontje had voor Brugge.  Het was dan ook niet meer dan logisch dat de vorst, toen hier aan een uitbreiding in functie van de nieuwe haven gedacht werd, een beroep deed op zijn vertrouweling Stübben.
Toch haalde de Duitse bouwkundige zich hierbij de toorn van Leopold II op de hals toen enkele honderden meters van de Brugse buitengracht werden gedempt om een betere toegang vanuit de binnenstad te hebben op de in aanbouw zijnde nieuwe noordelijke haven.  Wie hiervoor uiteindelijk de verantwoordelijkheid droeg was niet meteen duidelijk maar het was de koning hoe dan ook in het verkeerde keelgat geschoten dat het uitzicht van Brugge hierdoor grondig verstoord was.  De boze koning liet zich een hele tijd niet zien in de stad en toen hij eindelijk nog eens Bruggewaarts reisde maakte hij er een privébezoek van.  Omdat burgemeester Visart de Bocarmé liever niet geconfronteerd werd met de toorn van de vorst meldde hij zich ziek en het was een plaatsvervangende schepen die zich door Leopold II de levieten mocht laten lezen.
Het ontwerp van Stübben voor het nieuwe stadsdeel was eigenlijk vrij simpel.  Er zou een industriezone komen langs het kanaal Brugge – Oostende, een arbeiderszone in het oosten (Werfplein), een Middenstandszone centraal langs de Scheepsdalelaan en een residentiële zone in het Westen.
De riante residentiële wijk was bestemd voor de burgerij.  Dit gedeelte moest brede straten en voldoende ruimte voor bomen en groen omvatten.  Hier werd ook een nieuwe parochiekerk gebouwd toegewijd aan Kristus-Koning.

De kerk van Kristus-Koning in neoromaanse stijl werd ingewijd op 18 juli 1932 door de Brugse bisschop Lamiroy (bron foto : revue.knauf.be).

Aan de andere zijde van de Scheepsdalelaan werd een heel wat bescheidener wijk voorzien waar de arbeiders konden wonen en waar ook plaats voorzien was voor kleine nijverheid en ambachten.  De straten hoefden er niet zo breed te zijn als op Kristus-Koning maar de wijk kreeg wel enkele pleinen en veel bomen.  Het was deze wijk die de geschiedenis zou ingaan als het “Stübbenkwartier”.

Cerle Brugge KSV

Heel veel bedrijven en bedrijfjes hadden hun stek in deze wijk.  Om het geheugen op te frissen noemen we er hier voor de vuist enkele op.  Dit overzichtje is uiteraard verre van volledig maar bij de Bruggelingen die reeds een dagje ouder zijn zal er wel een belletje rinkelen bij het lezen van die vertrouwde namen : de “Gasfabriek” (het latere Electrabel) langs de Scheepsdalelaan, “Bloemmolens Dewulf” (Kolenkaai), “Kolenhandel Gaston Van Biervliet” (Leopold II-laan), “Brugsche koffiebranderij De Zon” van Petitjean-Sanders die ook nog “Koloniale Waren” verhandelde (Leopold II-laan), maalderij “De Nieuwe Molens” (Kolenkaai), pompstation “Van Biervliet & Zonen” (Leopold II-laan), kistenmaker “Ackaert” (Werfstraat), schrijnwerkerij “Albert Van Damme” (hoek Werfstraat en Leopold II-laan), schroot- en afvalbedrijf “Emile De Buyser” (Werfstraat, toen nog de Generaal Lemanstraat), drukkerij-boekbinderij “Beyaert” (Werfstraat), limonadehandel “Flandre” (Werfstraat), horticultuur “Verriest” (hoek Scheepsdalelaan – Werfstraat),…

Cerle Brugge KSV

In het “Stübbenkwartier verrezen heel wat industriële gebouwen zoals de “Bloemmolens Dewulf” (uit 1912) langs de Kolenkaai (bron foto : beeldbank Brugge).

Vanaf 1920 deed Stübben het rustiger aan.  Hij had tenslotte zijn sporen reeds ruimschoots verdiend en hoefde niets meer te bewijzen.  Hij overleed op 8 december 1936 op 91-jarige leeftijd in Frankfurt am Main.

Hermann Josef Stübben (° 10 februari 1845 - + 8 december 1936) (bron foto : Wikipedia).

Cerle Brugge KSV

In 1960 was de wijk toe aan een nieuw wegdek.  Dat met de correcte naam van deze buurt vaak een loopje genomen werd en wordt zal geen verbazing wekken.  Geen enkele Bruggeling zal het waarschijnlijk ooit hebben, in de veronderstelling dat zij de naam van de wijk kennen, over het “Stübbenkwartier” of de “Stübbenwijk”.  De juiste naam wordt steevast verwrongen tot “Stubbekwartier” of “Stubbewijk”.
In “Het Brugsch Handelsblad” vonden wij over de broodnodige aanleg van een nieuw wegdek onderstaand artikel terug :

Herbestrating van Stubbewijk begonnen” : “Reeds op het einde van vorige week is men begonnen met de herbestrating van de zogenaamde Stubbewijk. In de Generaal Lemanstraat (*) werden de voetpaden opengelegd om nieuwe gasleidingen te leggen.  Van daaruit breidde deze hernieuwing zich tot de andere straten uit.  In dezelfde straat werd ook reeds een strook kasseien door de bulldozer van de firma Blanckaert uitgebroken, ten einde de asfaltering van het wegdek voor te bereiden.  Naar verluidt zou men niet in alle straten tot het verwijderen van de kasseien overgaan en op sommige plaatsen rechtstreeks op de oude kasseien asfalteren, zoals in de Julius en Maurits Sabbestraat.  Deze werken zijn in elk geval zeer welkom, want het wegdek aldaar behoorde tot het slechtste van zijn aard in de stad Brugge.”.

(*) De Generaal Lemanstraat in de “Stübbenwijk” werd gewijzigd in de Werfstraat bij het tot stand komen van Groot-Brugge (1971).  De vroegere deelgemeente Assebroek had reeds een Generaal Lemanlaan (die behouden bleef) en om verwarring te vermijden kreeg de Generaal Lemanstraat in Brugge een nieuwe naam (nvdr).

* Destijds, maar dat is ondertussen toch ook alweer een pak jaren geleden, stond er op het voetpad aan de Sint-Salvatorskathedraal een aubette.  In die aubette, eigenlijk een winkeltje op wielen dat het midden hield tussen een frietkot en een strandkar, verkocht Flavie kranten, tijdschriften, gidsen, stadsplattegronden en ansichtkaarten.  Die aubette en natuurlijk ook Flavie maakten doodgewoon deel uit van de Steenstraat.  Als je daar passeerde, als dat tenminste op een deftig uur gebeurde, dan zag je daar Flavie zitten.  Ondertussen zijn Flavie en haar aubette reeds lang uit het straatbeeld verdwenen maar de herinnering bleef.  In 1960 verscheen er in “Het Brugsch Handelsblad”, gespreid over twee weken, een artikel rond Flavie want dat jaar tekende zij reeds 25 jaar (!) present in haar aubette.  We kozen een klein fragmentje uit dat voldoende illustreert hoe belangrijk de aanwezigheid van Flavie was en dat iedereen met veel plezier met haar een praatje maakte :

25 jaar Flavie” : “Feitelijk weten er niet zo heel veel mensen, hoe ze eigenlijk heet met haar familienaam.  Zij staat in gans Brugge bekend als Flavie tout court, Flavie van ’t gazettekotje bij Sint-Salvators.  Zij huizeniert daar winter – zomer van ’s morgens zes tot ’s avonds zeven uur.  Iedereen springt daar af of staat daar stil, om ’t vers nieuws te kopen : werklieden in de vroege nuchtend, die voor hun werk nog de sportverslagen willen lezen, juffrouwen die van Sint-Salvators komen en een babbeltje slaan over ’t weder of de dierte van ’t leven pratend met die ingoe vriendelijke Flavie, die lacht lijk een verse paptoarte, dat ge geen oogskens meer ziet en vertelt rap en vele lijk een ekster.  Professors van Saint Louis (*) blijven daar staan om samen met hun gazette de stand van zaken op de parochie te vernemen en later op de voormiddag zijn het de gezeten burgers op pensioen, die om ’t nieuws van de beurs komen. Want ge moet daar lijk blijven staan, willen of niet bij dat gazettekotje dat daar zo middeleeuws dwars over ’t voetpad staat.”.

Cerle Brugge KSV

Flavie in haar aubette aan de Sint-Salvatorskathedraal (bron foto : beeldbank Brugge).

Iedereen kende Flavie en toch kenden slechts weinigen Flavie echt.  Wie was zij ?  Waar woonde zij ?  Waar kwam zij vandaan ?  Het kon een programma avant la lettre van Paul Jambers geweest zijn !  Mits een beetje zoeken en speuren ontdekte ik een humoristische tekst van de hand van Denis Vermeire waardoor het mysterie rond Flavie toch een beetje ontrafeld wordt.  Deze tekst verscheen in “Vierkant” (oktober 2016), een publicatie van Woonzorgzone Curando West.  Ik wou de Shotlezer dit leuke stukje leesvoer niet onthouden en geef het met plezier integraal weer.  Geniet er van !

FLAVIE VAN D’AUBETTE VAN SINT-SALVATORS - In de Steenstraat, aan de kerk van Sint-Salvators, ongeveer waar er nu een paar autobushokjes staan, was er vroeger een krantenkiosk.  Die heette “d’ Aubette van Sint-Salvators”.  Die kiosk was een soort kar op wielen en werd gewoon “d’Aubette” genoemd.  De uitbaatster was dikke Flavie, een mens van minstens honderd kilo, droog gewogen.  Als kind heb ik mij altijd afgevraagd : hoe geraakt Flavie in hemelsnaam in haar gazettekot ?  En dat mens moet toch ook een keer ‘pipi’ doen ?  Nooit heeft mij iemand een antwoord aangereikt.  Iedereen kende Flavie.  Maar niemand wist waar ze vandaan kwam, hoe ze noemde en waar ze woonde !  Daarom : de historie van ‘t leven van Flavie van d’Aubette van Sint-Salvators.
Flavie Jonckheere, is in Brugge ‘aangespoeld’ gelijk dat ze zeggen.  Ze is geboren in Zande, als dochter van August Jonckheere en Marie Odaert.  Flavie is kort vóór de eerste wereldoorlog, in 1911, komen dienen bij Juffrouw Heule, een welstellende dame die op het kerkplein op Sint-Anna woonde.  Rijke dames hielden er in die tijd een dienstmaagd op na.  Die deed voor hen het huishoudelijk werk, ze ging de commissies doen en soms was ze ook wel eens een beetje de gezelschapsdame van madam.  Sommige diensters werden met de tijd een stuk van ’t meubilair en zelfs halve familie.
d’Aubette van Sint-Salvators stond er reeds van vóór de eerste wereldoorlog en werd vele jaren uitgebaat door een zekere Achiel Creyf.  Hij verkocht er gazetten, postzegels, revue’s (zoals ze de boekjes vroeger noemden) en je kon er ook tabak krijgen.  Voor de zeldzame toeristen waren er ook postkaarten met “vue’s” van Brugge.
Flavie was echter door en door christelijk.  In zoverre zelfs, dat niet-katholieke gazetten en boeken werden geweerd.  Die ongelovige brol kwam haar aubette niet binnen !  Ze had het dan ook niet begrepen op de klanten van “Het Volkshuis”.  Dat was het lokaal van de socialisten dat rechtover haar aubette, op de hoek van de Zilverstraat was gevestigd.  Daar werden “Het Werkerswelzijn” en het “Vlaams Weekblad” uitgegeven !  Twee socialistische gazetten die samen met “De Volksgazet” verboden waren in haar aubette !
Met schunnige boekjes was het zuuste van ’t zelfde…  Te veel bloot op de omslag en ’t boekje was veroordeeld tot de vuilbak !  De leerlingen van de Brugse scholen uit de buurt durfden Flavie al eens “den duivel aandoen” !  Met een paar kwamen ze dan vragen naar een ‘raar’ boekje of een gewaagd stationsromannetje.  Dan was ’t kot te klein !!  Niet zelden werd de prefect van de school later op de week, bij het ophalen van z’n krant, ingelicht.  Zelfs met de persoonsbeschrijving erbij van de kleine smeerlaptjes die Flavies zieleleven in gevaar hadden gebracht !
Schuin over Flavie’s Aubette was er de koffiebranderij van “De Groof”.  Een heel erg drukbeklante zaak die van overal in de streek gekend was.  Elke zaterdagmorgen, toen de verse koffiebonen in de winkel werden gebrand, zweemde er over de hele buurt een zalige geur van versgebrande koffie !  Zaaaalig !  Dan was Flavie in haar beste doen.
Haar aubette draaide als zot.  Vaste klanten kwamen er hun wekelijkse lectuur ophalen maar ook de Brugse nieuwtjes gingen er over de toonbank.  De lotjes van de “Koloniale Loterij” die in Flavie’s aubette verkocht werden, hadden wellicht speciale, magische capaciteiten.  Ze waren in elk geval zeer geliefd bij de Bruggelingen.  Ook mijn vader trok elke week naar Flavie voor zijn lotjes van de ‘Koloniale Loterij”.  Nooit is hij er één frank rijker mee geworden !
Flavie woonde in de Katelijnestraat 1.  Maar direct na de oorlog, op 10 juli 1945, nam ze haar intrek in Sint-Salvatorskerkhof 21.  Dat was dichter bij haar aubette en vooral ook dichter bij haar kerk.  De kathedraal van Sint-Salvator.
In 1960 werd ze gevierd door de commercanten van de Steenstraat voor het zilveren jubileum van haar uitbating.  Ze kreeg een “boekee” bloemen en een omhelzing van Meneere Machiels, de voorzitter van de gebuurtekring van de Steenstraat.  Flavie bloosde en zag ’n beetje rood van “alterasie”.  Wie had dat gepeinsd … een kus van de voorzitter !!!!  “Wat goan de menschen zeggen” prevelde ze…
Helaas, vijf jaar later, in augustus 1965, moest ze wegens ziekte haar aubette vaarwel zeggen.  Het ging niet meer…..  Het deed haar raar.  Ze miste haar klanten die inmiddels vrienden en kennissen geworden waren.  Sommigen waren zelfs halve familie !  In haar woning hield ze zich bezig met haar grote postzegelverzameling.  Zij was immers een verwoed verzamelaarster en beschikte over een unieke, grote collectie zeldzame postzegels.
Flavie Jonckheere overleed in de kliniek van de Zwarte Zusters langs de Spaanse Loskaai in Brugge op maandag 16 september 1968.  Ze werd 75 jaar.  En d’Aubette van Sint-Salvator hoor ik je vragen…  Die verdween uit het straatbeeld en verhuisde naar de tuin van haar erfgenaam, een neef in Snellegem.  Hij maakte er een duivenhok van !  Zou Flavie het geweten hebben ?”.

Internationaal

* Toen Duitsland de Tweede Wereldoorlog definitief verloren had beseften vele voormalige kopstukken van de Nazipartij dat de jacht op hen open verklaard was.  Proberen te ontsnappen zou niet van een leien dakje lopen.  De Rijkshoofdstad Berlijn was omsingeld door de Russen en nagenoeg hermetisch afgesloten en in West-Europa zwaaiden de geallieerden de plak.  Velen werden gevangen genomen en kregen een proces, anderen pleegden zelfmoord om aan hun noodlot te ontsnappen.
Vaak hoorde men in de naoorlogse jaren berichten over voormalige nazikopstukken die (vooral) in Zuid-Amerika opdoken.
ODESSA, wat voluit Organisation der ehemaligen SS-Angehörigen betekent, was een netwerk van voormalige SS-officieren en –sympathisanten die onder leiding van de gewezen SS-Standartenführer Otto Skorzeny hoge nazi’s hielp ontvluchten uit het door de geallieerden veroverde Europa.
Van SS-Hauptsturmführer Josef Mengele, de “Engel des doods”, is met zekerheid geweten dat hij na de oorlog in Argentinië, Uruguay, Paraguay en Brazilië verbleef waar hij in 1979 overleed.
Een andere figuur waarover vaak geruchten de ronde deden was Martin Bormann.  Hij werd op 17 juni 1900 in het Duitse Wegeleben geboren.  De jonge Bormann was een goede student maar in 1918 verkoos hij het Duitse leger boven studeren.  Na de oorlog kwam Bormann in extreemrechtse middens terecht en in 1922 werd hij lid van het Vrijkorps Rossbach, een extreem nationalistisch en antisemitisch korps, dat zich kantte tegen de Weimarrepubliek.  Op 17 februari 1927 werd Bormann lid van de NSDAP (Nationaal-Socialistische Duitse Arbeiderspartij) van Adolf Hitler.  Al snel werkte hij zich op in de partijhiërarchie en in 1928 werd hij toegevoegd aan de staf van de Sturmabteilung.  Na de machtsovername in 1933 benoemde Adolf Hitler hem tot partijorganisator en schatkist bewaarder.  Vanaf 1933 zetelde Bormann in de Rijksdag.
Een belangrijk kenmerk van Marin Bormann was dat hij nooit op de voorgrond trad maar toch altijd heel prominent aanwezig was.  In feite was Bormann de secretaris van Rudolf Hess die de tweede belangrijkste persoon in de partij en de plaatsvervanger van Hitler was.  Nadat Hess in 1941 naar Groot-Brittannië vloog en er gevangen werd gezet stelde Hitler Bormann aan als zijn privésecretaris.  De Führer had een grenzeloos vertrouwen in Bormann die een fenomenaal geheugen had en onwaarschijnlijk stipt was.  In 1943 werd Bormann partijsecretaris.  In juli 1944 pleegde kolonel Claus von Stauffenberg een mislukte aanslag op Hitler.  Omdat er bij die aanslag een groot aantal Wehrmacht-officieren betrokken waren verloor Hitler zijn vertrouwen in het leger.  Hij was enkel nog overtuigd van de loyaliteit van de SS en van de partij.  Op die manier werd Martin Bormann, als partijsecretaris de machtigste man binnen de NSDAP, samen met de Reichsführer-SS Heinrich Himmler, één van de machtigste figuren van het Derde Rijk.

Cerle Brugge KSV

(bron foto : Wikipedia)

Bormann bleef zijn Führer trouw en vergezelde hem naar de Berlijnse Führerbunker.  In zijn testament van 29 april 1945 omschreef Hitler Bormann als zijn “loyaalste partijgenoot” en stelde de Führer hem aan tot zijn testamentair executeur.  Na de zelfmoord van Adolf Hitler op 30 april 1945 ondernam Martin Bormann, samen met enkele getrouwen, op 2 mei een uitbraakpoging.  Het was zijn bedoeling om zich in Flensburg bij admiraal Karl Dönitz te voegen die, als opvolger van Hitler, de nieuwe president van het Derde Rijk was geworden.
Via onderaardse riolen bereikten Bormann en de zijnen de Friedrichstrasse waar ze in een vuurgevecht terecht kwamen en elkaar in de verwarring kwijt geraakten.

Niemand wist met zekerheid te zeggen wat er met Bormann gebeurd was.  Artur Axmann, de leider van de Hitlerjugend, verklaarde tijdens het proces van Neurenberg dat hij het dode lichaam van Bormann had zien liggen.  Erich Kempka, de chauffeur van Hitler, verklaarde dat hij Bormann na de ontploffing niet meer gezien had en hij aannam dat Bormann, gezien het over een zeer zware ontploffing ging, dood was.
Was Martin Bormann inderdaad dood ?  Of was hij toch kunnen ontsnappen ?  In “Het Brugsch Handelsblad” lazen we het volgend artikel :

Martin Bormann zou in Argentinië opgedoken zijn” : “Na de oplichting van Eichmann, de Jodenverdelger, door Israëlische agenten, werd beweerd, dat ook Martin Bormann, Hitlers laatste plaatsvervanger en sekretaris van de NSDAP in het land van ex-diktator Peron onder een valse naam zou leven.  Het is een feit, dat in Argentinië veel oud-nazi’s een onderkomen hebben gevonden met behulp van de Peron-diktatuur.  Donderdag werd te Zarate nabij Buenos Aires een man aangehouden, die sprekend op Martin Bormann gelijkt, doch er… 10 jaar jonger dan zijn berucht evenbeeld –voor zover hij dus Bormann zelf niet is– uitziet.  Hij ziet er 50 uit, terwijl Bormann er thans 60 zou moeten zijn.  Bormann verdween spoorloos uit het brandend Berlijn bijna vlak voor de intocht van de Russen in 1945.  Walter Flejer, aldus de man, die op Bormann gelijkt, zou echter volgens zijn werkgevers reeds sinds 1944 in Argentinië verblijven, zodat hij Bormann niet kan zijn, vermits deze eerst in 1945 Duitsland zou verlaten hebben, bijaldien hij werkelijk is ontsnapt.  Het mysterie Bormann is dus niet opgelost en a fortiori het mysterie Hitler ook niet.  Voor alle zekerheid stuurde Bonn een dokument met vingerafdrukken van de vermiste Nazileider naar Buenos Aires ter vergelijking.”.     

Dergelijke berichten waren schering en inslag.  Zelfs van Hitler werd op een bepaald moment beweerd dat hij niet in Berlijn gestorven was maar ondergedoken in Zuid-Amerika leefde.  Uiteindelijk bleek dat Artur Axmann en Erich Kempka de waarheid hadden gesproken.  Martin Bormann was inderdaad bij de granaatontploffing om het leven gekomen.  In december 1972 waren er bouwwerkzaamheden aan de gang nabij de Berlijnse Tiergarten, op de plaats waar Bormann voor het laatst gezien was.  De arbeiders stootten er op twee skeletten.  Tijdens het daaropvolgend onderzoek vond men op beide skeletten sporen van cyanidecapsules terug.  Veel nazi’s beschikten over dergelijke capsules met cyanide (een zeer snel werkend gif) om, als zij gevangen genomen werden, zelfmoord te kunnen plegen.  Bovendien kon men achterhalen dat één van beide skeletten het juiste postuur en de juiste leeftijd had om Bormann te kunnen zijn.  Na de autopsie bleken de gebitsgegevens en andere specifieke details overeen te komen met de gegevens waarover de Duitse overheid in hun archieven beschikte.  Op basis van al die informatie besloot Duitsland om Martin Bormann in april 1973 officieel dood te verklaren.  In 1998 konden de onderzoekers DNA-materiaal vergelijken met dat van familieleden en met zekerheid concluderen dat één van de in december 1972 gevonden skeletten dat van Martin Bormann was.  Nu het onderzoek definitief kon afgesloten worden besloot men, op verzoek van de familie, de botresten te cremeren.  De as werd op 16 augustus 1999 boven de Baltische Zee uitgestrooid.

De schedel van Martin Bormann die bij bouwwerkzaamheden werd opgegraven op de plaats waar hij het laatst gezien was (bron foto : ww2gravestone.com).

 

(Marnix Knockaert)

Cerle Brugge KSV

Gerelateerde nieuwsberichten

Cerle Brugge KSV
Cercle en Brugge door de jaren heen… (deel 220)

(periode van 28-01-1961 -> 04-02-1961)


Cercle

De groen-zwarten legden een hobbelig parcours af.  Er werden punten gehaald als het niet verwacht werd maar er werden vooral kostbare punten verloren als het niet mocht.  Voor een elftal dat ambities koesterde om te promoveren was dat geen ideaal scenario.  Gelukkig was de volgende wedstrijd een thuismatch tegen het pas dertiende geklasseerde Olse Merksem.  Met twaalf punten achter hun naam hadden de blauw-gelen niet bijster veel overschot op de laatste in de rangschikking, Lyra, dat amper negen punten verzameld had.  De Antwerpenaars leden best geen nieuw puntenverlies om niet in verlegenheid te komen.  Voor Cercle leek deze wedstrijd de kans bij uitstek om een ruime zege te laten optekenen zodat de komende matchen met een gerust gemoed konden aangevat worden.  Of… zou het nog maar eens anders uitpakken ?

“Vic Bergh” trok voor “Het Brugsch Handelsblad” richting Edgard De Smedtstadion in de hoop dat hij er een verslag kon neerpennen waarin hij een klinkende Cerclezege kon beschrijven…

Cercle Brugge – Olse Merksem 1-4 : Ontgoochelend en smadelijk verlies…” : “Voor wie nog een bewijs moest hebben dat het de laatste weken niet meer vlot bij Cercle, dat er iets hapert, betekent de even afgetekende als smadelijke 1-4 nederlaag van zondag jl. op eigen veld tegen Olse Merksem waarlijk de proef op de som !  De groen-zwarten kunnen voor dit nieuw home-verlies inderdaad weinig of geen verontschuldigingen doen gelden, want het was het resultaat van een doorslechte en ontgoochelende prestatie waaruit omzeggens geen enkele speler vrijuit gaat…  Over gans de duur van de wedstrijd, waarvan de inzet voor de lokalen nochtans van kapitaal belang was met het oog op het verstevigen van hun nog steeds gunstige positie, rammelde het in de Brugse ploeg dat het een aard was en werd zij bestendig netjes de les gespeld door een eerder middelmatige maar geestdriftige en snelle tegenstrever.  Zowel inzake verband, als in samenspel, doordrijvendheid en schotvaardigheid stonden de Bruggelingen onder hun gasten, hetgeen de juiste 1-4 eindcijfers trouwens treffend aantonen.  Het feit dat de groen-zwarten zelfs een goedkope penalty vandoen hadden om de eer te redden, onderschrijft met klank hun hopeloze steriliteit en ondoelmatigheid die niet alleen het gevolg zijn van een te lateraal en te gesloten acteren, maar ook en vooral van een manklopend systeem en een weinig oordeelkundige ploegopstelling.  Als men immers nagaat dat twee specifieke kanthalfs in de voorlijn geplaatst worden en deze laatste iedere steun ontzegd wordt van de gedwongen defensief spelende middenspelers, dan is het klaar dat de onontbeerlijke productiviteit zoek blijft.  Zolang de groen-zwarten geen snedig, direct aanvalsspel kunnen opbrengen, gepaard aan een effectieve schotvaardigheid en afwerking, zal er, helaas, niets in huis komen van de reeds zo lang gekoesterde promoveringsdromen.  Wil men vooraleer het te laat is nog redden wat er te redden is, dan dient er kordaat en onverwijld ingegrepen en hiervoor mag men voor niets en niemand terugschrikken.  Het belang en de toekomst van Cercle staan hier onvoorwaardelijk op het spel !”
 


Technische  krabbels…
Cercle Brugge – Olse Merksem  1-4


- opkomst : 5.000 toeschouwers.
- terrein : goed.
- weersgesteldheid : mist en regenachtig.
- leiding : ref. Cumps, zwak.
- fair-play : correct.
- corners : Cercle 8, Olse Merksem 5.
- doelpunten : 20’ Brandts 0-1, 25’ Roje via Demey 0-2, 35’ Lambert (penalty) 1-2, 54’
  Didden 1-3, 55’ Brandts 1-4.
- Cercle : Mortier, Roje, Serru, Michiels, Wittevrongel, Demey, Notteboom, Lambert, Perot,
  De Caluwé, Desmaele.
- Olse Merksem : Jacobs, Verbois, De Hert, Willems, Soetewey, Didden, Adel, Sips,
  Brandts, Vandeweyer, Adriaenssen.


Als het minder goed gaat met de favoriete ploeg is het vanzelfsprekend dat de supporters zich roeren.  Dat was bij Cercle niet anders.  Al had het, de tegenvallende resultaten van de laatste weken in acht genomen, nog lang geduurd voor iemand zijn nek uitstak.  Iedere supporter spuide wel zijn eigen mening gevolgd door de nodige oplossingen maar tot nu toe was het altijd gekoeld zonder blazen.  De hierna volgende lezersbrief met de toepasselijke titel “Quo vadis Cercle ?” (*) van “een groen-zwarte aanhanger” zorgde ervoor dat het protest tastbaar werd en in een stroomversnelling terecht kwam.  Nu kon geen enkele groen-zwarte verantwoordelijke nog langer zijn hoofd in het zand stoppen.  De zware thuisnederlaag tegen Olse Merksem was de spreekwoordelijke druppel die de al even spreekwoordelijke emmer liet overlopen.  Het was de hoogste tijd om het roer om te gooien…

(*) “Quo vadis” : Latijn voor “Waarheen gaat gij ?” (nvdr)

Quo vadis Cercle ?” : “Toen ik verleden zondag na de match aan ’t mijmeren was over hetgeen men zou kunnen noemen “het treurig geval Cercle”, schoot mij plotseling te binnen dat de wekelijkse voetbalpartij eigenlijk een “heerlijke ontspanning” zou moeten zijn.  Hoe dikwijls echter zijn de prestaties van de Brugse groen-zwarten voor ons, Cerclemannen, een heerlijke ontspanning ?  Veeleer zien wij met schrik de zondag tegemoet.  Ook als de tegenstander bepaald zwakker is zijn wij nooit een ogenblik gerust.  Onze verwachtingen ?  Onze dromen van voor het seizoen ?  Niets anders dan ontgoochelingen !...  Wanneer wij nuchter de gang van zaken bij Cercle beschouwen, dan moeten wij achteraf besluiten : het is de logische ontknoping van hetgeen wij effenaf WANBEHEER moeten noemen.  Ik wil nu niet uitweiden over datgene waarvan ik niet 100 % zeker ben, zoals de persoon van die of die, of nog de training, of nog andere zaken.  Ik stel enkel vast wat nu toch eindelijk voor iedereen allerduidelijkst is : diegene die de ploeg samenstelt, heeft sinds anderhalf jaar nog niets anders gedaan dan de Cercleploeg stelselmatig verzwakken !  Verleden jaar werd de beste voorspeler die wij hadden (*)(dat hij tekortkomingen had ?  Noem de speler die er geen heeft !) meerdere keren onverantwoordelijk niet opgesteld o.a. niet in de kapitale testmatch tegen Eisden.  Nadien werd hij verkocht.  Verzwakking van de ploeg.  Wij zouden kunnen een halflijn hebben van tenminste dezelfde sterkte als die van de gemiddelde elftallen uit de 1e afdeling.  NOOIT wordt dergelijke middenlijn opgesteld.  Verzwakking van de ploeg !  Uitstekende kanthalfs, waarvan men sinds lang weet dat zij in de voorlijn maar half presteren, worden regelmatig weerkerend vooraan geplaatst.  Verzwakking van halflijn en van voorhoede !  Als de voorlijn mank loopt door gewonden of weerbarstige forme, moet de halflijn niet meteen verzwakt worden !  Dan moeten reserven in de aanvalslijn, als die voor handen zijn.  En Cercle beschikt over degelijke invallers.  Iedere persoon die aan de leiding staat, mist al eens, zelfs grovelijk, zelfs twee, drie maal.  Maar dat iemand een jaar en half steeds maar dezelfde flaters begaat, is niet meer aanvaardbaar.  Er is daar iets niet meer in orde, hetzij verregaande incompetentie, hetzij blinde vooringenomenheid of wat dan ook, maar er is daar iets niet meer in orde.  Diegenen die nog dergelijke selectionneur steunen, moeten weten dat zij zich in verdenking stellen.  Is de toestand niet reeds zo ver gezet dat, indien de goed-menenden niet de koppen bij mekaar steken en krachtdadig ingrijpen, Cercle recht naar de ondergang gaat ?  Er is werk voor klaarziende, krachtdadige persoonlijkheden die geloven dat zij daar een heerlijke taak te vervullen hebben.  De Cercle-aanhangers –veel talrijker dan men denkt– zien uit naar de komst van dergelijke persoonlijkheden, die er ook zijn in de schoot van het bestuur. – Een groen-zwarte aanhanger.”

(*) Verleden jaar werd de beste voorspeler die wij hadden… : de briefschrijver bedoelt hier duidelijk Hans Gerard (nvdr).

Ondanks het feit dat Cercle een beetje de pedalen kwijt leek te zijn, en dat is misschien nog zacht uitgedrukt, bleven de groen-zwarten aanklampen bij de toonaangevende elftallen in Tweede Klasse.  Iedereen leed wel eens onverwacht puntenverlies en dat zorgde er voor dat Cercle zich op de vierde plaats kon handhaven.  Omdat ook de topploegen regelmatig al eens één of meerdere puntjes vergooiden, slopen de mindere goden op kousenvoeten dichterbij.  Daardoor was het mogelijk dat na zestien wedstrijden het twaalfde geklasseerde Berchem Sport slechts zes punten minder telde dan leider FC Diest.  De Brugse groen-zwarten totaliseerden, ondanks de tegenvallende prestaties van de laatste weken, amper twee punten minder dan de leider.  Alles bleek dus nog mogelijk…  De stand in Tweede Klasse : 1. FC Diest (21 punten), 2. FC Beringen (21), 3. Union Namen (19), 4. Cercle (19), 5. SK Sint-Niklaas (18), 6. FC Turnhout (18), 7. FC Mechelen (17), 8. Kortrijk Sport (15), 9. Racing Doornik (15), 10. SC Charleroi (15), 11. Racing Brussel (15), 12. Berchem Sport (15), 13. Olse Merksem (14), 14. FC Tilleur (12), 15. Lyra (9), 16. White Star (9).

De Brugse gemoederen waren, ondanks de nog steeds gunstige klassering, zeker nog niet tot bedaren gebracht.  Het potje kookte over, de frustraties kwamen tot een uitbarsting en de diverse oplossingen werden als gloeiend hete lava uitgebraakt.  En, zoals het vaak gaat als het mank loopt, eiste men de kop van de trainer.  Een andere, en natuurlijk een betere, trainer zou meteen alle problemen van tafel vegen.  Na de trainerswissel zou Cercle elke tegenstander van het veld spelen om, op het einde van de competitie, met de vingers in de neus, snel even de titel mee te graaien…

Nieuwe trainer bij Cercle ? : “De laatste ontgoochelende thuiswedstrijden waarop zes van de acht te winnen punten onbegrijpelijk verloren gingen, hebben een grote beroering verwekt in de Brugse sportmiddens in het algemeen en in de Cerclerangen in het bijzonder.  De groen-zwarte supporters, die hun schoon geld betalen om hun ploeg goed voetbal te zien spelen en meteen te zien winnen, staken verleden zondag hun teleurstelling en mistevredenheid niet onder stoelen of banken.  Zowel de spelers om hun passief optreden als de trainer om zijn niets-opbrengend systeem werden zwaar aangevallen en zondagavond konden we zelfs een telegram lezen van een Cerclesupporter die als volgt zijn verontwaardiging uitdrukte : “Delfour à la porte ou le Cercle est perdu” !  Krasser kan het zeker niet zodat er begrijpelijkerwijze ook in de groen-zwarte bestuurskringen uiteenlopende reacties zijn losgekomen met als middelpunt de kwestie van een nieuwe trainer.  Zonder de technische bevoegdheid van Edmond Delfour aan te vechten is het niettemin een feit dat hij tactisch en als selectionneur grotendeels heeft gefaald.  Uit doorgaans zeer betrouwbare bron konden we dan ook vernemen dat het verlopend contract van dhr. Delfour niet zal hernieuwd worden en dat reeds duchtig uitgekeken wordt naar een nieuwe oefenmeester.  Wie het zal zijn blijft vooralsnog een raadsel, maar naar verluidt is de kans groot dat het een bekende oud-Gantoisespeler en gewezen internationaal wordt die trouwens als trainer reeds zijn sporen verdiende.  Er dient dus afgewacht, maar laat ons hopen dat dit netelig en delicaat probleem ten spoedigste wordt opgelost.”

Of de resultaten nu goed of minder goed waren, de bal bleef rollen en de voetbalzondagen volgden elkaar op.  De volgende wedstrijd, een uitmatch, beloofde alvast een lastige klus te worden voor de groen-zwarten.  Er stond immers een reisje naar Namen op het programma.  De Walen deden het bijzonder goed en waren ondertussen opgeklommen naar de derde plaats, net voor Cercle.  Een pronostiek wagen was schier onbegonnen werk want de huidige groen-zwarte ploeg kon van iedereen winnen maar ook van iedereen verliezen.  Het zou dus een dubbeltje op zijn kant worden.  In “Het Brugsch Handelsblad” werd alvast eens vooruit geblikt.

Brugse ploegen voor morgen zondag” – “Namen – Cercle : Cercle zit na de ramp tegen Merksem begrijpelijkerwijze met de handen in het haar en staat voor een zware taak om uit de penarie te geraken.  Daarbij worden de groen-zwarten dan nog morgen een lastige en gevaarlijke verplaatsing naar Union Namen voor de voeten geschoven, zodat zij met heel wat meer wilskracht en moreel zullen moeten bezield zijn om deze hinderpaal zonder veel kleerscheuren over te geraken.  Waar verschillende spelers wegens verwondingen nog onzeker waren, zal de ploeg slechts in laatste instantie samengesteld worden al heeft volgende formatie veel kans om te Namen in lijn te komen : Mortier, Roje, Serru, Perot, Wittevrongel, Demey, Desmaele, Daels, Buyse, Michiels, Balliu, De Caluwé.”

En dan was het zo ver…  Het was nog geen match van de waarheid maar nieuw puntenverlies konden de groen-zwarten zich toch echt niet veroorloven.  Of… zorgden zij nog eens voor een aangename verrassing door het derde gerangschikte Union Namen in eigen huis te kloppen ?  “Veritas” mocht voor “Het Brugsch Handelsblad” meereizen naar Namen en hoopte waarschijnlijk dat hij niet met het schaamrood op de wangen Bruggewaarts zou moeten keren…

Union Namen – Cercle Brugge 0-1 : Willy Mortier matchwinnaar…” : “Volgens de algemene verwachtingen –wij hadden al evenmin gedurfd één frank te zetten op een Cerclezege– hadden de Brugse groen-zwarten geen schijn van kans om te Namen ook maar iets van de buit te oogsten, want de Walen dreven immers op een prima conditie en het terreinvoordeel zou eveneens zijn woordje meepraten.  Wel waren de lokalen bestendig in de meerderheid en moesten de Brugse verdedigers vaak hard op de tanden bijten, doch naarmate de partij vorderde en de stand blank bleef, herwonnen de Cercleboys stilaan hun zelfvertrouwen, temeer dat het spoedig bleek dat de Waaltjes niet de gevreesde ploeg vormden die men wel dacht.  De bijzonder goed gesloten Brugse verdediging schonk de Naamse aanvallers weinig of geen bewegingsvrijheid en de zuivere skoorkansen die voor Mortier ontstonden, waren gemakkelijk op de vingers van één hand te tellen.  Daarbij moeten wij hieraan toevoegen dat de Brugse doelman weer in een prima dag verkeerde en dat hij o.m. door twee sublieme saves de kansen op een overwinning gaaf hield.  Want indien de gastheren, bij wie enkel de oud-speler van FC Luik Keyeux outstanding was, op voorsprong hadden kunnen geraken, dan had de eindstand wellicht helemaal anders kunnen zijn.  Als wij dus Willy Mortier als matchwinnaar bestempelen, ligt de uitleg te vinden in wat voorafgaat.”

Technische  krabbels…
Union Namen – Cercle Brugge  0-1


- opkomst : 7.000 toeschouwers.
- leiding : ref. Burguet, lokaal getint.
- terrein : zonder een sprietje gras en gevaarlijk door de rondgestrooide as.
- fair-play : binnen de perken.
- weersgesteldheid : betrokken doch zacht weder.
- corners : Union Namen 8, Cercle 2.
- het doelpunt : 76’ Desmaele 0-1.
- Union Namen : Nicolay, Pollet, Devos, Sulon, Marnette, Dodet, Keyeux, Tonneau, J. en F.
  Demarteau, Muniken.
- Cercle : Mortier, Roje, Serru, Perot, Wittevrongel, Demey, Desmaele, Daels, Bailliu,
  Michiels, De Caluwé.


Cercle bracht dus twee belangrijke punten mee naar huis en dat vertaalde zich in de rangschikking in een mooie derde plaats.  De stand in Tweede Klasse : 1. FC Diest (23 punten), 2. FC Beringen (21), 3. Cercle (21), 4. FC Turnhout (20), 5. FC Mechelen (19), 6. Union Namen (19), 7. SK Sint-Niklaas (18), 8. Kortrijk Sport (17), 9. Sporting Charleroi (17), 10. Olse Merksem (16), 11. Racing Doornik (15), 12. Racing Brussel (15), 13. Berchem Sport (15), 14. FC Tilleur (12), 15. Lyra (11), 16. White Star (9).
De weg om een promotieticket te behalen, de eerste twee uit Tweede Klasse promoveerden, was echter nog (heel) lang en bezaaid met wolfijzers en schietgeweren.  Het toeval wilde bovendien dat in de volgende wedstrijd alweer een topploeg moest bekampt worden.  Het tweede gerangschikte FC Beringen mocht zich verheugen in een bezoekje aan het Edgard De Smedtstadion.  En bij een wedstrijd in het vooruitzicht hoorde uiteraard een vooruitblik…

Cercle – Beringen : De groen-zwarten staan morgen zondag alweer voor een kapitale thuismatch die beslist moet gewonnen worden om de promotiekansen gaaf te houden.  Beringen is natuurlijk ook allesbehalve een zwak broertje en speelt zondag wellicht ook haar laatste kans, zodat het een buitenmate vinnige en spannende strijd voor de kostbare inzet wordt.  Kan Cercle de nodige geestdrift en zegewil opbrengen, dan geven we haar een lichte voorkeur op een nipte zege.  Heel waarschijnlijk zal dezelfde opstelling in lijn komen die Namen klopte met uitzondering van De Caluwé die gewond werd en eventueel door Buyse zal worden vervangen : Mortier, Roje, Serru, Perot, Wittevrongel, Demey, Desmaele, Daels, Bailliu, Michiels, Buyse.”

Het bericht over een nieuwe trainer die op komst was waarbij bepaalde bronnen lieten uitschijnen dat zij wisten of toch minstens een sterk vermoeden hadden wie het zou worden zette kwaad bloed bij de beheerraad van Cercle Brugge die een vinnige reactie stuurde naar “Het Brugsch Handelsblad” :

Een nieuwe trainer voor Cercle ?” : “Onder deze titel publiceerden we hier in ons vorig nummer een primeur uit een zeer betrouwbare bron waarover we vanwege de beheerraad van RCS Brugeois volgend schrijven ontvingen” : “Het bestuur van de RCS Brugeois is ten zeerste verwonderd in uw blad van 28 januari jl. te lezen dat Cercle Brugge uitziet naar een nieuwe trainer.  Wij houden eraan dit bericht ten stelligste te loochenen.  We behouden steeds het volle vertrouwen in de heer Ed. Delfour, en verzoeken U in het vervolg vooraleer dergelijke ongegronde geruchten te verspreiden, U beter te willen inlichten. – De Beheerraad van RCS Brugeois.” – “N.d.R. – Mogen wij even beleefd aan de Beheerraad van Cercle laten opmerken, dat wij hun goede raad kunnen missen !  Onze inlichtingsbron kon niet “beter” en betrouwbaarder zijn en wij hebben ervaring genoeg van onze “stiel” om te weten hoe we moeten handelen !  Om het verder goede verloop van het kampioenschap niet te hinderen, verstrekken wij thans geen nader commentaar.  Alleen drukken we de hoop uit Cercle’s heropstanding te kunnen begroeten en… derde keer goe keer, de groen-zwarten als kampioenen te mogen huldigen.”

De confrontatie tussen de Beheerraad van Cercle Brugge en de redactie van “Het Brugsch Handelsblad” mocht uitgedrukt worden als hard tegen onzacht.  De komende weken zouden uitwijzen wie gelijk had maar ondertussen waren de kiemen van de onrust gezaaid…  “Een supporter” kroop op zijn beurt in zijn pen om zijn mening en zijn ongerustheid te ventileren :

Onze lezers schrijven…  Een andere klok…” : “Zij staan er nog steeds…  Ik bedoel de beste stuurlui aan wal !  En voor diegene die niet begrijpt waar ik het over heb, zal ik maar meteen zeggen dat ik het hier over de Cercle-aanhang heb.  Ik zal mij zeer angstvallig onthouden hier het woord supporter uit te spreken, want ik stel mij de vraag hoeveel van die ongeveer 6.000 mensen die ’s zondags rond het Edg. Desmedtstadion staan geschaard er werkelijk als supporter aanwezig zijn ?  Ik kan verkeerd zijn, maar ik ben er zeker van dat voor iemand vreemd aan onze streek, die per toeval op een doorsnee thuismatch van Cercle belandt, het zeer moeilijk zou aan te nemen zijn dat Cercle de bezochte club is…  Veeleer gelijken de meeste mensen (supporters ?) op een hoopje twistzieke kritikasters die er hun namiddag komen verslijten om alle soorten tekortkomingen op te speuren en deze (meestal ingebeelde wantoestanden) aan de kaak te stellen op een wijze die met sport of sportiviteit niets meer te maken heeft.  De “super-visie” van deze “technici” kent geen grenzen.  Ik wil hier niet uitmaken of ze al het ongelijk hebben en ik ben zeker geen spreekbuis van het Cerclebestuur, maar iets zou ik die sarcasten toch wel willen wijs maken, nl. dat het terrein geenszins de plaats is voor hun stomme afbraakpolitiek en dat ze beter deden te beseffen dat ze met hun stembanden anders kunnen tewerk gaan !  Ik bedoel dat het hun eerste plicht is de spelers die in het veld staan aan te moedigen en liefst zo luid mogelijk.  Eenmaal zover, kunnen diezelfden als ze huiswaarts keren, zich met de gedachte troosten dat zij toch IETS positiefs hebben gedaan.  En willen die mensen dan kost wat kost nihilist zijn, dat ze dan a.u.b. zwijgen en de spelers gerust laten.  Het staat natuurlijk eenieder vrij te handelen en te denken zoals hij wil, maar zou het wel toevallig zijn dat onze jongens de meeste punten gaan halen op een ander ?...  Vergeten wij om Gods wil niet dat iedere speler al eens een hart onder de riem nodig heeft, en daar zit het hem juist : het Cerclepubliek is een ondankbaar publiek.  Het slecht presteren van een ploeg wordt al te vaak door het publiek in de hand gewerkt, meer nog, HET  ONTSTAAT er dikwijls door.  Op Cercle komen de aanmoedigingen steeds NADIEN en ik durf dit een pietluttige houding noemen.  Doe u de moeite en ga vele ploegen in provinciaal bekijken : 50 mensen maken meer lawaai (in opbouwende zin) dan 6.000 kelen op Cercle doen !  Kijk naar Club !  Daar worden de goals er in geroepen door een massa trouwe supporters…  Waar blijven de groen-zwarte supportersverenigingen ?  Waar zijn de “Buffalo’s” ?  Dat ze zich verenigen –zo nodig elk op zich zelf, al is een federatie hier wel aangewezen– en luide verkondigen aan onze jongens dat ze ook te Brugge geliefd zijn, roep zo luid tot ze het geloven dat “HUN” supporters achter hen staan en geloof mij, zij worden vanzelfs hun eigen.  Ook wij moeten er de goals “inroepen”, daardoor doen wij onszelf en de spelers plezier !  En wie weet ???  – Een supporter.”

Of het nu goed of minder goed ging en de Cercleresultaten de laatste weken al eens wat tegen vielen, de supportersvereniging “Groen-Zwart” uit de Rijselstraat in Sint-Michiels vond toch dat een feestje mocht… :

Groen-Zwart Sint-Michiels in feest” : “Zaterdag jl. kwamen 52 leden van de supportersclub “Groen-Zwart” in hun lokaal, café “City”, bijeen voor een smakelijk souper, gevolgd door een gezellig samenzijn.  De lokaalhoudster die de taak van kokkin op zich had genomen, verdiende terecht de lof die haar door iedereen werd toegezwaaid.  Nadat de inwendige mens terdege was versterkt, zorgde het orkest voor de allerbeste stemming.  Het slaagde er overigens wonderwel in, en zeker toen het nieuw Cerclelied, voor die gelegenheid gemaakt, werd gelanceerd.  De feestvierders lieten het niet aan hun hart komen, ondanks de minder goede uitslagen van hun geliefde ploeg.  De hh. Brinckman en Verkeyn lieten zich als zangsolisten gelden, alsook het duo dhr. en mevr. G. Verkeyn.  Voor de humor zorgden A. Ruysschaert en R. Lagast.  Op zeker ogenblik kwamen zelfs Hitler en Loemoemba op het tapijt !  Het feest duurde tot in de vroege zondagmorgenuurtjes.  Moge het wakker bestuur van de supporterskring het bij deze eersteling niet laten, is de wens van alle feestvierders.”

En we vonden nog een tweede verslagje van hetzelfde supportersfeestje :

Supportersclub “Groen-Zwart” “ : “In het lokaal City, Rijselstraat te Sint-Michiels, werd aan een vijftigtal leden met hun dames een zeer verzorgd avondmaal aangeboden door de Supporterskring Groen-Zwart.  Het welkomstwoord werd uitgesproken door voorzitter Georges Van Vyve, die de erevoorzitter Gerard Versyp verontschuldigde, maar tevens Arthur Ruysschaert als eregast begroette.  Na het eetmaal werd in de beste verstandhouding tot in de “vroege” uurtjes gedanst en gefeest.  Dat de Sint-Michielse Cercle-aanhangers optimisten zijn, werd bewezen bij het aanleren van een nieuw Cerclelied, dat zo talrijke malen werd gezongen, dat de match tegen Union Namen eenvoudig niet meer kon verloren worden.  Tot slot vroeg het toegewijde lid Maurits Willems aan alle supporters om bij de volgende thuiswedstrijden van Cercle alle niet opbouwende en negatieve kritiek aan het adres van de spelers te laten varen en deze integendeel tot het uiterste aan te moedigen.”

Brugge

In de vorige aflevering hadden we het over de slechte staat van de Bisschopsdreef in Sint-Kruis dat aangekaart werd in het artikel “Al hutseklutsend door de Bisschopsdreef te Sint-Kruis – Onhoudbare toestand voor bewoners en weggebruikers”.  Maar het was niet enkel in Sint-Kruis dat er straten in slechte toestand te vinden waren.  Ook Sint-Andries deelde in de spreekwoordelijke brokken… :

Ellendige toestand van Diksmuidse Heirweg te Sint-Andries” : “Wegens de grote regenval der laatste weken is de Diksmuidse Heirweg in een reusachtige modderpoel herschapen.  De bewoners vragen zich terecht af wanneer daar eindelijk eens voor een oplossing zal gezorgd worden.  De straat is bezaaid met verraderlijke putten die vol water liggen zodat de autobezitters het nauwelijks wagen met hun auto buiten te komen uit vrees onklaar te geraken.  Doch vooral voor de huismoeders wier kinderen er dagelijks viermaal door moeten om naar school te gaan is het werkelijk geen pretje.  Natte kousen en doorlopen schoenen zijn er dagelijkse kost.  Voor fietsers is de weg praktisch onberijdbaar geworden.  Reeds herhaalde malen werd op deze toestand gewezen.  Hopen wij maar dat de betrokken instanties zo vlug mogelijk voor een oplossing zullen zorgen.  Wij verwijzen onze lezers overigens naar het verslag der jongste gemeenteraadszitting, elders in ons blad, waarin melding wordt gemaakt van het standpunt van de gemeentelijke overheid terzake.”

Net zoals we vorige keer dieper ingingen op de geschiedenis van de Bisschopsdreef doen we dit deze keer ook voor de Diksmuidse Heirweg.

De Diksmuidse Heirweg werd aangelegd toen de Romeinen heer en meester waren in onze gewesten.  Zij legden op meerdere plaatsen heirbanen aan omdat ze deze rechte wegen nodig hadden om op snelle wijze hun troepen te verplaatsen en om de werking van hun postdiensten zo goed mogelijk te kunnen verzekeren.  De Diksmuidse Heirweg liep toen over de heuvel waar nu het Galgenbos ligt.  Buiten deze heirbaan zijn er geen Romeinse activiteiten in de buurt van het Galgenbos gekend.

Lees meer
Cerle Brugge KSV
Cercle en Brugge door de jaren heen… (deel 215)

(periode van 12-11-1960 -> 19-11-1960)


Cercle


Na de onverwachte zege tegen leider FC Turnhout hoopte elke Cerclefan uiteraard dat er tegen middenmoter SK Sint-Niklaas een verlengstuk aan het succes zou gebreid worden. Maar konden de groen-zwarten ook bevestigen ?  Het gebeurde wel eens meer dat de Bruggelingen wonnen als niemand het verwachtte maar het zou ook niet de eerste keer zijn dat zij de boot ingingen als niemand het voor mogelijk hield.
“Vic Bergh” trok die zondagnamiddag alvast richting Edgard De Smedtstadion om er voor “Het Brugsch Handelsblad” zijn bevindingen aan het papier toe te vertrouwen.   

“Cercle Brugge – S.K. Sint-Niklaas 0-1 : Cercle gaf vroeg Sint-Niklaasgeschenk !” : “Na de memorabele wedstrijd tegen FC Turnhout, waarin de groen-zwarten zich voor eenmaal op hun best toonden, werd het verleden zondag voor de trouwe Cercle-aanhangers weer eens een grote teleurstelling.  Niet zozeer het feit dat Cercle op eigen veld een eerste nederlaag opliep tegen een verrassend goede St-Niklaasploeg, ontstemde de lokale supporters, dan wel de wijze waarop domweg de zo kostbare twee punten als ’t ware werden weggesmeten…  Reeds voor de wedstrijd was er ten alle kante kritiek over de opstelling van de Brugse ploeg waarbij men er niets beter op gevonden had dan de zgz. “zieke” Roje op de backplaats te vervangen door Demey !  Iedereen die de matchen van Cercle van nabij volgt weet immers dat laatstgenoemde speler dit seizoen nog niet boven kwam en zijn vervanging zich reeds een hele tijd opdrong, wat wegens duistere redenen nog niet gebeurde.  Waar de anders zo sympathieke Oostkampenaar als half niet overtuigde, was het op zijn minst onverantwoord hem als achterspeler in lijn te brengen, iets waarmee men zowel de speler in kwestie als Cercle zelf een heel slechte dienst bewees.  De logica eiste in de eerste plaats de onbeschikbare Roje door de reserveback Van Vlaenderen –die de week tevoren tegen Roeselare trouwens goed zijn man had gestaan– te vervangen.  Maar neen, men leende zich liever tot een experiment waarvan men bij voorbaat wist dat er heel wat risico’s aan verbonden waren.  Het matchverloop heeft dat trouwens op treffende wijze bevestigd.  De Brugse verdediging rammelde dat het een aard was en zonder de onvermoeibare activiteit van Perot en Michiels, het brio van Mortier en… het slecht afwerken van de Waaslandse voorspelers, had het best een ramp kunnen worden.  Thans moest men tot 10 minuten voor het einde wachten om de gasten het enige doel van de partij te zien skoren, waarmee zij verdienstelijk de volle inzet wegkaapten.  De grove selectieflater had het hen echter heel wat vergemakkelijkt, zodat we gerust mogen zeggen dat Cercle en trainer Delfour een maand te vroeg aan hun tegenstrevers een St-Niklaasgeschenk uitreikten.”


Technische  krabbels…
Cercle Brugge – S.K. Sint-Niklaas  0-1


- terrein : uiterst glibberig en na de rust modderig.
- weersgesteldheid : betrokken en af en toe felle regenvlagen.
- opkomst : 6.000 toeschouwers.
- leiding : ref. Van Nuffel, goed, maar miste verantwoordelijkheidszin om de flagrante fout
  tegen Perot te bestraffen.
- fair-play : weinig aan te merken.
- corners : Cercle 9, St-Niklaas 6.
- het doelpunt : 80e min. : terwijl Demey en Baas passief lieten begaan, kan Van Dorselaer
  vrij en scherp boven de lichtjes uitgelopen Mortier binnenknallen.
- Cercle : Mortier, Demey, Serru, Perot, Baas, Michiels, Notteboom, Lambert, Bailliu, Daels,
  De Caluwé.
- Sint-Niklaas : Vereecken, Struyf, Janssens, Piessens, Ommeganck, Verleysen, Zaman,
  Beyers, Mariman, Van Dorselaer, Maes.


Na acht wedstrijden stond Kortrijk Sport op de eerste plaats met 11 punten, FC Beringen totaliseerde eveneens 11 punten maar omdat de Limburgers een verlieswedstrijd meer hadden stonden zij pas tweede.  S.K. Sint-Niklaas was na de zege op Cercle opgeklommen naar de derde plaats (10 punten) terwijl de groen-zwarten nu op de zevende stek stonden met negen punten.

De onbegrijpelijke opstelling van Demey als achterspeler zorgde voor heel wat commotie bij de Brugse voetbalsupporters.  Uiteraard was “Dani” er als de kippen bij om een “Bont beeld” van wat leefde bij de Cerclefans in “Het Brugsch Handelsblad” te laten publiceren…

Lees meer
Cerle Brugge KSV
SHOT sprak met … Sven Vandendriessche

Teammanager


Marc Van Lysebetten (voorheen bij AA Gent) werd aanvang dit seizoen aangeworven voor de functie van teammanager, na het vertrek van Nicolas Cornu die deze taak twee seizoenen waarnam .  Marc is echter een tijd onbeschikbaar wegens medische redenen en de vierenveertig jarige Sven Vandendriessche, die eerder ook voor deze functie solliciteerde, neemt actueel deze taak waar.
De seizoensaanvang is een zeer drukke periode voor de teammanager.  Vandaar dit artikel.   
Tijd dus om Sven even aan de Cercle-supporters voor te stellen, evenals een overzicht te geven waar hij zich zoal dient mee bezig te houden.

Lees meer
Cerle Brugge KSV
Cercle en Brugge door de jaren heen… (deel 214)

(periode van 05-11-1960 -> 05-11-1960)
 

Cercle

Na de schitterende en vooral hoopgevende prestatie tegen leider F.C. Turnhout wilden de groen-zwarten uiteraard een verlengstuk aan hun verhoopte opmars breien.  Helaas voor Cercle stond er het eerstvolgende weekend geen competitievoetbal op het programma.  De  Brugse Tweedeklasser nodigde dan maar Derdeklasser S.K. Roeselare uit voor een oefenpartijtje.  Het resultaat was niet belangrijk en de Cercletrainer wilde van de gelegenheid gebruik maken om één en ander uit te testen.  Of dat ook leerzaam zou zijn was dan weer een andere vraag…
S.K. Roeselare stond na acht wedstrijden op de achtste plaats en telde acht punten.  A.S. Oostende voerde de lijst aan met veertien punten uit negen wedstrijden.  Onderaan deden F.C. Eeklo met zes punten uit acht wedstrijden en vooral F.C. Izegem, slechts één schamel puntje uit acht wedstrijden, het duidelijk niet zo goed.
“Daver” mocht alvast voor “Het Brugsch Handelsblad” richting Lauwe reizen, waar de wedstrijd afgewerkt zou worden, en er bekijken en vooral beoordelen wat de groen-zwarten allemaal uit hun voeten zouden schudden…

Cercle Brugge – S.K. Roeselare 2-4 : Een “lauwe” oefenwedstrijd !” : “Bij het zien van de uitslag van deze vriendenwedstrijd die Cercle zondag te Lauwe speelde, zullen velen zich hebben afgevraagd hoe het mogelijk was dat de groen-zwarten zich door de Roeselaarse derde klassers lieten “wassen”.  Het antwoord hierop is spoedig gegeven als men weet dat de wit-zwarten met heel wat meer geestdrift akteerden en van het verzwakken van de Brugse ploeg door het inschakelen van talrijke invallers, gebruik maakten om een onvermijdelijk overwicht en een dito zege af te dwingen.  In de eerste helft kreeg men nochtans mooi voetbal te zien, weliswaar aan een eerder traag tempo, waarin de technische en individuele vaardigheid van de groen-zwarten primeerde op het meer primaire akteren van SK Roeselare.  Daarna ging Cercle echter over tot een grondige en tegenover het betalend publiek eerder onverantwoorde ploegwijziging, zodat slechts een viertal spelers van het fanionelftal tussen de lijnen bleven.  Het eropvolgend vertoon, vooral van Cercle’s zijde kon slechts nog matig bekoren, zodat het globaal maar een “lauwe” wedstrijd werd.  Uit de Cercleprestatie vallen er geen besluiten te trekken voor het verder vervolg van de kompetitie.  Alles bijeen werd het immers niet meer dan een gemoedelijke oefenpartij, waarbij er vooral naar gestreefd werd zich zo weinig mogelijk “te geven” en vooral niet gewond te worden in duels.  Zelden zagen we een Cerclespeler met klem een bal betwisten, wat er ten volle op wijst dat de groen-zwarten dit van vooraf goed in de oren waren geblazen.  Toch is dit treffen ten dele leerzaam geweest dat het nu nog eens duidelijk gebleken is dat Michiels geen hoekspeler is, doch wel een specifieke kanthalf die op deze plaats Cercle zeker zeer flinke diensten kan bewijzen.  In de eerste helft was de prestatie van beide backs als degelijk te bestempelen.  Na de rust wisten ze echter niet meer waar eerst ingegrepen, want de falende halflijn liet heel wat gaten.  Hieruit blijkt nogmaals dat het spel in reserve nog zo oneindig veel verschilt met dat wat er in de eerste ploeg van de spelers gevergd wordt !  Bij de Rodenbachmannen, die een niet onaardige indruk lieten en verdiend zegevierden, viel inzonder het werk op van Van Moerkerke, Van Eeckhoute, stopper Van de Pitte en invaller Carette.  Ook doelman Van Izeghem bezit grote klasse en het zou ons niet verwonderen moesten grote ploegen hun ogen op deze talentvolle speler richten."

Op zondag 6 november stond de thuiswedstrijd tegen S.K. Sint-Niklaas op het programma.  De Waaslanders prijkten, na zeven wedstrijden, op de zesde plaats en telden acht punten.  Dat was slechts één puntje minder dan de groen-zwarten die zich op de vierde stek genesteld hadden.  Na het verlies van F.C. Turnhout had Tweede Klasse ondertussen ook een nieuwe leider : F.C. Beringen.
Om een duidelijk beeld te verkrijgen van de krachtsverhoudingen in Tweede Klasse volgt hierna de klassering met, tussen haakjes, de punten : 1. F.C.  Beringen (11), 2. F.C. Turnhout (10), 3. Kortrijk Sport (9), 4. Cercle (9), 5. Racing Doornik (9)*, 6. S.K. Sint-Niklaas (8), 7. Sporting Charleroi (8), 8. Berchem Sport (8), 9. F.C. Mechelen (8), 10. F.C. Diest (7), 11. Union Namen (7)*, 12. Olse Merksem (7), 13. Lyra (6), 14. White Star (5), 15. Racing Brussel (2), 16. F.C. Tilleur (0).
Het valt op dat liefst twaalf van de zestien zich heel dicht in elkaars buurt ophielden.  Tussen het nummer één, F.C. Beringen, en het nummer twaalf, Olse Merksem, bedraagt het verschil amper vier punten.  Dat hield in dat twee keer winnen of twee keer verliezen de rangschikking dooreen kon gooien…

* Racing Doornik en Union Namen hadden reeds acht wedstrijden op de teller staan, alle andere ploegen totaliseerden zeven matchen.

Ondertussen werd er, traditiegetrouw, reeds even vooruit geblikt op de komende ontmoeting tussen de groen-zwarte Bruggelingen en de geel-blauwe Waaslanders : “De komst van SK St. Niklaas naar Cercle Brugge zal weer duizenden West-Vlamingen naar het “De Smedtstadion” lokken om er getuige te zijn van de felle strijd welke Cercle zal moeten leveren om de Waaslanders te kloppen.  Dit zal inderdaad zeker het geval zijn want St. Niklaas koestert dit seizoen eveneens zekere ambities.  Weet U dat de Blauw-Gelen slechts één puntje achterstand tellen op de Groen-Zwarten en dat zij tot hiertoe slechts ZES doelpunten tegen kregen dan wanneer Cercle’s sterke verdediging er 13 te incasseren kreeg.  De Cercle-voorlijn zal het gewis niet gemakkelijk krijgen om de tegenstrevende hard spelende verdediging te verschalken.  Toch hebben we volop vertrouwen in de Groen-Zwarte aanvallers indien gespeeld wordt zoals tegen Turnhout tijdens de tweede helft.  Wij hopen dat de Bruggelingen met eenzelfde zegewil zullen optreden en dan laat het weinig twijfel dat de volle inzet te Brugge blijft.  De overwinning is ten andere van het allergrootste belang want deze kan Cercle heel dicht bij leider Beringen brengen.  Wij voorzien een 3-1 zege best mogelijk.”

Dat deze wedstrijd als heel belangrijk beschouwd werd konden we afleiden uit het feit dat nog een andere krant eveneens een ruime vooruitblik afdrukte : “Voor de aanstaande grote wedstrijd Cercle – SK Sint-Niklaas kunnen kaarten op voorhand bekomen worden – Zoals we reeds verleden week aankondigden worden in het vooruitzicht van de grote volkstoeloop welke verwacht wordt op de aanstaande partij Cercle – St. Niklaas kaarten op voorhand verkocht.  Het Cercle-bestuur neemt deze maatregel om enigszins de guichetten aan de ingang van het terrein te ontlasten en de belangstellenden het lang wachten en aanschuiven te besparen.  De kaarten kunnen bekomen worden in het Hotel de Londres, ’t Zand te Brugge tot zondag middag 12.30 uur. – Na de prachtige prestatie welke de herboren groen-zwarte ploeg leverde tegen, de sinds negentien wedstrijden ongeslagen leider Turnhout, laat het niet de minste twijfel dat de komst van SK St. Niklaas, die dit seizoen beslist zekere ambities koestert, weer een gelegenheid zal zijn om het Cercle-Stadion boordevol te doen lopen.  Cercle heeft bewezen tegen Turnhout zo als eender wie te kunnen “vechten” als het moet.  Zij heeft bewezen in deze partij de sterkste baas te kunnen zijn en het moraal welke haar thans bezielt moet haar verder in staat stellen grootse daden te verrichten.  De spelers zijn hiervan bewust en hebben ongetwijfeld na deze prachtige verwezenlijking, hun volledig zelfvertrouwen herwonnen.  Iedereen moet voortaan bewust zijn van zijn kunnen en moet zich met volle overgave en zegewil in de strijd werpen.  Dan alleen kan dit jaar de lang verwachte droom werkelijkheid worden.  Er mogen dus geen nutteloze verliespunten meer geboekt worden.  Cercle staat op dit ogenblik beter geklasseerd dan verleden jaar.  Er moet volhard worden.  Tegen SK St. Niklaas, die naar het schijnt momenteel een zeer homogeen en stevig geheel bezit en slechts één enkel puntje achterstel heeft op Cercle, moet een nieuwe overwinning geboekt worden.  Dit kan wanneer gespeeld wordt met het heilig vuur waarmede U de duizenden toeschouwers tijdens de wedstrijd tegen Turnhout begeesterd en geboeid hebt.  Deze wedstrijd heeft ons bovendien geleerd dat duizenden Brugse sportliefhebbers aan uw zijde staan om uw sukses te helpen bewerken wanneer zij zien dat U er het nodige voor over hebt en alle loomheid achterwege laat.  Het moet weer een groot sukses worden.  Duizenden Brugse en Westvlaamse supporters staan gereed om U zondag weer even luidruchtig te komen aanmoedigen.  Stelt hun niet teleur doch bezorgt hun weer een deugddoende vreugde door een klinkende overwinning te behalen.  Dan ja beslist kunt U ook op hen rekenen en kunnen samenwerkend de moeilijkste hinderpalen uit de weg geruimd worden.  Het moet, want Cercle Brugge leeft nog en moet hoger op.  Een goede raad aan de belangstellenden.  Wilt U niet teleur gesteld worden volgt onze raad en schaft U kaarten op voorhand aan.”

Brugge

* Dat Brugge een stad is met een rijk verleden hoeft geen betoog.  Als er ergens een gebouw afgebroken of opgetrokken wordt, denken wij maar recent aan het Beursplein, blijkt telkens weer dat de Brugse ondergrond rijk is aan, meestal, waardevolle artefacten.  In 1960 liet het Sint-Leocollege uitbreidingswerken uitvoeren in de Carmersstraat en tijdens die werken werd er een eerder lugubere vondst gedaan : “Geraamten opgedolven – Tijdens verbouwingswerken, die momenteel uitgevoerd worden op de hoek van de Carmersstraat en de Elisabeth Zorgestraat, ten einde de schoollokalen van het Sint-Leokollege uit te breiden, werden in de voorbije dagen mensengeraamten opgedolven.  Men vermoedt dat deze overblijfselen dagtekenen uit vroegere eeuwen, vermoedelijk van het verdwenen Karmelietenklooster aldaar.  De politie heeft, zoals het trouwens voor alle beenderopgravingen het geval is, de nodige vaststellingen gedaan.  Volgens zekere geruchten maakte de politie proces-verbaal op tegen de arbeiders, die aldaar werkzaam zijn…  Deze beweringen zijn natuurlijk van alle grond ontbloot.  Het is een feit dat omzeggens overal te Brugge, waar delvingswerken uitgevoerd worden, er beenderen opgegraven worden.  De politie dient dan na te gaan naar de oorsprong van deze begraafplaatsen.  Daarom wordt een onderzoek ingesteld en niet om arbeiders lastig te vallen !!”

Lees meer
Cerle Brugge KSV
BBQ Cercle lééft, Loppem

Op zaterdag 26 april organiseerde de supportersvereniging uit Loppem als naar traditie de “eerste BBQ van het jaar”. Net als vorig jaar vond deze plaats aan de tennisvelden van TC Loppem.

Ook het Loppemse bestuur ondervond dat het supportersverenigingsleven wat afkalft.  De opkomst was beduidend lager dan gewoonlijk. Lokale voorzitter Chris Van Hulle had het er ook over in zijn toespraak. Aan stoppen denken ze niet in Loppem. Aan een gewijzigde formule des te meer.

De BBQ was weerom lekker, kon ook vzw-voorzitter Piet D’Hooghe, die ook een toepspraak ten beste gaf, en echtgenote, getuigen.  Ook vzw-beheerraadslid Maria Blontrock was vanzelfsprekend present alsook Anita als voorzitter van de supportersfederatie.  Misschien een “pluimpje” ook voor Karel De Muelenaere, die met het openbaar vervoer vanuit Diksmuide kwam afgezakt naar Loppem.

In Loppem kennen ze iets van “surprises” om te entertainen. Tombola, vogelpik, bingo, enz… passeerden reeds de revue de voorbije jaren en dit in tal van versies. Ook dit jaar was dit niet anders. Bovendien was het, uit dank voor de aanwezigen, gratis. Ze genoten van een aangename avond en iedereen ging met een leuke prijs naar huis.

(Georges Debacker)
 

Lees meer