koop tickets online

Cercle en Brugge door de jaren heen… (deel 214)

(periode van 05-11-1960 -> 05-11-1960)
 

Cercle

Na de schitterende en vooral hoopgevende prestatie tegen leider F.C. Turnhout wilden de groen-zwarten uiteraard een verlengstuk aan hun verhoopte opmars breien.  Helaas voor Cercle stond er het eerstvolgende weekend geen competitievoetbal op het programma.  De  Brugse Tweedeklasser nodigde dan maar Derdeklasser S.K. Roeselare uit voor een oefenpartijtje.  Het resultaat was niet belangrijk en de Cercletrainer wilde van de gelegenheid gebruik maken om één en ander uit te testen.  Of dat ook leerzaam zou zijn was dan weer een andere vraag…
S.K. Roeselare stond na acht wedstrijden op de achtste plaats en telde acht punten.  A.S. Oostende voerde de lijst aan met veertien punten uit negen wedstrijden.  Onderaan deden F.C. Eeklo met zes punten uit acht wedstrijden en vooral F.C. Izegem, slechts één schamel puntje uit acht wedstrijden, het duidelijk niet zo goed.
“Daver” mocht alvast voor “Het Brugsch Handelsblad” richting Lauwe reizen, waar de wedstrijd afgewerkt zou worden, en er bekijken en vooral beoordelen wat de groen-zwarten allemaal uit hun voeten zouden schudden…

Cercle Brugge – S.K. Roeselare 2-4 : Een “lauwe” oefenwedstrijd !” : “Bij het zien van de uitslag van deze vriendenwedstrijd die Cercle zondag te Lauwe speelde, zullen velen zich hebben afgevraagd hoe het mogelijk was dat de groen-zwarten zich door de Roeselaarse derde klassers lieten “wassen”.  Het antwoord hierop is spoedig gegeven als men weet dat de wit-zwarten met heel wat meer geestdrift akteerden en van het verzwakken van de Brugse ploeg door het inschakelen van talrijke invallers, gebruik maakten om een onvermijdelijk overwicht en een dito zege af te dwingen.  In de eerste helft kreeg men nochtans mooi voetbal te zien, weliswaar aan een eerder traag tempo, waarin de technische en individuele vaardigheid van de groen-zwarten primeerde op het meer primaire akteren van SK Roeselare.  Daarna ging Cercle echter over tot een grondige en tegenover het betalend publiek eerder onverantwoorde ploegwijziging, zodat slechts een viertal spelers van het fanionelftal tussen de lijnen bleven.  Het eropvolgend vertoon, vooral van Cercle’s zijde kon slechts nog matig bekoren, zodat het globaal maar een “lauwe” wedstrijd werd.  Uit de Cercleprestatie vallen er geen besluiten te trekken voor het verder vervolg van de kompetitie.  Alles bijeen werd het immers niet meer dan een gemoedelijke oefenpartij, waarbij er vooral naar gestreefd werd zich zo weinig mogelijk “te geven” en vooral niet gewond te worden in duels.  Zelden zagen we een Cerclespeler met klem een bal betwisten, wat er ten volle op wijst dat de groen-zwarten dit van vooraf goed in de oren waren geblazen.  Toch is dit treffen ten dele leerzaam geweest dat het nu nog eens duidelijk gebleken is dat Michiels geen hoekspeler is, doch wel een specifieke kanthalf die op deze plaats Cercle zeker zeer flinke diensten kan bewijzen.  In de eerste helft was de prestatie van beide backs als degelijk te bestempelen.  Na de rust wisten ze echter niet meer waar eerst ingegrepen, want de falende halflijn liet heel wat gaten.  Hieruit blijkt nogmaals dat het spel in reserve nog zo oneindig veel verschilt met dat wat er in de eerste ploeg van de spelers gevergd wordt !  Bij de Rodenbachmannen, die een niet onaardige indruk lieten en verdiend zegevierden, viel inzonder het werk op van Van Moerkerke, Van Eeckhoute, stopper Van de Pitte en invaller Carette.  Ook doelman Van Izeghem bezit grote klasse en het zou ons niet verwonderen moesten grote ploegen hun ogen op deze talentvolle speler richten."

Op zondag 6 november stond de thuiswedstrijd tegen S.K. Sint-Niklaas op het programma.  De Waaslanders prijkten, na zeven wedstrijden, op de zesde plaats en telden acht punten.  Dat was slechts één puntje minder dan de groen-zwarten die zich op de vierde stek genesteld hadden.  Na het verlies van F.C. Turnhout had Tweede Klasse ondertussen ook een nieuwe leider : F.C. Beringen.
Om een duidelijk beeld te verkrijgen van de krachtsverhoudingen in Tweede Klasse volgt hierna de klassering met, tussen haakjes, de punten : 1. F.C.  Beringen (11), 2. F.C. Turnhout (10), 3. Kortrijk Sport (9), 4. Cercle (9), 5. Racing Doornik (9)*, 6. S.K. Sint-Niklaas (8), 7. Sporting Charleroi (8), 8. Berchem Sport (8), 9. F.C. Mechelen (8), 10. F.C. Diest (7), 11. Union Namen (7)*, 12. Olse Merksem (7), 13. Lyra (6), 14. White Star (5), 15. Racing Brussel (2), 16. F.C. Tilleur (0).
Het valt op dat liefst twaalf van de zestien zich heel dicht in elkaars buurt ophielden.  Tussen het nummer één, F.C. Beringen, en het nummer twaalf, Olse Merksem, bedraagt het verschil amper vier punten.  Dat hield in dat twee keer winnen of twee keer verliezen de rangschikking dooreen kon gooien…

* Racing Doornik en Union Namen hadden reeds acht wedstrijden op de teller staan, alle andere ploegen totaliseerden zeven matchen.

Ondertussen werd er, traditiegetrouw, reeds even vooruit geblikt op de komende ontmoeting tussen de groen-zwarte Bruggelingen en de geel-blauwe Waaslanders : “De komst van SK St. Niklaas naar Cercle Brugge zal weer duizenden West-Vlamingen naar het “De Smedtstadion” lokken om er getuige te zijn van de felle strijd welke Cercle zal moeten leveren om de Waaslanders te kloppen.  Dit zal inderdaad zeker het geval zijn want St. Niklaas koestert dit seizoen eveneens zekere ambities.  Weet U dat de Blauw-Gelen slechts één puntje achterstand tellen op de Groen-Zwarten en dat zij tot hiertoe slechts ZES doelpunten tegen kregen dan wanneer Cercle’s sterke verdediging er 13 te incasseren kreeg.  De Cercle-voorlijn zal het gewis niet gemakkelijk krijgen om de tegenstrevende hard spelende verdediging te verschalken.  Toch hebben we volop vertrouwen in de Groen-Zwarte aanvallers indien gespeeld wordt zoals tegen Turnhout tijdens de tweede helft.  Wij hopen dat de Bruggelingen met eenzelfde zegewil zullen optreden en dan laat het weinig twijfel dat de volle inzet te Brugge blijft.  De overwinning is ten andere van het allergrootste belang want deze kan Cercle heel dicht bij leider Beringen brengen.  Wij voorzien een 3-1 zege best mogelijk.”

Dat deze wedstrijd als heel belangrijk beschouwd werd konden we afleiden uit het feit dat nog een andere krant eveneens een ruime vooruitblik afdrukte : “Voor de aanstaande grote wedstrijd Cercle – SK Sint-Niklaas kunnen kaarten op voorhand bekomen worden – Zoals we reeds verleden week aankondigden worden in het vooruitzicht van de grote volkstoeloop welke verwacht wordt op de aanstaande partij Cercle – St. Niklaas kaarten op voorhand verkocht.  Het Cercle-bestuur neemt deze maatregel om enigszins de guichetten aan de ingang van het terrein te ontlasten en de belangstellenden het lang wachten en aanschuiven te besparen.  De kaarten kunnen bekomen worden in het Hotel de Londres, ’t Zand te Brugge tot zondag middag 12.30 uur. – Na de prachtige prestatie welke de herboren groen-zwarte ploeg leverde tegen, de sinds negentien wedstrijden ongeslagen leider Turnhout, laat het niet de minste twijfel dat de komst van SK St. Niklaas, die dit seizoen beslist zekere ambities koestert, weer een gelegenheid zal zijn om het Cercle-Stadion boordevol te doen lopen.  Cercle heeft bewezen tegen Turnhout zo als eender wie te kunnen “vechten” als het moet.  Zij heeft bewezen in deze partij de sterkste baas te kunnen zijn en het moraal welke haar thans bezielt moet haar verder in staat stellen grootse daden te verrichten.  De spelers zijn hiervan bewust en hebben ongetwijfeld na deze prachtige verwezenlijking, hun volledig zelfvertrouwen herwonnen.  Iedereen moet voortaan bewust zijn van zijn kunnen en moet zich met volle overgave en zegewil in de strijd werpen.  Dan alleen kan dit jaar de lang verwachte droom werkelijkheid worden.  Er mogen dus geen nutteloze verliespunten meer geboekt worden.  Cercle staat op dit ogenblik beter geklasseerd dan verleden jaar.  Er moet volhard worden.  Tegen SK St. Niklaas, die naar het schijnt momenteel een zeer homogeen en stevig geheel bezit en slechts één enkel puntje achterstel heeft op Cercle, moet een nieuwe overwinning geboekt worden.  Dit kan wanneer gespeeld wordt met het heilig vuur waarmede U de duizenden toeschouwers tijdens de wedstrijd tegen Turnhout begeesterd en geboeid hebt.  Deze wedstrijd heeft ons bovendien geleerd dat duizenden Brugse sportliefhebbers aan uw zijde staan om uw sukses te helpen bewerken wanneer zij zien dat U er het nodige voor over hebt en alle loomheid achterwege laat.  Het moet weer een groot sukses worden.  Duizenden Brugse en Westvlaamse supporters staan gereed om U zondag weer even luidruchtig te komen aanmoedigen.  Stelt hun niet teleur doch bezorgt hun weer een deugddoende vreugde door een klinkende overwinning te behalen.  Dan ja beslist kunt U ook op hen rekenen en kunnen samenwerkend de moeilijkste hinderpalen uit de weg geruimd worden.  Het moet, want Cercle Brugge leeft nog en moet hoger op.  Een goede raad aan de belangstellenden.  Wilt U niet teleur gesteld worden volgt onze raad en schaft U kaarten op voorhand aan.”

Brugge

* Dat Brugge een stad is met een rijk verleden hoeft geen betoog.  Als er ergens een gebouw afgebroken of opgetrokken wordt, denken wij maar recent aan het Beursplein, blijkt telkens weer dat de Brugse ondergrond rijk is aan, meestal, waardevolle artefacten.  In 1960 liet het Sint-Leocollege uitbreidingswerken uitvoeren in de Carmersstraat en tijdens die werken werd er een eerder lugubere vondst gedaan : “Geraamten opgedolven – Tijdens verbouwingswerken, die momenteel uitgevoerd worden op de hoek van de Carmersstraat en de Elisabeth Zorgestraat, ten einde de schoollokalen van het Sint-Leokollege uit te breiden, werden in de voorbije dagen mensengeraamten opgedolven.  Men vermoedt dat deze overblijfselen dagtekenen uit vroegere eeuwen, vermoedelijk van het verdwenen Karmelietenklooster aldaar.  De politie heeft, zoals het trouwens voor alle beenderopgravingen het geval is, de nodige vaststellingen gedaan.  Volgens zekere geruchten maakte de politie proces-verbaal op tegen de arbeiders, die aldaar werkzaam zijn…  Deze beweringen zijn natuurlijk van alle grond ontbloot.  Het is een feit dat omzeggens overal te Brugge, waar delvingswerken uitgevoerd worden, er beenderen opgegraven worden.  De politie dient dan na te gaan naar de oorsprong van deze begraafplaatsen.  Daarom wordt een onderzoek ingesteld en niet om arbeiders lastig te vallen !!”

Een mooie opname uit 1974 van de buitengevels in de Carmersstraat van het Sint-Leocollege (bron foto : beeldbank Brugge).

Uiteraard hoort bij dit artikel ook een beetje Brugse geschiedenis thuis…

In 1265 stichtten de paters Carmelieten op de hoek van de Elisabeth Zorghestraat en de Raimond Blanckaertstraat een klooster.  Sindsdien sprak men niet langer over de Raimond Blanckaertstraat maar over de Carmersstraat.  Wie Raimond Blanckaert was, daar hebben wij nog steeds het raden naar.
In 1561-1562 tekende en schilderde Marcus Gerards (*), in opdracht van het Brugse stadsbestuur, een stadsplan dat hij vervolgens op tien koperplaten graveerde of liet graveren.  De kaart zelf meet 1 meter op 1,77 meter.

Op het plan van Marcus Gerards is het Carmelietenklooster zeer goed zichtbaar.

Cerle Brugge KSV
Cerle Brugge KSV

(bron foto : www.dbnl.org)

In de Geuzentijd werd het klooster grondig geplunderd en afgebroken maar tijdens de 17de eeuw werd het herbouwd.  Tijdens de Franse overheersing werd het klooster afgeschaft en in 1797 werden zowel het klooster als de kerk afgebroken.  Op deze plaats werd later het Sint-Leocollege gebouwd.

Met deze kaart wilde het Brugse stadsbestuur bekendheid geven aan een nieuw kanaal, de Verse Vaart, en op die manier de buitenlandse handelaars er van te overtuigen om terug te keren naar Brugge.  Tijdens de woelige zestiende eeuw trokken die immers meer en meer naar Antwerpen.  Marcus Gerards moest met zijn kaart aantonen dat Brugge een vredige stad was waar het aangenaam toeven was en het bijgevolg winstgevend was om er handel te drijven.  Men vroeg hem zelfs expliciet om Brugge dichter bij de zee te tekenen en de waterwegen breder te doen lijken “ten fine dat men mercken mach de goede navigatie”.
Maar Marcus Gerards ging met deze ‘opgelegde aanpassingen’ correct om.  Hij bracht namelijk een stippellijn aan waar de schaal wijzigde en legde in een cartouche uit dat alles links van de lijn met een kleinere schaal ‘vaag en ongedefinieerd’ was getekend.  Wellicht probeerde hij hiermee om op een diplomatische manier het Brugse stadsbestuur tevreden te stellen en zich toch professioneel op te stellen t.o.v. collega-kaartenmakers.
Marcus Gerards beperkte zich niet tot het nauwgezet tekenen en schilderen van gebouwen, straten en pleinen.  Wie de kaart aandachtig bekijkt stelt vast dat Gerards ook nog romantische tafereeltjes aanbracht : een visser leunt achteloos tegen een brug net buiten de Katelijnepoort, een boot ligt aangemeerd met omgelegde mast bij de Spinolarei, enkele koeien staan te grazen op de wal tussen de twee vestinggrachten terwijl vlakbij een gezinnetje zwanen zwemt, buiten de Dampoort is een man op wandel met een hond.   

Cerle Brugge KSV

Buiten de Dampoort wandelt een man met zijn hond (bron tekst en foto : www.verrijkjekijkopbrugge.be).

Bovendien ontbrak het Marcus Gerards niet aan het nodige gevoel voor humor want op zijn kaart van Brugge tekende hij een… plassend vrouwtje : net buiten de Speipoort, in de buurt van de huidige Dampoort, houdt een gehurkte dame haar rokken op…  De nood was blijkbaar hoog…  Karel van Mander (**), een Vlaams kunstschilder en schrijver, schreef in 1604 dat Marcus Gerards de gewoonte had een ‘pissende vrouken’ te tekenen op zijn gravures.  Wat hiermee meteen bewezen is !

Cerle Brugge KSV

Net buiten de Speipoort houdt een gehurkte dame haar rokken op (bron tekst en foto : www.verrijkjekijkopbrugge.be).

(*) Marcus Gerards werd te Brugge geboren omstreeks 1521 en overleed waarschijnlijk te Londen omstreeks 1590.
(**) Karel van Mander werd in mei 1548 te Meulebeke geboren en overleed op 11 september 1606 te Amsterdam.

* De Brugse Emmaüsparochie koestert plannen om vijf bestaande kerken buiten gebruik te stellen en op een braakliggend terrein in de Abdijbekestraat, achter het psychiatrisch ziekenhuis Onze-Lieve-Vrouw, een nieuwe kerk te bouwen.  Concreet gaat het om de kerken van Sint-Baafs, Sint-Willibrord, Sint-Godelieve en Sint-Michiel.  De vijfde kerk is de beschermde kerk op de “platse” van Sint-Andries.  Die kerk is eigendom van de stad Brugge.
Iedereen weet ondertussen dat het aantal kerkgangers afneemt en dat aan de vijf bestaande kerken hoge kosten verbonden zijn om deze te onderhouden en te gebruiken.
De nieuwe kerk, die er zou moeten staan omstreeks 2025, zou energieneutraal zijn en voorzien worden van de nieuwste verwarmingstechnieken en zonnepanelen op het dak.  De kerk zou bovendien modulair ingericht worden zodat het gebouw in kleinere ruimtes kan verdeeld worden om afzonderlijke lokalen te creëren om er te vergaderen.  Gezien het een terrein betreft dat ruim zesduizend m² groot is zou er ook voldoende parkeerruimte beschikbaar zijn.

Cerle Brugge KSV

Naast de school Ravelijn bevindt er zich een perceel grond van ruim 6.000 m² dat toebehoort aan het psychiatrisch ziekenhuis Onze-Lieve-Vrouw.  Hier zou de nieuwe hypermoderne kerk gebouwd worden (bron foto : Benny Proot in Het Laatste Nieuws).


In 1960 was de bouw van een nieuwe kerk ook al het nieuws van de dag.  Toen schreven de gemeentebesturen van Sint-Andries en van Sint-Michiels een wedstrijd voor architecten uit om de Sint-Willibrordusparochie van een nieuwe kerk te voorzien.  Deze kerk, de Sint-Willibrorduskerk, is nu, amper 59 jaar later, één van de kerken die aan de eredienst zou onttrokken worden en, als er geen nieuwe bestemming aan gegeven wordt, misschien wel afgebroken zal worden.
In “Het Brugsch Handelsblad” van 5 november 1960 stond volgend artikel over de wedstrijd :

“In samenwerking tussen de gemeentebesturen van Sint-Andries en Sint-Michiels werd een prijskamp uitgeschreven onder de architekten van beide gemeenten, voor ’t maken van de plannen van de voorziene kerk op de St.-Willibrordusparochie.  Vier bouwmeesters hebben ’n ontwerp ingediend.  Vorige week heeft de jury, bestaande uit E.H. Kanunnik François uit Brugge en de hh. Professor Felix uit Leuven, ingenieur De Schrijver van het provinciaal bestuur en architekt Vastesaeger, uitspraak gedaan en hierover verslag uitgebracht vrijdag jl. bij de respektievelijke schepencolleges.  Het ontwerp van bouwmeester Marc Van Cleven uit St.-Andries werd bekroond.  Het plan voorziet een modern opgevatte kerk, plaats biedend voor 600 personen, op te richten op de hoek van de Doornstraat en de Torhout Steenweg.  Hierdoor werd dhr. Van Cleven als bouwmeester aangewezen en zal hij bijgestaan worden door architekt Van Oyen uit St.-Michiels.  Aan het bekroonde ontwerp kunnen evenwel nog wijzigingen aangebracht worden en er werd ook nog niet bepaald wanneer met de bouwwerken een aanvang zal worden genomen.”

Cerle Brugge KSV

De Sint-Willibrorduskerk op de gelijknamige parochie (bron foto : emmausparochie.be).

In de “Kroniek van Sint-Andries” (nummer 137) uit 2008 vonden wij van de hand van Omer Timmerman het artikel “St.-Willibrordparochie 1958-2008 – deel 2” terug dat een beetje meer duiding geeft omtrent deze parochie :

Geschiedenis van de parochie Sint-Willibrord en haar kerk : De parochie Sint-Willibrord, die een deel van de Brugse deelgemeenten Sint-Andries en Sint-Michiels bestrijkt, dateert pas van het midden van de twintigste eeuw.  De groei van nieuwe wijken aan weerszijden van de Torhoutse Steenweg vanaf het begin van de jaren 1950 deed het Bisdom Brugge in 1957 beslissen een nieuwe parochie te stichten en er een nieuwe kerk te bouwen.  De parochie werd genoemd naar de missionaris en latere aartsbisschop Sint Willibrord (ca. 658 – 739), die Friesland ging kerstenen en van daaruit een groot gebied bezocht dat zich uitstrekte tot België en Luxemburg.  Hij ligt begraven in de door hem gestichte Abdij van Echternach.  De keuze voor Sint Willibrord had ermee te maken dat in 1958 diens 1.300ste verjaardag herdacht zou worden.  Bij haar stichting eind 1957 telde de Sint-Willibrordparochie 2.250 parochianen.  Dat aantal zou stijgen tot 3.716 in 1964.  Voor de bouw van de nieuwe kerk kocht het Bisdom eerst het stuk weiland op de hoek van de Doornstraat, de Expresweg en de Torhoutse Steenweg, waar nu drie restaurants waaronder een Quick, uitgebaat worden.  Maar nadat de Brugse zusters Apostolinnen op de hoek van de Keurvorst Karel Theodoorstraat en de Doornstraat een stuk grond gekocht hadden voor de bouw van een meisjesschool, nu het Onze-Lieve-Vrouw-Hemelvaartinstituut en de Vrije Basisschool Sint-Lodewijks, kocht het Bisdom op zijn beurt het aanpalende perceel aan en besliste het daar de kerk te bouwen.  De nieuwe kerk was bedoeld als een ‘voorlopige’ noodkerk.  Ze werd ontworpen door architect Albert Laloo.  Het rechthoekig hoofdgebouw zou 37 op 14 meter meten en plaats bieden aan 500 mensen.  Zoals nu nog een gedenksteen in de straatgevel aangeeft, werd de kerk deels betaald met een gift van de bisschoppelijke tombola Domus Dei.  Ze werd officieel ingewijd op 5 juli 1958.  De grote klok werd aangekocht van de Onze-Lieve-Vrouwkerk in Poperinge, weegt ongeveer 170 kg en dateert van 1814.  De kleine klok werd gegoten in 1814 en is afkomstig van Tielt.  In 1960 besliste het gemeentebestuur van Sint-Andries de definitieve Sint-Willibrordkerk te bouwen op het eerst aangekochte stuk weiland, en er werd een architectuurwedstrijd voor uitgeschreven.  Maar datzelfde jaar werd het traject van de geplande Expresweg N31 gewijzigd, waardoor een deel van het door het Bisdom gekochte perceel onteigend moest worden.  Om die reden, en rekening houdend met de toen al merkbare daling van het kerkbezoek in Vlaanderen, werden de bouwplannen voor een grotere kerk definitief geschrapt in november 1961 en werd de voorlopige kerk meteen de definitieve kerk van Sint-Willibrord.  In de zomer van 1987 konden uitgebreide verbouwingswerken aan de voorlopige kerk afgerond worden, naar een ontwerp van architect Arthur Degeyter, die ook de ontwerpen voor het kerkmeubilair tekende.  Het interieur van de kerk veranderde daarmee radicaal, het werd aangenamer en knusser.  Het altaar kreeg halverwege de lange zijde een centrale plaats in de kerk, en het vroegere koor werd een door schuifbare glazen wanden afsluitbare weekkapel, waar ook de doopvont een plaats kreeg.  Naast de kerk werd in hetzelfde jaar het nieuwe Parochiaal Ontmoetingscentrum (POC) in gebruik genomen.  Alle glasramen werden gerealiseerd met schenkingen.  De drie glasramen boven het altaar werden ontworpen en uitgevoerd door Michel Martens, het glasraam aan de straatzijde dat de schepping evoceert is van de hand van Mieke Verwaetermeulen, en de glasramen boven de ingang zijn ontworpen door Michel Vernimme en uitgevoerd door Pia Burrick.  In de loop van zijn bestaan kende Sint-Willibrord vier opeenvolgende pastoors.  Bij de pensionering in 2011 van de laatste pastoor, E.H. Herman Clement, werd geen nieuwe pastoor aangesteld maar werd een pastorale ploeg van vier leken verantwoordelijk voor de parochiewerking.  Sint-Willibrord was op dat moment, en reeds sinds 2004, deel van de Federatie Sint-Andries / Sint-Michiels, waardoor voor het leiden van de eredienst een beroep gedaan kon worden op priesters uit de Federatie.  In 2015 is deze Federatie de Pastorale Eenheid Emmaüsparochie geworden, ze bestaat uit de vijf vroegere parochies van beide Brugse deelgemeenten.”

* Niet alleen de kerken boerden goed in die jaren, ook het onderwijs deed het goed.  In Oedelem werd op 6 november de Vrije Middelbare Landbouwschool ingewijd.  Veel landbouwersgezinnen uit Oedelem maar later ook uit de ruime omliggende regio stuurden graag hun kinderen naar een school waar degelijk onderwijs werd verstrekt.  De opvolging van het familiebedrijf moest immers verzekerd worden !  En als de opvolging van het familiebedrijf reeds geregeld was konden de studenten van de landbouwschool nog andere opties kiezen :

Vrije Middelbare Landbouwschool te Oedelem wordt morgen zondag ingewijd : Morgen zondag heeft de inwijding plaats van de Vrije Middelbare Landbouwschool te Oedelem, afdeling van de Vrije Middelbare Landbouwschool van het St.-Jozefskollege te Tielt.  Deze plechtigheid is voorzien te 14.30 uur met volgend programma : In de feestzaal “Hoogte” : Welkomwoord door dhr. Lootens.  Uiteenzetting over de verwezenlijkingen en de toekomstplannen van het arrondissementsverbond op gebied van landbouwonderwijs door dhr. De Nolf.  Spreekbeurt door dhr. Loncke, bestendig afgevaardigde, over de taak van het landbouwonderwijs bij de oplossing van de landbouwproblemen.  Toespraak en wijding der kruisbeelden door Mgr. Cruysberghs, algemeen proost van de Belgische Boerenbond.  In de landbouwschool, Bruggestraat : Bezoek aan de klassen, de werkplaats en de proeftuin.  De landbouwschool, die 3 studiejaren omvat, biedt de mogelijkheid tot het bekomen van het diploma A3A (Middelbaar Landbouwonderwijs van de lagere graad), dat aan de leerlingen toelaat het 4e jaar te volgen of verder te studeren in al de takken van het technisch onderwijs (landbouw, tuinbouw, scheikunde, mechanika, elektriciteit, enz.) alsook het middelbaar- en normaal-onderwijs en de militaire onderofficierenschool.  Zij kunnen ook deelnemen aan de eksamens uitgeschreven door het Vast Wervingssekretariaat te Brussel van 3e kategorie.  Iedereen is er van overtuigd dat er geen uitkomst meer bestaat voor ongeschoolde landbouwers en dat ’n degelijk landbouwonderwijs de grondslag moet zijn voor een veilige toekomst.  Daartoe krijgt men thans de gelegenheid.”     

Een luchtopname van het Land- en Tuinbouwinstituut langs de Bruggestraat 190 te Oedelem (bron foto : www.lti-oedelem.be).

  • varia

We zijn deze bijdrage sportief begonnen en we beëindigen ze ook graag met een sportieve noot.  Veldrijden bestaat reeds langer dan je misschien dacht maar slechts heel weinig veldrijders maakten de overstap van het veldrijden naar het rijden op de weg.  Bekende wegrenners trokken wel het veld in maar dat beschouwden zij eerder als een flinke oefening.  De omgekeerde beweging, van het veld naar de weg, werd nagenoeg niet gemaakt.  Recent lijkt daar een serieuze kentering in te komen want Wout van Aert en Mathieu van der Poel sloegen gensters in het  veldrijden en bewijzen dat ze ook op de weg mooie successen kunnen behalen.  En komt de nieuwbakken Belgische kampioen op de weg, Tim Merlier, ook niet uit het veldrijden ?

Cerle Brugge KSV

Over het ontstaan van het veldrijden zullen wel meerdere verhaaltjes de ronde doen maar ik vond er eentje dat ik de Shotlezers toch niet wilde onthouden.

Het “Veldrijden” bestaat reeds 60 jaar en ontstond door de gril van een Frans Generaal – Het seizoen der veldritten of “cyclo-crossen” is reeds aangevangen en nog wel op vijf plaatsen tegelijk.  Eertijds begon men met de veldrijderij pas na nieuwjaar en door de wegrenners werden die veldritten beschouwd als de beste oefening.  Vermaarde kampioenen namen er aan deel en op de erelijst van het Kampioenschap van België vindt men de namen van Maurits Dewaele, Jef Demuysere, Georges Ronsse, Fons Schepers, enz. die de raad volgden van Francis Pélissier “dat veldrijden een uitstekende oefening is, omdat de renners daarbij in de gezonde lucht van bos en veld verblijven.  Temeer leren ze in zo’n veldrit hun versnellingen gebruiken en worden ze meester over hun stuur.”.  Die Francis Pélissier was nochtans een reus van een vent, een zwaargewicht, maar hij hield hartstochtelijk veel van “veldrijden”, omdat het de beste oefening was om het winterroest van de spieren te krijgen.
De gril van de Generaal”.  De cyclo-cross of veldrijden is niet ontstaan uit een “raisonnement” zoals basketball, maar eerder uit een gril van een Frans generaal… die echter verzot was op paardrijden.  Tijdens de grote maneuvers van 1900 had deze generaal een korporaal aangeduid als “verbindingsman”, die in het bezit werd gesteld van twee dingen : een velo, en het order de generaal overal te volgen !  Maar, zoals een generaal verzot op paardrijden, vermeed hij elke weg en trok liefst door bos en ravijnen… om paard en de ongelukkige “agent de liaison” op de proef te stellen.  De sukkelaar zweette water en bloed, meende meer dan eens er de brui aan te geven, en beriep zich op alle heiligen om “zijn velo in honderdduizend stukken te slaan”.  Maar niemand kwam de ongelukkige korporaal een handje toesteken om hem van die karwei af te helpen.  En hij moest steeds verder mee : discipline !  En in die tijd werd daarmee niet gelachen.  En doordat de rijwielen van 1900 ook kloeker gebouwd waren viel de velo van de Franse korporaal niet in stukken.  Maar die velo had minder te lijden dan de berijder, integendeel, want meer dan de helft van de weg had de uitgeputte korporaal moeten lopen met die zware fiets op de schouders !  Toen de generaal zijn man genoeg had afgebeuld maakte hij een einde aan het avontuur.  Maar in plaats van razend kwaad te zijn over die “service commandé”, bleek de korporaal integendeel zeer opgetogen : hij had bij dit avontuur de formule van een nieuwe sport ontdekt.  Die korporaal was Daniel Gousseau, een wielerenthousiast, inrichter van wegwedstrijden, die thans de eerste veldrit op touw zette.”

Daniel Gousseau zou de eerste cyclocrosswedstrijden en ook het eerste Franse nationale kampioenschap van 1902 georganiseerd hebben.  Het veldrijden werd razend populair en baande zich een weg over de Franse landsgrenzen heen naar het buitenland.  België organiseerde zijn eerste nationale kampioenschap in 1910, Zwitserland in 1912, Luxemburg in 1923, Spanje in 1929 en Italië in 1930.
In 1924 werd het ‘Critérium International de Cyclo-cross’, de eerste internationale wedstrijd, gehouden te Rijsel.  Ondanks de populariteit van het veldrijden duurde het nog tot 1950 voor het eerste wereldkampioenschap in Parijs werd gehouden.

Hieronder nog een foto uit de oude doos (bron foto : sportgeschiedenis.nl).

 

(Marnix Knockaert)

Cerle Brugge KSV

Gerelateerde nieuwsberichten

Cerle Brugge KSV
Cercle en Brugge door de jaren heen… (deel 220)

(periode van 28-01-1961 -> 04-02-1961)


Cercle

De groen-zwarten legden een hobbelig parcours af.  Er werden punten gehaald als het niet verwacht werd maar er werden vooral kostbare punten verloren als het niet mocht.  Voor een elftal dat ambities koesterde om te promoveren was dat geen ideaal scenario.  Gelukkig was de volgende wedstrijd een thuismatch tegen het pas dertiende geklasseerde Olse Merksem.  Met twaalf punten achter hun naam hadden de blauw-gelen niet bijster veel overschot op de laatste in de rangschikking, Lyra, dat amper negen punten verzameld had.  De Antwerpenaars leden best geen nieuw puntenverlies om niet in verlegenheid te komen.  Voor Cercle leek deze wedstrijd de kans bij uitstek om een ruime zege te laten optekenen zodat de komende matchen met een gerust gemoed konden aangevat worden.  Of… zou het nog maar eens anders uitpakken ?

“Vic Bergh” trok voor “Het Brugsch Handelsblad” richting Edgard De Smedtstadion in de hoop dat hij er een verslag kon neerpennen waarin hij een klinkende Cerclezege kon beschrijven…

Cercle Brugge – Olse Merksem 1-4 : Ontgoochelend en smadelijk verlies…” : “Voor wie nog een bewijs moest hebben dat het de laatste weken niet meer vlot bij Cercle, dat er iets hapert, betekent de even afgetekende als smadelijke 1-4 nederlaag van zondag jl. op eigen veld tegen Olse Merksem waarlijk de proef op de som !  De groen-zwarten kunnen voor dit nieuw home-verlies inderdaad weinig of geen verontschuldigingen doen gelden, want het was het resultaat van een doorslechte en ontgoochelende prestatie waaruit omzeggens geen enkele speler vrijuit gaat…  Over gans de duur van de wedstrijd, waarvan de inzet voor de lokalen nochtans van kapitaal belang was met het oog op het verstevigen van hun nog steeds gunstige positie, rammelde het in de Brugse ploeg dat het een aard was en werd zij bestendig netjes de les gespeld door een eerder middelmatige maar geestdriftige en snelle tegenstrever.  Zowel inzake verband, als in samenspel, doordrijvendheid en schotvaardigheid stonden de Bruggelingen onder hun gasten, hetgeen de juiste 1-4 eindcijfers trouwens treffend aantonen.  Het feit dat de groen-zwarten zelfs een goedkope penalty vandoen hadden om de eer te redden, onderschrijft met klank hun hopeloze steriliteit en ondoelmatigheid die niet alleen het gevolg zijn van een te lateraal en te gesloten acteren, maar ook en vooral van een manklopend systeem en een weinig oordeelkundige ploegopstelling.  Als men immers nagaat dat twee specifieke kanthalfs in de voorlijn geplaatst worden en deze laatste iedere steun ontzegd wordt van de gedwongen defensief spelende middenspelers, dan is het klaar dat de onontbeerlijke productiviteit zoek blijft.  Zolang de groen-zwarten geen snedig, direct aanvalsspel kunnen opbrengen, gepaard aan een effectieve schotvaardigheid en afwerking, zal er, helaas, niets in huis komen van de reeds zo lang gekoesterde promoveringsdromen.  Wil men vooraleer het te laat is nog redden wat er te redden is, dan dient er kordaat en onverwijld ingegrepen en hiervoor mag men voor niets en niemand terugschrikken.  Het belang en de toekomst van Cercle staan hier onvoorwaardelijk op het spel !”
 


Technische  krabbels…
Cercle Brugge – Olse Merksem  1-4


- opkomst : 5.000 toeschouwers.
- terrein : goed.
- weersgesteldheid : mist en regenachtig.
- leiding : ref. Cumps, zwak.
- fair-play : correct.
- corners : Cercle 8, Olse Merksem 5.
- doelpunten : 20’ Brandts 0-1, 25’ Roje via Demey 0-2, 35’ Lambert (penalty) 1-2, 54’
  Didden 1-3, 55’ Brandts 1-4.
- Cercle : Mortier, Roje, Serru, Michiels, Wittevrongel, Demey, Notteboom, Lambert, Perot,
  De Caluwé, Desmaele.
- Olse Merksem : Jacobs, Verbois, De Hert, Willems, Soetewey, Didden, Adel, Sips,
  Brandts, Vandeweyer, Adriaenssen.


Als het minder goed gaat met de favoriete ploeg is het vanzelfsprekend dat de supporters zich roeren.  Dat was bij Cercle niet anders.  Al had het, de tegenvallende resultaten van de laatste weken in acht genomen, nog lang geduurd voor iemand zijn nek uitstak.  Iedere supporter spuide wel zijn eigen mening gevolgd door de nodige oplossingen maar tot nu toe was het altijd gekoeld zonder blazen.  De hierna volgende lezersbrief met de toepasselijke titel “Quo vadis Cercle ?” (*) van “een groen-zwarte aanhanger” zorgde ervoor dat het protest tastbaar werd en in een stroomversnelling terecht kwam.  Nu kon geen enkele groen-zwarte verantwoordelijke nog langer zijn hoofd in het zand stoppen.  De zware thuisnederlaag tegen Olse Merksem was de spreekwoordelijke druppel die de al even spreekwoordelijke emmer liet overlopen.  Het was de hoogste tijd om het roer om te gooien…

(*) “Quo vadis” : Latijn voor “Waarheen gaat gij ?” (nvdr)

Quo vadis Cercle ?” : “Toen ik verleden zondag na de match aan ’t mijmeren was over hetgeen men zou kunnen noemen “het treurig geval Cercle”, schoot mij plotseling te binnen dat de wekelijkse voetbalpartij eigenlijk een “heerlijke ontspanning” zou moeten zijn.  Hoe dikwijls echter zijn de prestaties van de Brugse groen-zwarten voor ons, Cerclemannen, een heerlijke ontspanning ?  Veeleer zien wij met schrik de zondag tegemoet.  Ook als de tegenstander bepaald zwakker is zijn wij nooit een ogenblik gerust.  Onze verwachtingen ?  Onze dromen van voor het seizoen ?  Niets anders dan ontgoochelingen !...  Wanneer wij nuchter de gang van zaken bij Cercle beschouwen, dan moeten wij achteraf besluiten : het is de logische ontknoping van hetgeen wij effenaf WANBEHEER moeten noemen.  Ik wil nu niet uitweiden over datgene waarvan ik niet 100 % zeker ben, zoals de persoon van die of die, of nog de training, of nog andere zaken.  Ik stel enkel vast wat nu toch eindelijk voor iedereen allerduidelijkst is : diegene die de ploeg samenstelt, heeft sinds anderhalf jaar nog niets anders gedaan dan de Cercleploeg stelselmatig verzwakken !  Verleden jaar werd de beste voorspeler die wij hadden (*)(dat hij tekortkomingen had ?  Noem de speler die er geen heeft !) meerdere keren onverantwoordelijk niet opgesteld o.a. niet in de kapitale testmatch tegen Eisden.  Nadien werd hij verkocht.  Verzwakking van de ploeg.  Wij zouden kunnen een halflijn hebben van tenminste dezelfde sterkte als die van de gemiddelde elftallen uit de 1e afdeling.  NOOIT wordt dergelijke middenlijn opgesteld.  Verzwakking van de ploeg !  Uitstekende kanthalfs, waarvan men sinds lang weet dat zij in de voorlijn maar half presteren, worden regelmatig weerkerend vooraan geplaatst.  Verzwakking van halflijn en van voorhoede !  Als de voorlijn mank loopt door gewonden of weerbarstige forme, moet de halflijn niet meteen verzwakt worden !  Dan moeten reserven in de aanvalslijn, als die voor handen zijn.  En Cercle beschikt over degelijke invallers.  Iedere persoon die aan de leiding staat, mist al eens, zelfs grovelijk, zelfs twee, drie maal.  Maar dat iemand een jaar en half steeds maar dezelfde flaters begaat, is niet meer aanvaardbaar.  Er is daar iets niet meer in orde, hetzij verregaande incompetentie, hetzij blinde vooringenomenheid of wat dan ook, maar er is daar iets niet meer in orde.  Diegenen die nog dergelijke selectionneur steunen, moeten weten dat zij zich in verdenking stellen.  Is de toestand niet reeds zo ver gezet dat, indien de goed-menenden niet de koppen bij mekaar steken en krachtdadig ingrijpen, Cercle recht naar de ondergang gaat ?  Er is werk voor klaarziende, krachtdadige persoonlijkheden die geloven dat zij daar een heerlijke taak te vervullen hebben.  De Cercle-aanhangers –veel talrijker dan men denkt– zien uit naar de komst van dergelijke persoonlijkheden, die er ook zijn in de schoot van het bestuur. – Een groen-zwarte aanhanger.”

(*) Verleden jaar werd de beste voorspeler die wij hadden… : de briefschrijver bedoelt hier duidelijk Hans Gerard (nvdr).

Ondanks het feit dat Cercle een beetje de pedalen kwijt leek te zijn, en dat is misschien nog zacht uitgedrukt, bleven de groen-zwarten aanklampen bij de toonaangevende elftallen in Tweede Klasse.  Iedereen leed wel eens onverwacht puntenverlies en dat zorgde er voor dat Cercle zich op de vierde plaats kon handhaven.  Omdat ook de topploegen regelmatig al eens één of meerdere puntjes vergooiden, slopen de mindere goden op kousenvoeten dichterbij.  Daardoor was het mogelijk dat na zestien wedstrijden het twaalfde geklasseerde Berchem Sport slechts zes punten minder telde dan leider FC Diest.  De Brugse groen-zwarten totaliseerden, ondanks de tegenvallende prestaties van de laatste weken, amper twee punten minder dan de leider.  Alles bleek dus nog mogelijk…  De stand in Tweede Klasse : 1. FC Diest (21 punten), 2. FC Beringen (21), 3. Union Namen (19), 4. Cercle (19), 5. SK Sint-Niklaas (18), 6. FC Turnhout (18), 7. FC Mechelen (17), 8. Kortrijk Sport (15), 9. Racing Doornik (15), 10. SC Charleroi (15), 11. Racing Brussel (15), 12. Berchem Sport (15), 13. Olse Merksem (14), 14. FC Tilleur (12), 15. Lyra (9), 16. White Star (9).

De Brugse gemoederen waren, ondanks de nog steeds gunstige klassering, zeker nog niet tot bedaren gebracht.  Het potje kookte over, de frustraties kwamen tot een uitbarsting en de diverse oplossingen werden als gloeiend hete lava uitgebraakt.  En, zoals het vaak gaat als het mank loopt, eiste men de kop van de trainer.  Een andere, en natuurlijk een betere, trainer zou meteen alle problemen van tafel vegen.  Na de trainerswissel zou Cercle elke tegenstander van het veld spelen om, op het einde van de competitie, met de vingers in de neus, snel even de titel mee te graaien…

Nieuwe trainer bij Cercle ? : “De laatste ontgoochelende thuiswedstrijden waarop zes van de acht te winnen punten onbegrijpelijk verloren gingen, hebben een grote beroering verwekt in de Brugse sportmiddens in het algemeen en in de Cerclerangen in het bijzonder.  De groen-zwarte supporters, die hun schoon geld betalen om hun ploeg goed voetbal te zien spelen en meteen te zien winnen, staken verleden zondag hun teleurstelling en mistevredenheid niet onder stoelen of banken.  Zowel de spelers om hun passief optreden als de trainer om zijn niets-opbrengend systeem werden zwaar aangevallen en zondagavond konden we zelfs een telegram lezen van een Cerclesupporter die als volgt zijn verontwaardiging uitdrukte : “Delfour à la porte ou le Cercle est perdu” !  Krasser kan het zeker niet zodat er begrijpelijkerwijze ook in de groen-zwarte bestuurskringen uiteenlopende reacties zijn losgekomen met als middelpunt de kwestie van een nieuwe trainer.  Zonder de technische bevoegdheid van Edmond Delfour aan te vechten is het niettemin een feit dat hij tactisch en als selectionneur grotendeels heeft gefaald.  Uit doorgaans zeer betrouwbare bron konden we dan ook vernemen dat het verlopend contract van dhr. Delfour niet zal hernieuwd worden en dat reeds duchtig uitgekeken wordt naar een nieuwe oefenmeester.  Wie het zal zijn blijft vooralsnog een raadsel, maar naar verluidt is de kans groot dat het een bekende oud-Gantoisespeler en gewezen internationaal wordt die trouwens als trainer reeds zijn sporen verdiende.  Er dient dus afgewacht, maar laat ons hopen dat dit netelig en delicaat probleem ten spoedigste wordt opgelost.”

Of de resultaten nu goed of minder goed waren, de bal bleef rollen en de voetbalzondagen volgden elkaar op.  De volgende wedstrijd, een uitmatch, beloofde alvast een lastige klus te worden voor de groen-zwarten.  Er stond immers een reisje naar Namen op het programma.  De Walen deden het bijzonder goed en waren ondertussen opgeklommen naar de derde plaats, net voor Cercle.  Een pronostiek wagen was schier onbegonnen werk want de huidige groen-zwarte ploeg kon van iedereen winnen maar ook van iedereen verliezen.  Het zou dus een dubbeltje op zijn kant worden.  In “Het Brugsch Handelsblad” werd alvast eens vooruit geblikt.

Brugse ploegen voor morgen zondag” – “Namen – Cercle : Cercle zit na de ramp tegen Merksem begrijpelijkerwijze met de handen in het haar en staat voor een zware taak om uit de penarie te geraken.  Daarbij worden de groen-zwarten dan nog morgen een lastige en gevaarlijke verplaatsing naar Union Namen voor de voeten geschoven, zodat zij met heel wat meer wilskracht en moreel zullen moeten bezield zijn om deze hinderpaal zonder veel kleerscheuren over te geraken.  Waar verschillende spelers wegens verwondingen nog onzeker waren, zal de ploeg slechts in laatste instantie samengesteld worden al heeft volgende formatie veel kans om te Namen in lijn te komen : Mortier, Roje, Serru, Perot, Wittevrongel, Demey, Desmaele, Daels, Buyse, Michiels, Balliu, De Caluwé.”

En dan was het zo ver…  Het was nog geen match van de waarheid maar nieuw puntenverlies konden de groen-zwarten zich toch echt niet veroorloven.  Of… zorgden zij nog eens voor een aangename verrassing door het derde gerangschikte Union Namen in eigen huis te kloppen ?  “Veritas” mocht voor “Het Brugsch Handelsblad” meereizen naar Namen en hoopte waarschijnlijk dat hij niet met het schaamrood op de wangen Bruggewaarts zou moeten keren…

Union Namen – Cercle Brugge 0-1 : Willy Mortier matchwinnaar…” : “Volgens de algemene verwachtingen –wij hadden al evenmin gedurfd één frank te zetten op een Cerclezege– hadden de Brugse groen-zwarten geen schijn van kans om te Namen ook maar iets van de buit te oogsten, want de Walen dreven immers op een prima conditie en het terreinvoordeel zou eveneens zijn woordje meepraten.  Wel waren de lokalen bestendig in de meerderheid en moesten de Brugse verdedigers vaak hard op de tanden bijten, doch naarmate de partij vorderde en de stand blank bleef, herwonnen de Cercleboys stilaan hun zelfvertrouwen, temeer dat het spoedig bleek dat de Waaltjes niet de gevreesde ploeg vormden die men wel dacht.  De bijzonder goed gesloten Brugse verdediging schonk de Naamse aanvallers weinig of geen bewegingsvrijheid en de zuivere skoorkansen die voor Mortier ontstonden, waren gemakkelijk op de vingers van één hand te tellen.  Daarbij moeten wij hieraan toevoegen dat de Brugse doelman weer in een prima dag verkeerde en dat hij o.m. door twee sublieme saves de kansen op een overwinning gaaf hield.  Want indien de gastheren, bij wie enkel de oud-speler van FC Luik Keyeux outstanding was, op voorsprong hadden kunnen geraken, dan had de eindstand wellicht helemaal anders kunnen zijn.  Als wij dus Willy Mortier als matchwinnaar bestempelen, ligt de uitleg te vinden in wat voorafgaat.”

Technische  krabbels…
Union Namen – Cercle Brugge  0-1


- opkomst : 7.000 toeschouwers.
- leiding : ref. Burguet, lokaal getint.
- terrein : zonder een sprietje gras en gevaarlijk door de rondgestrooide as.
- fair-play : binnen de perken.
- weersgesteldheid : betrokken doch zacht weder.
- corners : Union Namen 8, Cercle 2.
- het doelpunt : 76’ Desmaele 0-1.
- Union Namen : Nicolay, Pollet, Devos, Sulon, Marnette, Dodet, Keyeux, Tonneau, J. en F.
  Demarteau, Muniken.
- Cercle : Mortier, Roje, Serru, Perot, Wittevrongel, Demey, Desmaele, Daels, Bailliu,
  Michiels, De Caluwé.


Cercle bracht dus twee belangrijke punten mee naar huis en dat vertaalde zich in de rangschikking in een mooie derde plaats.  De stand in Tweede Klasse : 1. FC Diest (23 punten), 2. FC Beringen (21), 3. Cercle (21), 4. FC Turnhout (20), 5. FC Mechelen (19), 6. Union Namen (19), 7. SK Sint-Niklaas (18), 8. Kortrijk Sport (17), 9. Sporting Charleroi (17), 10. Olse Merksem (16), 11. Racing Doornik (15), 12. Racing Brussel (15), 13. Berchem Sport (15), 14. FC Tilleur (12), 15. Lyra (11), 16. White Star (9).
De weg om een promotieticket te behalen, de eerste twee uit Tweede Klasse promoveerden, was echter nog (heel) lang en bezaaid met wolfijzers en schietgeweren.  Het toeval wilde bovendien dat in de volgende wedstrijd alweer een topploeg moest bekampt worden.  Het tweede gerangschikte FC Beringen mocht zich verheugen in een bezoekje aan het Edgard De Smedtstadion.  En bij een wedstrijd in het vooruitzicht hoorde uiteraard een vooruitblik…

Cercle – Beringen : De groen-zwarten staan morgen zondag alweer voor een kapitale thuismatch die beslist moet gewonnen worden om de promotiekansen gaaf te houden.  Beringen is natuurlijk ook allesbehalve een zwak broertje en speelt zondag wellicht ook haar laatste kans, zodat het een buitenmate vinnige en spannende strijd voor de kostbare inzet wordt.  Kan Cercle de nodige geestdrift en zegewil opbrengen, dan geven we haar een lichte voorkeur op een nipte zege.  Heel waarschijnlijk zal dezelfde opstelling in lijn komen die Namen klopte met uitzondering van De Caluwé die gewond werd en eventueel door Buyse zal worden vervangen : Mortier, Roje, Serru, Perot, Wittevrongel, Demey, Desmaele, Daels, Bailliu, Michiels, Buyse.”

Het bericht over een nieuwe trainer die op komst was waarbij bepaalde bronnen lieten uitschijnen dat zij wisten of toch minstens een sterk vermoeden hadden wie het zou worden zette kwaad bloed bij de beheerraad van Cercle Brugge die een vinnige reactie stuurde naar “Het Brugsch Handelsblad” :

Een nieuwe trainer voor Cercle ?” : “Onder deze titel publiceerden we hier in ons vorig nummer een primeur uit een zeer betrouwbare bron waarover we vanwege de beheerraad van RCS Brugeois volgend schrijven ontvingen” : “Het bestuur van de RCS Brugeois is ten zeerste verwonderd in uw blad van 28 januari jl. te lezen dat Cercle Brugge uitziet naar een nieuwe trainer.  Wij houden eraan dit bericht ten stelligste te loochenen.  We behouden steeds het volle vertrouwen in de heer Ed. Delfour, en verzoeken U in het vervolg vooraleer dergelijke ongegronde geruchten te verspreiden, U beter te willen inlichten. – De Beheerraad van RCS Brugeois.” – “N.d.R. – Mogen wij even beleefd aan de Beheerraad van Cercle laten opmerken, dat wij hun goede raad kunnen missen !  Onze inlichtingsbron kon niet “beter” en betrouwbaarder zijn en wij hebben ervaring genoeg van onze “stiel” om te weten hoe we moeten handelen !  Om het verder goede verloop van het kampioenschap niet te hinderen, verstrekken wij thans geen nader commentaar.  Alleen drukken we de hoop uit Cercle’s heropstanding te kunnen begroeten en… derde keer goe keer, de groen-zwarten als kampioenen te mogen huldigen.”

De confrontatie tussen de Beheerraad van Cercle Brugge en de redactie van “Het Brugsch Handelsblad” mocht uitgedrukt worden als hard tegen onzacht.  De komende weken zouden uitwijzen wie gelijk had maar ondertussen waren de kiemen van de onrust gezaaid…  “Een supporter” kroop op zijn beurt in zijn pen om zijn mening en zijn ongerustheid te ventileren :

Onze lezers schrijven…  Een andere klok…” : “Zij staan er nog steeds…  Ik bedoel de beste stuurlui aan wal !  En voor diegene die niet begrijpt waar ik het over heb, zal ik maar meteen zeggen dat ik het hier over de Cercle-aanhang heb.  Ik zal mij zeer angstvallig onthouden hier het woord supporter uit te spreken, want ik stel mij de vraag hoeveel van die ongeveer 6.000 mensen die ’s zondags rond het Edg. Desmedtstadion staan geschaard er werkelijk als supporter aanwezig zijn ?  Ik kan verkeerd zijn, maar ik ben er zeker van dat voor iemand vreemd aan onze streek, die per toeval op een doorsnee thuismatch van Cercle belandt, het zeer moeilijk zou aan te nemen zijn dat Cercle de bezochte club is…  Veeleer gelijken de meeste mensen (supporters ?) op een hoopje twistzieke kritikasters die er hun namiddag komen verslijten om alle soorten tekortkomingen op te speuren en deze (meestal ingebeelde wantoestanden) aan de kaak te stellen op een wijze die met sport of sportiviteit niets meer te maken heeft.  De “super-visie” van deze “technici” kent geen grenzen.  Ik wil hier niet uitmaken of ze al het ongelijk hebben en ik ben zeker geen spreekbuis van het Cerclebestuur, maar iets zou ik die sarcasten toch wel willen wijs maken, nl. dat het terrein geenszins de plaats is voor hun stomme afbraakpolitiek en dat ze beter deden te beseffen dat ze met hun stembanden anders kunnen tewerk gaan !  Ik bedoel dat het hun eerste plicht is de spelers die in het veld staan aan te moedigen en liefst zo luid mogelijk.  Eenmaal zover, kunnen diezelfden als ze huiswaarts keren, zich met de gedachte troosten dat zij toch IETS positiefs hebben gedaan.  En willen die mensen dan kost wat kost nihilist zijn, dat ze dan a.u.b. zwijgen en de spelers gerust laten.  Het staat natuurlijk eenieder vrij te handelen en te denken zoals hij wil, maar zou het wel toevallig zijn dat onze jongens de meeste punten gaan halen op een ander ?...  Vergeten wij om Gods wil niet dat iedere speler al eens een hart onder de riem nodig heeft, en daar zit het hem juist : het Cerclepubliek is een ondankbaar publiek.  Het slecht presteren van een ploeg wordt al te vaak door het publiek in de hand gewerkt, meer nog, HET  ONTSTAAT er dikwijls door.  Op Cercle komen de aanmoedigingen steeds NADIEN en ik durf dit een pietluttige houding noemen.  Doe u de moeite en ga vele ploegen in provinciaal bekijken : 50 mensen maken meer lawaai (in opbouwende zin) dan 6.000 kelen op Cercle doen !  Kijk naar Club !  Daar worden de goals er in geroepen door een massa trouwe supporters…  Waar blijven de groen-zwarte supportersverenigingen ?  Waar zijn de “Buffalo’s” ?  Dat ze zich verenigen –zo nodig elk op zich zelf, al is een federatie hier wel aangewezen– en luide verkondigen aan onze jongens dat ze ook te Brugge geliefd zijn, roep zo luid tot ze het geloven dat “HUN” supporters achter hen staan en geloof mij, zij worden vanzelfs hun eigen.  Ook wij moeten er de goals “inroepen”, daardoor doen wij onszelf en de spelers plezier !  En wie weet ???  – Een supporter.”

Of het nu goed of minder goed ging en de Cercleresultaten de laatste weken al eens wat tegen vielen, de supportersvereniging “Groen-Zwart” uit de Rijselstraat in Sint-Michiels vond toch dat een feestje mocht… :

Groen-Zwart Sint-Michiels in feest” : “Zaterdag jl. kwamen 52 leden van de supportersclub “Groen-Zwart” in hun lokaal, café “City”, bijeen voor een smakelijk souper, gevolgd door een gezellig samenzijn.  De lokaalhoudster die de taak van kokkin op zich had genomen, verdiende terecht de lof die haar door iedereen werd toegezwaaid.  Nadat de inwendige mens terdege was versterkt, zorgde het orkest voor de allerbeste stemming.  Het slaagde er overigens wonderwel in, en zeker toen het nieuw Cerclelied, voor die gelegenheid gemaakt, werd gelanceerd.  De feestvierders lieten het niet aan hun hart komen, ondanks de minder goede uitslagen van hun geliefde ploeg.  De hh. Brinckman en Verkeyn lieten zich als zangsolisten gelden, alsook het duo dhr. en mevr. G. Verkeyn.  Voor de humor zorgden A. Ruysschaert en R. Lagast.  Op zeker ogenblik kwamen zelfs Hitler en Loemoemba op het tapijt !  Het feest duurde tot in de vroege zondagmorgenuurtjes.  Moge het wakker bestuur van de supporterskring het bij deze eersteling niet laten, is de wens van alle feestvierders.”

En we vonden nog een tweede verslagje van hetzelfde supportersfeestje :

Supportersclub “Groen-Zwart” “ : “In het lokaal City, Rijselstraat te Sint-Michiels, werd aan een vijftigtal leden met hun dames een zeer verzorgd avondmaal aangeboden door de Supporterskring Groen-Zwart.  Het welkomstwoord werd uitgesproken door voorzitter Georges Van Vyve, die de erevoorzitter Gerard Versyp verontschuldigde, maar tevens Arthur Ruysschaert als eregast begroette.  Na het eetmaal werd in de beste verstandhouding tot in de “vroege” uurtjes gedanst en gefeest.  Dat de Sint-Michielse Cercle-aanhangers optimisten zijn, werd bewezen bij het aanleren van een nieuw Cerclelied, dat zo talrijke malen werd gezongen, dat de match tegen Union Namen eenvoudig niet meer kon verloren worden.  Tot slot vroeg het toegewijde lid Maurits Willems aan alle supporters om bij de volgende thuiswedstrijden van Cercle alle niet opbouwende en negatieve kritiek aan het adres van de spelers te laten varen en deze integendeel tot het uiterste aan te moedigen.”

Brugge

In de vorige aflevering hadden we het over de slechte staat van de Bisschopsdreef in Sint-Kruis dat aangekaart werd in het artikel “Al hutseklutsend door de Bisschopsdreef te Sint-Kruis – Onhoudbare toestand voor bewoners en weggebruikers”.  Maar het was niet enkel in Sint-Kruis dat er straten in slechte toestand te vinden waren.  Ook Sint-Andries deelde in de spreekwoordelijke brokken… :

Ellendige toestand van Diksmuidse Heirweg te Sint-Andries” : “Wegens de grote regenval der laatste weken is de Diksmuidse Heirweg in een reusachtige modderpoel herschapen.  De bewoners vragen zich terecht af wanneer daar eindelijk eens voor een oplossing zal gezorgd worden.  De straat is bezaaid met verraderlijke putten die vol water liggen zodat de autobezitters het nauwelijks wagen met hun auto buiten te komen uit vrees onklaar te geraken.  Doch vooral voor de huismoeders wier kinderen er dagelijks viermaal door moeten om naar school te gaan is het werkelijk geen pretje.  Natte kousen en doorlopen schoenen zijn er dagelijkse kost.  Voor fietsers is de weg praktisch onberijdbaar geworden.  Reeds herhaalde malen werd op deze toestand gewezen.  Hopen wij maar dat de betrokken instanties zo vlug mogelijk voor een oplossing zullen zorgen.  Wij verwijzen onze lezers overigens naar het verslag der jongste gemeenteraadszitting, elders in ons blad, waarin melding wordt gemaakt van het standpunt van de gemeentelijke overheid terzake.”

Net zoals we vorige keer dieper ingingen op de geschiedenis van de Bisschopsdreef doen we dit deze keer ook voor de Diksmuidse Heirweg.

De Diksmuidse Heirweg werd aangelegd toen de Romeinen heer en meester waren in onze gewesten.  Zij legden op meerdere plaatsen heirbanen aan omdat ze deze rechte wegen nodig hadden om op snelle wijze hun troepen te verplaatsen en om de werking van hun postdiensten zo goed mogelijk te kunnen verzekeren.  De Diksmuidse Heirweg liep toen over de heuvel waar nu het Galgenbos ligt.  Buiten deze heirbaan zijn er geen Romeinse activiteiten in de buurt van het Galgenbos gekend.

Lees meer
Cerle Brugge KSV
Cercle en Brugge door de jaren heen… (deel 219)

(periode van 14-01-1961 -> 21-01-1961)


Cercle

De voorbije resultaten waren niet van die aard om de komst van leidersploeg FC Diest met een gerust gemoed af te wachten.  Of was het juist onder dergelijke druk dat de groen-zwarten zichzelf zouden overtreffen ?  “Vic Bergh” mocht die bewuste zondag richting Edgard De Smedtstadion stappen om te kijken en neer te pennen wat Cercle er van bakte tegen de wit-zwarten:

“Cercle Brugge – F.C. Diest 0-1 : Weinig overtuigende leidersploegen…” : “Men moest zeker geen profeet zijn om te voorspellen dat Cercle en Diest elkaar in hun tweede onderling treffen een harde strijd zouden leveren om de kostbare punten en het ermee gepaard gaande leiderschap.  Beide ploegen, die bij de inzet van de competitie reeds onbeslist speelden, stonden immers op gelijke hoogte aan kop geklasseerd, zodat hier de eerste plaats op het spel stond.  Bij onze gebruikelijke navraag der kansen voor de wedstrijd bleek men in de groen-zwarte rangen tamelijk optimistisch en vol betrouwen en werd in grote lijnen een nipte Brugse zege vooropgezet.  Toch klonk bijna overal een licht voorbehoud met betrek tot het acteren der groen-zwarten dat unaniem geestdriftiger, sneller en directer werd gewenst dan dit in de vorige matchen het geval was.  Het is helaas bij deze wens gebleven, want was er naar waarheid niets aan te merken op de geestdrift en zegewil van Gilbert Bailliu en zijn maats, die naar beste vermogen hebben getracht de beslissing af te dwingen, dan hervielen zij andermaal in hun te traag en te lateraal kort passenspel dat er niet naar was om de stevige Diestse verdedigers fataal in het gedrang te brengen.  De oude zonden kwamen bij Cercle weer volop boven en zouden aan de basis liggen van de nieuwe teleurstellende prestatie en een nog meer ontgoochelende nederlaag die best vermeden kon worden.  FC Diest was immers evenmin een overtuigende leidersploeg en had na een halfuurtje opvallend haar beste pijlen verschoten.  Aanvankelijk liet zij wel een gunstige indruk door een snel, gedecideerd aanvallen dat toch preciesheid en afwerking miste om helemaal te voldoen.  Daarna presteerden de gasten verder op een bescheiden peil dat zelden de gewone middelmaat overschreed.  Normaal had niemand een doelpunt in de voeten in de 2e helft die Cercle veruit het meest bij de bal bracht, zonder dat hieruit evenwel enig noemenswaardig gevaar kwam, met uitzondering van een open kans die Perot hopeloos verknoeide.  De 0-0 stand, die tot enkele minuten voor het einde gehandhaafd bleef, typeerde heel voorbeeldig de staat der waardeverhouding die uiteindelijk echter enigszins vervalst werd door een luckygoal der bezoekers die hiermee een licht gevleide maar kostbare zege veroverden.  Een schoner voorbeeld van een lucky-goal als dit dat zondag Diest in de laatste minuten aan de leiding en de zege bracht, kan men zich moeilijk indenken.  Toen de naar links gezwenkte Maes immers Van Camp bediende, kon men moeilijk van een gevaarlijke actie gewagen, temeer dat laatstgenoemde eerder lukraak op doel schoot en Mortier reeds voor heel wat hetere vuren had gestaan.  Een eerste tegenslag voor Cercle was reeds dat de harde bal uit koers werd geslagen door Baas die in een beschermend gebaar zijn handen voor het gezicht hield.  Alles wees er evenwel nog op dat de Brugse doelman geen moeite zou hebben om deze situatie op te klaren, maar Mortier had ongelijk met het leder af te wachten in plaats van er op af te gaan.  Thans liet hij het botsen en op het ogenblik dat hij het wilde grijpen gleed hij even uit en flodderde het balletje effectvol naast hem tegen de touwen, hetgeen vanzelfsprekend een diepe ontgoocheling bij de enen en een dolle vreugde bij de anderen verwekte.  Hiermee was immers definitief de beslissing gevallen over deze kapitale vierpuntenwedstrijd, die Cercle niet verdiende te verliezen.  We zegden het reeds, de groen-zwarten schitterden niet in dat keiharde duel, vooral wegens de aangestipte tekortkomingen, maar waren toch doorlopend vol goede wil en zowel in de 2e helft als in het derde kwartier de meerdere hetgeen wel opwoog tegen het degelijk aanvangsoffensief der wit-zwarten, dat evenwel ook steriel bleef.  Inderdaad waren de groen-zwarten mede een al te stug defensief en het vrijgeven van het middenveld, dadelijk op hun helft gedrongen en schepte Diest herrie door een degelijk en snedig combineren waarbij gans de voorhoede met uitzondering voor de achteruitgeschoven Saenen verwarrend door elkaar switchte.  De lokalen trachtten het gevaar te beperken door een stugge mansdekking die o.m. Roje bestendig in de voeten zag lopen van Van Camp, maar slaagden daar niet altijd in.  Nog best dat de befaamde bezoekende doelschutters niet helemaal bij de zaak waren en een paar halfgemaakte doelpunten lieten liggen, anders had de thuisploeg reeds heel wat vroeger in het krijt gestaan.”

Technische  krabbels…
Cercle Brugge – F.C. Diest  0-1

- opkomst : 8.000 toeschouwers.
- terrein : zeer glibberig.
- weersgesteldheid : overtrokken en regenachtig.
- leiding : ref. Casteleyn, goed.
- fair-play : naar het einde toe een tikje te hard.
- corners : Cercle 2, Diest 6.
- doelpunt : 83’ Van Camp 0-1.
- Cercle : Mortier, Roje, Serru, Perot, Baas, Demey, Desmaele, Daels, Bailliu, Michiels, De
  Caluwé.
- FC Diest : Goeleven, Drijvers, Bos, Greeven, Verdonck, Boeckx, Maes, Van Camp, Saenen,
  Van Roosbroeck, Van Rompaeye.

Ook “Dani” stond met een “Bont beeld” uiteraard even stil bij de nederlaag van Cercle

Lees meer
Cerle Brugge KSV
Cercle en Brugge door de jaren heen… (deel 218)

(periode van 31-12-1960 -> 07-01-1961)


Cercle

De groen-zwarten zaten in een dipje, dat was het minste wat over de huidige toestand kon gezegd worden.  Verloren op FC Mechelen (2-1) en thuis slechts gelijk gespeeld tegen Sporting Charleroi (2-2).  Na de goede resultaten eerder was dit een koude douche.  Hoog tijd dus om het in de volgende thuiswedstrijd, tegen Racing Doornik, over een andere boeg te gooien.  De hamvraag was uiteraard of deze theorie vlot in de praktijk kon omgezet worden.  “Vic Bergh” trok in opdracht van “Het Brugsch Handelsblad” richting Edgard De Smedtstadion.  Zou hij er getuige van zijn dat Cercle de gunstige kentering inzette of bleven de groen-zwarten in hetzelfde bedje ziek ?

“Cercle Brugge – Racing Doornik 0-0 : Cercle zonder doelschutters” : “Toen Cercle, spijt een doorlopende meerderheid er maar niet in slaagde de stug versterkte en gesloten Doornikse verdediging uit elkaar te krijgen en na ruim een uur spel nog steeds vruchteloos achter een doelpunt zocht, hoorden we de zo verkleefde en steeds luid aanmoedigende Maurice Bonte (alias Chareltje Mentebolle) met overtuiging roepen : “Het zal weer in het laatste kwartier moeten gebeuren”.  En inderdaad, naarmate het einde naderde van deze snel en hardbetwiste wedstrijd, nam de lokale druk op het Waalse doel nog toe, stuwde Perot onvermoeibaar zijn maats in de aanval en nam hij de Racingkeeper op de korrel.  Maar alles bleef vruchteloos, tegenover de vaak treuzelende en pingelende Brugse aanvallers namen de numeriek sterkere geel-zwarte verdedigers niet het minste risico en ruimden alles ongenadig hard en ver weg.  Zoals Charleroi de week tevoren, bereikte ook Racing Doornik thans haar doel door de lokalen in bedwang te houden en een kostbaar puntje te ontfutselen dat we, niettegenstaande de afgetekende Cerclemeerderheid, niet eens onverdienstelijk kunnen noemen.  Tegenover de opnieuw falende groen-zwarte voorlijn, die het zelden tot een snedige en gave doordrijvende actie bracht, huldigden de gasten een stevig versterkt “safety first”, dat weliswaar af en toe enkele gaten vertoonde en hard op de proef werd gesteld, maar vooral dank zij de effenaf puike keeping van Liénard, kranig standhield tot het einde.  Dit nieuw kostelijk verliespuntje mag gerust weer op de rekening van de lokale voorhoede geschreven worden, die nooit de juiste tred vond tegen een nochtans te kloppen bezoekende defensie en andermaal opvallend inspiratie, slagvaardigheid en zelfs samenhang miste, om dan nog niet te spreken van de onvoldoende schotvaardigheid en slordige afwerking.  We zien waarlijk niet goed in wie van de Cercleforwards zondag een doelpunt had kunnen scoren, al kwam het voorbeeld nog zo treffend van André Perot die de enige met schietpoeder in de schoenen was, maar een bijna onklopbare Liénard op zijn weg vond !  Hier werd heel treffend aangetoond dat de Brugse voorlijn niet meer bij de zaak is en vruchteloos de verloren forme aan het zoeken is.  De verpersoonlijking van dit falen vindt men in het presteren van Bailliu, die normaal de motor is van de voorhoede waarrond gans de aanvalsactie draait, maar die thans maar niet op gang geraakte.  Gilbert werkte en draafde wel als niet één en trachtte zich doorlopend vrij te spelen, zonder nochtans ooit de juiste tred of opening te vinden.  Als men er aan toevoegt dat zijn nevenmaats al te uitdrukkelijk op hem speelden en de verantwoordelijkheid van het besluiten meestal aan hem overlieten, zal het niemand verwonderen dat er weinig van terechtkwam.  Notteboom bleek evenmin op dreef en miste dan nog “de” kans van de wedstrijd toen hij door Perot vrij in het straatje werd gezonden en alleen voor doel nog ver naast plaatste.  Daels kende enkele goede flitsen maar miste regelmaat in zijn presteren en vooral preciesheid in zijn doelschieten.  Michiels van zijn kant acteerde heel ijverig tussen de lijnen, maar het ontbrak hem aan de juiste pas.  Ten slotte was er vooraan nog de jeugdige Flamée die zijn debuut deed als linksbuiten, daar waar hij in reserve meestal als kanthalf of inside optreedt.  Zijn eerste helft was heel bevredigend, want hij speelde goed op zijn lijn, gaf verzorgde passen weg en dreef enkele goede doelpogingen door, maar na de rust was het beste er bepaald van af.  Hij ging mee op in het treuzelend en te persoonlijk spel van de andere voorspelers en verbrodde zodoende tal van goed opgezette acties.  In Flamée zit er gewis stof van een flinke voetballer, alhoewel er nog heel wat dient geschaafd…  Toch achten we dit experiment niet mislukt en we zouden hem gerust nog een nieuwe kans geven.  Zonder volledig te overtuigen, kon Cercle in haar geheel toch beter bevredigen dan tegen Charleroi, die trouwens iets hoger dan Doornik mag aangeschreven worden.  Zondag zat er beslist meer geestdrift en zegewil in het acteren der groen-zwarten, maar het falen van de voorlijn en een zekere vermoeidheid en loomheid die op gans de ploeg en haar presteren weegt ontzegde hen een mogelijke overwinning.  Als we spreken van vermoeidheid, dan baseren we ons hiervoor bijzonder op de verklaringen van de Cerclespelers zelf, die achteraf betoogden dat de inspanningen die reeds sinds 15 augustus bijna zonder onderbreking geleverd werden en de zware velden, terdege de reservekrachten van menig groen-zwarte acteur hebben aangetast.  En dat moet wel zo zijn, want de goede wil van alle spelers ten spijt om toch maar de zege uit het vuur te slepen, viel het op dat zulks niet voldoende was om de beslissing af te dwingen.  Dat tikje macht en snelheid dat nodig is om een aanval succesvol door te voeren ontbrak hetgeen de fysiek sterke tegenstrevers toeliet steeds gepast het gevaar te keren.  De halflijn was nog de enige die hierop een uitzondering maakte.  Perot was immers onvermoeibaar zowel in het verweer als in het opbouwen, alhoewel zijn slordig aangeven ook heel wat inspanningen deed teloor gaan.  Na de rust speelde hij trouwens voluit de aanval en was quasi de enige om op doel te schieten.  Meer sober maar even effectief was De Caluwé maar ook zijn ultiem vooruitstuwen leed schipbreuk.  De beste lokale speler was echter Baas die kalm en beheerst alles afstopte en ook zijn ontzetten tot in de puntjes verzorgde.  De sympathieke Sluisenaar heeft weer volop zijn zelfvertrouwen teruggevonden, hetgeen vast en zeker aan de basis ligt van zijn flink verbeterd en betrouwbaar presteren.  Noch Mortier, noch Serru, noch Roje kan ten slotte iets aangewreven worden, al moeten we Marin nogmaals waarschuwen voor zijn soms al te flegmatiek optreden, hetgeen ei zo na zelfs een doelpunt kostte.  Van de Cerclekeeper onthouden we zijn mooie save op het ver verrassend schot van J. Leblancq terwijl hij voor de rest een eerder rustige namiddag beleefde.  Kunnen we het betreuren dat de groen-zwarten voor de tweede opeenvolgende maal een kostbaar puntje verspeelden, dan willen wij hen hiervoor geen steen werpen.  Morgen kunnen zij genieten van een verdiende rustdag die hen hopelijk weer helemaal zal heropknappen om dan met nieuwe krachten en nieuwe moed de beslissende terugronde aan te vatten.  Kan Cercle in de komende matchen de nodige geestdrift en allesgevende zegewil opbrengen, dan is nog niets verloren en blijven haar promoveringskansen gaaf.  Maar dan zal er niets, volstrekt niets aan het toeval mogen overgelaten worden !”.

Technische  krabbels…
Cercle Brugge – Racing Doornik  0-0


- opkomst : 4.000 toeschouwers.
- terrein : iets glibberig.
- weersgesteldheid : betrokken en regenachtig.
- leiding : ref. Hannet, behoorlijk.
- fair-play : tamelijk correct.
- corners : Cercle 7, Doornik 1.
- Cercle : Mortier, Roje, Serru, Perot, Baas, De Caluwé, Notteboom, Daels, Bailliu, Michiels,
  Flamée.
- Racing Doornik : Liénard, Gaillet, Liégeois, J. Leblanc, Timmermans, G. Leblanc,
  Mangain, Rivière, Debaissieux, Baert, Deneubourg.

Lees meer
Cerle Brugge KSV
Cercle en Brugge door de jaren heen… (deel 217)

(periode van 17-12-1960 -> 24-12-1960)


Cercle

Na het puntengewin van de laatste weken zagen de groen-zwarten het helemaal zitten om hun komende tegenstander, FC Mechelen, in de ogen te kijken.  Nochtans waren de Mechelaars voor de Bruggelingen vaak een struikelsteen.  Cercle stond ondertussen helemaal bovenaan, Mechelen daarentegen bengelde op de negende plaats.  Maar zou dit verschil in de klassering ook tot uiting komen op het veld ?  “Veritas” was de gelukkige om in opdracht van “Het Brugsch Handelsblad” mee te reizen naar “Achter de Kazerne”.  Zou hij er getuige van zijn hoe Cercle zijn zegetocht verder zette of zou het uitdraaien op een anticlimax ?

“F.C. Mechelen – Cercle Brugge 2-1 : Vlug lokaal succes werd Cercle fataal !” : “Het moet zijn dat het terrein achter de Mechelse kazerne de groen-zwarten niet gunstig gestemd is, want de herinnering aan de fameuze testmatch tegen Eisden ligt nog vers in ieders geheugen –wat John Saeys iedere keer wij van ver of nabij dit veld benaderen, dringend om één minuut stilte doet vragen– of daar wordt Cercle alweer met ’n nederlaag huiswaarts gestuurd.  Wij moeten dat puntenverlies, dat het vroege lokaal succes tot grondslag heeft, echter geenszins dramatiseren, want van al de onmiddellijke achtervolgers is er geen enkele in geslaagd de volle buit in de wacht te slepen zodat –zoals Robert Braet gevat opmerkte– het moreel van de groen-zwarten absoluut niet aangetast is.
Beslissende blitzstart van de maneblussers : de wedstrijd begon waarlijk op catastrofale wijze voor de Bruggelingen : pas had referee Van Hellemont het sein voor de aftrap gegeven, of de Mechelaars nestelden zich reeds voor de kooi van Mortier.  De pittige lokale aanvalsleider Michiels trachtte langs de rechterflank door te breken waar Demey een raté van formaat weggaf en dan maar de situatie trachtte recht te trekken door een foutieve sliding.  Men kwam hierdoor echter van de regen in de drup want de toegestane vrijschop werd door de oud-Lierse speler Sels genomen en deze trakteerde Mortier op een autenthieke Lierse vlaai dat de bal reeds achter hem in het net lag alvorens de Cerclejongens zich hadden opgesteld !  Malinois probeerde de beslissing af te dwingen en de éénarmige en steeds gevaarlijke Tuyaerts liet de nonchalante Roje een paar keren ter plaatse, zodat de alarmklok bestendig luidde in het groen-zwarte kamp.  Gelukkig hield Mortier, die wel een tikje schuld had aan het openingspunt, thans het hoofd koel, zodat het geen herhaling werd van het Merksem-avontuur.  Toch bleven de Cercleverdedigers vlotten en eer de eerste 10 minuten om waren zat nr. 2 reeds in de kas.  Bij de derde lokale corner zond Sels hoog voor doel waar Demey met het hoofd wilde ontzetten, doch de bal doorliet voor de roepende Roje die evenwel verrast werd.  Het leder belandde op de dijen van de onthutste Perot en huppelde vandaar in de voeten van Van Bulck die ongenadig besloot.  Als we er dan nog bijvoegen dat we in deze periode vijf gloeiende kogels noteerden van het Mechels trio Sels-Michiels-Tuyaerts, wijst zulks voldoende op de overrompelende aanhef der Maneblussers.  Toch lieten de groen-zwarten zich niet onbetuigd want ook zij kregen twee doelrijpe kansen voor de voeten, doch Daels, nochtans zeer actief, miste telkens van een niet de goede richting.  Na deze stormloop van de Mechelaars, ging de wedstrijd verder gelijk op, met Cercle technisch de betere, doch zonder veel geestdrift, precies of zij legde zich reeds neer bij de nederlaag.  Het dient echter ook gezegd dat er geen greintje geluk mee gemoeid was, want zowel Notteboom als Daels besloten rakelings naast, toen keeper Jacobs geklopt scheen, terwijl Gilbert Bailliu zeven minuten voor het einde op de dwarslat kanjerde.  Het was dan ook maar een magere troost, toen dezelfde Cerclespeler op enkele seconden voor het affluiten, na een onbeschrijflijk geharrewar, de bal over de doellijn kon duwen.
Groen-zwarten zijn weerwraak verschuldigd : voor acht dagen, bij gelegenheid van de verplaatsing naar Tilleur, waren de Cerclespelers reeds om half elf in de “Londres” gevraagd voor het diner, zodat zij op het ogenblik van de aanvang, uitgehongerd waren, bij zoverre dat toen de scheidsrechter besliste de match uit te stellen, allen zonder uitzondering op de mand belegde broodjes vlogen en deze in een oogwenk volkomen leeggeplunderd was.  Het moet zijn dat zondag misschien te veel gegeten werd in het Cerclelokaal, want de meeste spelers verschenen lui en zonder veel overtuiging op het veld en het ware voor ons bijna een onmogelijke taak uit deze wedstrijd uitblinkers te halen : stuk voor stuk hebben wij de groen-zwarten reeds beter gezien dit jaar en vooral in de defensie liep het dikwijls mank.  Bovendien toonden de aanvallers niet de minste schotvaardigheid, zodat wij gerust mogen besluiten dat allen ons een flinke revanche verschuldigd zijn.  De minst slechten waren o.i. Mortier –buiten zijn plaatsingsfout bij het eerste doelpunt– en Bailliu, die zich afsloofde om vaart in het Cercleteam te brengen, doch er helaas niet in gelukte…  Nu Cercle voor drie opeenvolgende thuiswedstrijden staat, resp. tegen Sporting Charleroi, Racing Doornik en Diest, hopen wij dat de Brugse supporters hun jongens flink zullen blijven steunen, om het maximum aantal punten aan huis te houden.  Op een ogenblik dat alle kopploegen om beurten punten verliezen, kunnen de groen-zwarten zich stevig op kop werken en aldus DE kans grijpen, derde keer MOET goede keer zijn, Cercle !”

Technische  krabbels…
F.C. Mechelen - Cercle Brugge  2-1

- opkomst : 4.500 toeschouwers.
- terrein : zwaar, maar goed bespeelbaar.
- leiding : ref. Van Hellemont, kon bevredigen.
- corners : Mechelen 9, Cercle 12.
- doelpunten : 1’ Sels 1-0, 10’ Van Bulck 2-0, 89’ Bailliu 2-1.
- F.C. Mechelen : Jacobs, Borremans, Geets, De Moor, De Koster, Dehoef, Sels, Dockx, Michiels, Van Bulck, Tuyaerts.
- Cercle : Mortier, Roje, Serru, Perot, Baas, Demey, Notteboom, Daels, Bailliu, Michiels, De Caluwé.

Een derde van de competitie was afgewerkt en de conclusie mocht getrokken worden dat de ploegen die elkaar bekampten met de promotie als inzet, sterk aan elkaar gewaagd waren.  Tussen het nummer één, Cercle, en het nummer elf, FC Mechelen, waren er slechts vier punten verschil.  In een tijd dat een overwinning (slechts) twee punten opleverde betekende dit dat twee winstmatchen of twee verlieswedstrijden de klassering konden doen kantelen…

1. Cercle (15 punten), 2. SK Sint-Niklaas (14), 3. FC Turnhout (14), 4. FC Beringen (14), 5. FC Diest (13), 6. UR Namen (13), 7. SC Charleroi (12), 8. Racing Doornik (12), 9. Berchem Sport (12), 10. Kortrijk Sport (11), 11. FC Mechelen (11), 12. White Star (9), 13. Olse Merksem (8), 14. Racing Club Brussel (8), 15. Lyra (6), 16. FC Tilleur (4).


De groen-zwarten hadden, na de misstap in Mechelen, één en ander recht te zetten wilden zij hun kansen op promotie gaaf houden.  Dat betekende zonder meer dat met de volgende tegenstander, het zevende gerangschikte Sporting Charleroi, korte metten moest gemaakt worden.  De Henegouwers moesten simpelweg voor de bijl !  Of de praktijk even simpel zou blijken als de theorie moesten we nog eventjes afwachten.  Er werd alvast een vooruitblik geworpen op de komende wedstrijd : “Cercle – SC Charleroi : voor deze kapitale ontmoeting zou naar verluidt de Cercleploeg lichtjes gewijzigd worden door het heroptreden van Willy Lambert, terwijl Demey dan toch de plaats zou moeten ruimen voor De Caluwé.  Merken we evenwel op dat de samenstelling van hiernavolgend elftal slechts officieus is : Mortier, Roje, Serru, Perot, Baas, De Caluwé, Notteboom, Daels, Bailliu, Lambert, Michiels.”

“Vic Bergh” mocht richting Edgard De Smedtstadion stappen om er voor “Het Brugsch Handelsblad” zijn bevindingen aan het papier toe te vertrouwen.

“Cercle Brugge – S.C. Charleroi 2-2 : Groen-Zwarten spelen met vuur…” : “Wie zondag Cercle in actie heeft gezien tegen Charleroi, zal beslist met ons bekennen dat zij er niet veel van terecht gebracht heeft en opnieuw een kostbaar puntje te grabbel gooide.  Het scheelde zelfs geen haar of het werden er twee, want met nog amper enkele minuten te spelen waren er zeker nog weinig toeschouwers, zelfs van de hardste supporters, die nog op enige puntenoogst rekenden.  Beslist, deze in de lucht hangende tweede thuisnederlaag ware niet verdiend geweest, omdat de groen-zwarten in deze belangrijke wedstrijd doorlopend technisch en territoriaal baas waren geweest tegen een Waalse ploeg die van meet af door een stug defensief een puntendeling speelde.  Maar het kan evenmin geloochend dat de lokalen hierbij niet van de nodige beslistheid en doordrijvendheid blijk gaven om een voor de hand liggende zege te wettigen.  Het voorbeeld kwam nochtans van Charleroi, die spijt haar verdedigende tactiek met haar scherpe uitvallen langs de puntspelers heel wat meer gevaar schepte voor het Brugse doel dan dit het geval was langs de andere zijde.  Maar de Waaltjes hanteerden vooral de wapens snelheid en directheid, hetgeen schril afstak met het traag, treuzelend en lateraal evolueren der thuisspelers, die hiermede in het oude en weinig renderend euvel hervielen.  De groen-zwarten, en dan vooral de aanvallers, speelden weer eens met vuur en zonder het allesgeven van Perot hadden zij zich opnieuw lelijk verbrand.  Thans kon op het nippertje de schade nog beperkt worden, want toen de Gentenaar van tegen de zijlijn een free-kick voor het bezoekende doel lobde, ‘knikte’ Bailliu dan toch de gelijkmaker tegen het net.  Velen slaakten een zucht van verlichting omdat dan toch één puntje werd gered maar allen kwamen er rond voor uit dat Cercle het zeker anders aan boord zal moeten leggen om haar promoveringsdromen in vervulling te zien gaan…”

Technische  krabbels…
Cercle Brugge – S.C. Charleroi 2-2

- opkomst : 4.500 toeschouwers.
- terrein : uitstekend bespeelbaar.
- weersgesteldheid : zware mist.
- leiding : ref. Van Gysegem, bevredigend.
- fair-play : weinig aan te merken.
- corners : Cercle 6, Charleroi 3.
- doelpunten : 12’ De Valerio met een 30-meter schot 0-1, 20’ Mazzoleni werkt onvoldoende ’n rake kanjer van Lambert weg en Notteboom schuift binnen 1-1, 71’ Bertoncello op voorzet van Kabya 1-2, vrijschop van Perot en kopstoot van Bailliu 2-2.
- Cercle : Mortier, Roje, Serru, Perot, Baas, De Caluwé, Notteboom, Lambert, Bailliu, Michiels, Daels.
- S.C. Charleroi : Mazzoleni, Collard, Kossowski, A. en P. Prevot, Vanderwijt, Kabya, Spaute, De Valerio, Van den Bossche, Bertoncello.


Ook tegen Sporting Charleroi viel er onverwacht en onwelgekomen puntenverlies te noteren.  Geen enkele ploeg mocht, ook toen niet, ongestraft knoeien met de punten zonder dat het gevolgen had.  Cercle moest dan ook de leidersplaats afgeven aan F.C. Beringen omdat de Limburgers één wedstrijd meer gewonnen hadden.  Na deze speeldag zag de klassering er als volgt uit : 1. FC Beringen (16 punten), 2. Cercle (16), 3. FC Diest (15), 4. FC Turnhout (14), 5. SK Sint-Niklaas (14), 6. Berchem Sport (14), 7. SC Charleroi (13), 8. UR Namen (13), 9. Racing Doornik (13), 10. Kortrijk Sport (11), 11. FC Mechelen (11), 12. Olse Merksem (10), 13. Racing Club Brussel (10), 14. White Star (9), 15. Lyra (7), 16. FC Tilleur (6).

De volgende speeldag bracht voor Cercle een tweede opeenvolgende thuiswedstrijd met zich mee.  Tegenstander van dienst was het negende gerangschikte Racing Doornik.  De Bruggelingen konden zich absoluut geen nieuw puntenverlies permitteren.  Maar de Henegouwers telden slechts drie punten achterstand en zouden zich beslist niet als een hapklaar brokje aanbieden.  De groen-zwarten verkochten dus best niet het vel voor de beer geschoten was…
Traditiegetrouw werd er alvast een korte blik geworpen op de komende match : “Cercle – Racing Doornik : voor de komende thuiswedstrijd van morgen zondag tegen RC Doornik, die hopelijk een meer overtuigende prestatie der groen-zwarten zal meebrengen, zal waarschijnlijk de hiernavolgende ploeg ongewijzigd in het veld komen : Mortier, Roje, Serru, Perot, Baas, De Caluwé, Notteboom, Daels, Bailliu, Lambert, Michiels.”

Wie meestal, om niet te zeggen altijd, de situatie in een pennentrek en een raak woord kon omschrijven, was “Dani”.  In zijn “Bonte Beelden…” ontsnapte niets of niemand aan zijn scherpe opmerkingszin.  Ook Cercle was af en toe eens het mikpunt van zijn milde spot :
 

Lees meer