koop tickets online

Cercle en Brugge door de jaren heen… (deel 218)

(periode van 31-12-1960 -> 07-01-1961)


Cercle

De groen-zwarten zaten in een dipje, dat was het minste wat over de huidige toestand kon gezegd worden.  Verloren op FC Mechelen (2-1) en thuis slechts gelijk gespeeld tegen Sporting Charleroi (2-2).  Na de goede resultaten eerder was dit een koude douche.  Hoog tijd dus om het in de volgende thuiswedstrijd, tegen Racing Doornik, over een andere boeg te gooien.  De hamvraag was uiteraard of deze theorie vlot in de praktijk kon omgezet worden.  “Vic Bergh” trok in opdracht van “Het Brugsch Handelsblad” richting Edgard De Smedtstadion.  Zou hij er getuige van zijn dat Cercle de gunstige kentering inzette of bleven de groen-zwarten in hetzelfde bedje ziek ?

“Cercle Brugge – Racing Doornik 0-0 : Cercle zonder doelschutters” : “Toen Cercle, spijt een doorlopende meerderheid er maar niet in slaagde de stug versterkte en gesloten Doornikse verdediging uit elkaar te krijgen en na ruim een uur spel nog steeds vruchteloos achter een doelpunt zocht, hoorden we de zo verkleefde en steeds luid aanmoedigende Maurice Bonte (alias Chareltje Mentebolle) met overtuiging roepen : “Het zal weer in het laatste kwartier moeten gebeuren”.  En inderdaad, naarmate het einde naderde van deze snel en hardbetwiste wedstrijd, nam de lokale druk op het Waalse doel nog toe, stuwde Perot onvermoeibaar zijn maats in de aanval en nam hij de Racingkeeper op de korrel.  Maar alles bleef vruchteloos, tegenover de vaak treuzelende en pingelende Brugse aanvallers namen de numeriek sterkere geel-zwarte verdedigers niet het minste risico en ruimden alles ongenadig hard en ver weg.  Zoals Charleroi de week tevoren, bereikte ook Racing Doornik thans haar doel door de lokalen in bedwang te houden en een kostbaar puntje te ontfutselen dat we, niettegenstaande de afgetekende Cerclemeerderheid, niet eens onverdienstelijk kunnen noemen.  Tegenover de opnieuw falende groen-zwarte voorlijn, die het zelden tot een snedige en gave doordrijvende actie bracht, huldigden de gasten een stevig versterkt “safety first”, dat weliswaar af en toe enkele gaten vertoonde en hard op de proef werd gesteld, maar vooral dank zij de effenaf puike keeping van Liénard, kranig standhield tot het einde.  Dit nieuw kostelijk verliespuntje mag gerust weer op de rekening van de lokale voorhoede geschreven worden, die nooit de juiste tred vond tegen een nochtans te kloppen bezoekende defensie en andermaal opvallend inspiratie, slagvaardigheid en zelfs samenhang miste, om dan nog niet te spreken van de onvoldoende schotvaardigheid en slordige afwerking.  We zien waarlijk niet goed in wie van de Cercleforwards zondag een doelpunt had kunnen scoren, al kwam het voorbeeld nog zo treffend van André Perot die de enige met schietpoeder in de schoenen was, maar een bijna onklopbare Liénard op zijn weg vond !  Hier werd heel treffend aangetoond dat de Brugse voorlijn niet meer bij de zaak is en vruchteloos de verloren forme aan het zoeken is.  De verpersoonlijking van dit falen vindt men in het presteren van Bailliu, die normaal de motor is van de voorhoede waarrond gans de aanvalsactie draait, maar die thans maar niet op gang geraakte.  Gilbert werkte en draafde wel als niet één en trachtte zich doorlopend vrij te spelen, zonder nochtans ooit de juiste tred of opening te vinden.  Als men er aan toevoegt dat zijn nevenmaats al te uitdrukkelijk op hem speelden en de verantwoordelijkheid van het besluiten meestal aan hem overlieten, zal het niemand verwonderen dat er weinig van terechtkwam.  Notteboom bleek evenmin op dreef en miste dan nog “de” kans van de wedstrijd toen hij door Perot vrij in het straatje werd gezonden en alleen voor doel nog ver naast plaatste.  Daels kende enkele goede flitsen maar miste regelmaat in zijn presteren en vooral preciesheid in zijn doelschieten.  Michiels van zijn kant acteerde heel ijverig tussen de lijnen, maar het ontbrak hem aan de juiste pas.  Ten slotte was er vooraan nog de jeugdige Flamée die zijn debuut deed als linksbuiten, daar waar hij in reserve meestal als kanthalf of inside optreedt.  Zijn eerste helft was heel bevredigend, want hij speelde goed op zijn lijn, gaf verzorgde passen weg en dreef enkele goede doelpogingen door, maar na de rust was het beste er bepaald van af.  Hij ging mee op in het treuzelend en te persoonlijk spel van de andere voorspelers en verbrodde zodoende tal van goed opgezette acties.  In Flamée zit er gewis stof van een flinke voetballer, alhoewel er nog heel wat dient geschaafd…  Toch achten we dit experiment niet mislukt en we zouden hem gerust nog een nieuwe kans geven.  Zonder volledig te overtuigen, kon Cercle in haar geheel toch beter bevredigen dan tegen Charleroi, die trouwens iets hoger dan Doornik mag aangeschreven worden.  Zondag zat er beslist meer geestdrift en zegewil in het acteren der groen-zwarten, maar het falen van de voorlijn en een zekere vermoeidheid en loomheid die op gans de ploeg en haar presteren weegt ontzegde hen een mogelijke overwinning.  Als we spreken van vermoeidheid, dan baseren we ons hiervoor bijzonder op de verklaringen van de Cerclespelers zelf, die achteraf betoogden dat de inspanningen die reeds sinds 15 augustus bijna zonder onderbreking geleverd werden en de zware velden, terdege de reservekrachten van menig groen-zwarte acteur hebben aangetast.  En dat moet wel zo zijn, want de goede wil van alle spelers ten spijt om toch maar de zege uit het vuur te slepen, viel het op dat zulks niet voldoende was om de beslissing af te dwingen.  Dat tikje macht en snelheid dat nodig is om een aanval succesvol door te voeren ontbrak hetgeen de fysiek sterke tegenstrevers toeliet steeds gepast het gevaar te keren.  De halflijn was nog de enige die hierop een uitzondering maakte.  Perot was immers onvermoeibaar zowel in het verweer als in het opbouwen, alhoewel zijn slordig aangeven ook heel wat inspanningen deed teloor gaan.  Na de rust speelde hij trouwens voluit de aanval en was quasi de enige om op doel te schieten.  Meer sober maar even effectief was De Caluwé maar ook zijn ultiem vooruitstuwen leed schipbreuk.  De beste lokale speler was echter Baas die kalm en beheerst alles afstopte en ook zijn ontzetten tot in de puntjes verzorgde.  De sympathieke Sluisenaar heeft weer volop zijn zelfvertrouwen teruggevonden, hetgeen vast en zeker aan de basis ligt van zijn flink verbeterd en betrouwbaar presteren.  Noch Mortier, noch Serru, noch Roje kan ten slotte iets aangewreven worden, al moeten we Marin nogmaals waarschuwen voor zijn soms al te flegmatiek optreden, hetgeen ei zo na zelfs een doelpunt kostte.  Van de Cerclekeeper onthouden we zijn mooie save op het ver verrassend schot van J. Leblancq terwijl hij voor de rest een eerder rustige namiddag beleefde.  Kunnen we het betreuren dat de groen-zwarten voor de tweede opeenvolgende maal een kostbaar puntje verspeelden, dan willen wij hen hiervoor geen steen werpen.  Morgen kunnen zij genieten van een verdiende rustdag die hen hopelijk weer helemaal zal heropknappen om dan met nieuwe krachten en nieuwe moed de beslissende terugronde aan te vatten.  Kan Cercle in de komende matchen de nodige geestdrift en allesgevende zegewil opbrengen, dan is nog niets verloren en blijven haar promoveringskansen gaaf.  Maar dan zal er niets, volstrekt niets aan het toeval mogen overgelaten worden !”.

Technische  krabbels…
Cercle Brugge – Racing Doornik  0-0


- opkomst : 4.000 toeschouwers.
- terrein : iets glibberig.
- weersgesteldheid : betrokken en regenachtig.
- leiding : ref. Hannet, behoorlijk.
- fair-play : tamelijk correct.
- corners : Cercle 7, Doornik 1.
- Cercle : Mortier, Roje, Serru, Perot, Baas, De Caluwé, Notteboom, Daels, Bailliu, Michiels,
  Flamée.
- Racing Doornik : Liénard, Gaillet, Liégeois, J. Leblanc, Timmermans, G. Leblanc,
  Mangain, Rivière, Debaissieux, Baert, Deneubourg.

“Dani” bedacht er andermaal weer een zeer geslaagd “Bont beeld” bij :

“Voor de tweede achtereenvolgende maal speelde Cercle op eigen plein een kostbaar puntje kwijt.  Gevolg : ontgoochelde supporters die in gedachten reeds een heruitgave van het vorig seizoen zien.  Hopelijk zal Cercle dit jaar zijn promoveringskansen door die enkele dom verloren puntjes niet in rook zien vergaan.  Moed jongens !”
Het recente puntenverlies liet natuurlijk zijn sporen na in de klassering.  Cercle totaliseerde zeventien punten maar moest FC Diest en FC Beringen, die eveneens zeventien punten telden, laten voorgaan omdat zij één gewonnen wedstrijd meer hadden : 1. FC Diest (17 punten), 2. FC Beringen (17), 3. Cercle (17), 4. FC Turnhout (16), 5. SK Sint-Niklaas (16), 6. Berchem Sport (15), 7. Racing Doornik (14), 8. Union Namen (13), 9. Sporting Charleroi (13), 10. FC Mechelen (13), 11. Kortrijk Sport (12), 12. Olse Merksem (12), 13. Racing Club Brussel (11), 14. White Star (9), 15. Lyra (7), 16. FC Tilleur (6).
De competitie was bijna halfweg en het viel op dat tussen leider Diest en het zesde gerangschikte Berchem slechts twee punten verschil was.  Een wedstrijd winnen of verliezen was voldoende om de promovering naderbij te zien komen of bijna in rook te zien opgaan…
 

Cerle Brugge KSV

De volgende wedstrijd beloofde alvast weer de nodige spanning op te leveren.  Cercle ontving in eigen huis… leider FC Diest.  Een topaffiche dus !  De wit-zwarte aanvalsmachine draaide op volle toeren terwijl bij Cercle juist daar het schoentje knelde.  Afwachten dus of Bailliu en zijn maten tijdig voldoende buskruit op zak hadden om de op stevige poten staande verdediging van Diest aan flarden te schieten.
Traditiegetrouw werd er een vooruitblik geworpen op de op stapel staande voetbalkraker : “Waar men gerust mag aannemen dat de wedstrijd tegen Diest morgen zondag op het Cercleterrein zeker doorgaat, blijkt het ook vast te staan dat de Brugse groen-zwarten een zware taak voor de boeg hebben.  De nieuwe leiders waren in de laatste matchen immers onweerstaanbaar en bijzonder schotvaardig, zodat de lokale verdediging goed uit haar ogen zal moeten kijken om Van Camp en Co in toom te houden.  Deze partij is des te belangrijker voor Cercle daar het tegen een rechtstreekse concurrent gaat die bij een gebeurlijke zege virtueel vier punten voorsprong zou tellen.  Alle spelers zullen zich dan ook ten volle bewust zijn van het belang van de inzet en er alles uithalen om de zo kostbare punten aan huis te houden.  Daarvoor zal er echter van de eerste tot de laatste minuut snel, rechtstreeks en geestdriftig moeten geacteerd worden, want een herhaling van de vorige thuiswedstrijden kan best een ramp betekenen.  De Brugse ploeg werd voor deze topmatch trouwens gevoelig gewijzigd en officieus zouden Notteboom (verzworen teennagel) en Flamée op de hoeken vervangen worden door Desmaele en De Caluwé terwijl Demey terug als kanthalf zou uitkomen.  De waarschijnlijke ploeg ziet er trouwens als volgt uit : Mortier, Roje, Serru, Perot, Baas, Demey, Desmaele, Daels, Bailliu, Michiels, De Caluwé.”

Brugge

* Als er zich een nieuw jaar aanmeldt wil de traditie dat het voorbije jaar nog eens onder de loupe genomen wordt.  Alle opzienbarende feiten worden voor een laatste (?) keer in beeld gebracht en veel nieuwsfeiten die ondertussen reeds in de nevelen van het menselijk brein verdwenen zijn worden andermaal opgerakeld.  Ook Brugge hield deze traditie in ere maar toen alles op een rijtje gezet was bleek dat 1960 een vrij kleurloos jaar geweest was…

“Een Brugs jaar zonder geschiedenis : Gelukkig land, dat geen geschiedenis heeft, luidt een gezegde.  Men past het vaak op Zwitserland toe.  1960 is voor Brugge een jaar zonder geschiedenis, maar of Brugge daarom een overgelukkig gebied mag genoemd worden, is een andere vraag.  Ondanks alle inspanningen bleef Brugge immers een onderontwikkeld gebied, met een structurele werkloosheid, die nog al te velen verplicht naar Gent, Brussel en zelfs verder hun dagelijks brood te gaan verdienen.  Wel is het zo, dat de curve van de industrialisatie in het Brugse mee de stijgende lijn voor gans Vlaanderen volgt, terwijl ook in 1960 verder gewerkt werd aan het verstevigen van de basis, waarop Brugge’s economische expansie mettertijd stevig zal rusten.  Sensationele wijzigingen echter zijn niet te noteren, want ook de werken van Zeebrugge’s uitbreiding bleven, alles op de keper beschouwd, onder peil al werd de normale timing gevolgd.  Het ongeduld over het uitblijven van een hoger ritme en de wrevel over het onbegrip inzake nationale havenpolitiek, ten nadele van Zeebrugge’s   daadwerkelijke erkenning als snelhaven, petroleumhaven en feitelijke voorhaven van Antwerpen zijn daardoor gewettigd.  Nochtans wint de overtuiging veld, dat de tijd voor Brugge werkt in dit verband.  Geduld is hier nogmaals hoogste gebod evenals taaie vastberadenheid, om op de ingeslagen weg voort te gaan.
Een eerste hoogtepunt in het ontspanningsleven was het flink geslaagd openbaar carnavalfeest, waardoor de zotskap voor het eerst sinds 45 jaar opnieuw op straat kwam.  Er deden zich geen incidenten voor en wie nog twijfelt aan Brugge’s meerderjarigheid op dit gebied is van kwade trouw.  Het jaar werd verder gekenmerkt door de grote tentoonstelling “De Eeuw der Vlaamse Primitieven”, die eerst door de onwil van een Brusselse expert dreigde te mislukken, doch uiteindelijk één der voornaamste tentoonstellingen van oude kunst in gans West-Europa is gebleken.  De herrie rond de voorbereiding was zelfs een prikkel op het bezoekersaantal, dat het recordcijfer van 177.500 betalende bezoekers bereikte.  Deze tentoonstelling behaalde ook in Amerika een afgetekende bijval.
Een eerste twistpunt was de benoeming van een directeur voor de stedelijke academie, die uiteindelijk beslecht werd met de benoeming van een derde kandidaat, nadat de twee voornaamste tegenstanders feitelijk mekaar hadden uitgeschakeld.  Het tweede twistpunt was de plaats, waar het nieuw ziekenhuis moet opgericht worden.  Na grondig heen en weer gepraat werd ten slotte voor Sint-Pieters geopteerd, waar het moderne Brugge in snel tempo verrijst en op de grens waarvan zelfs een grootwarenhuis a.h.w. de schakel tussen dit nieuwe en het oude Brugge zal vormen.
De Brugse culturele wereld onderging een groot verlies door het overlijden van mevrouw J. Storie-Demeyere, een zeer talentvolle pianiste.
Om nog even het economisch leven aan te raken : het vertoont in zijn jongste vormen hoogten en laagten.  Terwijl La Brugeoise zich langzaam herstelde, vielen de Scheepswerven van Vlaanderen uit, ingevolge financiële manipulaties, die een gevoel van onbehagen in de betrokken kringen hebben verwekt.  Ook de capaciteit van de glasfabrieken te Zeebrugge verminderde.  Daarentegen heeft de nakende oprichting van de Siemensfabriek te Oostkamp grote hoop verwekt, omdat de cijfers inzake werkverschaffing in dit bedrijf een voor het Brugse zeer ongewone hoogte voorspiegelen.
Onze stad was andermaal tijdens het seizoen de toevlucht van tienduizenden toeristen, die de grondstof zijn van de toeristische industrie, waarvan Brugge een der voornaamste centra blijft.  Er ontstond nochtans herrie in de schoot van het Heilig Bloedspel dat een voorname rol speelt in het plaatselijke toerisme, zij het slechts om de vijf jaar : dhr. Anton Van de Velde werd op een weinig loyale wijze als regisseur geliquideerd.  Men zou van dergelijke praktijken in onze stad afstand moeten doen, want ze doen onze faam geen deugd, dit totaal afgezien van het principe in deze zaak.
Ten slotte was Brugge in 1960 een der reisdoelen van hoge bezoekers als daar zijn onze koning, die de beminnelijke gastheer was voor de Luxemburgse groothertogin, verder de Sjah van Iran, die de vrouwelijke geestdrift –hoe kort ook tijdens zijn blitzbezoek– vermocht te ontketenen en aartshertog Otto van Habsburg, wiens bezoek in een veel ernstiger sfeer verliep en tenslotte het zo charmante koningspaar van Thailand, andermaal vergezeld door de koning, die tevens toen zijn laatste vrijgezellendagen beleefde..
Zo staat Brugge na een rustig jaar (uitgezonderd de hele laatste dagen van dit jaar) op de drempel van 1961, dat economisch beloftevol is door de vestiging van het grote Siemensbedrijf en dat naar wij hopen een inniger samenwerking met de randgemeenten zal brengen, ook al om tot een vlotter urbanisatie te komen, geraamte waarop de economische expansie moet geschraagd worden.”

“Dani” probeerde, op de manier hem eigen, eveneens het voorbije jaar samen te vatten… :
 

Cerle Brugge KSV
Cerle Brugge KSV

“Hoe ze hun Nieuwjaar vierden : Het Kerst- en Nieuwjaarsgebeuren is voor iedereen een tijdstip dat speciaal wordt gevierd en ook persoonlijk wordt aangevoeld.  Het oude jaar is begraven en met verse en nieuwe moed wil men aan het nieuwe jaar beginnen in de hoop dat het veel zonnige en onbezorgde dagen zal brengen.  Dit jaar evenwel werd deze sfeer wat gestoord door de troebele dagen die we doorbrengen.  Dit bracht mee dat de postboden die niet staakten nog zwaardere lasten dan de andere jaren te slepen hadden.  Verder zal het zeker voor de agenten, gendarmen en soldaten die tijdens de jaarwisseling ergens de wacht moesten optrekken maar een eerder flauw begin van het nieuwe jaar geweest zijn.  Ze konden zich evenwel troosten met de gedachte dat er ook nog andere waren die evenmin een gezellige oudejaarsavond passeren konden.  Zo bvb. Lumumba die in zijn korte politieke loopbaan zeker reeds betere dagen moet gekend hebben.  Voor veel Waalse handelaars zal het stroomtekort ook niet erg stimulerend op de verkoop gewerkt hebben.  Onze vriend de Gaulle vierde de intrede van 1961 met een derde Franse atoombommetje, dit in de hoop dat de “groten” hem binnenkort ook als een “grote” zullen erkennen.  Diegenen die zich van alles niet aangetrokken hebben en onbezorgd in familiekring 1960 begraven hebben zullen dit wel met evenveel vreugde en genoegen als de andere jaren gedaan hebben, terwijl de kinderen misschien nog het meest van al tevreden en gelukkig zullen geweest zijn met een nieuwe trein of een nieuwe pop.  Ten slotte waren er ook nog anderen die nadat ze hun beste wensen aan hun patroons hadden gebracht zich plots heel grote meneren voelden en, daar ze toch hun Nieuwjaar op zak hadden, dan maar per taxi naar huis zijn teruggekeerd…”

* Het viel reeds een beetje tussen de lijntjes te lezen dat niet alles was peis en vree bij de overgang van 1960 naar 1961.  Een deel van het postpersoneel was aan een staking begonnen terwijl andere postbeambten gewoon doorwerkten.  Zou de onrust uitdeinen of zou alles uiteindelijk een storm in een glas water zijn ?  De nabije toekomst zou het uitwijzen :

“Huiselijk Kerstfeest te Brugge : Het Kerstfeest in onze stad werd hoofdzakelijk in de huiskring gevierd.  De nachtmissen werden druk bijgewoond en op diverse plaatsen in de stad zorgden de gebuurtekringen voor een specifiek Brugse kerstsfeer met licht, muziek en mooie kerstkribben.  Op Kerstdag zelf was het zeer rustig in de stad.  ’s Avonds zorgde de TV voor een korte attentie voor Brugge door de uitzending van een filmpje over de kerststemming te Brugge, met opnamen van de reien, het begijnhof en een nachtmis in het stedelijk hospitaal.  Op tweede Kerstdag begon dit rustig beeld zich te wijzigen door de incidenten tussen stakende en werkende postbeambten op de Markt.  Het ziet er naar uit, dat het nieuwjaarsfeest te Brugge ingevolge de stakingen niet in een zelfde feestelijke sfeer zal verlopen.  Reeds tijdens de week vertoonde het stadscentrum een eerder grauw en doods beeld.  Na de spanning van woensdag werd de feestbelichting uitgeschakeld, terwijl de verkoop in de winkels gevoelig is gedaald.  Eis voor winkelsluiting afgewezen : Op de voorzitter van de gebuurtecomitees werd door een delegatie van de stakers druk uitgeoefend, om de winkels van de particulieren te sluiten en slechts te openen tijdens de uren dat de grootwarenhuizen hun deuren mogen openen.  Dat deze zaak niet in goede aarde viel is vanzelfsprekend.  Donderdagavond kwamen de delegaties van de verschillende gebuurtecomitees samen met een afvaardiging van het ABVV en burgemeester Vandamme bijeen om de toestand te bespreken.  De handelaars weigerden echter in te gaan op de eis van de stakers.  In dit verband verwijzen wij naar de officiële mededeling van de gebuurtecomitees van Brugge.”
De soep wordt nooit zo heet gegeten als ze wordt opgediend…  Wie gevreesd had voor hardere stakingsacties en daaruit voortvloeiende onlusten die actie en reactie veroorzaakten kwam (gelukkig) bedrogen uit :

“Rustige Nieuwjaarsviering te Brugge : De jaarwisseling is te Brugge ondanks de politieke spanning in het land, rustig voorbijgegaan.  Het “nieuwjaarsbestand” tussen regering en oppositie werd trouwens in gans het land geëerbiedigd.  Er heerste zelfs een grote toeristische drukte naar ons gewest toe.  Restaurants en herbergen mogen niet klagen, alle verhoudingen ingevolge de politieke spanning, in acht genomen.  Er deden zich op straat tijdens nieuwjaarsnacht geen incidenten voor.  Wel doorkruisten na middernacht groepen zingende feestvierders het centrum van de stad.  Nieuwjaarsdag werd gekenmerkt door een algemene rust.  Er was weinig beweging op straat tenzij van de nieuwjaarswensers.  De eerste dag van het jaar brachten de meeste Bruggelingen in de gezellige huiskring door.  Ook tweede nieuwjaarsdag verliep zeer kalm.  In tegenstelling met tweede kerstdag deden zich in onze stad op 2 januari geen politieke incidenten voor.  De laatste dagen van het oude jaar werden trouwens te Brugge gekenmerkt door een verhoogde handelsbedrijvigheid na de inzinking van de kerstweek ingevolge druk en incidenten.  De warenhuizen bleven open, geen enkele winkel heeft zijn deuren gesloten.  Daardoor hebben ten andere de grootwarenhuizen de eerste week van 1961 het door het ABVV opgelegd openingsverbod niet langer meer in acht genomen.  Toch bleef de algemene warenomzet ook tijdens het nieuwjaarsweekend en de eerste week van januari ver onder het normaal peil.”

(Marnix Knockaert)
 

Gerelateerde nieuwsberichten

Cerle Brugge KSV
SHOT sprak met ... Georges Debacker

"Cercleverzamelaar"


Deel 4 (slot)

In deze mini-reeks van vier delen stellen we u telkens een verzamelaar voor.  In de loop van de reeks zult u bemerken dat het begrip “verzamelaar” uiteenlopend kan zijn.
De opvatting is zo dat we telkens een artikel dat ooit betreffende de persoon in kwestie in SHOT verschenen is herpubliceren samen met een geactualiseerd gesprekje.

Lees meer
Cerle Brugge KSV
SHOT sprak met… Danny Cattoor

"Cercleverzamelaar"


Deel 3

In deze mini-reeks van vier delen stellen we u telkens een verzamelaar voor.  In de loop van de reeks zult u bemerken dat het begrip “verzamelaar” uiteenlopend kan zijn.
De opvatting is zo dat we telkens een artikel dat ooit betreffende de persoon in kwestie in SHOT verschenen is herpubliceren samen met een geactualiseerd gesprekje.

Derde in de rij is Danny Cattoor.  Deze thans 62-jarige apotheker, woonachtig in Oostende,  werd veertien jaar geleden geïnterviewd door toenmalig SHOT-medewerker Stijn Van Wynsberghe.
Danny is de bezieler achter het “Cerclemuseum”.  Het is een “no nonsens website”, zonder franjes, maar met een schat aan gegevens.  Je kunt er alle spelers (en hun gegevens) terugvinden die ooit maar één minuut in een officiële A-wedstrijd van Groen-Zwart aantraden. Van diverse spelers is er ook een biografie te lezen.
We geven u eerst het originele artikel mee, dat in augustus 2006 verscheen, gevolgd door een update.

Lees meer
Cerle Brugge KSV
SHOT sprak met … David Diasson

"Cercleverzamelaar"


Deel 2

In deze mini-reeks van vier delen stellen we u telkens een verzamelaar voor.  In de loop van de reeks zult u bemerken dat het begrip “verzamelaar” uiteenlopend kan zijn.
De opvatting is zo dat we telkens een artikel dat ooit betreffende de persoon in kwestie in SHOT verschenen is herpubliceren samen met een geactualiseerd gesprekje.

Tweede in de rij is David Diasson.  Ik interviewde David een kleine zeven jaar geleden voor SHOT.  Daarbij ontdekten we zijn verhaal hoe hij Cerclesupporter werd door … een schoen.  Zo begon ook zijn Groen-Zwarte verzamelwoede.  Is hij er nog steeds mee bezig, vroegen we ons af?  We geven u eerst het artikel mee dat in het oktobernummer 2013 van SHOT verscheen, gevolgd door een update 2020.

Lees meer
Cerle Brugge KSV
SHOT sprak met … Diederiek Vermeersch

Assistent Technisch Verantwoordelijke Jeugdopleiding (ATVJO)

Talent is een toevallige factor, het klimaat scheppen om talent in te ontwikkelen heb je echter zelf in de hand: een voetbalopleiding behelst niet alleen het voetbaltechnisch aspect, maar ook een begeleiding op sociaal vlak, op studievlak, op mentaal vlak. Je hebt nooit de garantie dat het lukt, maar je moet als club wel de omstandigheden creëren om talent op te leiden. Voor die functie bij de jeugd werd vorig jaar Diederiek Vermeersch aangesteld. 

Diederiek, kan je je kort even voorstellen aan de lezer?

Ik ben 46 jaar oud, heb een partner en ben in het dagelijks leven leraar Latijn en Frans in het middelbaar onderwijs. Daarnaast gids ik een paar keer per maand in Rome. 

Hoe ben je bij Cercle Brugge terechtgekomen?

Lees meer
Cerle Brugge KSV
SHOT sprak met … Hans Martens

"Cercleverzamelaar"


Deel 1

In deze mini-reeks van vier delen stellen we u telkens een verzamelaar voor.  In de loop van de reeks zult u bemerken dat het begrip “verzamelaar” uiteenlopend kan zijn.
De opvatting is zo dat we telkens een artikel dat ooit betreffende de persoon in kwestie in SHOT verschenen is herpubliceren samen met een geactualiseerd gesprekje.

We vangen aan met wellicht de grootste verzamelaar.  Hans Martens verbouwde zelfs zijn woning ingrijpend om het om te toveren tot een Cerclemuseum.  Ruim vier jaar geleden trok ik naar Wingene om het zelf te gaan bewonderen en Hans een interview af te nemen over hoe zijn passie begon en dusdanig uitgroeide.  Het artikel dat verscheen in het februarinummer 2016 van SHOT leest u hieronder, gevolgd door een update 2020.

Lees meer