koop tickets online
Shot-online
19/10/2017

Gedeelde ambitie - Dylan de Belder

Cercle Brugge verwelkomde begin deze week Frank Vercauteren als nieuwe oefenmeester.  Op training is de nieuwe aanpak meteen duidelijk.  Ik kwam te vroeg aan langs de groen-zwarte kant van het Jan Breydelstadion en pikte de ochtendtraining mee.  Na de training had ik een afspraak met Dylan De Belder.  Ik had een leuk gesprek met hem over gedeelde ambities.  Het is namelijk zowel Cercles als Dylans wens en hoop om zo snel mogelijk in 1A te spelen.  

Dylan, je bent nog niet zo lang een officiële speler van Cercle.  Kun je even je carrière schetsen tot nu toe?  Daar was al eens een passage bij Cercle, niet?

Ik ben een geboren en getogen ‘Montois’ en startte ook met voetballen in de streek van Bergen. Als jeugdspeler kende ik een drietal ploegen.  Ik begon bij het kleine RLC Mesvin, maar in de  jeugdreeksen was ik vooral bij RAEC Mons actief.  Tussendoor was er ook  een korte tussenstop bij La Louvière.   Mijn eerste profcontract onderschreef ik bij RAEC Bergen in het seizoen 2011-2012.  Dat seizoen scoorde ik ook mijn eerste en enige officiële goal voor Mons.  In de terugwedstrijd van de finale van Play Off II was dat, hier in het Jan Breydelstadion.  (Cercle plaatste zich toen na een 0-1 en 3-2 zege tegen Bergen voor een wedstrijd tegen Gent met als inzet een Europees ticket, nvdr).  In het seizoen 2013-2014 kende Mons een slecht seizoen.  Ze degradeerden uiteindelijk uit de hoogste voetbalklasse en mijn contract werd er vroegtijdig ontbonden.  Dankzij mijn manager die op Cercle goede contacten had, kon ik hier mijn conditie onderhouden.  Het kwam uiteindelijk niet tot een contract.  Dan kwam Waasland-Beveren op de proppen.  Ik tekende er een contract voor een half seizoen met een optie op nog twee jaar.  Die optie werd gelicht, maar toen kwam Stijn Vreven als nieuwe trainer.  Het klikte niet bepaald tussen ons en hij liet me al snel verstaan dat ik niet in zijn plannen voorkwam.  Ik keek uit naar een andere club en kon uitgeleend worden aan Lommel in de tweede klasse.  Dat was voor mij een echt superjaar.  Ik kon er toen maar liefst achttien keer scoren en wekte de interesse van enkele teams.  Ik koos uiteindelijk voor Lierse.  Ik speelde er vorig seizoen en werd er topschutter van eerste klasse B met 23 treffers.  

"Monaco wil hier echt een mooi project neerzetten en ik ben blij dat ik er deel van mag uitmaken."

Je bleef dus uiteindelijk maar één seizoen in Lier.  Je maakte er in het tussenseizoen ook geen geheim van om hogerop te willen en nog het liefst naar eerste klasse A?  

Inderdaad, ik voelde dat ik klaar was voor die stap.  Ik speelde erg graag voor Lierse en draag de supporters nog steeds een warm hart toe.  Maar ik ben daar toen niet al te best behandeld geworden.   Er was interesse van enkele ploegen uit eerste klasse A en die interesse was ook redelijk concreet.  Maar het bestuur van Lierse had beslist dat ik 1,5 miljoen euro moest kosten.  Dit was gewoon een onrealistisch bedrag.  Geen enkele van de teams die interesse hadden in mij wilde of kon dat bedrag ophoesten.  In de kranten werd dit ook al snel opgeklopt.  Die gazettepraat werd vooral gecreëerd door de toenmalige voorzitter van Lierse.  Ik trainde wel mee tijdens de voorbereiding, maar had slechts een helft gespeeld en miste dus ook ritme.  In het tussenseizoen nam ik ook een nieuwe manager, met name Mogi Bayat.  Mijn prijs zakte toen wel, maar de kernen van de eersteklassers waren al grotendeels gevormd.  Ik zat wat gevangen op het Lisp.  

Toen kwam Cercle op de proppen.  Waarom trok je naar ‘de vereniging’ en wat was je eerste indruk?

Ik kende Cercle natuurlijk al vrij goed.  Ik was hier al een periode geweest.  Maar toch was er heel wat veranderd.  Alles gaat er nu veel professioneler aan toe dan toen.  De kern die hier is samengesteld is ook helemaal niet mis.  Monaco wil hier echt een mooi project neerzetten en ik ben blij dat ik er deel van uit mag maken.  De ambitie van de ploeg is natuurlijk ook zo snel mogelijk naar het hoogste niveau doorstijgen en dat is ook net mijn ambitie.  

De competitie was al bezig toen je hier aankwam.   Hoe verliep de aanpassingsperiode?  

Alle begin is moeilijk en uiteraard  had ik toen ook een conditionele achterstand.  In het begin was het erg hard werken en knokken.  De concurrentie is ook groot en dat houdt je automatisch scherp.  De laatste weken verloopt het persoonlijk vrij goed.  Ik stond vaak in de basis en kon in en tegen Beerschot ook mijn eerste doelpunt scoren.  Ik hoop dat ik op die ingeslagen weg kan verder gaan.  

Ondertussen staan er nog drie wedstrijden op het programma in de eerste periode en heeft Cercle sinds deze week een nieuwe trainer.  Wat is je eerste indruk van de nieuwe coach en hoe schat je de kansen voor de eerste periode in?   

De nieuwe trainer is niet de eerste de beste.  Hij heeft zeer veel ervaring als speler en ook als trainer.  Zijn palmares is ook indrukwekkend.  Het is een echte persoonlijkheid die meteen zijn stempel drukt op de groep en de trainingen.  Wat de eerste periode betreft, moeten we het gewoon wedstrijd per wedstrijd bekijken.  We moeten gewoon naar onszelf kijken en elke wedstrijd proberen te winnen.  Als we dat doen, leggen we druk bij de twee tegenstanders.  Beerschot-Wilrijk en OHL moeten bovendien nog een onderling duel afwerken.  Hun laatste wedstrijd in deze periode is trouwens ook een uitwedstrijd.  En die zijn in 1B nooit ‘makkelijk’.  Ook wij zullen 100% gefocust moeten zijn om de komende weken resultaat te halen in Lier en in Tubeke.  

Tot zover het gesprek met onze nieuwe spits.  Een ambitieuze jongeman die wil doorgroeien en die dat misschien het best bij Cercle kan doen.  

(Stijn Sinnaeve)

Gerelateerde nieuwsberichten

Cerle Brugge KSV
Silke Loridan

Wie het Cercle-secretariaat binnenstapt wordt vergast op de vriendelijke glimlach van een 23-jarige Veurnse.  Silke Loridan werkt nu zowat tien maanden op het Cercle-secretariaat.  Tijd dus om deze enthousiaste, gemotiveerde  jongedame even aan u voor te stellen.

Wat deed je voorafgaand aan je job bij Cercle?

In het middelbaar studeerde ik “economie-moderne talen”. Ik was gestart met “wetenschappen”, maar wijzigde mijn keuze.  Dat komt eigenlijk wel goed van pas nu op mijn werk bij Cercle met al die verschillende talen.

Vervolgens verbleef ik twee jaar in Gent.  Eerst volgde ik aan de universiteit “criminologie”.  Ik droomde er altijd al van om rechercheur te worden.  Daarom koos ik die richting.  Uiteindelijk was het niet zo mijn ding.  Het was te zwaar voor mij.  Dit moet ik eerlijk toegeven.  Vervolgens “grafische en digitale media” aan de Hoge School .  Dat was wel leuk, maar mijn ontwerpen waren echter niet goed genoeg en de creatieve ideeën kwamen er niet steeds uit zoals het moest.  Dan weet je voor jezelf dat je moet stoppen (lacht).  

Ik werkte ook als jobstudent in een supermarkt in Oostduinkerke.  Uiteindelijk bleef ik er om er vast te werken.  Dat was een periode van twee jaar.  Ik groeide, kreeg meer zelfvertrouwen, werd volwassener en leerde meer op mijn eigen benen staan.  Ik werd ook socialer tegenover anderen en kwam meer uit mijn schelp.  

Na twee jaar werd het wel tijd voor iets anders.  Ik wou een meer administratieve job waarbij ik meer mijn hoofd dan mijn handen moest gebruiken.  

Zo belandde je via facebook bij Cercle?

Ik voetbalde destijds bij White Star Bulskamp, dezelfde ploeg waar ook de zus van secretariaatcollega  Branco voetbalde en hij eveneens bij de mannen.  We zijn reeds zo’n acht jaar vrienden op facebook.  Zo zag ik op een dag een Cercle-vacature passeren.  Ook voorheen had ik reeds Cercle-vacatures gezien op facebook, maar toen vond ik dat ik er nog niet klaar voor was en solliciteerde niet.  Nu had ik echter het gevoel: “dat is het, nu ben ik er klaar voor!”.  Ik solliciteerde en bekwam de job.

"Het is mijn droomjob."

Ook voorheen kwam je reeds af en toe naar wedstrijden zien?

Ik was reeds verschillende malen op Jan Breydel.  Dit zowel op Cercle als Club.  Op Cercle was dit met Branco, zijn zus en zijn familie mee.  Ik vond het een leuke sfeer.  Iedereen kent mekaar.  Het gaat er zeer familiaal aan toe.  Misschien zijn de supporters niet zo talrijk als bij een andere ploeg, maar ik vind iedereen wel aangenaam.  Ze beschouwen je direct als een deel van de familie.  

Je bent hier nu zo’n tien maand.  Hoe voel je je?

Ik startte op 22 december 2016.  Ik heb een supergoed gevoel.  Het is mijn droomjob.  Toen ik vroeger in de tribune zat, droomde ik er van om daar beneden te staan en iets met de organisatie kunnen te maken te hebben.  Hier werken is voor mij echt de max!  Het is danig gevarieerd, het is nooit saai.  Het steekt niet tegen omdat je zodanig veel zaken hebt om je om te bekommeren.  Ik krijg ook veel verantwoordelijkheden en het bijhorende vertrouwen, en dat vind ik ook leuk.  Bovendien ervaar ik dat ik in dit jaar ook zeer veel bijgeleerd heb.  Ik sta weer tien stappen verder in mijn leven qua persoonlijkheid.  Je leert ook zeer veel nieuwe mensen kennen.

Je sprak van meer “open” worden.  Je beperkt je niet tot je kerntaken op Cercle maar bent ook tegenwoordig “buiten de diensturen” op supportersfeestjes en organisaties?

Ik probeer inderdaad zoveel als mogelijk supportersfeestjes van de diverse verenigingen bij te wonen.  Zo leer je ook die mensen beter kennen en de sfeer is er telkens zeer goed.  Weer dat familiale, waarbij ik me direct thuis voel.

Dat ik ook aan “Levensloop” heb deelgenomen?   Ik heb mijn neefje, die nog zeer jong was, verloren aan kanker.  Al een voldoende motivatie op zich om deel te nemen.  Sowieso wou ik eens deelnemen en toen ik vernam dat Jimmy De Wulf en Broes (Beloften) vanuit de jeugdwerking een team zouden afvaardigen, aarzelde ik niet.  Na de uitwedstrijd op Beerschot-Wilrijk zijn we rechtsreeks naar “Levensloop” gereden om daar present te zijn van middernacht tot 04.00 uur.  Niet dat we de ganse tijd gelopen hebben natuurlijk.

"Ik probeer ook alle uitwedstrijden bij te wonen.  Ik miste er nog maar eentje dit seizoen.  Cercle is eigenlijk mijn leven geworden!"

Ik zag het reeds vaak aan de uren waarop ik mails ontvang van het secretariaat en aan de randactiviteiten, het is hier geen nine to five job hé?

(lacht) Inderdaad.  Het is wel een hele verandering.  Mijn vorig werk was gewoon van 08.30 hr tot 19.00 hr . Je kwam thuis en deed niets meer voor je job.  Nu sta ik op met Cercle en ga ik slapen met Cercle.  Ik vind dat niet erg.  Ik wil immers dat Cercle groeit.  Ik wil er moeite in steken, zorgen dat het vooruitgaat en dat de supporters tevreden zijn.  Dat vind ik echt belangrijk.  Het is dan ook geen probleem voor mij om langer te blijven.  Ik ga pas naar huis als mijn werk gedaan is.  Actueel is het enkel wat moeilijker te combineren met mijn avondschool, maar ik heb het er voor over.

"Cercle is eigenlijk mijn leven geworden!"

Avondschool?

Ik zit in het 2e jaar “reisconsulente” aan Syntra.  Ik ben daarmee aangevangen (voor ik bij Cercle kwam) omdat ik het idee had opgevat om in het buitenland te gaan werken.  Sinds ik hier tewerkgesteld ben, is dat natuurlijk niet meer het doel maar het vak op zich interesseert me wel.  Ook tijdens die opleiding leer ik veel bij.  Ik ben er op alle vlakken vlot door en ik wil mezelf bewijzen dat ik iets kan afmaken.  Mogelijks kan ik het in mijn verdere leven nog gebruiken.  Je weet nooit wat de toekomst brengt.

Reizen zit wel in de familie.  Mijn peter woont in Maleisië.  In de vakanties gingen we ook vaak met mijn ouders op reis.  We huurden huisjes of vertrokken met de caravan.  Het zit er van kinds af aan in.  Spijtig genoeg is het in combinatie met mijn job op Cercle niet meer zo vaak mogelijk. 

Het kwam reeds even aan bod, je voetbalde ook zelf?

Ik speelde vijf of zes jaar bij White Star Bulskamp.  Vanaf de opstart van de ploeg was ik er bij.  Door het studeren heb ik dit jammer genoeg moeten stoppen.  Mocht ik kunnen en de tijd hebben, zou ik er direct terug aan beginnen.  Ik voetbal enorm graag.  Dat is iets wat ik wel mis.  Als ik van op de tribune wedstrijden zie, dan wil ik zelf op dat plein staan… (lacht).

Ik kom nog even terug op het secretariaat.  Het klikt blijkbaar zeer goed tussen de collega’s? 

Jazeker.  Toen ik hier aankwam was het even aanpassen als enige vrouw.  Maar er is een toffe sfeer.  Iedereen is familiaal en accepteert elkaar zoals men is.  Ook onze recentste aanwinst (sinds maandag n.v.d.r.) is een toffe gast.  We zijn allemaal jong en voelen elkaar daardoor wellicht ook wat beter aan.  
Het is zeker een plezier om hier te werken.

Een mooie afsluiter waar ik niets aan toe te voegen heb.

(Georges Debacker)

Lees meer
Shot-online
17/10/2017
Cerle Brugge KSV
Cercle en Brugge door de jaren heen (deel 207)

(periode van 20-08-1960 -> 20-08-1960)

* Cercle

Het nieuwe voetbalseizoen naderde met rasse schreden.  Hoog tijd dus om te kijken hoe de conditie van de groen-zwarten er voor stond.  En, hoe kon dit beter dan door enkele pittige oefenwedstrijden op het programma te plaatsen ?

“Veelbelovende oefenmatchen te Brugge” – “Cercle – Beerschot AC” : “Het mag gezegd dat Cercle op veelbelovende wijze het nieuw voetbalseizoen tegemoet gaat.  Er werden immers reeds twee oefenmatchen betwist die in grote lijnen voldoening schonken.  Te Charleville werd nipt met 2-1 verloren tegen de Franse eersteklasser FC Rouen terwijl op half-oogst in Nederland een mooie en verdiende 1-2 zege werd geboekt tegen Breda.  In dit laatste treffen lukte de nieuwe aanwinst W. Lambert een prachtdoel terwijl Notteboom het winninggoal scoorde.  De Hongaar Locskai, die na de rust Desmaele als linksbuiten verving, liet eveneens een gunstige indruk.  De zieke Baas diende belet te geven en werd terdege gedoebleerd door Wittewrongel.
Heden zaterdag, te 18 uur, zet Cercle op eigen terrein haar kompetitievoorbereiding verder met een oefenmatch tegen niemand minder dan de Antwerpse eersteklasser Beerschot.  Voor de groen-zwarten wordt het zeker een zware test, al menen we dat het toch op zulk geen ramp zal uitdraaien als verleden jaar.  De Sinjoren zullen het niettemin ernstig opnemen en er alles op zetten om op punt te komen.  Het bewijs hiervan is dat volgende vijftien “mannekens” de reis naar Brugge zullen meemaken : Smolders, Gernaey, Wouters, Schroeyens, Weyn, Raskin, Van Hemelryck, Huysmans, Vanhostayen, Van Acker, Rik Coppens, Drieskens, De Borger, Zaman en Et. Coppens.  Allemaal bekende spelers waarbij ook de duurste transfer van het jaar Drieskens van Lommel, waarvan veel goeds verteld wordt.
Cercle van haar kant zal het met volgende opstelling proberen : Mortier, Roje, Serru, Perot, Wittewrongel, Demey, W. Lambert, Buyse, Bailliu, Michiels en de Hongaar Locskai.  Verder zullen ook Desmaele, Acket, Notteboom, Daels en de Hongaar Gaal tijdens deze match getest worden.”

* Brugge

* Als een agent de baan op moet om een opdracht uit te voeren kunnen de weersomstandigheden wel eens tegen zitten.  Dan is het altijd meegenomen als er extra kleding ter beschikking is om de weerselementen in iets comfortabeler omstandigheden te trotseren.  Burgemeester Pierre Vandamme had oog voor deze situatie en besloot om de daad bij het woord te voegen : “Brugse politiemannen tegen regen en wind beschermd” : “Burgemeester Vandamme heeft twaalf plastieken regenmantels aangekocht om de dienstdoende politiemannen te beschermen tegen regen en wind.  De wetsdienaars zijn uiterst tevreden over deze beschutting, doch voor de verkeersagenten is deze meestal minder praktisch, vermits er geen armgaten of mouwen voorhanden zijn, om met de armen bewegingen te kunnen maken. Mogelijks kan aan deze kleine tekortkoming verholpen worden voor degenen die het verkeer moeten regelen.  In ieder geval is het een flink initiatief vanwege het administratief hoofd van de Brugse politie, dat ten zeerste naar waarde wordt geschat.”      

* Wiedenkt dat de beelden aan de voorgevel van het Brugse stadhuis honderden jaren oud zijn moet dringend zijn mening herzien.  De huidige beelden zijn zelfs van relatief recente datum.  Een beetje geschiedenis hieromtrent…

- De eerste steen van het stadhuis werd in 1376 gelegd door graaf Lodewijk van Male.  De werken namen, zacht uitgedrukt, geruime tijd in beslag want het was pas in 1421, 45 jaar na het begin der werken !, dat men het stadhuis als voltooid beschouwde.
Het Brugse stadhuis was het eerste monumentale laatgotische raadhuis van Vlaanderen en Brabant en was een stenen getuige van de economische en politieke bloei van Brugge tijdens de veertiende eeuw.
- De toenmalige geplaatste gevelbeelden waren van de hand van J. van Valenciennes.  Deze beelden werden in de loop van de eeuwen (van de 15detot de 18deeeuw) aangevuld met beeltenissen van figuren uit het Oude en het Nieuwe Testament en figuren van heersers van Vlaanderen zoals graven en gravinnen, aartshertogen en keizers.
- Na de Franse Revolutie van 1792 werden onze gewesten vanaf 1794 door de Fransen bezet.  Iedereen weet nog uit de geschiedenislessen van destijds dat de Fransen zich niet schroomden om waardevolle gebouwen, vooral kerken en abdijen, te plunderen en te vernielen.  Ook het Brugse stadhuis kwam niet ongeschonden uit deze woelige tijden want de gevelbeelden en de wapenschilden werden vernield.
Op 18 juni 1815 leed Napoleon een definitieve nederlaag tijdens de Slag van Waterloo.  Voor onze gewesten veranderde echter niet veel.  Wij kwamen gewoon van de regen in de drup terecht want eenmaal de Fransen verdwenen waren kwamen de Nederlanders hier de plak zwaaien…
- Op 25 augustus 1830 werd, ter gelegenheid van de verjaardag van de Nederlandse koning Willem I, de opera “De Stomme van Portici” in de Brusselse Koninklijke Muntschouwburg opgevoerd.  Deze opera luidde meteen het begin van het einde van het Nederlandse bewind in.  De aria “Amour sacrée de la Patrie” zorgde er voor dat de vlam van de opstand definitief in de pan sloeg, er braken relletjes uit en de Nederlanders mochten nog datzelfde jaar hun matten voorgoed oprollen.
- Vanaf dan ging het snel : op 20 december 1830 erkende een conferentie van de grote mogendheden in Londen het recht op Belgische onafhankelijkheid en reeds op 11 januari 1831 erkende de Conferentie van Londen de nieuwe staat België.
Gevolg van dit alles was dat Leopold van Saksen-Coburg-Gotha op 21 juli 1831 voor het Congres de eed op de Grondwet aflegde en de eerste koning van België werd.
- Het Brugse stadhuis wachtte ondertussen, zoals hierboven vermeld, sinds de ongewenste aanwezigheid van de Fransen op de nodige herstelwerken.  Toch moesten de Bruggelingen nog geduld oefenen tot 1852-1863 om de totale buitenrestauratie van hun stadhuis mee te maken inclusief neogotische toevoegingen en het plaatsen van nieuwe beelden door J. Geefs uit Antwerpen en C. Geerts uit Leuven in samenwerking met Bruggeling J. Van Nieuwenhuyse.
- Blijkbaar was er, ook toen reeds, niets nieuws onder de zon, want omstreeks 1875 stelde men vast dat de stadhuisbeelden ‘aftakelden’ wegens ‘slechte materiaalkeuze’ met als logisch gevolg de geleidelijke verwijdering van deze beelden.
Omdat men nooit over één nacht ijs gaat duurde het nog tot 1876 vooraleer met de herstellings- en restauratiewerken begonnen werd.  Maar éénmaal gestart werd niet enkel de buitenkant maar ook de binnenkant van het stadhuis grondig aangepakt.  Opnieuw werd voor de betrokken kunstenaars en restaurateurs jarenlange werkzekerheid gecreëerd.
- In 1924 kreeg Prosper Hinderyckx uit Sint-Andries de opdracht om nieuwe beelden van Onze-Lieve-Vrouw met de inktpot en van Maria en de engel Gabriël te kappen.

- De soap met de stadhuisbeelden bleef echter duren.  In 1960, men was nog maar eens bezig met het stadhuis te restaureren, werden enkele plaasteren beelden geplaatst in de nissen van de voorgevel van het stadhuis met volgend resultaat (artikel verschenen in “Het Brugsch Handelsblad” van 20 augustus 1960) :

“Nieuwe beelden voor het stadhuis vielen niet in de smaak” : “Voor enkele dagen werden in de nissen van het Brugs stadhuis, dat men volop aan ’t restaureren is, vijf plaasteren beelden geplaatst die door de leden van de Koninklijke Kommissie voor Monumenten en Landschappen gekeurd werden.  Volgens die heren steekt er niet genoeg ziel in deze beelden, waardoor de gotische stijl zoek is geraakt.  Er werd besloten kontakt te nemen met de beeldhouwers de hh. Vandevoorde uit Brussel en Aubroeck uit Temse, om de kunstwerken de gewenste wijzigingen te laten ondergaan.”

- In 1967 werd de Brugse Burg ongewild sensationeel voorpaginanieuws want voor de toegangspoort van het toenmalige gerechtshof ontplofte… een bom !
Uiteraard besteedde ook “Het Brugsch Handelsblad” van 18 februari 1967, naast alle nationale kranten, de nodige aandacht aan dit opzienbarend feit :

“Brugge, Valentijnsdag 13 februari 1967.  Het anders zo kalme Brugge haalt de voorpagina’s van de nationale en de lokale pers.  ‘Bom ontploft te Brugge.  Ontzaglijke schade aan stadhuis, gerechtshof en Heilig Bloedkapel’.  Aan de poort van het Brugse gerechtshof op de Burg is in de voorafgaande nacht een bijzonder krachtige bom ontploft.
Drie agenten hebben in de nacht van 12 op 13 februari een enorme knal gehoord en reppen zich richting Burg.  Ze constateren dat de bom was geplaatst aan de poort van het gerechtsgebouw, aangezien ze hier een krater van een halve meter diep aantreffen.  De linkerhelft van een massieve eikenhouten poort is uit haar hengsels geblazen en het beeld van Moeder Justitia op het binnenplein is onthoofd.  Stukken van de gevel van het stadhuis zijn door de klap beschadigd en ook de Heilig Bloedkapel komt er niet ongeschonden uit. Eeuwenoude brandglasramen zijn volledig vernield.  Politie, rijkswacht en een wapendeskundige kammen de Burg uit, maar van het springtuig is geen spoor meer te vinden.”

Hoe opvallend deze zaak een hele tijd de voorpagina’s van de lokale en nationale kranten beheerste, even snel verdween elk nieuws van de aanslag uit de media.  Ook kon het Belgische gerecht, ondanks zijn duchtige werk in deze prestigezaak, de zaak nooit oplossen.  De zaak stierf een stille dood en slechts enkele Bruggelingen hebben nog vage herinneringen aan het mysterie van ‘de bomme van ip den Burg’…

- Na deze aanslag opteerde men om nieuwe beelden te kappen in plaats van de beelden uit de 19deeeuw te kopiëren.  M. Witdouck uit Lovendegem vervaardigde zeven gotisch getinte beelden om in de onderste rij te plaatsen.
Er ontstond een langdurige polemiek over de vorm en de stijl van de 48 ontbrekende beelden zodat men zich in 1981 genoodzaakt zag om een wedstrijd uit te schrijven.  Het echtpaar Livia Canestraro en Stefaan Depuydt uit Snellegem werden de winnaars.  Bij het kappen van de overige beelden inspireerden zij zich, zoals het ook enkele eeuwen eerder gebeurd was, op figuren uit het Oude en het Nieuwe Testament en op heersers van Vlaanderen.  Dit keer werden de beelden op andere consoles geplaatst die wapenschilden van de subalterne steden voorstelden.

Lees meer
Shot-online
07/11/2018
Cerle Brugge KSV
The revival - Miguel van Damme

Bij de aanvang van de voorbereiding van het vorige seizoen kwam het als een donderslag bij heldere hemel. Bij Miguel Van Damme werd leukemie vastgesteld.  In februari interviewden we Miguel die toen vol goed hoop was dat de revalidatie goed verliep en hij keek reeds vooruit naar zijn eerste stappen op de groene mat. Terecht blijkt nu. Zijn doorzettingsvermogen als sportman, de medische bijstand die hij ontving, de morele steun van velen en mogelijks net dat tikkeltje geluk dat iedereen nodig heeft, bracht hem inderdaad terug op het voetbalveld.  Dat dit reeds mogelijk was in de Bekerwedstrijd tegen Genk is op zich een half mirakel.  Weinigen deden het hem voor.

We hadden een kort gesprekje met hem “the day after”.

Miguel, goed een jaar na de vreselijke diagnose stond je tegen KRC Genk op het hoogste niveau opnieuw tussen de palen?

’t Is zot geweest.  Ik had nooit gedacht dat het zo snel zou gaan.  Ik herinner me nog goed dat ik ruime tijd geleden een gesprek had met de ploegdokter die me vertelde dat we het bij het begin van het seizoen rustig zouden opbouwen en voornamelijk met de kine’s werken en als alles goed zou verlopen dat ik in december of bij de winterstage zou kunnen meetrainen met de groep en eventueel wat wedstrijden spelen.  Nu blijkt dat ik met de zomerstage reeds kon meetrainen en enkele wedstrijden met de Beloften spelen.  Het is immens hoe snel het gegaan is.  Mijn lichaam heeft het goed aangenomen.  Alleen maar positieve zaken dus.

20 september 2017 zal wellicht een speciale dag blijven voor jou?

Inderdaad.  Ik heb reeds enkele wedstrijden met de Beloften achter de rug, maar nu voor het grote publiek terug te komen  en het vertrouwen krijgen van de trainers, is vanzelfsprekend heel positief en heel leuk.   Ik ben er hen heel dankbaar voor.  Ook voor de steun die ik van de supporters kreeg, zowel voor als na de wedstrijd.  Het is een moment dat altijd in mijn hart gegrift zal staan.

De supporters stonden inderdaad letterlijk en figuurlijk achter je.

Reeds tijdens de opwarming voelde ik me gesterkt door hen.  Ook tijdens de wedstrijd en er na.  Elke bal die je pakt of elk goed moment die je hebt in de wedstrijd hoor je inderdaad de mensen die achter je staan positief reageren.  Ook tijdens de periode dat ik ziek was kreeg ik heel veel steun van vele mensen.  Dit zowel van Cercle uit als van de voetbalwereld in het algemeen.  Daar trek je je aan op.

Ook Cercle op zich bleef in je geloven.  Je contract liep immers af tijdens je ziekte en toch kon je bijtekenen.

Door mijn ziekte kwam ik in een onzekere situatie.  Eerst denk je voornamelijk aan genezen, maar naarmate je dichter bij die genezing komt, komt het sportieve dan toch terug boven water.  Als je op dat ogenblik van Cercle hoort dat ze steeds van plan waren om mijn aflopend contract te verlengen, en mij de tijd te geven om terug te keren op het hoogste niveau, gaf dat een enorme boost voor mezelf en ook voor mijn familie.  

Je “debuutwedstrijd” was niet mis?

Ik had een positief gevoel na gisteren.  Ik kon enkel goede ballen pakken en we hebben ons terug in de match kunnen knokken.  Spijtig van die lucky goal, maar we moeten de positieve zaken uit die wedstrijd onthouden.

Die eerste wedstrijd op het hoogste vlak, verteerde je die fysiek goed?

Ik trainde vandaag terug mee met de groep en kende totaal geen weerslag van gisteren.  Gisterenavond ook geen abnormale vermoeidheid.  Ondanks dat ik nog om de maand een lichte kuur krijg, heb ik er helemaal geen last van.  Ook de dokters zijn positief verrast.  

Ook je vriendin is onvoorwaardelijk blijven achter je staan en volgend jaar huwen jullie?

Inderdaad.  We wonen reeds in ons nieuw huis maar op 15 juni komend jaar treden we in het huwelijksbootje.  Alweer iets om naar uit te kijken.

Tot slot, je bent , samen met chocolatier Dominque Persoone, het gezicht van “Levensloop”?

Dit is een heel mooi initiatief van die mensen.  Het is het tweede jaar dat ze dit organiseren. Toen ze me vroegen om peter te zijn, twijfelde ik natuurlijk geen moment.  Je komt uit zo’n situatie en je weet wat die mensen doormaken, dan is dit het minste wat je kunt doen om je steun te betuigen en hen helpen een mooi bedrag in te zamelen.  Een mooi initiatief en ik hoop dat het een geslaagde dag zal worden voor de organisatie.

(Georges Debacker)

 

Lees meer
Shot-online
21/09/2017
Cerle Brugge KSV
Filips Dhondt

Optimism is a moral duty. Na bijna twintig jaar is Filips Dhondt terug bij Cercle als bestuurder namens AS Monaco. Na de knappe winst tegen OH Leuven en net voor de nieuwjaarsreceptie van Groen Zwart nam hij uitgebreid de tijd voor een gesprek met SHOT. Ambitie, optimisme en de onverzadigbare wil om te winnen vormden de ingrediënten. Alsof we al een voorsmaak kregen van het kleine mirakel op en tegen KFCO Beerschot Wilrijk vier dagen later…

Je kijkt terug op een lange en rijk gevulde carrière in de voetbalwereld. Als we kennis willen maken met Filips Dhondt, welke hoogtepunten mogen we dan noteren?

Dit seizoen is mijn vierentwintigste seizoen dat ik in de voetbalwereld professioneel actief ben. Ik kan verschillende hoogtepunten noemen, maar dieptepunten uiteraard ook. Een recent hoogtepunt is zonder meer het vorige voetbalseizoen bij AS Monaco. We behaalden de kampioenstitel in Frankrijk, de finale van de Liga-beker, en de halve finale van de Champions League, amper vijf jaar nadat we laatste stonden in de tweede klasse. Een ongelofelijk scenario, eigenlijk een mirakel als je bedenkt dat de tweede in de eindstand, Paris Saint Germain, werkt met een budget dat tot zes keer zo groot is als dat van AS Monaco. Maar eigenlijk was elke Champions League campagne, zowel bij Monaco als bij de buren hier, een summum van beleving. Tijdens mijn eerste periode bij Cercle, van 1994-1998, was het voor mij vooral genieten van Josip Weber. Als ik zijn naam noem krijg ik nog steeds kippenvel. Ik was eind vorig jaar nog op de begrafenis van Josip met Franky Carlier, Geert Leys en Bert Lamaire. Laagtepunt was dan uiteraard de degradatie met Groen Zwart in 1998, waarna ik heb beslist om naar EURO 2000 over te stappen. Toenmalig voorzitter Paul Ducheyne gaf te kennen met minder mindelen verder te moeten, waarna we in alle vriendschap en openheid oplossingen hebben gezocht en gevonden.

Hoe kijk jij naar het voetbal? Kijk je als voetbalstrateeg, als zakenman, als manager?

Om in de voetbalsector te werken moet je vooral gepassioneerd zijn. Het vraagt vierentwintig uur per dag en zeven dagen per week je volle aandacht en engagement. Zelfs ’s nachts houdt het je bezig. Te meer ook omdat mensen je voortdurend aanspreken over wat voor hen hun hobby is… maar voor mij mijn beroep.

Dus je kijkt en beleeft voetbal als gepassioneerd voetballiefhebber?

Ja, absoluut, ook al evolueer je zelf ook wel na een lange carrière in de voetballerij. Ik zet de televisie op als er wedstrijden worden uitgezonden, maar ik lees intussen ook wel iets. Ook de voetbalwereld zelf is overigens zeer sterk geëvolueerd de laatste paar decennia.

Van evoluties gesproken, je was reeds bij Cercle aan de slag, en je bent nu terug bij Groen-zwart, als is dat nu in de hoedanigheid van bestuurder namens AS Monaco. Mogen we zeggen dat jij één van de drijvende krachten was achter het hele proces van de overname van Cercle?

De drijvende krachten zijn de voorzitter van AS Monaco, Dmitry Rybolovlev en de ondervoorzitter Vadim Vasilyev. Zij wilden absoluut een tweede voetbalclub vinden, omdat er zich in Frankrijk een enorm probleem stelt met de ontwikkeling van de jeugdspelers. De ‘reserven’ of U21 spelen in Frankrijk in vierde of vijfde afdeling, wat maakt dat er een enorme kloof is met de eerste afdeling. Jonge spelers kunnen nooit klaar zijn om onmiddellijk mee te draaien – tenzij je Mbappé noemt uiteraard (lacht). Je mag binnen Frankrijk maximaal zeven spelers uitlenen, waarvan hoogstens twee naar dezelfde ploeg. We hebben vaak spelers uitgeleend aan buitenlandse ploegen, maar hebben dan minder zicht op hoe die jongens evolueren. Een andere reden is ook dat je in Frankrijk slechts vier niet-Europeanen mag aansluiten bij de club, of dat nu bij de jeugd is of niet. We hebben permanent scouting in Zuid-Amerika en Afrika, maar we hebben reeds vier niet-Europeanen in dienst, wat het onmogelijk maakt om verder te rekruteren. België is bovendien een interessant land om eigen spelers te gaan ontwikkelen. Dus voorzitter en ondervoorzitter gaven me de opdracht om op zoek te gaan naar wat een interessant land zou kunnen zijn. We hebben zes landen zeer nauwkeurig onderzocht.

En het Belgische Cercle kwam daar als beste kandidaat uit naar voor?

Zo is dat. In november 2016 hebben we een eerste gesprek gehad met de toenmalige Raad van Bestuur van Cercle, wat zeer positief is verlopen, met een openheid van geest, en volle transparantie op het vlak van uitwisseling van informatie. Zeer snel reeds, op 24 december 2016, werd een ‘Confidential letter of interest’ getekend, om uiteindelijk in februari 2017 tot een consensus te komen. AS Monaco formuleerde daarbij 3 voorwaarden: de licentie halen, in 1B blijven en tenslotte de goedkeuring van de Algemene Vergadering van Cercle verkrijgen. In 1B blijven bleek nog de moeilijkste opgave…

Het feit dat je al eens bij Cercle aan de slag was, heeft de zaken wellicht wel bespoedigd?

Dat niet zozeer, wel dat ik met de Belgische voetbalwereld vertrouwd was. Je moet de voetbalreglementering, de voetbalcultuur, de netwerken… echt wel kennen om dergelijke beslissingen te nemen. Mijn job was objectief verslag uit te brengen bij de voorzitter van AS Monaco. Maar Vadim had zelf ook onmiddellijk een zeer goed gevoel bij Cercle. Dat was ontzettend belangrijk.

Je hebt ook jarenlang bij de buren gewerkt. Versoepelt dat het samenleven hier in Jan Breydel? 

Ik heb tien jaar met veel plezier bij Club Brugge gewerkt, en heb ook veel goede herinneringen en vrienden bewaard. Daar heb ik geen enkel probleem mee. Maar ik ben er intussen zeven jaar weg en er is ontzettend veel veranderd. Sportieve rivaliteit moet er echter zijn, anders moet en kun je geen voetbal spelen.

Terug naar AS Monaco. Hoe kijkt men ginder eigenlijk naar Cercle? Ligt men daar als wereldploeg eigenlijk wakker van wat er hier in Brugge, bij de Groen Zwarte familie dan, gebeurt?

Ik kan je zeggen dat als Cercle speelt de stand van de wedstrijd stante pede wordt doorgestuurd naar alle hoofdrolspelers in AS Monaco. Ook op onze wekelijkse maandagvergadering is een aandachtspunt steevast het resultaat van Cercle en waar we staan. Iedereen op kantoor volgt het, niet enkel ‘les dirigeants’ van de club.

Leeft Cercle ook bij de supporters van Monaco?

Evident, iedereen weet waar het over gaat. Een van de zaken die we binnen afzienbare tijd moeten realiseren is de Cercle website in het Frans aanbieden. Dat zal de band tussen supporters veel nauwer maken. Zoals Cercle-supporters de website van AS Monaco kunnen volgen, zou dat ook omgekeerd het geval moeten kunnen zijn. We nodigden overigens ook al de jeugdploegen uit van Cercle. Dus we creëren die banden tussen beide verenigingen ook echt actief. 

"‘L’esprit des vainqueurs’, dat moeten we kweken hier in Brugge."

Naar de orde van de dag dan. Cercle won tegen OHL met tien man, toonde vechtlust en drang om te winnen. Ben je tevreden zoals het tot hiertoe loopt. Is AS Monaco tevreden?

We zijn tevreden, maar we moeten vooral de mentaliteit van de winnaar in Cercle pompen. Willen winnen, op elk moment. ‘L’esprit des vainqueurs’, dat moeten we kweken hier in Brugge.

Cercle moet af van het Calimero gevoel?

Altijd willen winnen, ook al win je niet altijd. Alleen die ingesteldheid telt. We moeten onze ambitie ook luidop durven verkondigen, en die op elk vlak laten blijken, sportief, administratief en organisatorisch. Elkeen zal gemerkt hebben dat er al grote stappen gezet werden. We bouwen aan een professionele structuur, met veel aandacht voor de eigenheid van Cercle. Daar is niet aan geraakt geweest.

Dat was inderdaad een voorwaarde die Cercle zou gesteld hebben: de eigenheid behouden en de jeugdwerking verder uitbouwen? 

Zeer zeker. Het was zelfs ook één van de eisen van AS Monaco. Overigens ook de vrees bij AS Monaco bestond toen Dmitry Rybolovlev de club kocht. Iedereen was bang dat de eigenheid van AS Monaco verloren zou gaan, en mensen hielden het hart vast voor de buitenlandse invloed. Maar we zijn nooit zo hoog gevlogen. Op vijf jaar tijd van laatste in tweede, tot eerste in eerste.

Op welke termijn willen jullie bij Cercle welke plannen realiseren?

Eerste stap was de professionalisering op alle niveaus, overigens met alle respect voor de vele vrijwilligers van Cercle. De eerste sportieve ambitie is de promotie naar 1A. Iedereen ziet ongetwijfeld welke inspanningen Monaco heeft gedaan.

The sky is the limit?

Nee, zeker niet. We mogen ook niet onderschatten dat François Vitali van voor af aan een ploeg heeft moeten bouwen, en dit vanaf half juni 2017. Als je ziet waar we nu al staan dan zijn we op goede weg. Ook tijdens de ‘wintermercato’ zal worden bijgestuurd. Probleem is wel dat we met zeer vreemde competitie zitten. In het ideale scenario spelen we de finale met als inzet de promotie, wat wil zeggen dat er tot dan nog slechts een handvol matchen te spelen zijn. Dan is het zeer moeilijk om spelers te overtuigen naar Cercle te komen. Dus de sportieve ambitie is 1A, om daarna een stabiele ploeg in de hoogste afdeling worden. Daar  hoort Cercle thuis, een traditieploeg met jaren ervaring.

"1A, daar  hoort Cercle thuis.  Een traditieploeg met jaren ervaring."

De realiteit is dat vele ploegen uit of rond West-Vlaanderen meespelen in 1A. Is het economisch haalbaar om daar nog een ploeg als Cercle aan toe te voegen?

1B is lastig, 1A is meer rendabel. Als AS Monaco elk jaar drie tot vier spelers ter beschikking kan stellen die voor Cercle alleen niet haalbaar zouden zijn, zoals met Sporting Lissabon het geval was, dan is 1A mogelijk. Dit alles aangevuld met de middelen die Cercle genereert. Buiten de vier à vijf topclubs in België moet iedereen zijn eigen business model ontwikkelen. Dat geldt ook voor AS Monaco, waar we 2500 abonnees hebben. Met alle respect voor de supporters, maar niet alleen die inkomsten maken ons ginder tot een topclub.

Terugblikkend op het seizoen tot hiertoe: Cercle heeft zich helemaal terug geknokt in de competitie. Een sterke voorbereidingscampagne, waarna het in de competitie toch op en af ging, met winstmatchen, maar ook zware verliesscores. Waar zie jij nog de nodige groeimarge?

Deze zomer hebben we zeer snel moeten handelen. Er waren weinig spelers beschikbaar, en er moest een nieuwe kern komen. Ik denk dat onze kern nu te groot is. We mikken op een kern van tweeëntwintig tot vierentwintig spelers, aangevuld met twee tot drie jeugdspelers. Dat is veel werkbaarder voor een trainer. Over specifieke posities moeten we de tegenstanders niet wijzer maken dan zij al zijn. En voor het overige moeten we uitkijken naar de middellange termijn. Jongens met korte contracten die een meerwaarde vormen moeten we aanhouden en verlengen.

Wanneer ben jij persoonlijk tevreden over dit seizoen? Alleen de promotie telt?

(overtuigd) Ja. Alleen winnen telt. Als het niet lukt, lukt het niet, maar dan is er ook geen tevredenheid mogelijk. Ik verneem dat de winterstage veel heeft bijgebracht. Er staat een groep die elkaar kent en uitgedund is. Ook tegen OHL was de vechtlust duidelijk zichtbaar. En we hebben op dit moment alles in eigen handen. Maar ook de supporters moeten er staan. Supporteren betekent letterlijk ondersteunen.

En dat is ook wat jij wil uitdragen naar de supporters?

Ik houd niet van kankeraars. Positivisme en de winning spirit, dat wil ik verkondigen voor Cercle. Winnen en willen blijven winnen, zelfs als dat niet altijd lukt!

(K.V.)

Lees meer
Shot-online
18/01/2018
Cerle Brugge KSV
Alles op zijn tijd - Anthony Portier

35 jaar is Anthony Portier.  Dat is uitzonderlijk jong om al geïnterviewd te worden voor de rubriek ‘Retro’ van  Shot On-Line.  Niet eens half zo oud is hij als Willy Craeye, de vorige ex-Cerclespeler die ons zijn wedervaren bij Groen-Zwart uit de doeken deed. De reden van dit vroege interview ligt echter voor de hand: Anthony heeft zijn voetbalschoenen definitief aan de haak gehangen.  ‘Definitief’?  Hoe geëngageerd ook, hoezeer ook met volle overgave hij zijn voetbalcarrière met alles erop, eraan en errond beleefd heeft, en hoewel zijn gehavende knieën het niet onmogelijk zouden maken nog tegen het ronde leren ding te trappen, toch lijkt het me niet dat Anthony beter het “Zeg nooit, nooit,” indachtig zou zijn.

Anthony, na turbulente jaren bij het KV Oostende-van-lang-voor-Coucke, heb je zeven en een half jaar bij Cercle gespeeld, om daarna het wat lager op te nemen bij Union St.-Gillis, Beerschot-Wilrijk en ten slotte Spermalie Middelkerke.   Wat komt je het eerst voor de geest bij deze opsomming? 

Op mijn vijfde startte ik bij Gold Star Middelkerke.  KVO trok mij als jeugdspeler aan, en ik was pas zestien toen ik al bij de eerste ploeg de bank met wedstrijden op het veld afwisselde.  Door allerlei perikelen lagen bij KVO hemel en hel dicht bij elkaar, zodat ik er speelde in Eerste, in Tweede en in Derde Klasse.  Tijdens het tussenseizoen van 2005 – 2006 keek Cercle Brugge uit naar een centrale verdediger die kon inspringen voor Djordje Svetlicic die last had van blessures, en zoals ik nadien vernam, heeft Franky Van der Elst mij bij Groen-Zwart aanbevolen als een jonge, beloftevolle kracht.  KVO deed het matig in Tweede, en de kans om bij Cercle binnen te geraken, kon ik niet aan mij laten voorbijgaan.  Al was het dan altijd in Eerste Klasse, gespreid doorheen mijn lange Cerclecarrière hebben zowel ‘de Vereniging’ als ikzelf wel en wee meegemaakt dat ver uiteen lag.  Halfweg 2013 waren Cercle en ik op elkaar uitgekeken, en ik sloot mijn loopbaan als voetballer af met één jaar Union, twee jaar Beerschot en anderhalf jaar Spermalie Middelkerke.  Bij Union werd het een tegenvaller, maar bij Beerschot speelden we tweemaal kampioen.  Helaas, bij de laatste kampioenenmatch kon ik er niet bij zijn.  Nadat ik vroeger al aan de rechterknie geopereerd werd, was het nu de beurt aan mijn linkerknie: kruisbanden gescheurd, kraakbeenletsel, meniscus…

"Glen De Boeck maakte me een betere speler".

Ik kan me onmogelijk vergissen in wat bij Cercle je hoogtepunt is geweest.  Je speelde immers 33 competitie- en 4 bekermatchen in - tien jaar geleden nu al! – het eerste Cerclejaar van Glen De Boeck.  Laat mij meteen vragen of het werkelijk dankzij Glen is dat Cercle zo schitterend presteerde.  Je hoort en leest immers courant dat Glen profiteerde van het werk van zijn voorganger, Harm van Veldhoven.

Zonder dat dit iets afdoet aan wat Harm Groen-Zwart heeft bijgebracht of aan de gedrevenheid van ons team zelf - waarbij ik vooral aan Denis Viane denk - kan ik verzekeren dat Cercle dat uitzonderlijke succes echt wel aan Glen te danken had.  Nooit heb ik zwaarder moeten trainen dan onder Glen, maar zijn specifieke aanpak rendeerde.  Hij wist zijn eigen jarenlange ervaring bij Anderlecht op ons over te brengen, en voor mij als centrale verdediger was dat extra leerzaam doordat hij bij paars-wit op die plaats speelde.  Zeker weten, hij heeft me een betere speler gemaakt.  Hoe de man afdekken, hoe instappen, hoe het spel lezen, beter dan andere trainers wist hij het uit ervaring en hamerde hij het erin.Om het bij één voorbeeld te houden:  Nogal wat trainers wensen dat je als verdediger aan een aanvaller ‘plakt’.  Glen wou vooral dat de tegenstander niet kon weten waar jij juist stond en wat jij van plan was. Leun je tegen hem aan, dan heeft hij je door, hij weet of hij het best naar links of naar rechts draait, en hij is ervandoor voordat jij het kunt beletten.  Sta je echter een paar stappen achter hem, dan zie je gauw wat hij wil, en je krijgt de kans  om gepast in te grijpen.   Ook één voorbeeld van zijn harde aanpak geef ik je graag. Toen Cercle een samenwerkingscontract met  Blackburn had, trokken we in juli 2008, nog voor het begin van de competitie, naar de terreinen van de Rovers voor een oefenstage.  We moesten ’s morgens om 7 uur op Olympia zijn en een kwartier later een duurloop van een uur in het rood beginnen in Tillegembos. Dat ‘in het rood’ komt erop neer dat we ons maximum moesten weten te bereiken.  Wie het niet goed deed, moest in Blackburn die duurloop overdoen. Op Tillegem volgde anderhalf uur bus naar Zaventem, twee uur vliegen, anderhalf uur naar Blackburn, bagage uitpakken, en een uur later bijna drie uur gaan trainen op het veld. Het werd een helse week, en blijkbaar was ik zo vermoeid en gefrustreerd dat ik me tijdens een oefenpartijtje dat we daar speelden, niet tegen de Rovers zelf, een rode kaart liet aansmeren door een aanvaller die heel de tijd ambetant deed. 

Wat was Glen eerder, een trainer die bereikte dat de spelers er individueel op vooruitgingen of een ‘team’trainer?

Och, de persoon van Glen De Boeck bestaat voor 99 procent uit ‘voetbal’, van mens tot mens over iets anders praten met hem is onmogelijk.  Het is geen toeval dat hij van het zakenleven gauw weer in de wereld van het voetbal is gedoken, en het is evenmin een toeval dat Kortrijk momenteel met hem zo knap presteert.   Uiteraard is het Glen zoals elke trainer vooral om het team zelf te doen, maar bij wederzijds vertrouwen kan hij ploeg en speler het beste doen bereiken dat voor hen haalbaar is.

Hoewel Cercle bij Glens tweede seizoen Thomas Buffel wist aan te werven, toch was het wellicht uitgesloten dat Groen-Zwart het even goed zou doen als tijdens Glens eerste?  En wat Thomas betreft, hij scoorde slechts drie doelpunten in dertig competitie- plus vier bekermatchen.  Vermoedelijk was hij niet helemaal hersteld van de blessures die hij bij Glasgow Rangers had opgelopen?

Het belangrijkste dat voor een stuk ontbrak tijdens dat seizoen was juist dat wederzijds vertrouwen, en dit in het bijzonder tussen Glen en Thomas.  Glen had een voor hemzelf duidelijk omlijnde visie op  ‘zijn’ ploeg en op alle pionnen die ervoor in aanmerking kwamen, maar naast Thomas ook beschikkend over kleppers als Tom De Sutter en Stijn De Smet viel het hem moeilijk alle kwaliteitsspelers op de voor hen meest aangewezen plaats te laten uitkomen.  Nu, zo kwalijk was dat seizoen ook niet. Bij de winterstop stonden wij nog vierde, maar Tom vertrok naar Anderlecht.  We werden negende en haalden de halve finale van de beker in Mechelen, waar we met de strafschoppen verloren.  Nog beter bekerden we het jaar daarop: al verloren we de finale op de Heizel kansloos met 3-0 tegen Gent, we hadden zelfs Anderlecht uitgeschakeld om die finale te bereiken.

Tijdens dat ‘jaar daarop’, waren Stijn De Smet en Bram Vandenbussche er niet meer bij.  Ze waren respectievelijk naar AA Gent en naar Roeselare vertrokken. Wat was het grootste verlies voor Cercle, dat van een speler met veel talent of dat van een speler met niet slechts een Zwart-Groen hart, maar een speler die Groen-Zwart kleurde van kop tot teen?

Ik bekijk het alleen maar zo: beide spelers hadden gelijk, ze maakten een goede keuze.  Niemand zal dat ontkennen voor Stijn, en Bram, door de  Zwart-Groene supporters op handen gedragen, kon met een gerust gemoed zeggen: “Ik heb een schone periode gehad bij Cercle, het is er goed geweest.” Niet dat het leuk was voor Bram, maar het is geen schande een stap opzij te zetten uit Eerste Klasse.  Bram zag zijn eigen beperkingen in, en een speler kan onmogelijk blijven drijven op enthousiasme en liefde voor de ploeg die hem gestuwd heeft naar het maximaal haalbare.

Naast verschillen zie ik ook overeenkomsten tussen Bram en jezelf als voetballer.  Heb ik het juist voor?

Daaraan is er geen twijfel mogelijk.  Zoals Bram was ook ik een karakterspeler, lang niet de rapste of de meest verfijnde voetballer. Allebei moesten wij het hebben van onze tomeloze inzet, van onze wilskracht.  Al dan niet in dezelfde mate als bij Bram, kenmerkten mij harde duelkracht, een stevig kopspel en, zoals ik al zei, goed het spel kunnen lezen, aanvoelen dus waar het spel naartoe gaat. 

Na de verloren bekerfinale kon Glen zijn vierde jaar bij Cercle beginnen.  Hij ‘kon’ het, maar hij deed het niet.  Spreken we maar niet over de wijze waarop hij Cercle in de steek liet, maar zeg even: “In voetbal zoekt iedereen het beste voor zichzelf.  Had Glen, louter zakelijk gezien, gelijk?”

Absoluut niet.  Van Cercle weggaan was het domste dat hij kon doen.  Hij zat vast in het zadel bij Cercle, had ‘de Vereniging’ een goed stuk professioneler gemaakt, en had de mogelijkheid wat hij begonnen was nog jaren aan een stuk verder uit te bouwen.  Hij had alles naar zijn eigen hand kunnen zetten.  Overigens, hoewel het niet altijd koek en ei was tussen hem en mezelf, hij is zeker de beste trainer die ik heb gehad.  Zijn opvolger, Bob Peeters, stond als trainer twee trappen lager in mijn ogen.  De Boeck ging zijn eigen gang,  hij voerde uit wat hij in zijn hoofd had.  Peeters kon het wel uitleggen, maar doordat hij die zelfzekerheid van Glen niet had, ging er minder zelfvertrouwen van hemzelf naar zijn spelers over.  En qua fysiek kon hij ons niet zo scherp houden als Glen.

"Van alle medespelers die ik bij Cercle gehad heb, heb ik het meest in bewondering gestaan voor Oleg Iachtchouck".

Je speelde ruim twee jaar onder Peeters.  Tijdens zijn derde jaar en jouw laatste bij Cercle, 2012 -2013, werd hij vervangen door Foeke Booy, die daarna zelf de plaats moest ruimen voor Lorenzo Staelens.  Met slechts 14 punten eindigde Cercle als laatste in de reguliere competitie, maar een miraculeuze redding in  PO3, na onwaarschijnlijke uitschakeling van Beerschot  en groepswinst tegen Westerlo, Moeskroen en White Star Woluwe, betekende slechts twee jaar uitstel van degradatie.  Je zei al dat Cercle en jijzelf halfweg 2013 “op elkaar uitgekeken” waren.  Hoe heb jij dan dat laatste seizoen van jou bij Groen-Zwart beleefd?  

Laat Cercle die ‘miraculeuze redding’ alleszins maar veel meer toeschrijven aan Eidur Gudjohnsen dan aan mij!  Ik kreeg slechts  14 keren de kans om aanvallers het scoren te beletten dit jaar, en na een tweedeseizoenshelft als bankzitter werd ik wel nog het veld opgestuurd  tijdens de laatste match op Westerlo, waar we 5-0 om de oren kregen.  Het ergste voor mij was dat Cercle me bij de jaarwisseling belette een droom te realiseren.  Er was een reële kans dat ik naar het Ujpest Boedapest van de zoon van Duchâtelet kon vertrekken, maar Cercle lag dwars.  Ik was er echt op uit eens zelf te ervaren wat ik zovele medespelers van me heb weten meemaken wanneer ze ver van huis gingen voetballen.  Met Frans Schotte had ik een akkoord dat ik bij Cercle weg kon bij een aanbod uit het buitenland, maar dat stond niet op papier en hij was het niet die me tegenhield.  Dat ik niet op dankbaarheid vanwege Cercle mocht rekenen, verwonderde me niet, want het woord ‘dankbaarheid’ komt in geen enkel voetbalwoordenboek voor.  Kwalijker is dat niet alleen ik, maar nogal wat van mijn ex-Cerclemedespelers, tijdens hun loopbaan bij Groen-Zwart en vooral bij het beëindigen ervan, tegen een tekort aan respect opbotsten.  Om daar  slechts één voorbeeld van te geven:  Van alle medespelers die ik bij Cercle gehad heb, heb ik het meest in bewondering gestaan voor Oleg Iatchouck, zowel op als buiten het veld.  Zo’n voetballer!  Zo’n ploegspeler! Zo’n rustige, eenvoudige mens, en toch vol temperament zodat hij niettegenstaande zijn hart van koekenbrood vinnig van zich wist af te bijten!  Zo’n kameraad met wie ik uren aan een stuk heel interessant over voetbal en alles errond kon babbelen – in het Frans dan nog wel!  Welnu, dat doe je toch niet met iemand bij wie zijn schitterende, op en top professionele carrière er stilaan begint op achteruit te gaan: Oleg had geen keuze, hij moest eerst van Brussel naar Brugge rijden om dan in de bus te stappen naar Luik en er bij de reserves te spelen…

"ik zeg altijd wat ik denk".

En jij, moest je vertrekken bij Cercle, of had het gewoon geen zin meer dat je bij Groen-Zwart bleef?

Er was mij voorgeschoteld dat er in mei zou ‘gepraat’ worden, maar dat kwam er niet van.  Na mijn laatste match liet mijn manager me weten dat Cercle hem had laten weten dat mijn contract niet verlengd werd.  Ik vernam het alleen ‘via’, en zelfs op de traditionele eindseizoenbarbecue bij Geert Leys was er niemand van het bestuur die me erover aansprak.  Kijk, ik heb veel aan Cercle te danken, de mogelijkheid om zo lang in Eerste Nationale te spelen, maar Cercle heeft ook heel wat aan mij te danken, altijd ben ik er honderd procent voor gegaan.  Rancuneus ben ik niet, maar ik zeg altijd wat ik denk, mijn trainers kunnen ervan meespreken, en het heeft me wel wat gedaan dat ook de Vereniging die geroemd wordt om het familiale karakter, de eigen spelers aanpakt als een radertje in het grote geheel.

Ja, vooral aan de manier waarop spelers weggestuurd worden, aan communicatie met hen, valt er blijkbaar te sleutelen…   Groen-Zwart ligt nu vier en een half jaar achter je.   Het is in de krant te lezen dat je het voetballen voor bekeken beschouwt.  Kniekwetsuren maken het je blijkbaar onmogelijk op je vijfendertigste nog verder te voetballen?

Neen, goed gesteld met mijn knieën is het niet na die operaties eraan, maar zo erg dat ik noodgedwongen het voetballen moet stoppen is het evenmin.  Op scharniermomenten moet een mens echter durven keuzes te maken, en verergering voorkomen is beter dan risico te lopen.  Bovendien, voetballen is heerlijk zolang  jij je er met hart en ziel kunt voor inzetten, zodat je er plezier aan beleeft.  Mijn laatste periode bij Cercle en wat ik bij Union meemaakte, waren echter niet om erbij te jubelen.  Belangrijk is ook dit: ik geef lang niet alle sport op.  Ik golf regelmatig, en zie ernaar uit golfsurfen en mountainbiken weer op te nemen.  En nog van groter belang: tijdens de weekends zal mijn agenda me toelaten te doen wat wij wensen, me niet langer dwingen mijn verplicht voetbal op te dringen ten koste van de voorkeur van mijn vrouw, Sara.  Ook onze twee zoontjes, Santiago, nu bijna zeven, en Cruz, volgende maand vijf jaar oud, zullen er heel wel bij varen.

Ik kan me niet voorstellen dat ook maar één van ons, lezers, Anthony zou tegenspreken als hij voorhoudt dat een mens op scharniermomenten keuzes moet maken.  Het merkwaardige is echter dat Anthony zich zo klaar en duidelijk realiseert hoe vrij en hoe belangrijk zijn keuze wel is.  Ik vermoed dat nogal wat voetballers die het beste achter de rug hebben, er niet toe komen zo radicaal het roer om te gooien.  Gelijk hebben ze zolang ze het voetbalspel als een hobby kunnen beleven zonder dat dit  een bedreiging is voor hun fysieke gesteldheid, hun familiale, financiële of sociale situatie.  Tot een terechte beslissing komt echter niemand als hij niet begint zoals Anthony het aanpakt: met open ogen zien en oordelen waar men staat.  Zegt iemand: “Nooit”, dan is dat niet noodzakelijk een woord dat onvoldoende overwogen is…

(Georges Volckaert)

Lees meer
Shot-online
09/01/2018