koop tickets online

Integratie verloopt vlot - Guévin Tormin

In de aanloop naar de twee thuiswedstrijden tegen SK Lierse en Beerschot-Wilrijk trok ik nogmaals richting het spelershome van Cercle Brugge.  De spelers waren nog volop aan het ontbijten toen ik een gesprek had met Guevin Tormin.  De jonge Fransman van 19 kwam in het tussenseizoen over van AS Monaco.  Een gesprek over zijn verleden, zijn tijd bij Cercle en de ambities op korte en lange termijn.  

Guevin, je bent bezig aan je eerste maanden bij Cercle Brugge.  Kun je je sportieve carrière tot nu toe even schetsen voor onze lezers?  

Ik ben 19 jaar en ben sinds deze zomer inderdaad een speler van Cercle Brugge.  Ik heb een contract bij AS Monaco en wordt door hen uitgeleend aan Groen-Zwart.  Samen met Paul Nardi, Jordy Gaspar, Jonathan Mexique en Tristan Muyumba.  In 2012 maakte ik de overstap naar de academie van AS Monaco.  Tot dan toe speelde ik bij de jeugd van Red Star Parijs.  

Je hebt er ondertussen al een paar maanden bij Cercle opzitten.  Wat was je eerste indruk van de vereniging?  

Ik moet eerlijk toegeven dat ik Cercle Brugge niet kende.  Van de Belgische ploegen kende ik enkel Anderlecht, Gent en de buren van Club Brugge.  Maar ik leerde in die eerste maanden Cercle en Brugge beter kennen.  De eerste indruk was dus echt goed.  De nieuwe spelers werden erg goed ontvangen en ook de faciliteiten zijn hier zeer aardig.  Er is een goed oefenveld en ook naast het trainen en het spelen van de wedstrijden is alles goed geregeld voor de spelers.  Voor jonge gasten als ik is het buitenland een grote stap.  Maar er wordt hier alles aan gedaan om die stap zo goed mogelijk te verteren.  

"De wedstrijd tegen KRC Genk wordt voor ons een leuke wedstrijd."

Even over de ambities.  Wat is de ambitie met de ploeg en wat is je persoonlijke ambitie in je carrière?  

Er is gewerkt aan een zeer competitieve ploeg.  De concurrentie is zeer groot en dat komt het niveau alleen maar ten goede.  Het houdt iedereen scherp en iedereen wil gewoon spelen.  De ambitie met de ploeg is dan ook zeer duidelijk.  Cercle wil terug naar het hoogste niveau en daar zullen wij alle aan doen.  De persoonlijke ambitie op de korte termijn is om het hier zo goed mogelijk te doen en ervaring op te doen.  Op lange termijn keer ik terug naar Monaco en probeer ik daar de eerste ploeg te halen.  

Hoe blik je terug op de eerste wedstrijden?  In de competitie werd er zes op negen gehaald?

In de competitie hebben we eigenlijk al alles meegemaakt.  Op Westerlo kwamen we achter, maar toonden we de nodige mentale weerbaarheid om het nog recht te zetten.  Thuis tegen Union brachten we echt goed voetbal en wonnen we ook erg verdiend.  De uitmatch op Leuven was er één om snel te vergeten.  Alles liep fout en Leuven scoorde bij elke mogelijkheid.  We hebben veel geleerd tijdens die wedstrijd.   De competitie is hier ook veel intenser en fysieker dan in Frankrijk.  Dat is voor mij het grootste verschil.  Maar het is goed dat ik hier echte wedstrijden met inzet speel.  Dit is goed in mijn ontwikkeling als speler.  Het concept van de competitie is toch ook even aanpassen.  We spelen vier keer tegen dezelfde tegenstander.  Momenteel ken ik enkel de teams waartegen we al gespeeld hebben, maar we zullen alle teams pas goed kunnen inschatten nadat we ze allemaal één keer bekampt hebben.  

In de beker werd de 1/16de finales bereikt na winst tegen Temse?  

Inderdaad.  Het was geen makkelijke wedstrijd.  Temse speelde aardig en kwam op voorsprong.  Ik kon de gelijkmaker lukken.  Tijdens de verlengingen konden we dan afstand nemen.   De volgende ronde wacht nu een thuiswedstrijd tegen Racing Genk.  Dat wordt voor ons een leuke wedstrijd.  We kunnen ons tonen en het soort voetbal dat Genk speelt moet ons wel liggen.  We zullen die wedstrijd zonder stress afwerken.  

Je bent zoals al gezegd uitgeleend door AS Monaco.  Heb je daar nog veel contacten?  

Ja, hoor.  Ik volg hun wedstrijden natuurlijk op de voet.  Vorige weekend wonnen ze nog met 6-1 van Marseille.  Regelmatig hoor ik ook wat spelers.  En ik weet dat zij ons hier op Cercle van dichtbij volgen.  

Laten we hopen dat Guevin nog vaak beslissend mag zijn voor Cercle Brugge en nog een mooie carrière kan uitbouwen! 

(Stijn Sinnaeve)

Gerelateerde nieuwsberichten

Cerle Brugge KSV
Ervaring - Brian Vandenbussche

Deze week zette Brian Vandenbussche zijn handtekening onder een contract dat hem voor één jaar bindt aan Cercle Brugge. Voor de gewezen doelman van de Rode Duivels is deze transfer een beetje thuiskomen: na twee jaar Sparta, tien jaar Heerenveen en drie jaar AA Gent keert hij terug naar Jan Breydel waar hij, weliswaar aan de andere kant van het stadion, zijn jeugdopleiding kreeg. 

Brian, hoe is Cercle Brugge bij jou terechtgekomen?

Het eerste contact dateert van 2014. Ik besloot mijn verbintenis in Friesland niet te verlengen, en mijn vrouw en ik wilden ons settelen in Blankenberge, waar onze roots liggen. Toenmalig Technisch Directeur Sven Jaecques nodigde mij uit voor een gesprek. Dat was heel constructief, maar in dezelfde periode belde Gent met een voorstel dat toen zowel sportief als financieel een stuk interessanter was, en ik koos voor de Buffalo’s. Het contact met Cercle is echter altijd gebleven. Mijn verbintenis met Gent liep af, en keepertrainer Pieter-Jan Sabbe liet me weten dat Cercle Brugge op zoek was naar een doelman met mijn profiel. En zo ging de bal aan het rollen.

Je zegt dat Cercle zocht naar een type zoals jij. Wat bedoel je hier concreet mee? Met andere woorden: welke taak is voor jou dit seizoen weggelegd bij Groen-Zwart?

De rolverdeling is duidelijk. Paul Nardi is eerste doelman en Miguel Van Damme is nog aan het herstellen. Ik ben dus voorlopig stand-in. Dit betekent niet dat ik mij zomaar neerleg bij mijn plaats op de bank. Ik zal Miguel en Paul zo scherp mogelijk houden en het de trainer zo moeilijk mogelijk maken bij zijn keuzes. De ambitie moet de titel zijn, en dat begint met een betrouwbaar sluitstuk achter de verdediging.

"vind zo snel mogelijk een heel goede en sterke vrouw!"

Dat is een beetje de rol die je bij Gent had, waar Matz Sels, en vorig seizoen Lovre Kalinic onbetwistbare titularis waren. We vroegen aan je gewezen ploegmaat en aanvoerder Hannes Van der Bruggen, die nu bij KV Kortrijk speelt, of dit een functie is die je ligt.

(Van der Bruggen) Ik ben ervan overtuigd dat Cercle Brugge met de komst van Brian een goede zaak gedaan heeft. Eerlijk gezegd heb ik hem enkele weken geleden meermaals aangeprezen bij het bestuur van KV Kortrijk, dat ook op zoek was naar een dergelijke keeper, maar dit is uiteindelijk niet doorgegaan. Brian is altijd loyaal geweest tegenover de eerste doelman en ligt zeer goed in een groep, dat mag je bij elke speler van Gent navragen. 

Sommige mensen denken misschien: een tweede doelman mag blij zijn dat hij erbij hoort, die is sowieso braaf.

(Van der Bruggen) ‘Loyaal zijn’ is niet hetzelfde als ‘braaf zijn’. Brian is een natuurlijke leidersfiguur met veel présance. Op zijn eentje onderhandelde hij bij Gent de premies voor de rest van de groep. Met Louwaegie over geld praten is niet gemakkelijk, maar Brian deed dat met verve, en dat engagement was des te opmerkelijker omdat hij in het laatste jaar uit de wedstrijdkern viel en onderhandelde over premies die hij zelf niet meer zou krijgen. 

Ondanks het feit dat hij weinig aan spelen toekwam, bleef hij zeer gedreven trainen, en laste hij voor zichzelf vaak extra krachttrainingen in. Nardi en Van Damme zullen hun speelminuten in elk geval niet cadeau krijgen van hem.  

Brian, van jou wordt wellicht ook verwacht dat je wat ontfermt over de jonge spelers.

Zeker voor de spelers die uit het buitenland komen, en dus niet op hun ouders kunnen terugvallen, heb ik één belangrijke raad die ik vaak herhaal: vind zo snel mogelijk een heel goede en sterke vrouw! Voor een voetballer is alleen zijn heel gevaarlijk. Je gaat gemakkelijker uit, je krijgt veel aandacht, iedereen is vriendelijk en wil iets van jou, enz. De grote motor van mijn carrière is eigenlijk mijn vrouw Loes. Zij gaf haar job in het onderwijs op om mee naar Heerenveen te gaan, en gaf me zo de rust, de stabiliteit en de nestwarmte die ik broodnodig had. Na de training en de wedstrijden kon ik naar een warme thuishaven terugkeren en behield ik zo mijn focus op het voetbal. Ik heb het maximum uit mijn carrière gehaald, en daar heeft zij een groot aandeel in. Ondertussen heeft mijn echtgenote haar beroep als leerkracht opnieuw opgenomen en hebben we samen een zoon, Arno, die als linksbuiten bij de U12 van Blankenberge speelt.

Voor wie jou door je lange verblijf in het buitenland niet goed kent: wat voor een keeper ben jij? 

Ik ben met mijn 1m96 een grote doelman en sterk op hoge ballen. Ondanks mijn lengte ben ik vrij snel tegen de grond. Daarnaast ben ik nog redelijk explosief en voetbal ik ook goed uit. Uiteraard heb ik ook punten waar ik minder tevreden over ben, maar daar vertel ik zelf nooit over.

Je bent 35 jaar, dus we mogen al eens terugblikken op je carrière. Je hebt veel trainers gehad. Wie maakte de grootste indruk op jou? 

Marco Van Basten imponeerde natuurlijk door zijn verleden als topvoetballer bij AC Milaan en het Nederlands voetbalelftal; de no-nonsense stijl van Gertjan Verbeek (huidig trainer VfL Bochum, n.v.d.r.) lag me zeer goed, de kwaliteiten van Trond Sollied kent iedereen, maar de de grootste bewondering koester ik toch voor Vanhaezebrouck. Tactisch is Hein buitengewoon sterk en hij slaagde er bovendien in de groep mee te krijgen in zijn verhaal. 

"ik ben echt benieuwd of in onze kern ook pareltjes zitten die later te bewonderen zullen zijn op het allerhoogste niveau."

En je mooiste herinnering? 

Ik twijfel tussen drie zaken. Mijn eerste wedstrijd met de Rode Duivels (Brian werd 13 keer opgeroepen en speelde 3 keer, n.v.d.r.) tegen Azerbeidzjan, in 2007, was een kinderdroom die uitkwam. De resultaten van de nationale ploeg waren onder René Vanderecyken nog niet goed, maar de kiem voor het huidige succes werd toen wel gelegd, met in het team een jonge Kompany, Vertonghen en Vermaelen. Daarnaast heb ik bij Heerenveen vijf of zes Europese campagnes meegemaakt, en de match tegen AC Milaan was een avond die lang bleef beklijven. En tot slot is er natuurlijk het kampioenenjaar en de Champions League-campagne van Gent. Sportief heb ik daar geen grote bijdrage aan geleverd, maar je raakt zo opgezogen in de groepsdynamiek van een team dat boven zichzelf uitstijgt dat je daar als bankzitter ook enorm van geniet. 

Naast de Rode Duivels die je opsomde heb je ook bij Heerenveen met heel wat goede voetballers gespeeld.

Heerenveen heeft een zeer knap scoutingsapparaat en is een kweekijver voor jong talent. Afonso Alves maakte later deel uit van de Braziliaanse nationale ploeg, Danijel Pranjic vertrok naar Bayern Munchen, Klaas-Jan Huntelaar kwam nadien bij Real Madrid terecht, Sulejmani en Djuricic tekenden bij Benfica, enz. Door de inbreng van Monaco wordt Cercle Brugge misschien het nieuwe Heerenveen. Ik ben echt benieuwd of in onze kern ook pareltjes zitten die later te bewonderen zullen zijn op het allerhoogste niveau.

Wij ook! Bedankt voor het interview en een succesvol en blessurevrij seizoen toegewenst!

(Diederiek Vermeersch)

 

Lees meer
Cerle Brugge KSV
Cercle en Brugge door de jaren heen… (deel 212)

(periode van 1-10-1960 -> 8-10-1960)

 

Cercle

De competitiestart van Cercle had beter gekund, daarover was nagenoeg iedereen het eens.  Toch ambieerden de groen-zwarten (andermaal) de promotie.  Daarvoor zou er echter een versnelling hoger moeten geschakeld worden die ze bovendien constant(er) moesten aanhouden.  Maar om de theorie in de praktijk om te zetten diende er (waarschijnlijk) nog een lange weg afgelegd te worden.  De komst van het eerder bescheiden Union Namen kon misschien de eerste grote stap in de goede richting worden.  Vic Bergh mocht alvast voor “Het Brugsch Handelsblad” richting Edgard De Smedtstadion stappen om er aan het papier toe te vertrouwen wat de groen-zwarten er van bakten :

Cercle Brugge – Union Namen 2-1 : Daverende start en beslissend slot !” : “Voor de mop wordt wel eens de strikvraag gesteld “Waar zit de beste vis ?” met als antwoord : “tussen de kop en de staart” !  Met betrek tot de jongste wedstrijd tegen Union Namen zouden we ook wel eens een lichte variante hierop toepassen en vragen : “Wanneer speelt Cercle het beste voetbal ?”.  En hier zou het antwoord van de sportliefhebbers die dit treffen bijwoonden zeker éénsgezind luiden : “In het begin en naar ’t einde”.
Inderdaad kenden de groen-zwarten een ongewoon schitterende start waarbij ze de indruk lieten hun tegenstrevers met haar en huid te zullen oppeuzelen en een daverende nederlaag toe te dienen.  Het bleef echter bij één vroeg doelpunt en een strovuurtje, dat tijdens het verder verloop nog zelden opflakkerde en kort na de rust zelfs helemaal gedoofd werd door de bezoekende gelijkmaker.
Veel hoop op een tweede Brugse overwinning was er niet meer en velen namen reeds vrede met het verworven punt.  Tot er dan toch in de laatste minuten weer roering kwam in de Brugse brouwerij met Perot en Bailliu als grote bezielers.  En zie, als een “mooachingske” (*) van Jo Gerard dan toch goed uitviel waren Perot – Bailliu er als de weerlicht bij om met een tweede Cercledoelpunt het pleit te beslissen !”.

(*) “mooachingske” is een typisch Brugs woord en kan het best uitgelegd worden als een “fantasietje” (nvdr).

 

Technische  krabbels…
Cercle Brugge – Union Namen  2-1

- opkomst : 4 à 5.000 toeschouwers.
terrein : in uitstekende staat.
weersgesteldheid : steeds zon.
leiding : ref. Dandois, goed.
fair-play : hard maar korrekt.
corners : Cercle 7, Namen 5.
doelpunten : 3’ een keurige kombinatie Perot, Bailliu, Daels wordt door Jo Gerard besloten
  met een rake kopbal die tegen de zijnetten vliegt en vandaar terug in het spel komt, maar
  Buyse schiet een 2e maal binnen 1-0, 47’ Mortier weert een hard schot van Demarteau in de
  voeten van Sulon wiens hernemen geen genade kent 1-1, 84’ nadat Gerard zichzelf
  gedribbeld heeft kan hij gelukkig toch nog doorschuiven naar de inlopende Perot die de bal
  heel gevat lichtjes achterwaarts bij Bailliu doet afwijken en het is 2-1.
Cercle : Mortier, Roje, Serru, Perot, Baas, Demey, Daels, Buyse, Bailliu, Michiels, Jo
  Gerard.
Union Namen : Nicolay, Collin, De Vos, Geelen, Marnette, Dodal, Keyeux, Tonneau,
  Sulon, Lemineur, Demarteau.


 

De merkwaardige manier van voetballen inspireerde “Dani” uiteraard tot een “Bont Beeld” voorzien van de nodige commentaar :

Lees meer
Cerle Brugge KSV
Silke Loridan

Wie het Cercle-secretariaat binnenstapt wordt vergast op de vriendelijke glimlach van een 23-jarige Veurnse.  Silke Loridan werkt nu zowat tien maanden op het Cercle-secretariaat.  Tijd dus om deze enthousiaste, gemotiveerde  jongedame even aan u voor te stellen.

Wat deed je voorafgaand aan je job bij Cercle?

In het middelbaar studeerde ik “economie-moderne talen”. Ik was gestart met “wetenschappen”, maar wijzigde mijn keuze.  Dat komt eigenlijk wel goed van pas nu op mijn werk bij Cercle met al die verschillende talen.

Vervolgens verbleef ik twee jaar in Gent.  Eerst volgde ik aan de universiteit “criminologie”.  Ik droomde er altijd al van om rechercheur te worden.  Daarom koos ik die richting.  Uiteindelijk was het niet zo mijn ding.  Het was te zwaar voor mij.  Dit moet ik eerlijk toegeven.  Vervolgens “grafische en digitale media” aan de Hoge School .  Dat was wel leuk, maar mijn ontwerpen waren echter niet goed genoeg en de creatieve ideeën kwamen er niet steeds uit zoals het moest.  Dan weet je voor jezelf dat je moet stoppen (lacht).  

Ik werkte ook als jobstudent in een supermarkt in Oostduinkerke.  Uiteindelijk bleef ik er om er vast te werken.  Dat was een periode van twee jaar.  Ik groeide, kreeg meer zelfvertrouwen, werd volwassener en leerde meer op mijn eigen benen staan.  Ik werd ook socialer tegenover anderen en kwam meer uit mijn schelp.  

Na twee jaar werd het wel tijd voor iets anders.  Ik wou een meer administratieve job waarbij ik meer mijn hoofd dan mijn handen moest gebruiken.  

Zo belandde je via facebook bij Cercle?

Ik voetbalde destijds bij White Star Bulskamp, dezelfde ploeg waar ook de zus van secretariaatcollega  Branco voetbalde en hij eveneens bij de mannen.  We zijn reeds zo’n acht jaar vrienden op facebook.  Zo zag ik op een dag een Cercle-vacature passeren.  Ook voorheen had ik reeds Cercle-vacatures gezien op facebook, maar toen vond ik dat ik er nog niet klaar voor was en solliciteerde niet.  Nu had ik echter het gevoel: “dat is het, nu ben ik er klaar voor!”.  Ik solliciteerde en bekwam de job.

"Het is mijn droomjob."

Ook voorheen kwam je reeds af en toe naar wedstrijden zien?

Ik was reeds verschillende malen op Jan Breydel.  Dit zowel op Cercle als Club.  Op Cercle was dit met Branco, zijn zus en zijn familie mee.  Ik vond het een leuke sfeer.  Iedereen kent mekaar.  Het gaat er zeer familiaal aan toe.  Misschien zijn de supporters niet zo talrijk als bij een andere ploeg, maar ik vind iedereen wel aangenaam.  Ze beschouwen je direct als een deel van de familie.  

Je bent hier nu zo’n tien maand.  Hoe voel je je?

Ik startte op 22 december 2016.  Ik heb een supergoed gevoel.  Het is mijn droomjob.  Toen ik vroeger in de tribune zat, droomde ik er van om daar beneden te staan en iets met de organisatie kunnen te maken te hebben.  Hier werken is voor mij echt de max!  Het is danig gevarieerd, het is nooit saai.  Het steekt niet tegen omdat je zodanig veel zaken hebt om je om te bekommeren.  Ik krijg ook veel verantwoordelijkheden en het bijhorende vertrouwen, en dat vind ik ook leuk.  Bovendien ervaar ik dat ik in dit jaar ook zeer veel bijgeleerd heb.  Ik sta weer tien stappen verder in mijn leven qua persoonlijkheid.  Je leert ook zeer veel nieuwe mensen kennen.

Je sprak van meer “open” worden.  Je beperkt je niet tot je kerntaken op Cercle maar bent ook tegenwoordig “buiten de diensturen” op supportersfeestjes en organisaties?

Ik probeer inderdaad zoveel als mogelijk supportersfeestjes van de diverse verenigingen bij te wonen.  Zo leer je ook die mensen beter kennen en de sfeer is er telkens zeer goed.  Weer dat familiale, waarbij ik me direct thuis voel.

Dat ik ook aan “Levensloop” heb deelgenomen?   Ik heb mijn neefje, die nog zeer jong was, verloren aan kanker.  Al een voldoende motivatie op zich om deel te nemen.  Sowieso wou ik eens deelnemen en toen ik vernam dat Jimmy De Wulf en Broes (Beloften) vanuit de jeugdwerking een team zouden afvaardigen, aarzelde ik niet.  Na de uitwedstrijd op Beerschot-Wilrijk zijn we rechtsreeks naar “Levensloop” gereden om daar present te zijn van middernacht tot 04.00 uur.  Niet dat we de ganse tijd gelopen hebben natuurlijk.

"Ik probeer ook alle uitwedstrijden bij te wonen.  Ik miste er nog maar eentje dit seizoen.  Cercle is eigenlijk mijn leven geworden!"

Ik zag het reeds vaak aan de uren waarop ik mails ontvang van het secretariaat en aan de randactiviteiten, het is hier geen nine to five job hé?

(lacht) Inderdaad.  Het is wel een hele verandering.  Mijn vorig werk was gewoon van 08.30 hr tot 19.00 hr . Je kwam thuis en deed niets meer voor je job.  Nu sta ik op met Cercle en ga ik slapen met Cercle.  Ik vind dat niet erg.  Ik wil immers dat Cercle groeit.  Ik wil er moeite in steken, zorgen dat het vooruitgaat en dat de supporters tevreden zijn.  Dat vind ik echt belangrijk.  Het is dan ook geen probleem voor mij om langer te blijven.  Ik ga pas naar huis als mijn werk gedaan is.  Actueel is het enkel wat moeilijker te combineren met mijn avondschool, maar ik heb het er voor over.

"Cercle is eigenlijk mijn leven geworden!"

Avondschool?

Ik zit in het 2e jaar “reisconsulente” aan Syntra.  Ik ben daarmee aangevangen (voor ik bij Cercle kwam) omdat ik het idee had opgevat om in het buitenland te gaan werken.  Sinds ik hier tewerkgesteld ben, is dat natuurlijk niet meer het doel maar het vak op zich interesseert me wel.  Ook tijdens die opleiding leer ik veel bij.  Ik ben er op alle vlakken vlot door en ik wil mezelf bewijzen dat ik iets kan afmaken.  Mogelijks kan ik het in mijn verdere leven nog gebruiken.  Je weet nooit wat de toekomst brengt.

Reizen zit wel in de familie.  Mijn peter woont in Maleisië.  In de vakanties gingen we ook vaak met mijn ouders op reis.  We huurden huisjes of vertrokken met de caravan.  Het zit er van kinds af aan in.  Spijtig genoeg is het in combinatie met mijn job op Cercle niet meer zo vaak mogelijk. 

Het kwam reeds even aan bod, je voetbalde ook zelf?

Ik speelde vijf of zes jaar bij White Star Bulskamp.  Vanaf de opstart van de ploeg was ik er bij.  Door het studeren heb ik dit jammer genoeg moeten stoppen.  Mocht ik kunnen en de tijd hebben, zou ik er direct terug aan beginnen.  Ik voetbal enorm graag.  Dat is iets wat ik wel mis.  Als ik van op de tribune wedstrijden zie, dan wil ik zelf op dat plein staan… (lacht).

Ik kom nog even terug op het secretariaat.  Het klikt blijkbaar zeer goed tussen de collega’s? 

Jazeker.  Toen ik hier aankwam was het even aanpassen als enige vrouw.  Maar er is een toffe sfeer.  Iedereen is familiaal en accepteert elkaar zoals men is.  Ook onze recentste aanwinst (sinds maandag n.v.d.r.) is een toffe gast.  We zijn allemaal jong en voelen elkaar daardoor wellicht ook wat beter aan.  
Het is zeker een plezier om hier te werken.

Een mooie afsluiter waar ik niets aan toe te voegen heb.

(Georges Debacker)

Lees meer
Cerle Brugge KSV
Technische Directeur: Francios Vitali

Verandering van spijs doet eten. Met de komst van AS Monaco verwelkomde Cercle een nieuwe sportief verantwoordelijke. François Vitali kreeg de nodige ruimte om het eerste elftal te herbouwen, en zo volop mee te dingen naar de prijzen, of beter, naar de enige prijs in 1B. Voor de aanvang van de thuismatch tegen Lierse doet hij ons zijn verhaal over de actualiteit bij en de toekomst van groenzwart.

Een eerste kennismaking, voor sommigen die je nog niet zouden kennen: wie is François Vitali?

Ik ben Rijselaar, momenteel 41 en reeds sinds mijn 18e fulltime in de voetbalwereld actief. Ik kom van LOSC (Lille Olympic Sporting Club Lille Métropole, nvdr) waar ik 18 jaar lang heb gewerkt. Zelf ben ik amateurvoetballer geweest bij verschillende clubs in het Noorden van Frankrijk. Tijdens mijn voetbalcarrière was ik reeds met de opleiding van jonge spelers bezig. Mijn huidige carrière is begonnen na een ontmoeting met de directeur van het opleidingscentrum, Jean-Michel Vandamme. Hij stelde me voor om bij LOSC te komen werken. LOSC speelde toen in de tweede afdeling van de Franse voetbalcompetitie en was in volle ontwikkeling. Samen hebben we het opleidingscentrum verder ontwikkeld. Gaandeweg kreeg ik ook de verantwoordelijkheid voor de rekrutering van jonge voetballers. In 2009 kwam een nieuwe algemene directeur en werd Jean-Michel Vandamme tot sportief directeur van de ganse club aangesteld. Bij die aanstelling werd mij de verantwoordelijkheid voor de rekrutering en de sportieve ontwikkeling van de hele club toevertrouwd en meer in het bijzonder van het professionele team. Ik werd directeur rekrutering en hoofd van het opleidingscentrum.

Maar je bent ook reeds in België actief geweest.

Op een gegeven moment dacht LOSC eraan een satellietclub te ontwikkelen en besliste om Moeskroen, dat toen in vierde afdeling speelde, over te kopen, met het oog hen naar eerste klasse te brengen. Bij die opdracht kreeg ik een centrale functie. Toen we uiteindelijk in de hoogste afdeling terechtkwamen heeft LOSC besloten om Moeskroen opnieuw te verkopen. Al bij al ben ik door LOSC in staat gesteld enorm veel ervaring en kennis op te doen op uiteenlopende domeinen, en op het hoogste domein in Frankrijk, met de kampioenstitel in League 1, Europees voetbal etc. LOSC heeft me veel kansen gegeven waarvoor ik hen altijd dankbaar zal zijn.

Toen klopte enkele maanden geleden Cercle Brugge aan. Hoe is een en ander in zijn werk gegaan?

Ik heb het geluk gehad Vadim Vasilyev (huidig vice-president van AS Monaco, nvdr) te ontmoeten, die me sprak over het plan om een buitenlandse club mee te helpen ontwikkelen. Het plan beviel me, ook omdat ik dit reeds had meegemaakt bij Rijsel en Moeskroen. Monaco is een grote club, en die opportuniteit was natuurlijk niet min. Toen duidelijk was dat het over Cercle ging, kon ik me een beeld vormen. Met Moeskroen speelden we reeds tegen Cercle tijdens de eindronde (eindronde in de tweede voetbalklasse competitiejaar 2012-2013, nvdr), waarbij Cercle aan het langste eind trok en zich in eerste klasse kon handhaven. Bovendien kende ik Brugge als stad die slechts op 45 minuten rijden van Rijsel vandaan ligt. Bij LOSC speelden vroeger ook heel wat Belgen zoals Erwin Vandenbergh en Philippe Desmedt, dus België is mij niet onbekend.

Hoe zou je de sfeer omschrijven bij Cercle?

Cercle is een historische vereniging, die reeds jaren deel uitmaakt van het voetballandschap in België. Uiteraard waren hier bij mijn aankomst de nodige moeilijkheden, en ik heb me ook niet verwacht aan een roze wolk. Maar ik heb hier zeer aangename mensen leren kennen en ben uitstekend onthaald. Uiteraard ben en blijf ik buitenlander, maar iedereen is vriendelijk en gedreven. Cercle is een kleine organisatie vergeleken met LOSC, en zeer familiaal. Het is uiteraard ook aan mij om inspanningen te doen om me te integreren.

"Is kampioen worden een realistische droom? Ja, het is realistisch, want alle ingrediënten zijn aanwezig."

Jouw verantwoordelijkheden bevinden zich op het sportieve vlak. Wat houdt dit in? In hoofdzaak het aankoopbeleid van Cercle sturen?

Wel, ik ben “de garantie” dat de sportieve objectieven die Cercle en zijn aandeelhouder stelt ook gehaald worden. Ben ik verantwoordelijk voor de aankopen? Ja en nee. Ons functioneren is een gemeenschappelijk functioneren. Als er een speler gekocht wordt, ben ik niet degene die hem traint of laat spelen. We kiezen dus samen met José Riga en de staf, in functie van de objectieven en de middelen waarover we beschikken. Bovenal willen we een ploeg samenstellen die zo competitief mogelijk kan zijn. De eindverantwoordelijkheid ligt uiteraard bij mij, en mijn rol is om Cercle sterkst te maken in verhouding tot de financiële middelen waarover we beschikken. De uitdaging is om beter te doen dan die middelen ons toelaten. We hebben nu, met de nieuwe aandeelhouder Monaco, het geluk te beschikken over de mogelijkheden van een echte professionele voetbalclub, met een sportieve staf van vijf personen, een medische staf… Mijn rol is om die structuur zo goed mogelijk op poten te zetten en te doen functioneren, ook al is dat alles op zeer korte tijd moeten gebeuren.

Het doel is om dit jaar kampioen spelen?

Het is eigenlijk zeer eenvoudig. Ons objectief is om de beste te zijn. Betekent dit dat we eerste worden? Dat is zeker de bedoeling, maar in een competitie is men nu eenmaal niet alleen. Wat vaststaat is dat we de middelen hebben gekregen om competitief te zijn. Daarnaast is het aan ons om keihard te werken. Niet enkel het talent telt om iets te bereiken, ook de inspanningen die men levert. Dus het objectief is om eerste te worden, maar dat is uiteraard wat iedereen die deelneemt aan competitie uiteindelijk wil.

Cercle heeft hevig ingekocht op de transfermarkt. Er staat een vrijwel nieuwe eerste ploeg op het veld.

We hebben eigenlijk niet veel gekocht. We hebben wel veel spelers gerekruteerd. Het is belangrijk om een nieuw hoofdstuk te schrijven. We zoeken naar competitieve, ambitieuze mensen om onze doelen te bereiken. We hebben daarbij niet meer spelers dan een andere club. Wat ook van groot belang is, een tweede as in het nieuwe project van Cercle, is dat de jeugdopleiding een centraal element is in onze verwezenlijkingen. Bij mijn eerdere werkgevers was de jeugdopleiding eveneens cruciaal, dat is voor mij niet nieuws.

De voorbereiding liep op wieltjes, Cercle heeft vooral gewonnen. Ook de eerste matchen in de competitie liepen gesmeerd, met uitzondering dan van de zware nederlaag tegen OHL. Alles loopt volgens plan?

Ik kom terug op wat ik net zei. Er zijn vele nieuwe spelers, en die hebben een positieve dynamiek gebracht. Uiteraard was er in het begin niet de druk die een competitie met zich brengt. Staf en spelers hadden inderdaad een zeer goede voorbereiding, maar zonder te weten wat de competitie zou brengen, waar stress, resultaten… altijd voor een andere atmosfeer zorgen. Aan sommige zaken kon je zien dat de groep nog niet helemaal klaar was voor de competitie. In Leuven was er veel ambitie en goesting, maar waren ook fouten merkbaar. Die fouten zijn vrij normaal wanneer men nog nooit als groep een competitie heeft doorgemaakt. De signalen bij de fouten werden te weinig uitgestuurd of opgepikt, waardoor we finaal helemaal de boot ingaan. De realiteit van de competitie werd vergeten. Dat is de doorleefde ervaring waaraan het de ploeg nog ontbreekt.

Wat je zegt indachtig, is het realistisch om te dromen dat Cercle dit jaar kampioen kan spelen?

Je vraagt het treffend: is kampioen worden een realistische droom? Ja, het is realistisch, want alle ingrediënten zijn aanwezig. Maar of het vandaag of morgen reeds kan, dat blijft natuurlijk het grote vraagteken. Dat hebben we niet in handen. Maar de middelen zijn er, en ook de inzet om dat doel te bereiken. Het blijft evenwel een droom, omdat we niet kunnen weten of het effectief ook kunnen realiseren dit jaar. Wat ik in elk geval kan garanderen is dat iedereen bij Cercle hard werkt om te slagen in ons opzet.

"Het is van groot belang dat we geholpen worden door onze supporters en onze partners."

Wanneer ben je dit seizoen een tevreden man?

Persoonlijk gesproken ben ik reeds tevreden, omdat ik op de juiste plek ben beland, in een goede, vriendelijke omgeving, met een kwaliteitsvolle aandeelhouder. Opnieuw krijg ik een zeer mooie opportuniteit aangeboden. Wanneer men tevreden is, is men altijd tot meer in staat. Maar uiteraard kan ik enkel tevreden zijn over ons resultaat wanneer we ons doel bereiken, dat wil zeggen kampioen spelen. Alleen, ik ken de datum niet. We zullen het in elk geval worden. En dan nog is dat slechts het begin. Want daarna moet je je nog handhaven en de toekomst van Cercle verder uitbouwen. Dat laatste is het belangrijkste.

Wat zou je de Cercle-supporter zelf nog kwijt willen?

Het project met Cercle kan niemand alleen realiseren. Een voetbalclub leeft niet zonder een positieve sfeer en zonder zijn supporters. We hebben nu met Monaco de uitgelezen kans om onze doelstellingen te realiseren. Er zijn veel geëngageerde en enthousiaste mensen, spelers, medewerkers, staf… Het is fantastisch om de huidige dynamiek te zien. Maar daarnaast is het van groot belang dat we geholpen worden door onze supporters en onze partners, zowel uit als thuis. Dus wil ik vragen dat mensen ons vervoegen om dit project te doen slagen. Ook als de ploeg minder draait hebben we massaal steun nodig. Wanneer men zich gesteund weet en aangemoedigd, kunnen we meer, durven we meer, creëren we meer en verplichten we onszelf om elke dag te groeien. Bij Cercle is die steun reeds aanwezig. Laat ons zo talrijk mogelijk zijn.

Het is mijn droom om thuis voor een vol stadion te spelen en ons publiek sterke emoties te bieden. Want we komen per slot van rekening allemaal naar het stadion voor de emotie die het voetbal ons elke week schenkt. Leve Cercle!

(K.V.)

Lees meer
Cerle Brugge KSV
Laatste koploper van heerlijke reeks? Frederik Boi

Frederik Boi weet wat waardering verdient, en wat niet.  Van statistieken houdt hij niet.  Zozeer is hij ervan doordrongen dat voetbal een teamgebeuren is dat hij lijsten van top-schutters en meeste assists eerder als een bekoring tot individualisme beschouwt dan als een uitdrukking van verdienste.  Al staat hijzelf er niet bij stil, zijn naam prijkt bovenaan een heerlijke, statistische weergave. Vragen we ons af welke Cerclespeler voorlopig de laatste is die meer dan driehonderd keren in een officiële match de Groen-Zwarte kleuren verdedigde, dan is ‘Fré’ het antwoord. Met 325 wedstrijden nam hij die koppositie in na zijn laatste Cerclematch in april 2014.  Daarmee verdrong hij na bijna drie jaar Denis Viane van die plaats, die op niet minder dan 383 beurten kan bogen.  En wie zal Fré opvolgen?  Bij het zo veranderde voetballandschap, is de kans op een opvolger wel flinterdun.

Fré, het vorige retro-interview vond plaats in Stekene ten huize van Anthony Portier, nu zitten we hier in jouw huis in Sint-Andries, rechtover de Olympiaterreinen.  Jij en Anthony komen om dezelfde reden aan de beurt: je beëindigt een lange, in hoge mate Zwart-Groen gekleurde, voetbalcarrière.   Anthony houdt ermee op wegens knieletsels, tijdwinst voor zijn gezin en omdat het plezier aan het spel er niet meer is.  En jij, waarom?

Aan meer tijd voor mijn gezin en familiale aangelegenheden hecht ook ik veel belang,  maar bovendien is  de combinatie van mijn werk en competitief voetballen niet meer mogelijk.  Ik droomde er al van voetballer te worden toen ik nog niet eens op de lagere school zat, maar nog voor ik naar het middelbaar ging intrigeerde mij ook alles wat met informatica te maken had.  Sinds een half jaar werk ik nu bij Epson, een Japans bedrijf met wereldwijd 70.000 werknemers, dat printers, scanners en projectoren produceert.  Zozeer een droomjob is dat voor mij, dat ik er de tijdrovende verplaatsing graag bijneem.  Elke werkdag trotseer ik met mijn auto de afstand tussen thuis en Diegem, in de buurt van de Nationale Luchthaven.  Dat komt gemiddeld neer op tweemaal honderd minuten. Per trein zou het even lang duren, en geregeld neem ik zware pakken materiaal mee.

Je hebt ettelijke paren voetbalschoenen bij de Cerclejeugd versleten.  Wat is je uit je prilste Cerclejaren vooral bijgebleven?

Ik kwam als vanzelf als vijf- of zesjarige in het spoor van mijn neef en broers in Cercles Voetbalschool terecht.  De Groen-Zwarte jeugdopleiding stond hoog aangeschreven, het niveau moest zeker niet onderdoen voor dat van ‘de buren’.  Ik was tenger en klein zodat ik  fysisch iets achter was op mijn leeftijdgenoten, maar mijn trainers zagen wel kwaliteiten in mij.  Cercle had toen niet alleen nationale maar ook provinciale jeugdploegen, en meer dan mijn medespelertjes ging ik over van het ene naar het andere niveau.  Ik kon hemelhoog juichen als ik naar ‘nationale’ overgeheveld werd, maar ook bij ‘provinciale’ was het heerlijk voetballen en met veel inzet.  Onder meer met Jan Masureel, Stijn Willems, Bram Vandenbussche en Pieter Doom heb ik goeie vrienden uit ‘provinciale’ overgehouden.  

Je startte als negentienjarige bij de Eerste Ploeg in december 2000.  Herinner je nog die eerste match?  Misschien weet je nog wat jij bij je selectie het meest was: verwonderd, blij, zenuwachtig of zelfzeker? 

Blij was ik alleszins, maar niet verwonderd.  Het moest ervan komen.  In tegenstelling tot de overgrote meerderheid van de trainers, keek Dennis van Wijk niet alleen naar ‘namen’, maar wie goed presteerde op training, kreeg vroeg of laat de kans om zich tijdens het weekend te bewijzen.  Zenuwachtig was ik toen niet, dat was ik pas later bij mijn eerste derby in het fanionelftal.  En zelfzeker?  Aan zelfvertrouwen ontbrak het me niet.  En, ja, het verloop van die eerste match zie ik nog voor ogen.  We verloren thuis met 1-2 tegen Maasmechelen, dat nochtans niet hoog gequoteerd stond.  Na de match was van Wijk in alle staten…  Hoe ik het er zelf van afgebracht had?  Bij mijn eerste duel kreeg ik een klop op mijn hoofd, en kinesist Geert Leys mocht het veld op om mij te verzorgen.  “Zo gaat dat bij de grote jongens,” zei hij.   En ik moest niet lang wachten op bevestiging daarvan, slechts tot mijn tweede match… 

In het ‘Cerclemuseum’ tref ik iets aan dat me bijzonder merkwaardig lijkt.   In je debuutjaar speelde je 6 competitiewedstrijden, het jaar erop 3, en 7 tijdens het daarop volgende seizoen, Cercles kampioenenjaar 2002-‘3.  Met Cercle in Eerste was je er meteen 28 keren bij en vervolgens was je nog zeven seizoenen na elkaar een vaste waarde met minstens 25 beurten.  Een trainer is een machtig man, maar aan zijn voorkeur kon het niet gelegen zijn want zowel juist na als juist voor de promotie had Jerko Tipuric het roer in handen. Blijkbaar was jij niet goed genoeg voor Tweede, maar onmisbaar in Eerste?

In het kampioenenjaar begon ik heel goed, werd zelfs in een krantenartikel als de revelatie van het seizoenbegin bestempeld.  Tegen Geel speelde ik voor de eerste keer in het midden, voordien rechtsbuiten, en na de match zei Jerko mij: “Jij gaat nooit meer weg uit het midden.”  Nog voor die term bestond, draafde ik toen het veld af als ‘box-to-box speler’, en  dankzij mijn goeie conditie had ik daar geen moeite mee.  Na enkele matchen, helaas, werd ik in Heusden-Zolder zwaar getackeld, recht op mijn knieën.  Mijn mediale band was zo goed als door, en de revalidatie duurde verschrikkelijk lang, voor een stuk doordat ik te vroeg weer op het veld wilde staan.  ‘k Heb alleen nog één match gespeeld op het einde van het seizoen, op Maasmechelen.  

"Jerko is een prima trainer.  Zijn enige gebrek is ‘dat hij zich niet weet te verkopen".

Och, blessure, aan die meest voor de hand liggende verklaring had ik niet eens gedacht!  Na één jaar Eerste deed zich een grote verrassing voor: Tipuric was erin geslaagd Cercle in de topklasse te behouden, maar Harm van Veldhoven nam zijn plaats in.

Die trainerswissel vernamen wij al in Westerlo, juist voor de laatste wedstrijd van het seizoen.  Het zat verschillende spelers zo hoog dat ze, vooral onder impuls van Vital Borkelmans, dreigden de match niet te spelen.  “Wij spelen niet,” zei Vital.  “Je speelt wel,” zei Jerko.  En … we keerden naar Brugge terug met een 1-1 gelijkspel. Ja, dat we  in Eerste bleven met de kern die we toen hadden, was een half mirakel.  Jerko door Harm vervangen konden we nauwelijks begrijpen, ook omdat Cercle toen het kleinste budget van heel de reeks had.  En, terloops, ik beëindig straks mijn voetbalcarrière bij het pas naar Eerste Provinciale gepromoveerde Sporting Blankenberge.  Wie is er de trainer?  Jerko.  Staan we op een degradatieplaats?  Neen, je vindt ons zelfs in de eerste helft van de rangschikking.

Jerko blijft?  Neen.  Maar toch is het niet helemaal hetzelfde als bij Cercle halfweg 2004.  Dat men bij een degelijk spelend voetbalteam na zes jaar hoe dan ook graag eens nieuwe wind laat waaien is minder verwonderlijk dan na twee jaar, zoals toen.   Jerko is een prima trainer.  Zijn enige gebrek is ‘dat hij zich niet weet te verkopen’.

Tijdens Cercles gloriejaar, het eerste onder Glen De Boeck, trok jij voor niet minder dan 33 competitiematchen het Groen-Zwarte shirt aan.  Volgens Anthony Portier waren Cercles knalprestaties wel degelijk eerst en vooral aan Glen te danken.  Deel je zijn mening?

Heel zeker.  Vooreerst beschikte Glen over een stel fantastische spelers, maar daarnaast was zijn aanpak  zoals voetbal hoort te zijn: zo eenvoudig, zo simpel als het maar kan.  Dat komt erop neer dat iedere speler heel duidelijk moet weten wat hem als pion van een team op het voetbalschaakbord te doen staat.  En we wisten het! “Jij dit, jij dat, jij dit, jij dat …”  Voetbal is een loopsport, je moet voortdurend bewegen en je moet erop kunnen betrouwen: “Recupereer ik de bal, dan staat daar een medespeler die ik kan aanspelen.” Elke week opnieuw prentte Glen het ons in, steeds weer hetzelfde, zo ongecompliceerd mogelijk moest het zijn.  We hadden alleen maar verstandige spelers, maar waren er een paar blinden bij geweest, dan nog hadden die geweten wat hen te doen stond.  Wat ons tijdens Glens eerste jaar genekt heeft, dat is de gescheurde kruisband van Tom De Sutter in februari.

Maar dat Glen de glansprestatie van zijn eerste jaar erna niet heeft kunnen overdoen, heeft hij toch wel aan zichzelf te wijten.  “Wij zijn te voorspelbaar,” vreesde hij, en hij stapte af van zijn voor ons zo hanteerbaar systeem.  Ik kan het niet genoeg beklemtonen: “In voetbal is simpel spelen het beste, maar het moeilijkste dat er is.”  Weet je welke speler ik het meest bewonderde omdat hij alles zo eenvoudig mogelijk aanpakte? Dat was Oleg Iachtchouk.  Zijn balcontrole was altijd goed.  Zoals alles bij hem, leek zijn meesterschap over de bal en zijn voortgang in het spel vanzelfsprekend. Kreeg jij echter zo’n bal toegespeeld, dan lag die plots een halve meter weg van je voet.  Een eenvoudige, een intelligente, ook een leuke voetballer was Oleg. 

Dankten jullie je sterkte ook niet aan het feit dat Glen tot het uiterste ging  om de fysische conditie op te drijven? 

Ja, Glen was veeleisend, zeker ook qua fysische paraatheid.  ‘k Zie ons nog een uur aan een stuk ‘volle bak’ lopen in Tillegem.  En ook vele baloefeningen bleven duren tot onze tong op het gras lag…  Ik mag echter gerust beweren dat ik een van de spelers was die daar het minst last van had.  Ik heb het perfecte voetballichaam niet, maar wel een fysisch gestel dat geschikt is voor duursporten.  Wat ik als voetballer het meest mis, dat is kracht, en dat heb ik altijd weten te compenseren door ‘adem’ en snelheid.   ‘k Bezit beelden waarop ik tachtig meter loop langs de zijkant van het veld, de bal rond het penaltypunt van de tegenstander stil leg, binnenschiet, en rustig dooradem alsof ik twee stappen had gezet.

"Echte supporters vereenzelvigen zich ook met hun team als het maar niet wil lukken". 

Niet alleen over Glen De Boeck als trainer kun je meespreken, je hebt er in Cercles fanionelftal, asjeblief,  zeven meegemaakt: Dennis van Wijk, Jerko Tipuric, Harm van Veldhoven, Glen, Bob Peeters, Foeke Booy en Lorenzo Staelens.  Twee vragen liggen voor de hand: wie vond jij de beste, en zou je nu met elk van hen even graag aan tafel gaan zitten?

De meeste trainers die ik heb gehad, waren zeer degelijk, en twee van hen waren zelfs zo goed dat ze nog een paar centimeters boven Jerko uitstaken.  Dat waren Glen en, op gelijke hoogte, Yves Van Borm toen ik bij Knokke speelde. Dat ze ‘de beste’ waren, betekent lang niet dat ik met hen het minst in botsing ben gekomen, zelfs niet dat ik nu met hen het liefst zou tafelen. Een en ander kan complex zijn, hoor.  Dennis van Wijk, bijvoorbeeld, kent geen greintje medelijden op het voetbalveld, maar hij is een crème van een mens erbuiten.

We gaan even weg van Cercle.  Nog voor Van Borm heb jij dat trouwens al gedaan.  Je trok halfweg 2011 naar Oud-Heverlee Leuven, kwam na anderhalf jaar terug naar het Groen-Zwarte Olympia, je werd begin 2015 door Cercle eventjes uitgeleend aan Izegem, knokte twee jaar bij F.C. Knokke en nu ben je aan je laatste matchen bij Sporting Blankenberge toe.  

Bij OHL voelde ik me goed thuis, maar toch was ik blij dat Cercle me weer met open armen ontving.  Ook van de supporters voelde ik hun ‘welkom’ aan - en supporters zijn écht ‘de twaalfde man’: niet elke speler voelt het even intens aan, maar de meesten geeft het een kick van vertrouwen als de supporters positief op hun spel reageren. Al te veel supporters denken dat ze betalen om je te zien winnen, maar, neen, ze staan van hun centen af om je zo goed te zien spelen als het je mogelijk is!  Echte supporters vereenzelvigen zich ook met hun team als het maar niet wil lukken. 

U denkt, lezer, ik kom aan de slotbeschouwing van het interview, en dàt waarmee iedere Cerclesupporter Fré omkranst, is niet eens ter sprake gekomen.  17 december 2006, juist voor de winterstop, Cercle-Club, 63ste minuut: Fré keilt de bal tussen de blauw-zwarte doelpalen.  Het blijft 1-0 tot de scheidsrechter affluit.  Wat een vreugde, wat een euforie!  Eén seconde van uniek succes, en Fré is en blijft levenslang wereldberoemd in heel Brugge!  “Ja, zeker, daarover spreken velen me nog dikwijls aan.”  Op mijn slotvraag of het blijde nieuws dat ik vanmorgen in het Nieuwsblad gelezen heb, klopt, bevestigt Fré dat het, alles in acht genomen, onwaarschijnlijk goed evolueert met Alexander, zijn broer die nog geen maand geleden het slachtoffer werd van een zwaar verkeersongeval.  Een flits, ook hier, maar een gevolg dat écht ingrijpt in het leven.  Voor Alexander, vanzelfsprekend.  Voor Fré ook?  “Ik had voordien al besloten te stoppen met voetballen.  Zoveel tijd eist mijn werk van mij op, dat ik er te allen koste genoeg moet vrij maken voor mijn vrouw, mijn twee dochtertjes en heel mijn familie.  Alexanders accident bevestigt wat ik me al goed bewust was: tijd dient ertoe om die zo interessant mogelijk door te brengen.”

(Georges Volckaert)

Lees meer