koop tickets online

Keepertrainer: Pieter-Jan Sabbe

Cercle beschikt over een uitgebreide technische staf.  Een onontbeerlijk element daarin is de keepertrainer.  Daar waar de assistent-trainers reeds weinig in de spotlights komen, is dit zo mogelijk voor een keepertrainer nog minder het geval.  Pieter-Jan geeft er ook zelf de voorkeur aan om in de luwte te werken.  

“Onbekend is onbemind” luidt het spreekwoord.  Daar willen we met dit artikel wat verandering in brengen.

Je bent 37 en woonachtig in Marke?

Ik verhuisde recent naar Lendelede.  Ik ben afkomstig uit Zwevegem. Mijn hele leven speelde zich af in de regio Kortrijk.  Ik liep er school en sloot me op 15-jarige leeftijd aan bij K.V. Kortrijk.  Ik woonde tien jaar in Marke en sinds deze zomer, samen met mijn echtgenote Ine Veys en kinderen Siebe (7), Marie-Maxine (8) en  Rhune (10), in Lendelede.

Wat onthouden we van je sportieve carrière als speler?

Ik vatte aan bij Zwevegem Sport, een lokale ploeg.  Van mijn vijftiende tot tweeëntwintigste  speelde ik bij K.V. Kortrijk.  De laatste drie jaar behoorde ik tot de A-kern.  Het eerste jaar, in 1e afdeling, was ik 3e doelman, de volgende twee seizoenen 2e doelman.  Als jonge keeper  maakte ik er mooie zaken mee.  ¼ finale Beker van België als 2e doelman, vijf wedstrijden op de bank in eerste afdeling en daarna wedstrijden gespeeld in 2e afdeling.

2002 werd een heel moeilijk jaar met de faling van KV Kortrijk.  Er zou een fusie komen tussen Kortrijk en Wevelgem.  Ik stapte eerst mee in dat fusieverhaal, maar dat sprong uiteindelijk af.  Zo vatte ik aan bij Wevelgem in derde afdeling.  Ik verbleef er twee jaar.  Daarna volgden twee seizoenen Doornik, met Claude Verspaille als trainer en Piet Timmerman, die ik kende van bij Kortrijk, op de liberoplaats. Het was leuk.  Ik maakte er ook de fusie mee en de ingebruikname van het nieuwe stadion.
Ik kreeg toen echter problemen met mijn schouder en ik moest stoppen met voetballen.  Dit op mijn vijfentwintigste!
Ik moest stoppen met voetballen op mijn vijfentwintigste

Met je 37 jaar nu ben je jong als keepertrainer, maar wel, net door die blessure, reeds zowat twaalf jaar bezig?

Ik ben tweemaal geopereerd aan de schouder. Van beroep ben ik sportleraar.   Ik zou net al-dan-niet vast benoemd worden.  Het werd dus een moeilijke keuze.  Het ging echter niet meer om mij te verdedigen in het voetbal en ik besloot, vol ambitie, om voor mijn schoolcarrière te kiezen en dit te combineren met de taak als keepertrainer.

Ik kreeg direct alle jeugddoelmannen van KV Kortrijk onder mijn hoede.  Dit deed ik drie seizoenen.  Ondertussen haalde ik alle mogelijke diploma’s als keepertrainer.  

Men stelt soms “hij is jong”, maar van mijn vijfentwintigste tot mijn zevenendertigste was ik drie jaar verantwoordelijk voor alle jeugddoelmannen van KV Kortrijk, daarna bij SV Roeselare, vervolgens, als “jonge gast in de branche” drie seizoenen de A-ploeg van Antwerp.  Een moeilijke, maar mooie grote ploeg in België.  Dat was o.a. met Dennis van Wijk.  Of Dennis er voor iets tussen zat dat ik er keepertrainer werd?  Eigenlijk was het Luc De Vroe die er voor gezorgd heeft.  Hij was toen sportief directeur in Roeselare.  Hij wist dat mijn ambitie was om de keepers van de eerste ploeg te trainen.  Waarschijnlijk was het objectief om me die taak bij Roeselare toe te kennen, maar toen kwam die plaats bij Antwerp vrij.  Luc kende Dennis wel en zo is het in principe gegaan.  

In Antwerp kreeg ik na een jaar het vertrouwen door me een contractverlenging van twee seizoenen te laten ondertekenen.  

Het tweede jaar was ook een ervaring op zich met Jimmy Floyd Hasselbaink als hoofdcoach.  Tweemaal topschutter in de Premier League, driemaal topschutter van Chelsea, WK’s meegemaakt, enz…  

Zoals je aanhaalt trainde ik er ook oud-Cerclist Björn Sengier.  Hij kende er een uitstekend eerste seizoen (periode van Wijk).  Hasselbaink had het seizoen erop een andere visie op het profiel van een doelman en Björn had het er moeilijk mee.  Speciaal aan het feit dat ik trainer was van Björn was dat we ooit concurrenten waren en dat ik als 29-jarige op dat ogenblik hem als 31-jarige trainde …

Met Dennis van Wijk, op en top professional, en Hasselbaink had ik heel goede leermeesters.  Ook in het laatste jaar leerde ik veel bij.  Dan meer bepaald over het voetbalwereldje.  Antwerp was toen in overname, er waren besparingen, enz… Een moeilijk seizoen bij een “moeilijke” vereniging.  

Antwerp is toen overgenomen door De Cuyper (en Paul Gheysen) en men sloeg een andere weg in.  Zoiets valt wel voor in het voetbal.  Dat was echter heel laat.  Eigenlijk ging ik blijven, dan bleek het moeilijk en ben ik een jaartje naar Koksijde gegaan.  Het was het seizoen dat ze naar 2e klasse promoveerden.  Daar valt niet veel over te schrijven.  Sportief en financieel was die promotie naar 2e een stap te hoog voor de kustploeg.  Met die voorzitter heb ik nog steeds een goed contact.  Ik vertelde hem: “je moet zorgen dat je de mooiste amateurclub wordt van het land”.  “Je zit aan de kust, een mooi klein stadion, een leuke club”  (n.v.d.r.: het voorbeeld van Knokke volgen?).  Het viel anders uit.

Tussendoor hielp ik als vriendendienst ook nog even Izegem uit de nood, toen hun keepertrainer tijdens het seizoen opstapte.  Ik kende trainer Franky Dekenne van toen hij coach was van Wevelgem terwijl ik er speelde.  Ik depanneerde toen een tijd, eigenlijk wat langer dan voorzien.

Toen kwam Cercle?

Via Eric Deleu, die van keepertrainer Algemeen Directeur werd bij Groen-Zwart, kreeg ik na Antwerp opnieuw de mogelijkheid om voor een grote mooie professionele ploeg te werken.  Toen het verhaal Monaco startte mocht ik aan boord blijven.  Riga kende me en was lovend.  Met de financiële inbreng van de Monegasken konden ze kiezen uit wie ze wilden, maar ik mocht blijven.  Ik denk dat mijn ervaring uit de voorbije tien jaar daar wel bij geholpen heeft.  Ik ben ook dankbaar voor die kans, zowel t.o.v. José als voor Cercle.  Als je ziet dat ik nu opnieuw kan werken met, voor mij,  toch een van de drie topcoaches van België, is dit geweldig om mijn bagage nog te verruimen.

Omtrent de job nu.  De bedoeling van een keepertrainer is om doelmannen beter te maken.  Hoe vat je dat aan?

Allereerst bekijk ik welke doelmannen ik heb.  In mijn loopbaan heb ik al “mooie” doelmannen onder mijn hoede gehad.  Ik denk bv. aan Jorn Brondeel,  niet zo gekend bij het Belgische publiek.  Het is een fantastische doelman.  Hij debuteerde bij mij op Antwerp.  Hij speelde bij de U19, was afkomstig van Zulte-Waregem, en was 3e doelman bij the Great Old.  Hij heeft 12 tot 14 wedstrijden gespeeld.  Hij transfereerde naar Lierse waar hij 1e doelman werd.  Hij brak er volledig door.  Vervolgens trok hij naar Nederland (NAC Breda) en tekende onlangs een langdurig contract bij Twente.  Hij speelt elke wedstrijd.  Voor mij was hij een zeer leuke ontdekking.  Ik had ook Louis Bostyn, die nu bij Waregem speelt, onder mijn hoede.  Het is zo dat ik ook een keeperacademie heb, “S1Pro”, waar jonge doelmannen opgeleid worden.  Dat doe ik supergraag.  Zo’n 30 à 35 keepertjes van diverse leeftijden  nemen er aan deel.  Zowel Brondeel als Bostyn komen daaruit voort.  Ook jongens die in 2e amateur spelen zoals Mathieu Vanderschaeghe die hier vorig jaar nog speelde. 
Dat project is “mijn kindje” en ik zou dit niet graag ooit loslaten.
Verder was er ook nog Frank Boeckx, die in de C-kern van AA Gent zat, die we in Antwerp terug konden opvissen.  Later kon hij bij Anderlecht terug doorbreken.

Om concreter op je vraag te antwoorden: 

Hier op Cercle heb ik drie heel verschillende profielen als doelman.
Vorig seizoen vroeg Cercle me uit te kijken naar een Belgische doelman die ook zou aanvaarden dat Paul Nardi eventueel eerste doelman zou zijn, maar hem ook bijstaan in zijn verdere ontwikkeling.  Dat profiel was niet zo gemakkelijk om in te vullen.  De keuze viel op Brian Vandenbussche.  Hij is hier toegekomen en had de voorbij seizoenen weinig gespeeld.  Hij was echter zeer gemotiveerd. Op dat ogenblik rekenden we er ook nog niet op dat Miguel Van Damme zo snel terug top zou zijn.  We hadden januari/februari voor ogen.  Vandaag dus!  We kregen Miguel echter veel vroeger compleet in orde, wat natuurlijk voor het grootste deel aan hemzelf te danken is.  Hij is een atleet tot en met.  Als je ziet van hoever hij komt…  Zijn drang en wil hoe hij het realiseerde geeft ook mij kracht.  Ik weet ook dat ik direct op hem kan rekenen mocht er bv. iets met Paul voorvallen.

Ook daar heeft Brian zeer goed mee omgegaan. Hij was topfit bij aanvang seizoen.  Is toen ziek geworden en verloor een zestal weken.  In de “rangorde”, een woord dat ik niet graag gebruik, staat hij nu op nummer drie.  Hij gaat daar echter formidabel mee om.  Hij ondersteunt Paul, helpt Miguel enz…

We hebben drie echte nummers 1

Voor mezelf maak ik van mijn doelmannen een draaiboek op met hun profiel en diverse parameters.  Kracht, snelheid, lenigheid, hoge ballen, één tegen één situaties, enz… Alles waar ze goed en minder goed in zijn.  Ik zet dit in kleur.  Rood = serieus werk aan de winkel, oranje = we moeten er zeker mee aan de slag en groen is een zeer hoog niveau.  Groen moet je onderhouden, oranje zijn werkpunten en rood is veel werk.  Paul had twee rode blokjes.  Ik zal vanzelfsprekend hier niet zeggen wat dit inhoudt.  We hebben er serieus aan gewerkt én ik zie er een duidelijke evolutie in.  Dat geeft voor mij voldoening in mijn werk.  

Mijn taak is om jongens individueel beter te maken.  Met dat plan kijk ik ook naar mezelf.  Slaag ik in mijn opzet?  Is er beterschap merkbaar op de “rode punten”?  Maak ik hen niet beter, dan heb ik mijn werk niet goed gedaan.

Concreet maak ik een jaarplan.  Dat deel ik in per drie maand op de ongeveer negen maand voetbal in een seizoen.  Zo gaat het verder naar een maand- en weekplanning.  Daarna zoek ik de juiste oefenstof om hen op elk domein beter te maken.

Na iedere wedstrijd maak ik een video-analyse per onderdeel en bespreek ik het, samen met de andere doelmannen zodat ze ook mee zijn in het verhaal.  Zo leert iedereen.

"Mijn visie is: als je als doelman tien wedstrijden speelt mogen er een zestal gewoon goed zijn, ééntje of misschien twee minder goed, en twee/drie waar je echt punten pakt.  Een doelman kun je namelijk niet beoordelen op één wedstrijd."

De combinaties om een doelman te trainen zijn ook niet eindeloos denk ik dan?

Als je zonet vernam hoe minutieus en uitgebreid alles uitgewerkt wordt, denk ik dat ik meer dan werk genoeg heb.  Ik kom tijd te kort.  Ik zou de doelmannen liever nog meer bij me hebben.  De situaties die een doelman kan tegenkomen zijn zeer ruim.  Hoge bal pakken of wegbotsen, man tegen man situatie, uittrappen, inwerpen, centraal of naar de flanken, enz… 
Ik heb zeker geen probleem om de trainingen op te vullen.

Een keepertrainer komt niet zo vaak op het voorplan?

Dat hoeft voor mij ook niet.  Ik werk liever met mijn beperkt groepje.  Als je als keeper uit de radar blijft, is het teken dat je goed bezig bent.  Ook voor mij als trainer.  Als ze niet veel over je werk praten, is het teken dat je in stilte goed bezig bent.  Het lawaai en de grote show heb ik niet nodig.  

Voor mezelf geef ik me het werkpunt te blijven zoeken naar vernieuwende, betere oefenstof door onderzoek op het internet, gesprekken met collega-trainers, discussies met hoofdtrainers, bijscholingen, enz… . Mijn sterk punt is zeker het op menselijk vlak bezig zijn met de doelmannen.  Wij hebben eigenlijk drie echte nummers 1.  Er is er echter geen enkele die loopt te klagen of te zagen.  We zijn een klein groepje, maar weten heel goed waarmee we bezig zijn.

Ik kan duizend interviews geven, maar als we het met onze doelmannen op het veld niet bewijzen, dan staan we nergens.  Zij niet en ik niet.  Iedereen kent zijn plaats en weet dat hij gerespecteerd wordt.  Met onze drie toppers op die manier samenblijven zonder miserie, wel, daar ben ik trots op!  Ik hoop dat wij ons steentje kunnen bijdragen aan de doelstelling van Cercle!

(Georges Debacker)

Gerelateerde nieuwsberichten

Cerle Brugge KSV
Cercle en Brugge door de jaren heen… (deel 241)

  Cercle en Brugge door de jaren heen… (deel 241)
(periode van 02-12-1961 -> 09-12-1961)

  • Cercle

Speeldag 12 zorgde ervoor dat Cercle een verplaatsing naar Sint-Truiden voorgeschoteld kreeg.  Op zichzelf niet echt iets speciaals ware het niet dat onze groen-zwarten en de geel-blauwen elk negen punten telden.  Als Cercle het laken naar zich toe trok konden ze een mooie sprong voorwaarts maken maar deze redenering ging natuurlijk even goed op voor Sint-Truiden.  Misschien schoten ze allebei nog het meest op met een gelijkspel…
“Veritas” mocht voor het “Brugsch Handelsblad” mee op verplaatsing naar het verre Limburg om er een verslag te maken van de voetbalfeiten die zich voor zijn ogen zouden afspelen :

Sint-Truiden – Cercle Brugge 0-0  -  De verdedigingen primeerden…

“Deze belangrijke wedstrijd op het hobbelige Stayenveld –ongetwijfeld het slechtste terrein uit de hoogste klasse– is nooit tot een boeiend vertoon uitgegroeid.  Het spelpeil was even duister als het weer en de verdedigingen met zes of zeven man langs weerszijden, hadden vanzelfsprekend het hoogste woord.  Dat in die omstandigheden de bordjesman even goed thuis had kunnen blijven, is normaal : op de ganse duur van de partij werden juist geteld twee doelkansen geschapen.  Beiden werden verkeken, één langs iedere kant, zodat ook hier weer de stand gelijk was.  Zelden zagen wij een partij, waarin de supporters zo onverschillig bleven.  Er waren er t.a. niet zo heel veel opgekomen.  Uit hetgeen voorafgaat kan men reeds opmaken dat de brilstand de getrouwe weergave van de match is : wij denken dat bijna iedereen hiermee zal akkoord gaan.  De geel-blauwen zullen misschien aanvoeren dat zij meer aanvielen, doch hiertegenover zullen de Bruggelingen aanbrengen dat zij heel wat beter voetbal toonden.  En dat was inderdaad zo : de jongens van de nationale hulptrainer Goethals speelden werkelijk zo onbeholpen als het maar kan.  Het was voetbal in zijn primitiefste uitvoering, nl. hard tegen de bal trappen en er dan achterlopen !  De groen-zwarten daarentegen probeerden, telkens als zij bij de bal kwamen, deze met gemeten voorzetten over de grond naar voren te brengen en daarbij numeriek in de meerderheid te komen.  Daarvoor moesten zij iets meer lateraal spelen en zowel De Caluwé als Michiels in het spel betrekken.  Het is dus wel waar dat Cercle met 7 verdedigers speelde, maar het is even waar dat wij Cercle ook met 5 man in de aanval zagen, iets wat bepaalde persmensen niet willen zien…  Ten andere, ook Sint-Truiden had het accent vooral op de verdediging gelegd, wat gemakkelijk te verklaren is als men de klassering van de Limburgers bekijkt en overweegt dat zij de voorgaande vier wedstrijden op eigen veld verloren.  Hoe legt men anders uit dat de lokalen om hun twee halfspelers uit de fanionploeg te vervangen, beroep deden op de rechterback en de stopper van de reserven !  Zodat zij met 5 backs in lijn optraden en het werk voor de verbinding op de frêle schouders legden van de vroegere Lyraboy Walter Neefs en Ndala uitsluitend reserveerden voor de stugge bewaking van het “Brugse gevaar Bailliu” !  Over de wedstrijd zelf zijn we vlug uitgepraat.  De eerste helft ging tamelijk gelijk op met Cercle iets degelijker en ook gevaarlijker.  Vooral de langs Orlans opgezette aanvallen brachten de lokale verdedigers wel eens in verlegenheid.  Zo mocht Paelinck een kaarsje branden, toen Bailliu een 10-tal minuten voor de rust een énige doelkans verkeek.  Een door Orlans gegeven hoekschop werd door Paelinck gelost en Gilbert lepelde van op een drietal meter de bal over het ledige doel.  Even later brak Bailliu langs de linkerflank door en zijn goed gericht schot werd schitterend door Paelinck in hoekschop gered.  In deze periode kreeg Mortier weinig gevaarlijk werk op te knappen.  Toch onthouden wij zijn prachtige reflex op schicht van Leenders, niettegenstaande de autoritaire referee nadien voor buitenspel zou fluiten.  Tijdens de tweede helft waren de fruitjongens bijna doorlopend in het offensief, doch hier bewees Delfour dat zijn jongens het klappen van de zweep reeds kennen.  Op één enkele flater na werd de thuisspelers geen kans tot doelen gegeven, doch gelukkig voor Cercle miste Lolinga de hem door Baas geboden kans.  Voor de rest was het spel het aankijken niet waard en met een juiste 0-0 stand werd het einde gefloten.  Geen van beide ploegen verdiende beter…”


Technische  krabbels…
Sint-Truiden  –  Cercle  0-0


- opkomst : 5.000 toeschouwers.
- terrein : zwaar en hobbelig.
- fair-play : hard, doch binnen de perken.
- weersgesteldheid : mistig en kil.
- leiding : ref. Hannet, uitstekend.
- corners : Sint-Truiden 7, Cercle 4.
- Sint-Truiden : Paelinck, Martens, Boffin, Ndala, Peeters, Lismont, Vermeulen, Neefs,
  Nivelle, Lolinga, Leenders.
- Cercle : Mortier, Vanderhaegen, Decock, Baas, Wittewrongel, Demey, Notteboom,
  Michiels, De Caluwé, Bailliu, Orlans.
 


Cercle stond na het gelijkspel tegen Sint-Truiden op een relatief veilige negende plaats met tien punten op de teller.  Dat waren er vier meer dan hekkensluiter Lierse en drie meer dan het voorlaatste Union Sint-Gillis dat zich mocht opmaken om naar het Edgard De Smedtstadion af te zakken.  Betekende de komst van Union een buitenkansje voor de groen-zwarten om de kloof met de degradatieplaatsen verder uit te diepen of zou Union zich niet zo maar naar de slachtbank laten leiden ?

De supporters konden, naar goede gewoonte, tijdig kaarten aanschaffen voor deze voor beide elftallen cruciale wedstrijd :

Kaarten op voorhand voor Cercle – Union : Voor de belangrijke wedstrijd die Cercle morgen tegen Union betwist op eigen veld, zijn er kaarten op voorhand te bekomen in het Hotel de Londres, ’t Zand, tot zondagmiddag 12 uur.  Ook op het Cercleterrein kan men zich voor deze wedstrijd reeds kaarten aanschaffen zondag van 10 tot 12 uur.”

Normaal verscheen er voor elke wedstrijd een soort ‘Vooruitblik’ in het “Brugsch Handelsblad” waarbij meestal een korte bespreking, een pronostiekje en de samenstelling van de Cercleploeg gegeven werd.  Deze keer had de samensteller van dit artikeltje blijkbaar een gebrek aan inspiratie want verder dan de vermoedelijke groen-zwarte opstelling kwam hij niet… :

Cercle – Union : Mortier, Vanderhaegen, Decock, Baas, Wittewrongel, Demey, Notteboom, De Caluwé, Michiels, Bailliu, Orlans.”

En dan was het moment van de waarheid aangebroken…  Groen-zwart ontmoette geel-blauw in het vertrouwde Edgard De Smedtstadion.  “Vic Bergh” van het “Brugsch Handelsblad” zocht zijn plaatsje in het stadion op en hoopte ongetwijfeld, samen met de talrijk aanwezige supporters, dat Cercle een tweepunter in de wacht zou slepen…

Cercle Brugge – Union S.G. 1-4  -  De keerzijde van de medaille…

“Voor wie de groen-zwarten aan het werk zag tegen Waterschei, die ze afgetekend klopten, en thans tegen Union die even overtuigend de volle inzet wegkaapte, zal het verschil der prestaties zeker hemelsbreed schijnen.  En dit is zo, want zo geestdriftig, pittig en snedig Cercle acteerde tegen de Limburgers, zo onsamenhangend, ongeïnspireerd en passief zij het deed tegen de Brusselaars, met het rechtstreeks gevolg dat het i.p.v. een nieuwe bemoedigende zege een ontgoochelend en niet te verontschuldigen verlies werd.  Mag men hier dus gerust van de keerzijde van de medaille spreken, dan komt het ons voor dat de schrijnende zwakheid waarvan de Bruggelingen zondag getuigden, niet toevallig is en als een moeilijk afwendbare weerslag van het in de laatste weken gehuldigde defensief systeem mag aanzien worden.  Dit steunde immers onvoorwaardelijk op het rendement van enkele waardevolle pijlers als Michiels, Orlans, De Caluwé en Bailliu, die zich bovenmenselijke inspanningen moesten getroosten om het geheel in gang te houden en zowel defensief als offensief te doen renderen.  Wat zag men nu tegen Union ?  De motor Michiels vond opvallend de gepaste draai niet, evenmin als De Caluwé terwijl Orlans slechts enkele goede flitsen liet zien in de 1e helft om daarna helemaal niet meer mee te spelen.  Waar ook Notteboom niet boven kwam, bleef Bailliu nog de enige hoop om een geleidelijk hachelijker wordende situatie recht te zetten.  Maar ook deze hoop bleek ijdel, want Bailliu vermocht niets tegen de gesloten vierman Union-verdediging van wie de stugge Claes en Schraepen hem van geen vin losten.  Union, die werkelijk vocht voor iedere bal, bleek daarbij allesbehalve een kalantje, en wist tegen de “Cerclemuur” de passende tegenzet toe te passen.  Zij onthield zich angstvallig van stapelspel en trok het integendeel wijd open langs de puntspelers die de lokale achterhoede keurig uit elkaar speelden.  Hierbij traden bijzonder Van Wilder, Vanden Bergh en Van Cauwelaert op het voorplan zodat de eerder onzekere lokale verdedigers het hard te verduren kregen.  De 1-4 cijfers die Union op het skoorbord toverde, waren het normaal gevolg van haar onbetwistbare meerderheid die zich in alle lijnen aftekende en deed gelden.”


Technische  krabbels…
Cercle Brugge  –  Union Sint-Gillis  1-4


- opkomst : 9.000 toeschouwers.
- terrein : zeer glibberig.
- weersgesteldheid : koud en betrokken, donker naar het einde toe.
- leiding : ref. Deckx, behoorlijk.
- fair-play : in de perken.
- corners : Cercle 8, Union 6.
- doelpunten : 27’ Van Vaerenbergh 0-1, 31’ De Caluwé 1-1, 38’ Vanden Bergh 1-2, 47’
  Van Cauwelaert 1-3, 70’ Close 1-4.
- Cercle : Mortier, Vanderhaegen, Decock, Baas, Wittewrongel, Demey, Notteboom, De
  Caluwé, Bailliu, Michiels, Orlans.
- Union : Vanderstappen, Devogelaere, Bruylants, Van Wilder, Claes, Schraepen, Van Vaerenbergh, Vanden Bergh, Mertens, Close, Van Cauwelaert.

 

 

Lees meer
Cerle Brugge KSV
Cercle en Brugge door de jaren heen… (deel 240)

Cercle en Brugge door de jaren heen… (deel 240)
(periode van 18-11-1961 -> 25-11-1961)

  • Cercle

Een wedstrijd tegen het Nederlandse NAC Breda werd stilaan een traditie.  Misschien, misschien ook niet, vraagt de lezer van deze rubriek zich af wat de afkorting “NAC” zou kunnen betekenen.  Je kunt er eventueel naar raden maar ik ben er vrij zeker van dat je er, zonder de broodnodige voorkennis, nooit achter komt.  Welnu, om al degenen die tot nog toe met dit prangend probleem worstelden uit hun lijden te verlossen, volgt hier (eindelijk) de oplossing.  NAC Breda ontstond op 19 september 1912 als resultaat van de fusie tussen twee ploegen.  Enerzijds was er NOAD (Nooit Opgeven Altijd Doorzetten) en anderzijds had je ADVENDO (Aangenaam Door Vermaak En Nuttig Door Ontspanning).  Toen de fusie er kwam in 1912 zocht men de nieuwe benaming echt niet ver…  De verantwoordelijken voegden gewoon de namen van de twee vroegere verenigingen samen en plaatsten er “Combinatie” achter.  Het resultaat van die fusie-denkoefening werd dus doodgewoon “Noad Advendo Combinatie” wat de logische afkorting NAC opleverde.  Zo zie je maar dat het niet altijd moeilijk hoeft te zijn…

Cercle – Breda 0-1  -  “Koude” en ondankbare karweien…

“Eens te meer is het tijdens het afgelopen weekeind klaar aan het licht gekomen, dat de sportliefhebbers uit het Brugse moeilijk warm te maken zijn voor vriendenwedstrijden, al hebben deze nog een (bescheiden) internationaal cachet !  Zowel zaterdag op Cercle als zondag op Club bleef de publieke belangstelling ver onder de verwachtingen en we kunnen niet eens zeggen dat de afwezigen ongelijk hadden.  Qua spelvertoon kon Cercle – Breda er nog enigszins door en bleef men niet verstoken van spanning, maar op de “Klokke” tegen Willem II –waarvan een spuiter zegde dat hun “sigaren” beter waren !– werd het een zeer middelmatig, zoutloos en koud gedoe.  Best nog dat de langs de micro doorgegeven prachtprestatie der Rode Duivels tegen Holland wat stemming en geestdrift bracht, anders ware het een volledig fiasco geworden…  Van dergelijke partijen kan gewis naar waarheid worden gezegd, dat het sop de kool niet waard is en hieruit zowel financieel als sportief weinig te halen is.  Veel meer dan “koude” karweien waren deze matchen niet, zowel voor spelers als dirigenten en publiek, zonder dan nog de mensen te vergeten die hierover verslag moeten uitbrengen en hard aan hun potlood moeten zuigen om iets aanvaardbaars op hun papier te krijgen.  Nieuwe experimenten en lichtpunten waren er evenmin en alleen was er het niet denkbeeldig risico van gekwetsten te moeten noteren, hetgeen Herssens en Van Gansbeke bij Club en Baas bij de groen-zwarten, aan den lijve ondervonden.  Bij dit alles is er ook bitter weinig te zeggen over de uitslagen, want had Cercle minstens een gelijk spel in het bereik dan moesten de blauw-zwarten met iets meer doordrijvendheid en wilskracht het pleit vlot gewonnen hebben…
Cercle steeds zonder doelschutters…
De semi-beroepsspelers van Breda lieten zaterdagavond op Cercle zeker geen onaardige indruk en pakten uit met een stevig aaneengesloten, snel en snedig spel dat de groen-zwarte verdediging aanvankelijk de voeten vol gaf.  De lokalen, die ditmaal enkel Michiels in achteruitgeschoven positie hielden wisten echter met gunstig gevolg het gevaar te keren, temeer dat de gasten zich niet al te schotvaardig toonden.  Het was dan ook eerder op een gelukje dat zij rond de 20e minuut aan de leiding kwamen met een doelpunt van Vander Lugt, die dankbaar gebruik maakte van een aarzeling van Baas om Mortier onherroepelijk te verschalken.  Tot dan toe had Cercle zich gewis niet onbetuigd gelaten en was zelfs iets meer bij de bal geweest, hetgeen onderstreept werd door talrijke hoekschoppen en enkele goede pogingen van Michiels, Notteboom en Bailliu die nipt het doel misten of door een klemvaste Nederlandse keper werden gestuit.  Naar het einde van de 1e time zouden de lokalen zelfs hun druk verhogen maar hier kon men andermaal vaststellen hoe moeilijk zij een doelpunt kunnen maken.  Vooraan was er opvallend gebrek aan samenhang, vooral dat Buyse als invaller voor de geselectioneerde Orlans er weinig van terecht bracht en bijzonder het inzicht miste dat zo kenmerkend is voor de Gentenaar.  Hoe Bailliu zich ook inspande en afsloofde, lijn en gang kreeg hij niet of onvoldoende in de Brugse aanvalsacties die dan ook meestal door de stug sluitende Hollandse verdedigers vlot werden afgewimpeld.  Er moet dan nog aan toegevoegd dat ook het geluk niet aan lokale zijde was, want als iedereen reeds de verdiende gelijkmaker meende te mogen toejuichen, sloeg de machtige kopbal van Bailliu op de dwarslat te pletter.  De bezoekers, die in het vierde kwartier weer gevaarlijk in het offensief kwamen, zouden evenwel ook met onkans af te rekenen hebben, want rake schoten van Van Gastel en Canjels (*) werden op hun beurt geremd door het doelhout terwijl Mortier ook enkele flinke saves naar voren bracht.  De groen-zwarten, die Michiels in verdediging hadden getrokken i.p.v. de gewonde Baas en Daels het nr. 10 hadden gegeven, zouden dan geleidelijk weer in de meerderheid komen, doch verder dan tot enkele corners brachten zij het weer niet.  Beurtelings gingen Bailliu, Buyse en Notteboom hun kans maar keeper Korebrits wist met alles raad, terwijl zijn maats van geen stootje vervaard bleken om de opdringende lokalen te stuiten.  Zodoende bleef het bij een 0-1 succes van Breda, daar waar een draw beslist beter de spelverhouding had weergegeven.”

(*) Leo Canjels (° Princenhage, 1 april 1933 - + Breda, 26 mei 2010) was van 1979 tot 1982 trainer van Cercle (nvdr).


De  acteurs

 

- scheidsrechter : Debleeckere.
- Cercle : Mortier, Serru, Decock, Baas (Daels), Wittewrongel, Demey, Notteboom, De
  Caluwé, Bailliu, Michiels, Buyse.
- Breda : Korebrits, Hoogenhuizen, Laseroms, Luyten, Kuys, Pelkmans, Meyers, Geraerds,
  Canjels, Vander Lugt, Van Gastel.
 


Na de oefenpartij tegen Breda werd er alweer vooruitgekeken naar de komende competitiematch, een thuiswedstrijd tegen Thor Waterschei.  De competitie primeerde immers en daar moesten punten ‘gepakt’ worden.  En daar hoorde, traditiegetrouw, ook een vooruitblik bij :

Cercle – Waterschei : De groen-zwarten staan morgen zondag op eigen veld voor een even belangrijk als zwaar treffen tegen Waterschei die tot hun rechtstreekse concurrenten behoort.  Cercle zal in deze vierpuntenwedstrijd weer al haar geestdrift en wilskracht moeten aanwenden om enige winst te boeken, vooral dat ook de stoere Limburgers een dringende puntennood hebben.  Kunnen De Caluwé en zijn maats éénzelfde presteren als tegen Antwerp naar voren brengen, dan zien we hen weer een nipte zege behalen met volgende officieuze formatie : Mortier, Vanderhaegen, Decock, Baas, Wittewrongel, Demey, Notteboom, De Caluwé, Michiels, Bailliu, Orlans.”

Omdat er voor deze toch wel belangrijke wedstrijd nogal wat volk verwacht werd konden er kaarten op voorhand gekocht worden :

kaarten Cercle – Waterschei : Voor de kapitale wedstrijd van morgen zondag tegen Waterschei, zijn kaarten bij voorbaat te verkrijgen in het Hotel de Londres, ’t Zand, tot zondagmiddag 12 uur, evenals zondagmorgen van 10 tot 12 uur op het groot terrein van Cercle.”

En dan was het zo ver…  Zou Cercle in het zand bijten of zou, zoals het voorspeld was in de vooruitblik, een nipte overwinning worden ?  Misschien eindigde de wedstrijd wel gewoon op een gelijkspel, wie weet...  “Vic Bergh” mocht alvast, gewapend met pen en papier, richting Edgard De Smedtstadion stappen om er een verslag van de wedstrijd te maken.

Cercle Brugge – Thor Waterschei 5-1  -  Verdediging… is de beste aanval !?

“Van in onze voetbaljeugd hebben we het steeds met luide stem horen verkondigen “dat de aanval de beste verdediging was”.  Het gebeurde inderdaad niet zelden dat een ploeg die naar het einde toe van een wedstrijd zich in het defensief terugtrok om haar voorsprong te beveiligen, van een kale reis terugkwam en nog de inzet, of een gedeelte ervan, moest afstaan.  Daarom dat men orakelde dat het beter was verder zijn gewoon spel te spelen i.p.v. door een stug verdedigen een grotere aanvalskracht van de tegenstrever in de hand te werken met de eraan verbonden –vaak fatale– risico’s !  Even waar is het nochtans dat deze geijkte voetbalwaarheid de laatste jaren in de moderne spelconceptie heel wat van haar actualiteitswaarde heeft ingeboet en de meeste ploegen het juist andersom probeerden en het accent op de verdediging legden i.p.v. op de aanval.  Ongetwijfeld heeft dit zijn voor- en tegenstanders en vooral de echte voetbalkenners, die voor alles op een aantrekkelijk en technisch vaardig offensief spel zweren, veroordelen een stug “safety First”, dat er slechts op gericht is aan obstructie te doen en de aanval te breken.  Ook Cercle heeft zich noodzakelijkerwijze en uit nijpende puntennood naar een uitgesproken en versterkte verdediging gekeerd, en het moet gezegd dat de groen-zwarten hieruit heel wat meer baat halen dan uit hun vroeger lateraal en kort aanvalsspel, dat soms zelfs naar show rook maar hopeloos onproductief en steriel was.  Van deze grondige en niet door iedereen gesmaakte tactiekwijziging kan zeker hetzelfde niet gezegd, want uit de laatste vier wedstrijden –na het Waterlo op Standard– haalden Bailliu en zijn maats vijf kostbare punten, scoorden 9 doelpunten en lieten zich slechts viermaal verrassen.  Van hieruit te zeggen dat verdediging de beste aanval is, is maar één stap, en helemaal ongelijk hebben de nieuwe profeten niet !  Dat moest het eens zo gevreesde Waterschei zondag jl. tot zijn schade ondervinden, want spijt de Limburgers steeds lichtjes in de meerderheid waren en Cercle voor alles hen de weg naar het doel trachtte af te snijden, kregen zij zo maar eventjes een 5-1 pil te slikken, hetgeen zeker wel “de” verrassing van de dag betekende.  Zijn deze zware cijfers mogelijk wel een tikje geforceerd en werden zij wel enigszins in de hand gewerkt door het zwak presteren van de bezoekende stopper en keeper, dan is er evenwel niet het minst te tornen aan het verdiende van de Brugse zege, die voluit gerechtvaardigd was.

Enkele weken eerder had een groen-zwarte supporter zijn mening omtrent het reilen en zeilen van Cercle in een lezersbrief geventileerd (zie “Cercle en Brugge door de jaren heen…” deel 238).  Na de 5-1 overwinning tegen Thor Waterschei achtte Cerclespeler Gilbert Bailliu het moment gekomen om voor een antwoord te zorgen :

Gilbert Bailliu dankt de Cerclesupporters

“Enkele weken geleden heeft een Cerclesupporter uit Assebroek een open brief laten verschijnen in het “Brugsch Handelsblad” waarin hij oprecht en duidelijk de huidige situatie van Cercle overwoog.  Bedoelde schrijver, die de toestand nuchter en sportief bekeek, heeft op spelers en bestuursleden, hoe eigenaardig het ook mag luiden, een gunstige uitslag gevonden.  Ik heb echter gewacht tot de wedstrijd Cercle – Waterschei achter de rug was, om deze brief te beantwoorden.  Zijn we thans misschien niet op het keerpunt van de competitie gekomen wat betreft Cercle ?  Cercle heeft nu zo ongeveer haar leergeld in eerste klasse betaald.  De periode van zoeken en tasten is “Vorüber”.  In het begin werd “open” gespeeld, te traag en te lateraal.  Het gevolg hiervan was dat we pijnlijke nederlagen ondergingen.  Nederlagen als 3-0 op FC Luik, 7-2 op Charleroi en 7-1 op Standard konden niets anders dan het moreel van de ploeg ondermijnen.  Wat moest er gedaan worden ?  Was de toestand nu reeds hopeloos ?  Op dit ogenblik echter werden alle hoofden bij elkaar gestoken en werden de rechten en de plichten van de spelers en bestuursleden tegenover de Cerclesympathisanten onder de loupe genomen.  Het kwam er in de eerste plaats op aan punten te winnen !  De middelen waarover we beschikken werden toen eerst gebruikt en doelmatig toegepast.  Het gevolg hiervan was dat de pers een eerder ongunstige kritiek uitte tegenover het door Cercle geleverde spel.  De resultaten waren voor ons echter zeer gunstig.  De duurbare puntjes kwamen binnen, de supporter was tevreden en de Cerclespelers kregen opnieuw vertrouwen.  Ten slotte kan niemand meer loochenen dat de huidige spelconceptie niet noodzakelijk is.  Wij MOETEN ten slotte in eerste blijven en het vertrouwen dat de ware Cerclesupporter in ons stelt, waarderen.  Ik geloof dat we momenteel de goede weg zijn ingeslagen om alle verwachtingen die in ons gesteld werden, in te lossen.  Ik vraag daarom aan alle Cerclesupporters dat ze ons zouden helpen tot de overwinning.  Hun aanmoedigingen zijn MEER dan NOODZAKELIJK !  Supporters, gij hebt bewezen tegen Antwerp en Waterschei dat ge aan onze zijde staat.  In deze overwinningen hadt gij ook ruimschoots uw aandeel.  Mag ik u ook vragen in de overige wedstrijden uw luide keel niet te sparen om ons aan te moedigen, wij van onze kant zullen ook ons beste beentje voorzetten ook al gaat alles soms niet naar wens.  Waarde Cerclesupporters, laten wij de handen in elkaar slaan.  Ieder doet zijn best in de mate van het mogelijke en ten slotte zal één zaak vast staan…  WIJ KOMEN ER BESLIST !
Met de beste dank bij voorbaat, G. Bailliu.”


Technische  krabbels…
Cercle  –  Thor Waterschei  5-1


- opkomst : 8.000 toeschouwers.
- terrein : goed.
- weersgesteldheid : koud en overtrokken.
- leiding : ref. Blavier, bevredigend.
- fair-play : correct.
- corners : Cercle 3, Waterschei 5.
- doelpunten : 1’ Bailliu 1-0, 15’ De Caluwé 2-0, 20’ Oversteyns 2-1, 27’ Bailliu 3-1, 44’ De
  Caluwé 4-1, 82’ Bailliu 5-1.
- Cercle : Mortier, Vanderhaegen, Decock, Baas, Wittewrongel, Demey, Notteboom, De

  Caluwé, Bailliu, Michiels, Orlans.
- Waterschei : Loenders, Smeyers, Van Rooy, Meyers, Niessen, Bollen, Sneyers, Schoefs,
  Ritzen, Oversteyns, Hermans.

 

 

Lees meer
Cerle Brugge KSV
SHOT sprak met … Leentje Van Meirhaeghe

SHOT sprak met … Leentje Van Meirhaeghe

Marketing activation manager

“In ’t donkerst van ’t jaar.” Terwijl staf en spelers het balletje lieten rondgaan onder een Spaanse herfstzon, zochten we Leentje Van Meirhaeghe op. Sinds enkele maanden is zij voltijds in dienst van Cercle als ‘marketing activition manager’. Met het Cercle-DNA in de genen activeert ze de groen-zwarte beleving op alle mogelijke fronten. We waren benieuwd en praatten honderduit.

Stel je je even voor Leentje?

Ik ben geboren in Brugge, 33 jaar geleden. Ik groeide op in Damme en liep school te St. Leo in Brugge. Na de middelbare school studeerde ik Lichamelijke Opvoeding te Gent, waarna ik ook een master Sportmanagement voltooide. Ik besloot nog een jaartje in het buitenland te studeren en een extra master ‘Sportsmanagement and the Business of Football’ te doen in Londen. Daar deed ik veel ervaring op bij de grote clubs in Engeland. Bij mijn terugkeer naar België kon ik geen job vinden bij de eersteklassers. Daarom ging ik bij Decathlon aan de slag en werkte voor de winkels van Anderlecht en St. Truiden. Het ging ook overzee voor anderhalf jaar, richting Canada (Ottawa) waar ik voor Decathlon winkels heb geopend.

Lees meer
Cerle Brugge KSV
Cercle en Brugge door de jaren heen… (deel 239)

Cercle en Brugge door de jaren heen… (deel 239)
(periode van 04-11-1961 -> 11-11-1961)

  • Cercle

Cercle had van de komst van Beerschot geprofiteerd om een kostbaar puntje in de wacht te slepen.  Konden de groen-zwarten dit herhalen tegen de rood-witte stadsgenoten van Beerschot ?  Op de negende speeldag kregen ze alvast de kans om, in eigen huis hun puntensaldo wat aan te dikken…

Cercle Brugge – Antwerp F.C. 3-1  -  Geestdrift en strijdvaardigheid aan de basis…

“Zelfs als Cercle met zware cijfers op Olympic, Club Luik en Standard geklopt werd, was de sportpers het eens om te zeggen dat de Brugse nieuwelingen goed en aantrekkelijk voetbal speelden, maar opvallend de nodige kracht, hardheid en snelheid misten om nu reeds in eerste klasse volwaardig te renderen.  In andere woorden gezegd, de groen-zwarten waren te braaf en lieten zich te gemakkelijk maneuvreren door meer geroutineerde en geharde tegenstrevers, die reeds jaren het klappen van de zweep kennen.  En zie, in een paar weken is dit volkomen veranderd.  Cercle, die noodzakelijkerwijze naar het defensieve wapen greep, heeft zowel tegen Beerschot als tegen Antwerp met klank bewezen, wel de onontbeerlijke geestdrift en wilskracht te kunnen opbrengen om voor de broodnodige puntjes te kunnen vechten en dit met een verrassend succes.  Het waren immers in het bijzonder voornoemde factoren die de nochtans fel gehavende Brugse ploeg toegelaten heeft de “mennekens” in bedwang te houden en thans Antwerp haar eerste nederlaag op verplaatsing toe te dienen.  Alhoewel de groen-zwarten op papier geen schijn van kans werd toegekend om de Sinjoren ook maar enigszins te bedreigen, zijn ze er niet alleen in geslaagd door een stevige verdediging de roodbroeken te remmen, maar ook en vooral door hun snedige en geestdriftige uitvallen de Antwerpdefensie uit haar evenwicht te krijgen en tot driemaal toe te verrassen !  Overdreven was dat zelfs niet eens, want met een tikje meer beheersing vanwege Daels en Notteboom waren er beslist nog een paar doelpunten bijgekomen.  Reden om laatstgenoemde Cerclespelers hiervoor een steen te werpen is er echter in geen geval, evenmin als naar Wittevrongel wiens flater het enige doelpunt der gasten meebracht, want allen hebben zich als één man en met ware leeuwenmoed in de harde strijd geworpen.  Deze hebben ze trouwens ruim verdiend tot een goed einde gebracht, hetgeen een juiste beloning was voor hun allesgevend en niet-versagend presteren.  Want aan het verdiende van de lokale overwinning was er niet het minst te tornen daar waar Antwerp voor haar verlies weinig verontschuldigingen kan doen gelden, tenzij het uitvallen van back Adriaensens en vooral het feit dat zij in een slechte dag was…


Technische  krabbels…
Cercle Brugge  -  Antwerp F.C.  3-1


- opkomst : 9.000 toeschouwers.
- terrein : uitstekende staat.
- weersgesteldheid : aanvankelijk betrokken, daarna zon, lichte wind dwars over ’t veld.
- leiding : ref. Casteleyn, bevredigend.
- fair-play : bijna voorbeeldig.
- corners : Cercle 4, Antwerp 6.
- doelpunten : 25’ Daels 1-0, 42’ Notteboom 2-0, 47’ Declers 2-1, 57’ Notteboom 3-1.
- Cercle : Mortier, Serru, Decock, Baas, Wittevrongel, Demey, Notteboom, Daels, Michiels,
  De Caluwé, Orlans.
- Antwerp : Cooremans, Wouters, Adriaensens, Mees, Van Ginderen, Janssens, Beyers, Deckers, Van Gool, Bohez, Reniers.

 

Lees meer