koop tickets online

MS Koningsdam en Cercle

ms Koningsdam en Cercle

Charles Verwaal is “hotel director” op de ms Koningsdam van de “Holland America Line”.  Niet zo maar een “bootje”…  We vertellen er u zodadelijk wat meer over.
Charles is Cerclesupporter sinds zijn aankomst in België zeventien jaar geleden en pikt de thuiswedstrijden van Cercle mee als hij vrij is van zijn werk op het schip.  Bovendien is hij de vader van U16 doelman Tim, die reeds vijf jaar bij Cercle aangesloten is.

In april kocht Charles dertien Cercle-shirts in de shop om het “Koningsdam-team” overal ter wereld in Groen-Zwart te laten aantreden tegen andere teams. 

Op 13 mei ligt het schip een dag in de haven van Zeebrugge en zal een delegatie de groene kant van Jan Breydel bezoeken en ook wel een balletje trappen.

De ms Koningsdam is amper een jaar jong.  Het meet zo’n 300 meter (iets minder dan de lengte van drie voetbalvelden) en is 35 meter breed.
Er is plaats voor 3116 gasten (1331 kajuiten) en kent een bezetting van 1036 bemanningsleden (545 kajuiten).  Het gros van de bemanning staat in voor de gasten als “hotel staff”.  Dit zijn er ongeveer 900 (waarvan o.a. 140 koks voor de zeven restaurants).

(Georges Debacker)

Gerelateerde nieuwsberichten

Cerle Brugge KSV
De Cercle Vrienden organiseren: Barbecue 'Hesp aan 't spit'

Op zondag 18 november organiseren De Cercle Vrienden een barbecue.

Vanaf 12 uur gaat de barbecue aan en wordt er gestart met een aperitiefje. Na het aperitief kan er hesp aan 't spit gegeten worden. Hierbij zitten kroketten + groentjes + sausje en dessert.

Waar: Gemeente Houthulst, Dorpshuis Jonkershove (Mgr. Schottestraat).

De kosten hiervan zijn voor:
Volwassen: €20,-
Kinderen tot 12 jaar: €6,-
Kinderen onder de 6 jaar: Gratis

Inschrijving vooraf noodzakelijk, voor 9 november!

Inschrijven kan bij:
Roland Noyelee: 051 545326
Stefanie Cauwelier: 0478 835702
Walter Deceuninck: 051 544134
Albert Vanacker: 051 544755
Gino Lefevre: 0499 143504
Etienne Syoen: 051 544785
Willy Vanclooster: 051 704325
Franky Lefevere: 0471 611189
Noel Douvere: 0495 801922

Lees meer
Cerle Brugge KSV
SHOT sprak met … Louis-Philippe Depondt

SHOT sprak met …


Louis-Philippe Depondt


Jong bloed. 


SHOT sprak tijdens de winterstop met Louis-Philippe Depondt, de jonge en nieuwbakken communicatie- en persverantwoordelijke bij Cercle. Supporters zo nauw mogelijk aan de Vereniging binden en ‘het merk’ Cercle promoten zijn de groen-zwarte drijfveren van de enthousiaste Torhoutenaar.

Je bent vrij recent bij Cercle aangekomen. Stel je even jezelf voor?

Lees meer
Cerle Brugge KSV
De beloften: Gianni Swennen

Toen in april het behoud en, met de overname door AS Monaco, de toekomst van Cercle Brugge werd veilig gesteld, legde het bestuur jeugdspelers Olivier Deman, Martin Puskas, Charles Vanhoutte, Francis Cathenis en Gianni Swennen voor twee jaar vast. Deze laatste is ondertussen uitgegroeid tot een van de sterkhouders van het U21 team van Jimmy Dewulf en Wouter Artz. 

Gianni, hoe ben je bij Cercle Brugge terechtgekomen?

Ik begon te voetballen in mijn woonplaats Gavere, en daar werd ik op mijn 8ste opgemerkt door de scouts van KMSK Deinze. Toen ik 15 was, werd ik gecontacteerd door Cercle Brugge, met de vraag om te komen testen. Ik trainde vier keer mee, en speelde ook een match tegen OHL. Nadien mocht ik tekenen. Ik kon ook naar KV Oostende en KV Kortrijk, maar de persoonlijke aanpak van hoofdscout Marc Van Opstaele en het feit dat Cercle Brugge een goede naam heeft op vlak van doorstroming van eigen jeugd, gaf voor mij de doorslag om voor Groen-Zwart te kiezen. 

Vanaf toen ging het snel. Je pikte vlot het niveau op, en bleef vooruitgang boeken.

Bij de U16 werd ik halfweg het seizoen doorgeschoven naar de U17. Vorig jaar startte ik opnieuw bij de U17, maar na de winterstop kreeg ik mijn kans bij de junioren. Enkele weken voor het einde van de competitie werd ik door Jimmy Dewulf en toenmalig Algemeen Directeur Eric Deleu uitgenodigd voor een gesprek. Ze vertelden dat Cercle Brugge sterk geloofde in mij, dat het bestuur mij een profcontract aanbood, en dat ik het seizoen daarop voor de beloften mocht uitkomen.

Het werd nog spannend, want KV Oostende wilde jou absoluut aantrekken. 

Dat klopt. Vorig seizoen kwam de Vereniging in woelige wateren terecht. Er was tot in april geen duidelijkheid of Cercle zich kon handhaven in het professioneel voetbal, en zelfs over haar voortbestaan was er twijfel. Niemand kon 100% duidelijkheid verschaffen. Als andere teams dan interesse tonen en blijven aandringen, ga je als speler eens luisteren. Maar uiteindelijk heb ik voor Cercle gekozen, en voorlopig heb ik me dat nog niet beklaagd.

"Hij is een typische centrumspits."

We polsten bij David Carpels, Hoofd Opleiding, en je coach Jimmy Dewulf naar wat voor type speler jij bent. 

(David) Ik heb vorig seizoen Gianni bij de U17 onder mijn hoede gehad. Hij is een typische centrumspits. Gianni is groot en sterk, kan de bal goed afschermen, sluit goed aan en is redelijk snel. Zijn mentaliteit is prima. Hij toont zich leergierig, intelligent en gedreven, pikt dingen snel op en ligt goed in de groep. Gianni was natuurlijk nog geen afgewerkt product toen hij mijn team verliet. Onder andere aan zijn kopspel en kaatsen moest nog geschaafd worden, en bij de beloften zal hij, door het hoger niveau van zijn ploegmaats en tegenstanders, ongetwijfeld met nog meer werkpunten geconfronteerd worden. 

(Jimmy). Ik ga akkoord met wat David zegt. Gianni heeft daarnaast een neus voor doelpunten en in het begin van het seizoen deed hij het net vaak trillen, maar de voorbije weken sputterde het kanon, en sinds een aantal matchen staat hij droog. Je merkt op training dat hij dan wat ambetant loopt. Een aanvaller leeft van doelpunten  en wil het net ruiken. Als dat niet gebeurt weegt dat, hoe goed je voor de rest ook speelt, op je gemoed. 

Wat doe je dan als trainersstaf?

(Jimmy) Het is dan aan Wouter en mij om hem te helpen dit een juiste plaats te geven, en hem te doen blijven geloven in zijn kwaliteiten. Veel schouderklopjes, eens slaan, eens zalven. Op welk niveau hij later ook terechtkomt, hij zal dit nog meemaken en hij moet leren daarmee omgaan. In die omstandigheden mag hij de zaken zeker niet forceren door zich te ver te laten uitzakken naar het middenveld, iets wat van nature sowieso een beetje in zijn spel zit, om de bal te voelen. Dat is weliswaar een normale reactie, maar heeft een averechts effect, want een spits moet fris in de box zitten, en in het geval van Gianni nog meer met het gezicht naar doel. Daarnaast mag hij ook nog wat leper worden. Zowel Wouter Artz als ik waren vroeger verdedigers, en vanuit dat verleden kunnen we hem een aantal leertips meegeven, meestal details, maar op het hoogste niveau, en daar moet hij toch naar streven, maken ze vaak het verschil. We herhalen die dingen voortdurend, en hij houdt daar dan wel rekening mee, maar het is de bedoeling dat dit op een dag volledig uit zichzelf komt.

Gianni, door het zware onweer waarin Cercle Brugge de afgelopen jaren vaak vertoefde, zochten veel getalenteerde jongeren andere oorden op. Het pleit dan ook voor de jeugdwerking dat ondanks die exodus de beloften het klassement in 1B aanvoeren.

Dat klopt en is een bewijs dat er met de jongeren goed gewerkt werd. Sinds de start van de voorbereiding verloren we slechts één keer in 15 matchen. De koppositie willen we niet meer uit handen geven, we gaan dus resoluut voor de titel. Ook de Beker van België leeft in de groep, want je mag daar enkel met U21-spelers voetballen, en dat geeft een eerlijker beeld over het werkelijke niveau van de beloften. We versloegen in die competitie ondertussen KV Oostende en KV Kortrijk, en met wat geluk met de loting kunnen we heel ver geraken. 

"We gaan resoluut voor de titel."

Wat is het geheim van jullie sterke prestaties?

Een goeie sfeer, we hangen sterk aan elkaar - iets waar ook de trainers een groot aandeel in hebben - en een sterke centrale as. Broes Willem en Simon Vandewiele zijn goed uitvoetballende verdedigers, Robbe Decostere recupereert veel ballen op het middenveld, en Olivier Deman en Charles Vanhoutte kunnen individueel het verschil maken. Vooraf vreesden we dat er elke week heel wat spelers van de grote A-kern zouden afzakken, ten koste van onze speelminuten, maar dat valt goed mee. Zeker op mijn positie heb ik niet te klagen. De trainers drukken ons evenwel voortdurend op het hart dat we, als we om die reden eens naast de basisploeg vallen, in de speeltijd die we krijgen, hoe beperkt die ook is, voor ons leven moeten spelen. 

Jij woont in Gavere, en je loopt school in Brugge. Hoe slaag jij erin om het voetbal met je studies succesvol te combineren?

Het is niet altijd gemakkelijk. In elk geval zijn het lange dagen. Ik sta vroeg op om te studeren en neem daarna de trein van 07.15u in Gavere, richting Brugge. Ik volg de richting Marketing en Ondernemen aan het VHSI. Na de lessen en de studie volgt de training, en daarna pendel ik terug naar Gavere en kom ik omstreeks 22.00u thuis aan. Ik zou kunnen op internaat gaan, maar mijn ouders willen nog wat controle over mij houden. Ze zijn bezorgd, willen het beste voor mij, hameren er voortdurend op dat ik mijn diploma moet behalen en moedigen me aan niet op te geven. De combinatie lukt, maar veel tijd voor andere dingen is er niet. Ik moet dus goed plannen en efficiënt en gefocust studeren. 

Daar kunnen we alleen maar bewondering voor hebben. Bedankt voor het interview en een mooi en blessurevrij seizoen toegewenst!

(Diederiek Vermeersch) 

Lees meer
Cerle Brugge KSV
Back in Business

“Alleen de optimisten zullen overleven”, is een toepasselijk spreekwoord.  Toen Cercle enkele weken geleden zeven punten achter holde op Lierse, gaven velen geen cent meer voor Groen-Zwarte kansen op de tweede periodetitel.  
Iemand die zich toen positief opstelde en verklaarde dat alles mogelijk is in 1B, kreeg niet de stempel “positief” maar “naïef” op het voorhoofd gedrukt.  Persoonlijk meegemaakt…

Maar, op een psychologisch moment, net voor de korte winterstop en met de feestdagen in het verschiet, staat Groen-Zwart zowaar reeds tweede in de huidige periode met slechts één puntje achterstand op de Pallieters en, eveneens niet onbelangrijk mocht het uiteindelijk toch niet lukken, derde in de totaalrangschikking met negen punten voor op plaats vijf.

Gezien er nog een onderlinge confrontatie komt met Lierse (thuiswedstrijd op vrijdag 19 januari om 20.30 hr) heeft de ploeg van Frank Vercauteren vanaf heden alles in eigen handen.  Nu komt de periode waarbij een ruime kern van pas kan komen.  Dat alle posities op zijn minst dubbel bezet kunnen worden zal zijn nut hebben bij de ondertussen (gezien het vorderen van de competitie) oplopende gele kaarten en gebeurlijke blessures.  Zo zagen we bv. hoe Hector Rodas (zelf langdurig gekwetst voorheen) Jérémy Taravel prima verving tijdens diens schorsing.  Dat we eindelijk terug over het Monegaskisch talent Cardonna kunnen beschikken na zijn langdurige blessure, heeft een duidelijke invloed op de resultaten.  Ook Gianni Bruno staat terug aan de deur te kloppen.  Daarnaast laten de woorden van trainer Frank Vercauteren in de pers weinig aan de verbeelding over dat er eerstdaags nog gerichte versterking zou komen om het doel te realiseren.

Over pers gesproken.  Het blijft hemeltergend hoe stiefmoederlijk 1B behandeld wordt in de  media.  Ikzelf trok in elk geval reeds mijn conclusies.

Na het feestgedruis staan in de komende twee maanden nog acht “cupfinals” te wachten.  Op zondag 25 februari valt het doek over de reguliere competitie in 1B.  We sluiten thuis af tegen Westerlo.  Vijf van de acht wedstrijden spelen we in “Jan Breydel”.  Het mag dan al putje winter zijn, de vereniging rekent op uw warme steun om het doel, winst van de 2e periode en daarna nog wat meer, te bereiken.  

Eerstvolgende afspraak dus op vrijdag 5 januari met de thuiswedstrijd tegen OHL (20.30 hr).

Leve Cercle!

Georges Debacker
Hoofdredacteur SHOT-online

Lees meer
Cerle Brugge KSV
Tienmaal kampioen.. - Pierre Hanon

Wie kan zeggen dat hij ooit de groen-zwarte kleuren in Cercles fanionelftal verdedigde, verdient lof. Wie ooit het paars-wit bij de eerste ploeg van Anderlecht aantrok, kan terecht iets hoger van de toren blazen. Wie ooit als Rode Duivel de eer van ons land verdedigde, mag er bepaald trots op gaan. Wierook vraagt hij niet, maar Pierre Hanon speelde bij Cercle, bij Anderlecht, werd landskampioen, werd bekerwinnaar zowel op nationaal als op Europees vlak, was een sterkhouder als Rode Duivel. Achtenveertig keren verdedigde Pierre ons nationaal elftal, maar het merkwaardigste getal dat hem siert, is …  tien.  Niet één speler in onze hoogste nationale afdeling behaalde  er meer keren dan hij de hoogste titel: tienmaal werd hij kampioen in onze eerste nationale! 

Op 1 juli 1970 werd je officieel  aangesloten bij Cercle, maar jou interviewen, Pierre, kan onmogelijk starten bij 1970. Daar ging al te veel aan vooraf…

Klopt, je moet zelfs niet lang na mijn geboorte, in Anderlecht, eind 1936, van start gaan. Ik was pas drie of vier jaar toen mijn vader, die een café openhield, tegen zijn klanten zei: “Gaan jullie wat opzij zitten, want de kleine moet hier voetballen.” Zeven jaar oud trok ik naar een groot veld waar we tegen elkaar voetbalden met vijftig tegen vijftig, als het niet met honderd tegen honderd was! Als doel zetten we palen in de grond, en het was niet te verwonderen dat het mensen van Anderlecht opviel dat ik een goed schot had, want ik schoot de palen omver.  Ik tekende een aansluiting bij paars-wit, speelde erbij voordat ik tien was en nooit heb ik bij een jeugdploeg van mijn leeftijd gespeeld, altijd hoger. Wat ik me bijzonder goed herinner, is dat de voorzitter van Anderlecht in ons café kwam en tegen vader en moeder zei: “Als díe niet in ons eerste elftal komt, dan komt er nooit iemand in!”

Ik dacht dat je zou beginnen bij Jef Mermans, Arsène Vaillant, Rie Meert, want althans mijn verste herinneringen aan paars-wit gaan terug tot deze Anderlechtpioniers. Misschien noem ik ze ten onrechte ‘pioniers’, maar vóór hun generatie, voor de Tweede Wereldoorlog, speelde Anderlecht nooit kampioen. Nu is paars-wit al aan dertig kampioenentitels toe!

Ik was tien jaar toen mijn favorieten hun eerste nationale titel binnenhaalden. Dat was in 1947. Zelf kwam ik in het eerste elftal toen ik bijna achttien was, in 1954-’55. We verloren thuis tegen Sporting Charleroi met 0-1, maar dat belette niet dat Anderlecht dan al voor de zesde keer kampioen werd. Toen ik in ’70 naar Cercle vertrok, kon ik bogen op iets dat door geen enkele speler overtroffen is: tienmaal kampioen van België! Onze beste reeks zetten we neer van 1964 tot ’68, met vijf kampioenentitels na elkaar. Het was heerlijk, te meer nog daar ons elftal enkel en alleen uit Belgen bestond. Om even terug te komen op de drie spelers die je daarnet vernoemde: met elk van hen heb ik samen in onze fanionploeg gespeeld, zij het slechts enkele keren. Bovendien was het Jef Mermans die mij leiding gaf en mij ons eerste elftal binnenloodste.

"Mijn beste tegenstander ooit?  Pélé!"

Wil  je voor onze lezers  een ruikertje plukken van je meest memorabele herinneringen aan spelers en wedstrijden van vóór je Cercletijd?

Aan de spits van mijn medespelers staan Pol Van Himst en Jef Jurion, samen met een verdediger zoals ik er nooit, zelfs wereldwijd, een betere heb gekend. Ook al is het wel voorgekomen dat zijn speelsheid ons een puntje kostte, een sterker verdedigende spektakelman dan hij, kwam ik nergens tegen. Zijn naam: Laurent Verbiest. Mijn beste tegenstander ooit: Pélé, tegen wie ik drie of vier keer uitkwam. Mijn mooiste herinnering bij de nationale ploeg: 5-1 winst tegen Brazilië, met drie doelpunten van Jackie Stockman. We hebben daar Brazilië zozeer van het veld gespeeld dat ze ons direct na de match al uitnodigden om hun het volgende jaar repliek te gaan geven op eigen bodem. Minstens de helft van onze spelers waren zo vooruitziende dat ze bedankten voor die return, en, jawel, we kregen er dan ook een 5-0 rammeling. Twintig minuten voor het einde was het nog maar 1-0, maar wegens ademhalingsproblemen bij dat vochtige, warme klimaat, stuikten we ten slotte helemaal in elkaar. Op Europees vlak is vooral de uitschakeling van Real Madrid met 1-0 op de Heizel onvergetelijk voor mij, met een doelpunt van Jef Jurion.

Halfweg 1970 trek jij naar Cercle Brugge. Hoe komt een voetbalmonument als Pierre Hanon ertoe, hoewel nog duidelijk ver af van zijn laatste voetbaladem, naar een matige tweedeklasser te trekken die drie jaar voordien nog in de derde klasse uitkwam?

Als ik naar Cercle gekomen ben, was dat niet negentig of negenennegentig maar honderd procent dankzij en voor Urbain Braems. Ik kon onder meer ook naar Club Mechelen, maar het was me duidelijk dat Urbain mij zeer hoog inschatte en hij overtuigde me dat hij mij echt van doen had. Ik kan niet omschrijven wat die overgang voor mij betekende. In het begin had ik het zéér, zéér moeilijk. Het verschil met Anderlecht was enorm. Ik was gewoon voor 30.000 mensen te spelen, kwam nu uit in het armzalige Edgard De Smedt-stadionneke voor een publiek tienmaal minder in aantal.Ook tijdens de week treinde ik ernaartoe voor avondtrainingen. Neen, je begrijpt het niet als je niet ervaren hebt hoe ánders het er bij  Anderlecht aan toe ging, bij Anderlecht met zijn perfecte accommodatie en materiaalvoorziening.  Dat alles terzijde gelaten waren er toch twee dingen die mijn motivatie hooghielden: ik wilde  hoe dan ook aan iedereen bewijzen dat ik het nog kon, en vooral, ik ben nooit, nooit in mijn leven zulke charmante, zulke vriendelijke mensen tegengekomen als bij Cercle. Niet alleen maar toch in het bijzonder denk ik hierbij aan Gerard Versyp, aan Johan Versyp en aan Lucien Hautekiet.

"Ik ben nooit in mijn leven zulke charmante, vriendelijke mensen tegengekomen als bij Cercle."

En het ging goed bij Cercle! Zeer goed zelfs, aanvankelijk. Tijdens je eerste Cerclejaar al werd Groen-Zwart kampioen en promoveerde dus naar eerste. Ik kan niet voorkomen dat er hierbij toch een vraagje bij me opkomt. Na je unieke carrière bij Anderlecht  daal je af naar een tweedeklasser en direct promoveer je met dat ‘ploegje’ naar de reeks waaruit je weggestapt bent. Was je écht gelukkig met die gang van zaken? Kon  je met hart en ziel opnieuw naar eerste gaan – met Cercle…?

Oh, ja. Met Cercle kampioen spelen in tweede deed me evenveel plezier als kampioen worden in eerste. Zie je, als je een contract afsluit, dan moet je het respecteren. Je moet er volop achter staan, en dan besef je: “Nu speel ik met die ploeg, en net als vroeger komt het erop aan te winnen.” Lukt dat, dan heb je er evenveel plezier aan als iemand die al twintig jaar voor die ploeg speelt.

Het jaar daarop deed Cercle het lang niet onaardig in eerste. Groen-Zwart was vierde halfweg, eindigde als vijfde op één plaats van een Uefa-ticket.

Het begon al fantastisch. De eerste wedstrijd was thuis tegen … Anderlecht! We wonnen met 2-0. ‘k Weet niet of je dat kunt begrijpen, maar hoewel ook dan nog mijn hart voor Anderlecht klopte, was het Cerclegevoel dat mij toen aangreep, overweldigend. Een misschien vergelijkbaar gevoel doorstroomde mij ook bij onze zesde match. We staan 1-0 achter op het veld van Club. Ik pegel een vrije schop van op vijfentwintig meter keihard tegen het net van ex-Cercledoelman Sanders. Wie het gezien heeft, herinnert het zich, ongetwijfeld.  Carlos Desteur lepelde de bal van heel dichtbij op mijn voet, en … raak! Het was een enig mooi doelpunt, maar geen toevalstreffer. Week op week hadden we bij elke training dat nummertje ingeoefend. Zo haalden we 1-1 op Club, en niet veel later lukte het op Club Luik nog eens op die manier te scoren. Nogal wat ploegen hebben het nummertje nadien uitgeprobeerd, maar toch was het vrij vlug op geen enkel veld meer te zien. Was het geen toevalstreffer, efficiënt was het evenmin. Zelf kreeg ik op die manier tijdens de oefeningen gemiddeld zes keren op de tien de bal tussen de palen, maar het scorepercentage was toch wel aan de zeer lage kant. 

"Mijn hart klopte voor Anderlecht, maar het Cerclegevoel greep me toen aan."

Cercle eindigde het volgende seizoen, 1972-73, slechts als elfde. In het feestboek van Roland Podevijn bij Cercles negentigste bestaansjaar wordt dat onder meer toegeschreven aan langdurige kwetsuren, aan schorsingen en aan “wrijvingen met het bestuur (Pierre Hanon)”.  Was het juist geweest indien er niet had gestaan “wrijvingen met het bestuur”, maar “wrijvingen met trainer Grijzenhout”?

Wat je suggereert, klopt helemaal. Niet met het bestuur had ik problemen, enkel en alleen met de nieuwe trainer. Urbain Braems was, helaas, naar Antwerp vertrokken – helaas, want het ging mij onder Urbain zo goed dat ik onder hem misschien wel tot mijn veertigste in eerste klasse had kunnen meedraaien.Graag had hij mij meegenomen, maar mijn contract liep nog één jaar door, en daar hield ik mij aan. Ik moet het niet onder stoelen of banken steken, met de nieuwe trainer, met Han Grijzenhout, heeft het nooit geklikt. Het nam zulke proporties aan dat ik het na enkele maanden niet meer zag zitten. Gelukkiglijk had Cercles bestuur dan het begrip voor mij dat bij Grijzenhout ontbrak.

Het is niet als een stoute vraag bedoeld, Pierre, maar, ja, wat wil je, wij zijn allemaal mensen onderhevig aan psychologische wetmatigheden die ook wel de volgende vraag rechtvaardigen: Kan het bij jou een rol gespeeld hebben dat Grijzenhout als trainer een groentje was en jij als speler een doorgewinterde ex-topvoetballer?

Ik denk inderdaad dat dit heeft meegespeeld.Maar dat neemt niet weg dat Grijzenhout geen greintje respect voor mij opbracht, noch voor mij als persoon, noch voor mij in mijn specifieke situatie. De meeste Cerclespelers waren twintigers.  Ik was 35 jaar.  Ik had een schoolgaande zoon. Als die de vorige twee jaren in juli met vakantie was en de voetbaltrainingen herbegonnen, bezorgde Urbain mij een trainingsschema zodat ik een halve maand van een familiale vakantie kon genieten en daarna toch topfit op de trainingen verscheen. Geen sprake van zo’n situatiebegrip bij Grijzenhout. Integendeel, voortdurend behandelde hij mij alsof ik een spelertje was dat uit Bevordering kwam. Neen, ik heb nooit beweerd dat Grijzenhout op het vlak van het voetbalspelletje op zich geen bekwame trainer was, maar daar waar ik zeer bewust niet boven mijn medespelers uitkraaide, daar waar ik van meet af aan goed in de groep geïntegreerd was, daar waar jongens als John Bogaert, Julien Verriest en Franky Simon bereid waren  voor mij door het vuur te gaan, daar ontbrak het Grijzenhout aan elementair respect voor mij. Overigens: ik geef toe dat mijn houding tegenover Grijzenhout onbewust kan beïnvloed geweest zijn doordat ik bovenaan een heuvel stond en hij onderaan, maar is het niet evengoed mogelijk dat zijn houding tegenover mij voor een stuk juist te verklaren is door zíjn positie daar onderaan?

In overleg met het Cerclebestuur deed jij je derde jaar niet uit en daarna trok je naar Bergen.  Met succes? En wat deed je na Bergen?

Succes? Jawel, want we speelden kampioen in derde en promoveerden dus naar tweede. Ik begon als speler-trainer, maar vond het na een tijdje beter niet meer zelf mee te spelen. Maar, maar, maar … Zie, ik ben geen Vlaming, ik ben geen Waal, ik ben een Brusselaar en ik ben een Belg, maar als wat ik in Brugge en in Bergen heb meegemaakt typisch is voor Vlaanderen en Wallonië, dan is het met de Walen erg gesteld. Cercle was kleinschalig, maar alles was er altijd proper en in orde. Als ik in Bergen twee maanden na de kampioenenviering in de kleedkamers terugkwam, waren die nog altijd dezelfde varkensstallen als direct na die viering.  Mij gaat dat niet, zo’n gebrek aan orde, aan discipline, aan voornaamheid – ik kan er niet tegen. Lang heb ik het dan ook niet uitgehouden in Bergen. Daarna ben ik nog ruim tien jaar jeugdtrainer geweest bij Anderlecht, tot trainer Peruzovic mij voorstelde om de scouting voor de eerste ploeg op mij te nemen. Dat ik dit mocht doen, is voor mij een onvoorstelbare zegen geweest. Het werd het begin van een nieuw, een prachtig hoofdstuk in mijn leven.

Een nieuw, prachtig hoofdstuk in je leven?

Wat ging eraan vooraf? Het voetbal heeft mij eerst en vooral veel plezier bijgebracht.  Nu nog herhaalt mijn vrouw het dikwijls: “Je hebt in je leven geluk gehad. Je hebt kunnen doen wat je graag deed en je bent daar totaal in geslaagd.” Ten tweede heb ik dankzij het voetbal veel mensen leren kennen en veel interessante relaties aangeknoopt. En ten derde dank ik aan Koning Voetbal dat ik goed mijn brood heb verdiend, zozeer zelfs dat ik nu, inderdaad, na mijn voetbalcarrière een prachtig hoofdstuk aan mijn leven kan toevoegen. Het begon als scout bij Anderlecht. Als scout heb ik heel Europa doorgereisd. Dat reizen intrigeerde me zozeer dat ik intussen bijna heel de wereld heb gezien. Reizen is voor mijn vrouw en mezelf, ook nu nog, een festijn. Maanden lang bereid ik onze reizen voor, ter plekke weet ik altijd heel goed wat er het bezoeken waard is, en na elke reis vergt ook het vereeuwigen ervan weken, zo niet maanden tijd. Het bewerken van beeld, klank en kleur, zeg maar, het opmaken van hele filmreportages, vind ik meeslepend en verrijkend. Bijna, bijna geniet ik zoveel van mijn reizen als van het voetballen voordien. En dat is véél gezegd!

U las het al, lezer, Pierre Hanon vraagt geen wierook. Maar het minste dat gezegd kan worden is dat hij een sterke persoonlijkheid is. Hij is zichzelf en hij weet wie hij is. Hij is zich bewust van het toch wel uitzonderlijke dat hij als voetballer gepresteerd heeft. Als er iets is dat hij in zijn omgang met zijn medemensen vereist - en já, dat ís er! -  dan is het  ‘respect’. Wederzijds respect, respectvol benaderd worden en ontvangen respect met respect beantwoorden, bepaalt Pierres levenswijze en –filosofie overduidelijk. Als een vriendelijke, kordate gentleman, die ‘oude waarden’ als voornaamheid,  betrouwbaarheid, zorgvuldigheid, netheid en vooral respect hoog in het vaandel draagt, zal ik me hem blijven herinneren. Toen Pierre gevraagd werd om voor Shot geïnterviewd te worden, antwoordde hij: “Ja, voor Cercle wil ik dat graag doen” (en ook dan zei  hij, letterlijk, dat hij nooit charmantere mensen dan bij Cercle heeft ontmoet). Ik heb het  hem niet gevraagd, lezer, maar ik kan me moeilijk voorstellen dat hij er ook toe bereid  was geweest een interview toe te staan voor de supporters van RAEC Mons. 

(Georges Volckaert)

Lees meer