koop tickets online

Praatje met de trainer - Laurent Guyot

We zijn tevreden, nu “SHOT-online” terug op dreef geraakt, u nog eens een trainersinterview te kunnen aanbieden.  Onze vorige trainer, Frank Vercauteren, wou destijds geen niet-wedstrijd gerelateerde interviews geven aan de pers.  Ook niet aan de eigen media.
Met Laurent Guyot ontmoetten we net voor de vrijdagnamiddagtraining, anderhalve dag voor de wedstrijd tegen Anderlecht, een aimabele gesprekspartner.

"Ik ben heel gelukkig hier te zijn"

 

Coach, goed twee weken geleden waren we halfweg de reguliere competitie.  19 van de beoogde 30 punten waren binnen.  Een tevreden man?

De week er op hadden we er zelfs reeds 22!  Onze eerste objectief was 30 punten behalen.  Als we de resultaten van de vorige jaren in de Jupiler League bekijken, komt het er op neer dat als je een gemiddelde haalt van één punt per wedstrijd, je niet in de problemen komt.  Voor twee jaar was 23 punten voldoende, vorig jaar 27 (als je een positief doelpuntensaldo had).  Gemiddeld één punt per match is ook makkelijk om op te volgen.

Cerle Brugge KSV

We keerden dus met 19 punten en ik sprak de spelers toe dat ons objectief verder een gemiddelde van één punt per wedstrijd is. We zijn drie wedstrijden ver in de terugronde en door de winst op Genk halen we actueel die doelstelling.  We staan bijgevolg in totaal nog wat voor op schema, maar we kunnen niet ontkennen dat we wat moeilijkheden kennen als we tegen grote ploegen spelen.

Na de wedstrijd op Genk begon er reeds een aantal supporters te zweven en keken niet meer achteruit maar ook naar boven.

Dat is normaal.  Alle supporters of mensen die hun ploeg steunen denken zo.  Als coach moet je je echter bewust zijn van de mogelijkheden van je groep.  Als je de lat hoger legt moet je er zeker van zijn dat je team het aankan.  Zeggen is één zaak, het doen een ander paar mouwen.  Als ik aan de supporterrs verkondig “ja, we zullen vechten voor PO1” zullen ze me mogelijks zelfs niet geloven.  Ook Mr Bölöni hield na de wedstrijd tegen ons die boot af bij de persconferentie.

Cerle Brugge KSV

In één week tijd krijgen we hier Antwerp en Anderlecht over de vloer.  Misschien is door de spelwijze van Antwerp Anderlecht misschien een “gemakkelijker” tegenstrever?

Neen, neen.  Het is anders, maar niet gemakkelijker! Wij gaan die wedstrijd voorbereiden zoals elke andere en ook zoals gewoonlijk het beste van onszelf geven.  Misschien zorgen we voor “un exploit” (exploot) , zoals we dit op Genk gedaan hebben.  Als je het woord “exploit” uitspreekt dan kijk je ook naar de letterlijke betekenis van het woord en besef je dat dit niet voor elk weekend is…
We zullen het beste van onszelf geven en dan zien we wel wat het resultaat weze.

Als het tot een “exploit” komt, dan zal je een mooie verjaardag kennen maandag aanstaande?

(kijkt verrast) Dat zou inderdaad mooi zijn.  Anderzijds is die verjaardag niet direct om te vieren, want ik nader de vijftig…  Vanaf nu is elke verjaardag minder en minder aangenaam (lachend).  Het is vriendelijk dit op te merken.  Een overwinning tegen Anderlecht en maandag ontwaken met 25 punten zou inderdaad het mooiste verjaardagsgeschenk zijn dat ik me kan indenken.

Soms klinkt het op de tribunes dat je het te voorzichtig aanpakt.

Bij aanvang van het seizoen kwamen mensen me feliciteren met de aanpak.  Wat met het effectief waar we over beschikken en wat kunnen we er mee bereiken?  Wat is voorzichtig spelen en wat is niet voorzichtig spelen?  Mijn job is iets op poten te zetten voor de vereniging en de spelers om punten te pakken.  Als we pakweg de laatste wedstrijd tegen Antwerp nemen: Cardona, Bongiovanni, Gakpé, Hazard, Mercier.  Vijf spelers die zeer offensief spelen.  Onze ploeg is echter actueel, door de blessures, defensief niet zo solied. 
Elk heeft natuurlijk zijn mening.  In het begin van het seizoen vond men het goed.  Vanzelfsprekend, want we wonnen veel.  Ik probeer zo efficiënt mogelijk te laten spelen.  Mocht het meest efficiënte zijn om met acht aanvallers te spelen, ik zou het doen…

Cerle Brugge KSV

Laat ons ook nog even uw “vorig leven” als voetballer in beschouwing nemen.  Zowat 300 wedstrijden in Ligue 1 & 2.  Niet mis.

In 1978 tot 1985 trad ik aan bij de jeugd van FC Nantes.  Daarna maakte ik deel uit van de A-ploeg en speelde 191 wedstrijden als centraal verdediger.  In 1998 ging het richting Toulouse en de drie volgende seizoenen bij Guingamp.  In 2002 stopte mijn actieve carrière als speler.
Ik moet zeggen dat ik er fier op ben.  Het is een carrière van veertien jaar.  Gezien mijn capaciteiten is het een mooie, terechte loopbaan.  Ik heb geen uitzonderlijke dingen gedaan, maar 300 wedstrijden op dat niveau is inderdaad niet mis.  Het maakte mijn lichaam sterker en het heeft mijn liefde voor voetbal versterkt.  Dit gaf me ook de goesting om het verder waar te maken als trainer.

Je behaalde in het eerste decennium van deze eeuw dan ook de nodige diploma’s?

Nadat ik stopte met voetballen, werkte ik in het centre de formation van Nantes.  In 2005 behaalde ik de “Youth pro license” en in 2008 de “Professional coaching license”.  Van 2005-2009 trainde ik verder de jeugd van Nantes.

In 2009 volgde je eerste opdracht als T1?

Ik ging als 39-jarige aan de slag bij US Boulogne, net gepromoveerd naar Ligue 1.  Ik bleef er tot december 2010.  De volgende twee seizoenen had ik CD Sedan onder mijn hoede.  Het eerste seizoen eindigden we 4e, het seizoen er na voorlaatste…  De voorzitter had immers ondertussen de volledige basisploeg verkocht.  Beeld je in,  pakweg je twaalf beste spelers!  De ploeg ging daarna ook in faling.

Daarna was het opnieuw “jeugdgericht”?

Van 2013 tot 2015 stond ik in voor de Franse nationale ploeg U16 en U17.  Daar had ik o.a. Arnaud Lusamba, Guévin Tormin en Nabil Alioui onder mijn hoede.

Cerle Brugge KSV

Hoe kwam je er toe te verkassen naar Canada (Toronto FC)?

Ik had er persoonlijk zin in om een ander land, een andere cultuur te ontdekken. Ik kijk er tevreden op terug. Ik hield ook van de mentaliteit. Om uit Toronto te vertrekken moest er zich een aanbod voordoen die me zowel sportief als qua perspectief motiveerde. Zoals je weet kwam dat er via Monaco. Ik vind dit project zeer interessant. Het is niet gemakkelijk, maar net dat maakt het interessant. Een ploeg die net naar 1A promoveert, er komen jongeren van Monaco met de bedoeling die beter te maken, gelijktijdig ervaren spelers opsporen om die jongeren te omkaderen, enz… Al bij al niet gemakkelijk want de Jupiler Pro League is veeleisend. Ik ben wel heel tevreden hier te zijn. Ik hou van de stad en van mijn werk hier.

Het heropbouwen van de vereniging, stap per stap, is verheugend om te zien.  Men mag niet vergeten dat pakweg achttien maanden geleden Cercle bijna niet meer bestond.  d’ Accord?  (ondergetekende knikt).  Er was ontgoocheling dat we verloren tegen Antwerp, maar men vergeet waar we achttien maand geleden stonden (maakt een vergelijkende beweging met gespreide armen van de vloer tot het plafond). We hebben inderdaad twee opeenvolgende wedstrijden verloren en krijgen er nog een zware op het bord zondag.  Men mag echter niet vergeten van waar we komen.  We staan ondertussen veel verder, dat mag men niet uit het oog verliezen. Ik ben hier om te bouwen en ik doe dat met veel plezier.

Is het niet vervelend voor u dat men u steeds de stempel van opleidingscoach opdrukt?

Ik heb daar geen probleem mee.  Ik ben er inderdaad om de jongeren op te leiden en te verbeteren, dat is zeker.  Maar, als Monaco me contacteerde was het eerste wat ze zegden: de prioriteit van de prioriteiten is dat deze club, sorry Cercle, voor jaren in 1A blijft.  Dat is dus duidelijk!
Beetje per beetje maken we er ook betere spelers van.  Een situatie waar ook Cercle alleen maar beter van wordt.  Dat doet men echter niet met een vingerknip (die hij letterlijk uitvoerde).  We hebben jongere spelers die nu de “ervaring” hebben van tien wedstrijden in 1A en hebben rijpere spelers, ongeveer dertigers,  zoals Lambot, Mercier en Taravel, maar waarvan de twee eerste weinig ervaring hebben in 1A.  We hebben een ploeg die op hoger niveau speelt maar zonder ervaring op dat niveau.  Om ervaring op te doen zijn er geen geheimen; je moet veel wedstrijden spelen.  Zoals we eerder aanhaalden, ik heb ervaring in de Ligue 1 in Frankrijk omdat ik er zowat 300 wedstrijden speelde.  Speelde ik er slechts twintig, wel, dan had ik geen ervaring.

Cerle Brugge KSV

Ik merk op dat tijdens interviews of persconferenties u steeds kalm blijft. De gentleman…

Er is een uitdrukking in Noord Amerika waarvan ik hou: “not to high and not to low”.  Het voetbal is wat het is.  Ik bekritiseer het niet, maar in het voetbal is het soms extreem.  Als je wint is het goed, als je verliest is het een catastrofe.  Je moet de trainer buiten smijten, spelers vervangen, enz…  “Le construction c’est dans le temps”(vrij vertaald: opbouwen doe je in de tijd).  Soms ben ik ook wel eens in “colleire”.  Zoals recent tegen Antwerp.  Ik kijk daarbij niet naar de scheidsrechter, want die heeft het steeds moeilijk.

Ik kijk dan wel in de richting van de VAR.  Die strafschop mocht er nooit komen, want er was duidelijk voorafgaand buitenspel en de bal van Etienne werd door Jelle Van Damme ruim achter de lijn weggewerkt.  Op de scheidsrechters geef ik niet af.  Die mensen hebben het niet steeds gemakkelijk.  Ik ga er tevens van uit dat ze eerlijk zijn.  Maar als je drie mensen hebt die op hun gemak in een busje zitten en op hun TV-schermen zo een flagrante zaken niet zien en bijgevolg niet melden… ?!? Ze zijn er om de scheidsrechter te helpen! Mogelijks zouden we mits een correcte ingreep van de VAR ook de wedstrijd verloren hebben, maar is die strafschop er niet, dan was het op dat ogenblik nog steeds 0-0!

Een slotvraagje dat wellicht op de lippen van de supporters ligt: als het van de trainer afhangt, mogen we wintertransfers verwachten?

Er bestaat een mogelijkheid.  Dan zal dit wel in het kader zijn van eventuele vertrekkers.  In elk geval niet grootschalig.

(Georges Debacker)

Gerelateerde nieuwsberichten

Cerle Brugge KSV
De beloften: Olivier Deman

Op 21 augustus start de competitie voor de beloften, met een wedstrijd op SK Lierse. Het team van Jimmy Dewulf en Wouter Artz heeft een uitstekende voorbereiding achter de rug met 7 zeges en 1 gelijkspel en in de Beker van België nam het in de eerste ronde de maat van KV Oostende. Een van de nieuwe gezichten bij de U21 is Olivier Deman. Olivier is 17 jaar oud, student Marketing & ondernemen aan het VHSI en tekende in mei een contract voor twee jaar bij Cercle Brugge. 

Olivier, hoe verliep je voetballoopbaan tot dusver?

Ik zette mijn eerste voetbalstapjes bij FC Knokke. Toen ik 7 jaar oud was, merkten de jeugdscouts van Cercle Brugge mij op, en tekende ik bij Groen-Zwart. Dominic Janssens (huidige coach U19, n.v.d.r.) en Preben Verbandt waren mijn eerste trainers. Ik heb goede herinneringen aan hen en aan die periode, maar toch gingen mijn ouders en ik na drie jaar in op een voorstel van Club Brugge. Als klein kind kijk je op naar de grote buur, en ik wilde ervaren  of ik het niveau daar aankon. 

Bleek je beslissing om te vertrekken uiteindelijk een goede keuze?

In het begin had ik het bij Club Brugge naar mijn zin, maar naderhand verloor ik er mijn voetbalplezier. Ik kreeg voldoende speelgelegenheid en mocht elk jaar blijven, maar na de U14 vroeg ik Cercle of ik mocht terugkeren. Club heeft zeker een goede en professionele opleiding, met een heel ruime omkadering, maar ik miste de gemoedelijkheid en mijn vrienden.

Vanaf dat moment ging het crescendo voor jou.

Niet onmiddellijk. De start bij de U15 was eerder moeizaam, omdat het niet goed klikte tussen het team en de trainer, maar halfweg het seizoen kwam er een nieuwe coach, en vanaf toen begon alles te draaien. We hingen als groep sterk aan elkaar en de prestaties waren heel degelijk. Bij de U16  onder Wouter Artz kreeg ik mijn groeispurt en boekte ik veel progressie.  Vorig seizoen zette ik bij de U17 die lijn verder en werd daarom, halfweg het jaar, doorgeschoven naar de U19. 

In april kreeg je vervolgens heel mooi nieuws.

Inderdaad. Mijn ouders en ik werden uitgenodigd door Eric Deleu, op dat moment Algemeen Directeur van Cercle Brugge. Ik mocht samen met enkele leeftijdsgenoten (Gianni Swennen, Martin Puskas, Charles Vanhoutte en Francis Cathenis, n.v.d.r.) een contract tekenen dat me minstens twee jaar bindt aan Cercle. Dat was een voetbaldroom die uitkwam.

"Collectief zijn we heel sterk."

We vroegen aan David Carpels en Jimmy Dewulf welk beeld zij van jou als speler hebben en waar voor hen  jouw progressiemogelijkheden liggen.

(David) De groeispurt van Olivier begon wat later dan bij de meeste andere spelers, waardoor hij er in zijn teams aanvankelijk niet bovenuitstak. Bij de U16 en U17 ontpopte hij zich echter tot de sterkhouder van de ploeg. In een 4-3-3 zie ik hem het best tot zijn recht komen als infiltrerende middenvelder, en in een 4-4-2 is de rol van de schaduwspits hem evenzeer op het lijf geschreven. Een spelverdeler zie ik niet in hem. Olivier zoekt graag de ruimtes op en vindt die ook. Hij is linksvoetig, bezit een goede trap en scorend vermogen en is technisch sterk en balvast. Op vlak van mentaliteit toont hij zich gedreven, ambitieus, kritisch en soms veeleisend voor zijn medespelers, maar tegelijk is hij ook heel coachbaar. Mijns inziens moet hij met het oog op de toekomst vooral werken op explosiviteit en kracht. 

(Jimmy) Bij mij is de concurrentie centraal op het middenveld heel groot, dus speelt Olivier voorlopig vooral als linksbuiten. Ik ben altijd voorzichtig met het strooien van lof. Dat Olivier getalenteerd is, daar kun je natuurlijk niet omheen, maar hij moet zeker nog stappen zetten. Het is goed dat hij doorgeschoven is naar de U21, waar hij op betere en fysisch sterkere spelers zal botsen en waar alles sneller gaat. Op talent alleen zal hij nu niet langer kunnen teren. Olivier moet iets soberder leren spelen. Hij heeft een leuke actie in de voeten, maar het vervolg loopt soms mis. Iemand passeren moet rendement opleveren, anders heeft het weinig zin. Mijn spelers hebben een taakgerichte vrijheid, d.w.z. binnen de grenzen van wat ik van hen verwacht, stimuleer ik hen om zelf oplossingen te vinden. Olivier is de benjamin van de ploeg, dus hij heeft zeker nog voldoende tijd om met het oog op een eventuele profloopbaan de hiervoor broodnodige stappen te zetten. 

Olivier, kan je je in deze woorden van David en Jimmy terugvinden?

Het klopt dat mijn snelheid in de eerste meters omhoog moet en ook de efficiëntie in mijn acties is voor verbetering vatbaar. Bij de beloften word ik mentaal sterker. Mijn ploegmaats zijn immers ouder en sparen me verbaal niet als ik in oude gewoonten herval.

Cercle Brugge heeft een brede A-kern. Vrezen jullie niet dat dit een impact kan hebben op het U21 team?

In zekere zin wel. De spelers van de A-kern die in het weekend niet spelen zullen ritme moeten opdoen bij de beloften, en dit zal ten koste gaan van onze speelminuten. Aan de andere kant spelen we reeds bij de B-ploeg, we moeten met deze situatie en eventuele tegenslag kunnen omgaan, en ons in de speeltijd die we krijgen, zelfs als die beperkt is, voor de volle 100% trachten te bewijzen. Ik heb de indruk dat Monaco ook wel oog heeft voor de jeugd van Cercle Brugge: eind augustus mogen we in en o.a. tegen Monaco een tornooi spelen met de U19. Ik mag ook meegaan, en dat is toch iets waar ik enorm naar uitkijk. 

"In de competitie willen we zo lang mogelijk meestrijden voor de titel."

Misschien zorgen goede prestaties van de eerste ploeg, dankzij Monaco, ook voor een betere kwaliteit van de jeugdwerking in het algemeen?

Vorig jaar heerste er lang onzekerheid over de situatie van Cercle Brugge. Een eventuele degradatie zou grote gevolgen gehad hebben op de jeugd die niet langer op het hoogste niveau zou uitkomen. Veel jongeren kozen eieren voor hun geld, en verkasten naar KV Oostende of Zulte-Waregem, wat leidde tot kwaliteitsverlies bij sommige ploegen. Als de eerste ploeg het dit seizoen goed doet, en daar heeft het alle schijn van, dan gaan de jeugdteams automatisch hun beste spelers kunnen houden en zullen talenten gemakkelijker kunnen aangetrokken worden.

Wat zijn de ambities van jouw team dit seizoen?

Collectief zijn we heel sterk, met een paar spelers die individueel het verschil kunnen maken. Ik denk hierbij in het bijzonder aan Charles Vanhoutte, die een zeer balvaste box to box speler is, met een goede pass in de voeten, en die zelden balverlies lijdt. In de competitie willen we zo lang mogelijk meestrijden voor de titel, ik denk dat we daar de ploeg voor hebben, en ook de Beker van België leeft in onze groep.

Bedankt voor het interview en we wensen jou in de eerste plaats een blessurevrijseizoen toe.

(D. Vermeersch)

Lees meer
Cerle Brugge KSV
Laatste koploper van heerlijke reeks? Frederik Boi

Frederik Boi weet wat waardering verdient, en wat niet.  Van statistieken houdt hij niet.  Zozeer is hij ervan doordrongen dat voetbal een teamgebeuren is dat hij lijsten van top-schutters en meeste assists eerder als een bekoring tot individualisme beschouwt dan als een uitdrukking van verdienste.  Al staat hijzelf er niet bij stil, zijn naam prijkt bovenaan een heerlijke, statistische weergave. Vragen we ons af welke Cerclespeler voorlopig de laatste is die meer dan driehonderd keren in een officiële match de Groen-Zwarte kleuren verdedigde, dan is ‘Fré’ het antwoord. Met 325 wedstrijden nam hij die koppositie in na zijn laatste Cerclematch in april 2014.  Daarmee verdrong hij na bijna drie jaar Denis Viane van die plaats, die op niet minder dan 383 beurten kan bogen.  En wie zal Fré opvolgen?  Bij het zo veranderde voetballandschap, is de kans op een opvolger wel flinterdun.

Fré, het vorige retro-interview vond plaats in Stekene ten huize van Anthony Portier, nu zitten we hier in jouw huis in Sint-Andries, rechtover de Olympiaterreinen.  Jij en Anthony komen om dezelfde reden aan de beurt: je beëindigt een lange, in hoge mate Zwart-Groen gekleurde, voetbalcarrière.   Anthony houdt ermee op wegens knieletsels, tijdwinst voor zijn gezin en omdat het plezier aan het spel er niet meer is.  En jij, waarom?

Aan meer tijd voor mijn gezin en familiale aangelegenheden hecht ook ik veel belang,  maar bovendien is  de combinatie van mijn werk en competitief voetballen niet meer mogelijk.  Ik droomde er al van voetballer te worden toen ik nog niet eens op de lagere school zat, maar nog voor ik naar het middelbaar ging intrigeerde mij ook alles wat met informatica te maken had.  Sinds een half jaar werk ik nu bij Epson, een Japans bedrijf met wereldwijd 70.000 werknemers, dat printers, scanners en projectoren produceert.  Zozeer een droomjob is dat voor mij, dat ik er de tijdrovende verplaatsing graag bijneem.  Elke werkdag trotseer ik met mijn auto de afstand tussen thuis en Diegem, in de buurt van de Nationale Luchthaven.  Dat komt gemiddeld neer op tweemaal honderd minuten. Per trein zou het even lang duren, en geregeld neem ik zware pakken materiaal mee.

Je hebt ettelijke paren voetbalschoenen bij de Cerclejeugd versleten.  Wat is je uit je prilste Cerclejaren vooral bijgebleven?

Ik kwam als vanzelf als vijf- of zesjarige in het spoor van mijn neef en broers in Cercles Voetbalschool terecht.  De Groen-Zwarte jeugdopleiding stond hoog aangeschreven, het niveau moest zeker niet onderdoen voor dat van ‘de buren’.  Ik was tenger en klein zodat ik  fysisch iets achter was op mijn leeftijdgenoten, maar mijn trainers zagen wel kwaliteiten in mij.  Cercle had toen niet alleen nationale maar ook provinciale jeugdploegen, en meer dan mijn medespelertjes ging ik over van het ene naar het andere niveau.  Ik kon hemelhoog juichen als ik naar ‘nationale’ overgeheveld werd, maar ook bij ‘provinciale’ was het heerlijk voetballen en met veel inzet.  Onder meer met Jan Masureel, Stijn Willems, Bram Vandenbussche en Pieter Doom heb ik goeie vrienden uit ‘provinciale’ overgehouden.  

Je startte als negentienjarige bij de Eerste Ploeg in december 2000.  Herinner je nog die eerste match?  Misschien weet je nog wat jij bij je selectie het meest was: verwonderd, blij, zenuwachtig of zelfzeker? 

Blij was ik alleszins, maar niet verwonderd.  Het moest ervan komen.  In tegenstelling tot de overgrote meerderheid van de trainers, keek Dennis van Wijk niet alleen naar ‘namen’, maar wie goed presteerde op training, kreeg vroeg of laat de kans om zich tijdens het weekend te bewijzen.  Zenuwachtig was ik toen niet, dat was ik pas later bij mijn eerste derby in het fanionelftal.  En zelfzeker?  Aan zelfvertrouwen ontbrak het me niet.  En, ja, het verloop van die eerste match zie ik nog voor ogen.  We verloren thuis met 1-2 tegen Maasmechelen, dat nochtans niet hoog gequoteerd stond.  Na de match was van Wijk in alle staten…  Hoe ik het er zelf van afgebracht had?  Bij mijn eerste duel kreeg ik een klop op mijn hoofd, en kinesist Geert Leys mocht het veld op om mij te verzorgen.  “Zo gaat dat bij de grote jongens,” zei hij.   En ik moest niet lang wachten op bevestiging daarvan, slechts tot mijn tweede match… 

In het ‘Cerclemuseum’ tref ik iets aan dat me bijzonder merkwaardig lijkt.   In je debuutjaar speelde je 6 competitiewedstrijden, het jaar erop 3, en 7 tijdens het daarop volgende seizoen, Cercles kampioenenjaar 2002-‘3.  Met Cercle in Eerste was je er meteen 28 keren bij en vervolgens was je nog zeven seizoenen na elkaar een vaste waarde met minstens 25 beurten.  Een trainer is een machtig man, maar aan zijn voorkeur kon het niet gelegen zijn want zowel juist na als juist voor de promotie had Jerko Tipuric het roer in handen. Blijkbaar was jij niet goed genoeg voor Tweede, maar onmisbaar in Eerste?

In het kampioenenjaar begon ik heel goed, werd zelfs in een krantenartikel als de revelatie van het seizoenbegin bestempeld.  Tegen Geel speelde ik voor de eerste keer in het midden, voordien rechtsbuiten, en na de match zei Jerko mij: “Jij gaat nooit meer weg uit het midden.”  Nog voor die term bestond, draafde ik toen het veld af als ‘box-to-box speler’, en  dankzij mijn goeie conditie had ik daar geen moeite mee.  Na enkele matchen, helaas, werd ik in Heusden-Zolder zwaar getackeld, recht op mijn knieën.  Mijn mediale band was zo goed als door, en de revalidatie duurde verschrikkelijk lang, voor een stuk doordat ik te vroeg weer op het veld wilde staan.  ‘k Heb alleen nog één match gespeeld op het einde van het seizoen, op Maasmechelen.  

"Jerko is een prima trainer.  Zijn enige gebrek is ‘dat hij zich niet weet te verkopen".

Och, blessure, aan die meest voor de hand liggende verklaring had ik niet eens gedacht!  Na één jaar Eerste deed zich een grote verrassing voor: Tipuric was erin geslaagd Cercle in de topklasse te behouden, maar Harm van Veldhoven nam zijn plaats in.

Die trainerswissel vernamen wij al in Westerlo, juist voor de laatste wedstrijd van het seizoen.  Het zat verschillende spelers zo hoog dat ze, vooral onder impuls van Vital Borkelmans, dreigden de match niet te spelen.  “Wij spelen niet,” zei Vital.  “Je speelt wel,” zei Jerko.  En … we keerden naar Brugge terug met een 1-1 gelijkspel. Ja, dat we  in Eerste bleven met de kern die we toen hadden, was een half mirakel.  Jerko door Harm vervangen konden we nauwelijks begrijpen, ook omdat Cercle toen het kleinste budget van heel de reeks had.  En, terloops, ik beëindig straks mijn voetbalcarrière bij het pas naar Eerste Provinciale gepromoveerde Sporting Blankenberge.  Wie is er de trainer?  Jerko.  Staan we op een degradatieplaats?  Neen, je vindt ons zelfs in de eerste helft van de rangschikking.

Jerko blijft?  Neen.  Maar toch is het niet helemaal hetzelfde als bij Cercle halfweg 2004.  Dat men bij een degelijk spelend voetbalteam na zes jaar hoe dan ook graag eens nieuwe wind laat waaien is minder verwonderlijk dan na twee jaar, zoals toen.   Jerko is een prima trainer.  Zijn enige gebrek is ‘dat hij zich niet weet te verkopen’.

Tijdens Cercles gloriejaar, het eerste onder Glen De Boeck, trok jij voor niet minder dan 33 competitiematchen het Groen-Zwarte shirt aan.  Volgens Anthony Portier waren Cercles knalprestaties wel degelijk eerst en vooral aan Glen te danken.  Deel je zijn mening?

Heel zeker.  Vooreerst beschikte Glen over een stel fantastische spelers, maar daarnaast was zijn aanpak  zoals voetbal hoort te zijn: zo eenvoudig, zo simpel als het maar kan.  Dat komt erop neer dat iedere speler heel duidelijk moet weten wat hem als pion van een team op het voetbalschaakbord te doen staat.  En we wisten het! “Jij dit, jij dat, jij dit, jij dat …”  Voetbal is een loopsport, je moet voortdurend bewegen en je moet erop kunnen betrouwen: “Recupereer ik de bal, dan staat daar een medespeler die ik kan aanspelen.” Elke week opnieuw prentte Glen het ons in, steeds weer hetzelfde, zo ongecompliceerd mogelijk moest het zijn.  We hadden alleen maar verstandige spelers, maar waren er een paar blinden bij geweest, dan nog hadden die geweten wat hen te doen stond.  Wat ons tijdens Glens eerste jaar genekt heeft, dat is de gescheurde kruisband van Tom De Sutter in februari.

Maar dat Glen de glansprestatie van zijn eerste jaar erna niet heeft kunnen overdoen, heeft hij toch wel aan zichzelf te wijten.  “Wij zijn te voorspelbaar,” vreesde hij, en hij stapte af van zijn voor ons zo hanteerbaar systeem.  Ik kan het niet genoeg beklemtonen: “In voetbal is simpel spelen het beste, maar het moeilijkste dat er is.”  Weet je welke speler ik het meest bewonderde omdat hij alles zo eenvoudig mogelijk aanpakte? Dat was Oleg Iachtchouk.  Zijn balcontrole was altijd goed.  Zoals alles bij hem, leek zijn meesterschap over de bal en zijn voortgang in het spel vanzelfsprekend. Kreeg jij echter zo’n bal toegespeeld, dan lag die plots een halve meter weg van je voet.  Een eenvoudige, een intelligente, ook een leuke voetballer was Oleg. 

Dankten jullie je sterkte ook niet aan het feit dat Glen tot het uiterste ging  om de fysische conditie op te drijven? 

Ja, Glen was veeleisend, zeker ook qua fysische paraatheid.  ‘k Zie ons nog een uur aan een stuk ‘volle bak’ lopen in Tillegem.  En ook vele baloefeningen bleven duren tot onze tong op het gras lag…  Ik mag echter gerust beweren dat ik een van de spelers was die daar het minst last van had.  Ik heb het perfecte voetballichaam niet, maar wel een fysisch gestel dat geschikt is voor duursporten.  Wat ik als voetballer het meest mis, dat is kracht, en dat heb ik altijd weten te compenseren door ‘adem’ en snelheid.   ‘k Bezit beelden waarop ik tachtig meter loop langs de zijkant van het veld, de bal rond het penaltypunt van de tegenstander stil leg, binnenschiet, en rustig dooradem alsof ik twee stappen had gezet.

"Echte supporters vereenzelvigen zich ook met hun team als het maar niet wil lukken". 

Niet alleen over Glen De Boeck als trainer kun je meespreken, je hebt er in Cercles fanionelftal, asjeblief,  zeven meegemaakt: Dennis van Wijk, Jerko Tipuric, Harm van Veldhoven, Glen, Bob Peeters, Foeke Booy en Lorenzo Staelens.  Twee vragen liggen voor de hand: wie vond jij de beste, en zou je nu met elk van hen even graag aan tafel gaan zitten?

De meeste trainers die ik heb gehad, waren zeer degelijk, en twee van hen waren zelfs zo goed dat ze nog een paar centimeters boven Jerko uitstaken.  Dat waren Glen en, op gelijke hoogte, Yves Van Borm toen ik bij Knokke speelde. Dat ze ‘de beste’ waren, betekent lang niet dat ik met hen het minst in botsing ben gekomen, zelfs niet dat ik nu met hen het liefst zou tafelen. Een en ander kan complex zijn, hoor.  Dennis van Wijk, bijvoorbeeld, kent geen greintje medelijden op het voetbalveld, maar hij is een crème van een mens erbuiten.

We gaan even weg van Cercle.  Nog voor Van Borm heb jij dat trouwens al gedaan.  Je trok halfweg 2011 naar Oud-Heverlee Leuven, kwam na anderhalf jaar terug naar het Groen-Zwarte Olympia, je werd begin 2015 door Cercle eventjes uitgeleend aan Izegem, knokte twee jaar bij F.C. Knokke en nu ben je aan je laatste matchen bij Sporting Blankenberge toe.  

Bij OHL voelde ik me goed thuis, maar toch was ik blij dat Cercle me weer met open armen ontving.  Ook van de supporters voelde ik hun ‘welkom’ aan - en supporters zijn écht ‘de twaalfde man’: niet elke speler voelt het even intens aan, maar de meesten geeft het een kick van vertrouwen als de supporters positief op hun spel reageren. Al te veel supporters denken dat ze betalen om je te zien winnen, maar, neen, ze staan van hun centen af om je zo goed te zien spelen als het je mogelijk is!  Echte supporters vereenzelvigen zich ook met hun team als het maar niet wil lukken. 

U denkt, lezer, ik kom aan de slotbeschouwing van het interview, en dàt waarmee iedere Cerclesupporter Fré omkranst, is niet eens ter sprake gekomen.  17 december 2006, juist voor de winterstop, Cercle-Club, 63ste minuut: Fré keilt de bal tussen de blauw-zwarte doelpalen.  Het blijft 1-0 tot de scheidsrechter affluit.  Wat een vreugde, wat een euforie!  Eén seconde van uniek succes, en Fré is en blijft levenslang wereldberoemd in heel Brugge!  “Ja, zeker, daarover spreken velen me nog dikwijls aan.”  Op mijn slotvraag of het blijde nieuws dat ik vanmorgen in het Nieuwsblad gelezen heb, klopt, bevestigt Fré dat het, alles in acht genomen, onwaarschijnlijk goed evolueert met Alexander, zijn broer die nog geen maand geleden het slachtoffer werd van een zwaar verkeersongeval.  Een flits, ook hier, maar een gevolg dat écht ingrijpt in het leven.  Voor Alexander, vanzelfsprekend.  Voor Fré ook?  “Ik had voordien al besloten te stoppen met voetballen.  Zoveel tijd eist mijn werk van mij op, dat ik er te allen koste genoeg moet vrij maken voor mijn vrouw, mijn twee dochtertjes en heel mijn familie.  Alexanders accident bevestigt wat ik me al goed bewust was: tijd dient ertoe om die zo interessant mogelijk door te brengen.”

(Georges Volckaert)

Lees meer
Cerle Brugge KSV
“Machteld Live in Style” is voor drie jaar de nieuwe kledij sponsor van Cercle

De gekende fashion zaak voor dames en heren “Machteld Live in Style” (Torhoutse Stw 48 – Zedelgem) is de komende drie seizoenen kledijsponsor voor de Groen-Zwarte spelerskern, sportieve staf, beheerraad, enz…
Om dit even in de spotlights te plaatsen tekende, woensdagmiddag 13 september, de volledige ploeg, sportieve staf, voorzitter Frans Schotte, leden van de RvB van de cvba en de vzw, enz… present in de aangenaam ogende zaak van Machteld, haar man Luc en zoon Loïc.

Voor Cercle nam Algemeen Coördinator Mark Vanmaele het woord.  Hij wees er op dat er heel wat veranderde bij Cercle.  “Zowat 25 nieuwe spelers moeten het waarmaken.  Het is niet gemakkelijk om van meet af aan de perfecte match neer te zetten.  Wat volgens mij van belang is, is de kleedkamer (nvdr: toepasselijke uitspraak in de showroom van een kledingzaak…), wat er leeft.  Persoonlijk heb  ik er een zeer goed gevoel bij.  Ik ben overtuigd dat we een zeer mooi seizoen tegemoet gaan.

Buiten het sportieve wijzigde ook heel wat.  We hebben de communicatie aangepakt, we hebben (ook dank zij enkele bestuurders) de digitalisering ingezet.  We krijgen niet alleen steun van uit Monaco, maar ook van het “oude” bestuur.

We zetten ook veel in op de professionalisering.  Dit is veel mensen niet ontgaan.  Ook de media springen daar op.  Commerciële partners vinden hun weg naar Cercle Brugge.  Daarom ben ik vandaag ook zeer blij om het partnership te kunnen aankondigen met Machteld en Luc en met de schoenenzaak van mijnheer De Prêtre die de ploeg van “comfortschoenen” voorzag.  Via Bart en Danny (nvdr: onze commerciële mensen – account managers) hebben we elkaar heel snel kunnen vinden.  We wensen onze partners dan ook het beste in het zaken doen.”

"Commerciële partners vinden hun weg naar Cercle Brugge."

De echtgenoot van Machteld, Luc, nam de honneurs waar voor de zaak.  Na zijn verwelkoming beklemtoonde hij dat het voor hen een grote eer was om dit partnership met Cercle Brugge aan te gaan.  Hij verwees naar het mooie aan de vereniging met een zeer mooie en rijke traditie, de regionale verankering en een regionale- en nationale uitstraling.  “Cercle Brugge is vooral een voetbalvereniging die staat voor de waarden van een ‘true gentlemen and a true lady”, net dezelfde waarden die Machteld onderschrijft met dezelfde lokale, regionale en nationale uitstraling,” klonk het verder.  

“Als designer van de nieuwe outfit ben ik zeer fier dat het T-shirt welke ik vandaag draag deel zal uitmaken van uw nieuwe outfit”, richtte hij zich tot de spelers.  “Het is Winston Churchill die op de proppen kwam met het “V-teken”, wat staat voor ‘Victory’.  Laat dit T-shirt een “porte-bonheur” zijn voor de ganse vereniging.  Het T-shirt zal ook exclusief te koop zijn in de fanshop en bij Machteld.
Ik wens u veel succes toe dit seizoen.  Victory! “

Onze spelers kunnen dus “promeneren” met de sportieve Machteld kledij en de schoenen van De Prêtre orthopedie (winkels in Brugge (2), Aalst, Ieper, Lokeren en Oostende. 

"Victory"

(Georges Debacker)

Lees meer
Cerle Brugge KSV
Huldiging sportvrijwilliger

Op maandag 11 december vond de jaarlijkse algemene vergadering plaats van de Brugse Sportraad in de cultuurzaal Daverlo te Assebroek.  
Een vast item tijdens deze vergadering is de uitreiking van een getuigschrift en medaille aan vrijwilligers bij een Brugse sportvereniging die minstens 21 jaar dienst op de teller hebben.

Dit jaar waren er een tiental gegadigden, waaronder twee van Cercle nl. Myriam Floré en Pierre Lammens.

Gezien de gevaarlijke weersomstandigheden (sneeuw) tekenden een aantal mensen niet present.  Zo ook de Cercle-genomineerden.  De medaille werd daarna retroactief bekomen.

Lees meer
Cerle Brugge KSV
Praatje met ... de Beloftencoach

Praatje met ... de Beloftencoach


 Jimmy De Wulf

 


Ambitie


De link Jimmy De Wulf/Cercle telt 10 jaar.  Jimmy was vijf jaar A-kernspeler (2003-2008, 148 wedstrijden) en is na nog omzwervingen bij KVO, in Cyprus en in Koksijde, ondertussen vijf jaar actief als trainer bij  Groen-Zwart.
Die trainersjaren mogen als een succes beschouwd worden.  Om die reden, en de opnieuw mooie prestaties dit seizoen van de Beloften, maakte ik op vrijdag 8 februari een afspraak met Jimmy in café “Calvarieberg”, kortbij zijn deur en zoals het past, zeker met de derby in het vooruitzicht, binnen de Brugse stadswallen.

Lees meer