koop tickets online

Praatje met een speler - Nabil Alioui

In de week na de mathematische redding voor Cercle Brugge had ik een gesprek met Nabil Alioui.  Deze Franse jeugdinternational streek in augustus neer aan de groen-zwarte kant van het Jan Breydelstadion, maar kampte met een vervelende blessure.  Maar er is licht aan het einde van de tunnel.  De lijdensweg is bijna ten einde voor Nabil.  Vorige maandag maakte hij zijn debuut bij de beloften in de wedstrijd in en tegen Anderlecht.  De honger naar meer is groot bij de getalenteerde Franse aanvaller.  

‘Binnenkort speelminuten in de eerste ploeg’ 

Nabil, bij de meeste Cerclesupporters ben je nog niet zo gekend.  Kun je jezelf even kort voorstellen? 


Ik ben een 20-jarige aanvaller die vorig jaar in augustus zijn eerste profcontract tekende bij AS Monaco.  Zowel in de spits als vanaf links kan ik uit de voeten.  Ik debuteerde bij enkele lokale ploegen en na verloop van tijd belandde ik bij het grotere Toulon.  Daar kwamen verschillende ploegen me scouten en ik koos ervoor om bij AS Monaco aan de slag te gaan.  Het ‘centre de formation’ van AS Monaco had toen al een erg goede naam.  Het was nog de periode voor de overname van Dmitry Rybolovlev.  Voor mij persoonlijk was het toen een erg grote stap, want ik was toen nog maar veertien jaar.  Achteraf gezien is die stap een uitstekende keuze geweest.  Ik doorliep er alle jeugdreeksen en tekende in augustus mijn eerste contract bij de profs.  

Je kreeg ook al een heel aantal oproepingsbrieven in je brievenbus voor de Franse nationale ploeg.  Ook in de Youth League was je actief.  Beiden niet zonder succes? 


Tijdens mijn periode bij Monaco werd ik inderdaad opgeroepen voor de U17 en de U19 voor Frankrijk.  Bij de U17 was dat trouwens onder Laurent Guyot, die nu bij Cercle trainer is.  In het tussenseizoen speelde ik recent nog met de Franse U19 het EK in Finland.  We bereikten er de halve finale.  Daar was Italië te sterk.

Cerle Brugge KSV

Uiteindelijk werd Portugal Europees kampioen door in de finale Italië te kloppen.  Voor mij was het inderdaad een geslaagd toernooi.  In de poulefase wonnen we tegen Engeland met 5-0 en in die wedstrijd kon ik twee keer scoren.  Ook in de Youth League heb ik inderdaad aardig wat wedstrijden gespeeld.  In de elf wedstrijden die ik op dat niveau speelde vond ik vijf keer de weg naar doel.  


Na dat EK besloot je dan de stap te zetten naar Cercle Brugge en de Belgische competitie.  Een logische keuze?

 
Eigenlijk wel.  Cercle Brugge had het vorig seizoen goed gedaan en had daarbij de promotie afgedwongen naar de hoogste afdeling.  Er was al een samenwerking tussen de beide teams en het was dus inderdaad een logische beslissing om in België aan de slag te gaan.  Bovendien waren er de verhalen van Guévin Tormin, Irvin Cardona en Paul Nardi.  Zij waren uitsluitend positief en dus twijfelde ik niet.  De Belgische competitie is een goede competitie om je carrière te lanceren.  Clubs als Anderlecht, Standard en Club Brugge kende ik al.  En uiteraard ken ik ook de Belgische toppers van bij de Rode Duivels.  Voor mij persoonlijk is het ook een belangrijke stap aangezien het mijn eerste ervaring is bij een eerste ploeg op het hoogste niveau.  

Cerle Brugge KSV

Je streek hier vorige zomer neer na het EK U19.  Het was een start met gemengde gevoelens? 


Absoluut.  Eerst nam ik nog wat rust na dat EK.  Vorig seizoen was voor mij erg vermoeiend en vooral lang.  Toen ik hier op Cercle aankwam, vielen de faciliteiten me onmiddellijk op.  Alles is piekfijn in orde.  Ik vond ook snel een appartement in Sint-Andries.  Eigenlijk wordt alles goed geregeld voor ons.  Chapeau aan alle medewerkers.  Ik hoef mij enkel maar op het voetbal te concentreren.  Een echt profbestaan dus.  Ook de integratie in de groep was echt optimaal.

De voertaal is Frans en dat is natuurlijk in mijn voordeel.  Maar al het goede ten spijt, liep het helaas al snel mis.  Bij de eerste trainingen voelde ik een bepaalde pijn.  De medische staf heeft me toen behandeld en ook in Monaco werd ik onderzocht.  Het verdict was een probleem aan de adductoren.   Er volgde een operatie en een lange revalidatie.  Ik moest dus vanaf de zijlijn toekijken hoe het eerste team zich kon redden. 

Vorige maandag maakte je debuut bij de beloften.  In en tegen Anderlecht werd er met 3-0 verloren.  Hoe blik je terug op dat debuut?  En wat zijn de verdere ambities voor dit seizoen?


Met een zeer goed gevoel uiteraard.  Ik mocht op het uur invallen en het was erg fijn om opnieuw in een ploeg te staan en om de bal te voelen.  Het resultaat met de ploeg was dan wel minder, maar op persoonlijk vlak kan ik enkel maar gelukkig zijn met dat debuut.  De bedoeling is nu om op termijn een selectie te verdienen voor de eerste ploeg en om ook daar eventueel een invalbeurt te krijgen.  Voorts ben ik zoals elke andere voetballer.  Ik wil zoveel mogelijk aan spelen toe komen, ervaring opdoen en beter worden.  


Hoe blik je terug op het seizoen van Cercle Brugge tot nu toe?  


Ik denk dat de ploeg het goed gedaan heeft.  De doelstelling was bij het begin van het seizoen dan ook om het behoud af te dwingen.  Vorige zaterdag is dat gelukt na het gelijkspel tegen KV Oostende.  Nu kunnen we ontspannen de rest van de competitie afwerken.  We hebben een relatief jonge ploeg en kunnen nog groeien.  


En wat is jouw persoonlijke ambitie? 


Zoals gezegd eerst selecties halen en minuten maken.  Eerst bij de beloften en vervolgens bij de eerste ploeg.  Daarna zien we wel.  Ik heb nu een jaar getekend bij Cercle Brugge.   Alle opties zijn open.  Vermoedelijk keer ik na het seizoen terug naar Monaco om daar de voorbereiding mee te maken.  Dan is een nieuw verblijf bij Cercle Brugge niet uitgesloten.  Maar ik bekijk het liever dag per dag en plan niet graag ver vooruit.  

Tot zover het gesprek met onze sympathieke aanvaller.  Laat ons hopen dat hij snel aan de slag kan met de grote jongens en al even snel de weg naar doel vindt.  

(Stijn Sinnaeve)

Gerelateerde nieuwsberichten

Cerle Brugge KSV
Voorzitter VZW Cercle Brugge: Piet D'Hooghe

Men moet de dag niet prijzen voor het avond is. We legden ons oor te luister bij Piet D’Hooghe, voorzitter van de VZW Cercle Brugge en vol vuur voor de groenzwarte Vereniging, luttele dagen voor de belangrijke finale-matchen tegen Beerschot-Wilrijk. Op een ijskoude wintermiddag, thuis bij koffie en haardvuur, spraken we over hoe Cercle zichzelf kon blijven in het ‘huwelijk’ met A.S. Monaco, en de vele ambities die er uit zijn geboren.

Laat ons, voor wie dat nog nodig zou zijn, beginnen met de persoon Piet D’Hooghe.

Ik tel intussen, zegge en schrijve, vierenvijftig jaar, met groen bloed geboren. Mijn oom Paul Ducheyne fungeerde tweeëndertig jaar als voorzitter van Cercle Brugge (1970-2002 nvdr). Van jongs af aan ging ik, meestal samen met mijn neef Filip Ducheyne, regelmatig mee naar Cercle kijken. Ik deed mijn humaniora bij de Jezuïten in Aalst, en daarna rechten aan de universiteit Gent waardoor Cercle toch noodgedwongen wat naar de achtergrond verdween. Maar eenmaal afgestudeerd en gehuwd, kwamen wij in Brugge wonen en was Cercle weer helemaal terug.

Om later uiteindelijk zelf bestuurlijk lid van Cercle te worden.

Ik werd eerst lid van de Business Kring, daarna BK12-bestuurslid en tenslotte BK12-voorzitter. Sindsdien rolde ik eigenlijk van het ene in het andere. Ik werd lid van de VZW, bestuurslid van de VZW, vervolgens medeoprichter en vennoot van de CVBA en bestuurslid van de CVBA, om uiteindelijk, sedert vijf mei 2017, Voorzitter van de VZW te worden.

Sedert eind 2016 werden, samen met CVBA-Voorzitter Frans Schotte, de onderhandelingen met AS Monaco gevoerd. Overigens, de intentieverklaring met AS Monaco van vierentwintig december 2016 werd hier, aan deze tafel, ondertekend. Een ontzettend intense periode waarin we geconfronteerd werden met PricewaterhouseCoopers (PwC, een internationaal accountantsbedrijf, nvdr), aangesteld door AS Monaco, die ons soms met zeven à acht man het vuur aan de schenen legden, wat niet evident was gezien de laatste moeilijke jaren van Cercle in 1B. We zijn nog steeds fier dat we daardoor zijn geworsteld. Eigenlijk zijn alle onderhandelingen met PwC en Monaco zeer constructief verlopen, in volledige openheid en in de beste verstandhouding. De uitmatch tegen Lommel (eenentwintig april 2017, Lommel – Cercle: 0-1, nvdr) die ons aan de zekerheid hielp om aan de voorwaarde te voldoen om in 1B te blijven, was een grote last die van onze schouders viel. We hadden allen de tranen in de ogen bij dat laatste fluitsignaal…

"We hadden allen de tranen in de ogen bij dat laatste fluitsignaal…"

Je bent nu voorzitter van de VZW. Velen hoorden erover, maar misschien wil je de Shot-lezer nog even kort toelichten waar die VZW precies voor staat en hoe die zich tot de, vrij recente, CVBA verhoudt?

De CVBA is de vennootschap die het stamnummer van Cercle bezit, en de A-ploeg en (deels) de beloften onder zich heeft. Die CVBA is in 2014 uit de VZW ontstaan, om redenen opgelegd door de fiscus én om externe investeringen mogelijk te maken. De voetbalbond verplichtte ons ook om het stamnummer met de A-ploeg naar de CVBA te verhuizen

Daarna bleef de VZW zonder meer bestaan, met onder zich ondermeer de ganse jeugdwerking, het community-gebeuren, de supportersfederatie en -verenigingen, en de vrijwilligers.  Juridisch is het voor een CVBA immers niet mogelijk om met vrijwilligers te werken. Cercle telt om en bij de tweehonderdnegentig vrijwilligers, een belangrijke groep waar ik zeer fier op ben. Zij vormen nog steeds, zoals voorheen, de "ruggengraat" van Cercle !

Maar de VZW vormt ook een soort toegangspoort tot de CVBA?

Daarnaast is de VZW ook belangrijk omdat elk nieuwe CVBA-vennoot eerst lid moet worden van de VZW. Dit vergt misschien een woordje uitleg. De VZW telt momenteel vierenzeventig leden.  Eén van deze leden is AS Monaco. Elk VZW-lid heeft één stem, onafhankelijk van zijn of haar financiële inbreng. Dezelfde VZW-leden (op twee uitzonderingen na) zijn ook vennoot van de CVBA. In de CBVA daarentegen hangt het stemaantal af van het kapitaal dat wordt ingebracht, waardoor AS Monaco in de CVBA uiteraard de meerderheid van de stemmen heeft. Om vennoot te kunnen worden in de CVBA, moet de betreffende persoon dus eerst als VZW-lid worden aanvaard door de bestaande VZW-leden. Dit alles om te zeggen dat het behouden van de VZW ook gericht was op het behouden van het hart en de eigenheid van Cercle, zodat niet alleen het kapitaal het laken naar zich toe zou trekken. Ook in de deal met Monaco werd dit bewust zo behouden. Het zal in feite nooit kunnen dat een "malafide" persoon, zonder medeweten of instemming van de VZW, plots aandeelhouder wordt van de CVBA. Ontzettend belangrijk dus.

Bovendien blijft de VZW als rechtspersoon ook een belangrijke aandeelhouder van de CVBA. In ruil voor de inbreng van het stamnummer en de A-ploeg verkreeg de VZW bij de oprichting van de CVBA in 2014 aandelen van de CVBA in ruil. Ook na de deal met Monaco is dit zo gebleven.

Dus de VZW is versterkt uit de onderhandelingen met Monaco gekomen?

Ik wil zeker benadrukken dat ook de VZW voordeel heeft gehaald uit de deal met Monaco. Van bij de oprichting van de CVBA had de VZW een vrij aanzienlijke schuld aan de CVBA (ongeveer vijfhonderdduizend euro) die ze niet zelf kon ophoesten. Hiervoor werd een regeling uitgewerkt met Monaco, waardoor deze schuld afgelost is. Daarnaast hebben we, met de steun van Monaco, ook een definitieve regeling kunnen treffen i.v.m. de schuld van de roerende voorheffing op de TV-rechten uit het verleden. Dit alles heeft ervoor gezorgd dat we in de VZW met een schone lei konden beginnen. Uiteraard is dit zeer belangrijk. Voor het eerst sinds lang konden we met de VZW een positief resultaat voorleggen, wat zeer belangrijk is voor de toekomst. We hebben een budget dat we volledig onder controle hebben, en het is zeker mijn intentie om dat zo te houden.

Samenvattend kunnen we stellen dat het democratische hart van Cercle klopt in de VZW, die de toegang bewaakt tot de CVBA?

Voilà, het gaat inderdaad om een mechanisme dat de Cercle-eigenheid zoekt te behouden. Daardoor vermijden we toegangen die we niet kennen of niet willen. 

Je bent sinds vijf mei 2017 voorzitter van de VZW. De focus ligt daarbinnen vooral op de jeugdwerking?

Inderdaad. We tellen tweehonderdenvijf jeugdspelers plus tachtig in de voetbalschool, tweeëntwintig jeugdtrainers in parttime dienstverband, een fulltime hoofd van de jeugdopleiding, David Carpels, die prachtig werk verricht, en uiteraard ook tientallen vrijwilligers in de jeugdwerking. En dan ook een parttime hoofdscout, Marc Van Opstaele, die een hele scouting cel leidt. Dit jaar beschouwen we eigenlijk als een overgangsjaar, gezien de moeilijke laatste drie jaren waar de middelen zeer schaars waren. Met het ganse jeugdteam werken we aan een solide basis om vervolgens alleen maar te groeien Het loopt goed, stap per stap.

Sowieso hebben we de intentie om met de jeugd op termijn te stijgen van niveau. We willen naar de elite A, wat investeringen vraagt in talent, accommodatie, trainers, trainerslonen, … Recent werd een aantal jeugdspelers een contract aangeboden, wat ook een factor is om te kunnen stijgen naar de elite A. Ik voel overigens dat Monaco echt bereid is om ook wat betreft de jeugd een positieve rol te spelen, zelfs bovenop hetgeen "op papier" werd vastgelegd. 

Anderzijds, bij de A-ploeg spreken we niet van een overgangsjaar…

Nee, dat is duidelijk. Monaco stelde van meet af aan een duidelijke doelstelling. In het begin liep dat niet meteen vlot. José Riga is een uitstekend trainer, maar had het nadeel met een compleet nieuwe ploeg te moeten werken. Thans draait "de machine" op volle toeren en hopelijk leidt dit tot het beoogde resultaat.

"Het "huwelijk" is zonder meer geslaagd."

In elk geval, ik hoor links en rechts dat de samenwerking met Monaco momenteel uitstekend verloopt en dat ‘de mayonaise pakt’. Dat is ook jouw aanvoelen?

Voor honderd procent. Ik krijg die vraag vaak voorgeschoteld. Monaco en Cercle begrijpen elkaar perfect, en moeilijkheden worden meteen opgelost in een open communicatie. Het "huwelijk" is zonder meer geslaagd.

Cercle staat nu met twee benen in de finale tegen Beerschot-Wilrijk. Wellicht onnodig te vragen of je er vertrouwen in hebt?

Ik had van meet af aan vertrouwen, ook al vielen de verwachtingen in de eerste periode tegen. Ik besef ook wel dat we niet te vroeg victorie moeten kraaien. Maar zelfs al zou het niet lukken, wat niemand hoopt, verandert dit niets aan de intenties om het te doen lukken.

We moeten de dag niet prijzen voor de avond valt. Als we er echter zeer voorzichtig, bijna onhoorbaar, vanuit gaan dat de A-ploeg stijgt… hoe moeten we dan kijken naar de ambities voor volgend jaar? Monaco ziet in Cercle geen staartploeg?

Nee, zeker niet. Dat blijkt ook uit de hele opzet van de deal tussen Monaco en Cercle. Maar laat ons ons toch eerst concentreren op de eerstkomende belangrijke finale!

Dus de voorbereiding voor eventuele aankopen naar volgend jaar toe is al bezig?

Ik twijfel daar niet aan.  Maar ook hier: het sportieve beleid is een bevoegdheid van Monaco, waar we ons moeten aan houden. Monaco heeft het professionalisme, de ervaring, de knowhow, waarin we alle vertrouwen hebben. Vanaf tien maart vrij zijn is overigens geen evidentie, de brug naar de start van de volgende competitie is lang.

Misschien nog een laatste vraag, waar we vooral bij de buren over horen: het stadiondossier?

Dat dossier is in eerste instantie een bevoegdheid van de CVBA. Sowieso zijn we afhankelijk van de buren, en wel zolang zij op Jan Breydel blijven. Cercle van haar kant heeft een paar jaar terug duidelijk de principiële beslissing genomen om in Jan Breydel te blijven. Ook Monaco ondersteunt dit. Stad Brugge is eigenaar van Jan Breydel en heeft ondertussen verschillende studies besteld met het oog op de keuze tussen verbouwing of nieuwbouw. De beslissingen zullen allicht over de gemeenteraadsverkiezingen heen worden getild, mede gezien de moeilijkheden die de buren ondervinden voor het bekomen van een bouwvergunning voor hun plannen aan de Blankenbergse Steenweg. Maar die beslissingen komen er. In ieder geval blijft Cercle op Jan Breydel. Dit zal niet worden teruggedraaid.

Ik vat samen: Cercle, gelukkig getrouwd met Monaco en vol ambitie, blijft spelen in Jan Breydel, …in 1A?

Uiteraard…! Immers, Cercle leeft, leve Cercle!

(K.V.)

Lees meer
Cerle Brugge KSV
Back in Business

“Alleen de optimisten zullen overleven”, is een toepasselijk spreekwoord.  Toen Cercle enkele weken geleden zeven punten achter holde op Lierse, gaven velen geen cent meer voor Groen-Zwarte kansen op de tweede periodetitel.  
Iemand die zich toen positief opstelde en verklaarde dat alles mogelijk is in 1B, kreeg niet de stempel “positief” maar “naïef” op het voorhoofd gedrukt.  Persoonlijk meegemaakt…

Maar, op een psychologisch moment, net voor de korte winterstop en met de feestdagen in het verschiet, staat Groen-Zwart zowaar reeds tweede in de huidige periode met slechts één puntje achterstand op de Pallieters en, eveneens niet onbelangrijk mocht het uiteindelijk toch niet lukken, derde in de totaalrangschikking met negen punten voor op plaats vijf.

Gezien er nog een onderlinge confrontatie komt met Lierse (thuiswedstrijd op vrijdag 19 januari om 20.30 hr) heeft de ploeg van Frank Vercauteren vanaf heden alles in eigen handen.  Nu komt de periode waarbij een ruime kern van pas kan komen.  Dat alle posities op zijn minst dubbel bezet kunnen worden zal zijn nut hebben bij de ondertussen (gezien het vorderen van de competitie) oplopende gele kaarten en gebeurlijke blessures.  Zo zagen we bv. hoe Hector Rodas (zelf langdurig gekwetst voorheen) Jérémy Taravel prima verving tijdens diens schorsing.  Dat we eindelijk terug over het Monegaskisch talent Cardonna kunnen beschikken na zijn langdurige blessure, heeft een duidelijke invloed op de resultaten.  Ook Gianni Bruno staat terug aan de deur te kloppen.  Daarnaast laten de woorden van trainer Frank Vercauteren in de pers weinig aan de verbeelding over dat er eerstdaags nog gerichte versterking zou komen om het doel te realiseren.

Over pers gesproken.  Het blijft hemeltergend hoe stiefmoederlijk 1B behandeld wordt in de  media.  Ikzelf trok in elk geval reeds mijn conclusies.

Na het feestgedruis staan in de komende twee maanden nog acht “cupfinals” te wachten.  Op zondag 25 februari valt het doek over de reguliere competitie in 1B.  We sluiten thuis af tegen Westerlo.  Vijf van de acht wedstrijden spelen we in “Jan Breydel”.  Het mag dan al putje winter zijn, de vereniging rekent op uw warme steun om het doel, winst van de 2e periode en daarna nog wat meer, te bereiken.  

Eerstvolgende afspraak dus op vrijdag 5 januari met de thuiswedstrijd tegen OHL (20.30 hr).

Leve Cercle!

Georges Debacker
Hoofdredacteur SHOT-online

Lees meer
Cerle Brugge KSV
Ervaring - Brian Vandenbussche

Deze week zette Brian Vandenbussche zijn handtekening onder een contract dat hem voor één jaar bindt aan Cercle Brugge. Voor de gewezen doelman van de Rode Duivels is deze transfer een beetje thuiskomen: na twee jaar Sparta, tien jaar Heerenveen en drie jaar AA Gent keert hij terug naar Jan Breydel waar hij, weliswaar aan de andere kant van het stadion, zijn jeugdopleiding kreeg. 

Brian, hoe is Cercle Brugge bij jou terechtgekomen?

Het eerste contact dateert van 2014. Ik besloot mijn verbintenis in Friesland niet te verlengen, en mijn vrouw en ik wilden ons settelen in Blankenberge, waar onze roots liggen. Toenmalig Technisch Directeur Sven Jaecques nodigde mij uit voor een gesprek. Dat was heel constructief, maar in dezelfde periode belde Gent met een voorstel dat toen zowel sportief als financieel een stuk interessanter was, en ik koos voor de Buffalo’s. Het contact met Cercle is echter altijd gebleven. Mijn verbintenis met Gent liep af, en keepertrainer Pieter-Jan Sabbe liet me weten dat Cercle Brugge op zoek was naar een doelman met mijn profiel. En zo ging de bal aan het rollen.

Je zegt dat Cercle zocht naar een type zoals jij. Wat bedoel je hier concreet mee? Met andere woorden: welke taak is voor jou dit seizoen weggelegd bij Groen-Zwart?

De rolverdeling is duidelijk. Paul Nardi is eerste doelman en Miguel Van Damme is nog aan het herstellen. Ik ben dus voorlopig stand-in. Dit betekent niet dat ik mij zomaar neerleg bij mijn plaats op de bank. Ik zal Miguel en Paul zo scherp mogelijk houden en het de trainer zo moeilijk mogelijk maken bij zijn keuzes. De ambitie moet de titel zijn, en dat begint met een betrouwbaar sluitstuk achter de verdediging.

"vind zo snel mogelijk een heel goede en sterke vrouw!"

Dat is een beetje de rol die je bij Gent had, waar Matz Sels, en vorig seizoen Lovre Kalinic onbetwistbare titularis waren. We vroegen aan je gewezen ploegmaat en aanvoerder Hannes Van der Bruggen, die nu bij KV Kortrijk speelt, of dit een functie is die je ligt.

(Van der Bruggen) Ik ben ervan overtuigd dat Cercle Brugge met de komst van Brian een goede zaak gedaan heeft. Eerlijk gezegd heb ik hem enkele weken geleden meermaals aangeprezen bij het bestuur van KV Kortrijk, dat ook op zoek was naar een dergelijke keeper, maar dit is uiteindelijk niet doorgegaan. Brian is altijd loyaal geweest tegenover de eerste doelman en ligt zeer goed in een groep, dat mag je bij elke speler van Gent navragen. 

Sommige mensen denken misschien: een tweede doelman mag blij zijn dat hij erbij hoort, die is sowieso braaf.

(Van der Bruggen) ‘Loyaal zijn’ is niet hetzelfde als ‘braaf zijn’. Brian is een natuurlijke leidersfiguur met veel présance. Op zijn eentje onderhandelde hij bij Gent de premies voor de rest van de groep. Met Louwaegie over geld praten is niet gemakkelijk, maar Brian deed dat met verve, en dat engagement was des te opmerkelijker omdat hij in het laatste jaar uit de wedstrijdkern viel en onderhandelde over premies die hij zelf niet meer zou krijgen. 

Ondanks het feit dat hij weinig aan spelen toekwam, bleef hij zeer gedreven trainen, en laste hij voor zichzelf vaak extra krachttrainingen in. Nardi en Van Damme zullen hun speelminuten in elk geval niet cadeau krijgen van hem.  

Brian, van jou wordt wellicht ook verwacht dat je wat ontfermt over de jonge spelers.

Zeker voor de spelers die uit het buitenland komen, en dus niet op hun ouders kunnen terugvallen, heb ik één belangrijke raad die ik vaak herhaal: vind zo snel mogelijk een heel goede en sterke vrouw! Voor een voetballer is alleen zijn heel gevaarlijk. Je gaat gemakkelijker uit, je krijgt veel aandacht, iedereen is vriendelijk en wil iets van jou, enz. De grote motor van mijn carrière is eigenlijk mijn vrouw Loes. Zij gaf haar job in het onderwijs op om mee naar Heerenveen te gaan, en gaf me zo de rust, de stabiliteit en de nestwarmte die ik broodnodig had. Na de training en de wedstrijden kon ik naar een warme thuishaven terugkeren en behield ik zo mijn focus op het voetbal. Ik heb het maximum uit mijn carrière gehaald, en daar heeft zij een groot aandeel in. Ondertussen heeft mijn echtgenote haar beroep als leerkracht opnieuw opgenomen en hebben we samen een zoon, Arno, die als linksbuiten bij de U12 van Blankenberge speelt.

Voor wie jou door je lange verblijf in het buitenland niet goed kent: wat voor een keeper ben jij? 

Ik ben met mijn 1m96 een grote doelman en sterk op hoge ballen. Ondanks mijn lengte ben ik vrij snel tegen de grond. Daarnaast ben ik nog redelijk explosief en voetbal ik ook goed uit. Uiteraard heb ik ook punten waar ik minder tevreden over ben, maar daar vertel ik zelf nooit over.

Je bent 35 jaar, dus we mogen al eens terugblikken op je carrière. Je hebt veel trainers gehad. Wie maakte de grootste indruk op jou? 

Marco Van Basten imponeerde natuurlijk door zijn verleden als topvoetballer bij AC Milaan en het Nederlands voetbalelftal; de no-nonsense stijl van Gertjan Verbeek (huidig trainer VfL Bochum, n.v.d.r.) lag me zeer goed, de kwaliteiten van Trond Sollied kent iedereen, maar de de grootste bewondering koester ik toch voor Vanhaezebrouck. Tactisch is Hein buitengewoon sterk en hij slaagde er bovendien in de groep mee te krijgen in zijn verhaal. 

"ik ben echt benieuwd of in onze kern ook pareltjes zitten die later te bewonderen zullen zijn op het allerhoogste niveau."

En je mooiste herinnering? 

Ik twijfel tussen drie zaken. Mijn eerste wedstrijd met de Rode Duivels (Brian werd 13 keer opgeroepen en speelde 3 keer, n.v.d.r.) tegen Azerbeidzjan, in 2007, was een kinderdroom die uitkwam. De resultaten van de nationale ploeg waren onder René Vanderecyken nog niet goed, maar de kiem voor het huidige succes werd toen wel gelegd, met in het team een jonge Kompany, Vertonghen en Vermaelen. Daarnaast heb ik bij Heerenveen vijf of zes Europese campagnes meegemaakt, en de match tegen AC Milaan was een avond die lang bleef beklijven. En tot slot is er natuurlijk het kampioenenjaar en de Champions League-campagne van Gent. Sportief heb ik daar geen grote bijdrage aan geleverd, maar je raakt zo opgezogen in de groepsdynamiek van een team dat boven zichzelf uitstijgt dat je daar als bankzitter ook enorm van geniet. 

Naast de Rode Duivels die je opsomde heb je ook bij Heerenveen met heel wat goede voetballers gespeeld.

Heerenveen heeft een zeer knap scoutingsapparaat en is een kweekijver voor jong talent. Afonso Alves maakte later deel uit van de Braziliaanse nationale ploeg, Danijel Pranjic vertrok naar Bayern Munchen, Klaas-Jan Huntelaar kwam nadien bij Real Madrid terecht, Sulejmani en Djuricic tekenden bij Benfica, enz. Door de inbreng van Monaco wordt Cercle Brugge misschien het nieuwe Heerenveen. Ik ben echt benieuwd of in onze kern ook pareltjes zitten die later te bewonderen zullen zijn op het allerhoogste niveau.

Wij ook! Bedankt voor het interview en een succesvol en blessurevrij seizoen toegewenst!

(Diederiek Vermeersch)

 

Lees meer
Cerle Brugge KSV
Laatste koploper van heerlijke reeks? Frederik Boi

Frederik Boi weet wat waardering verdient, en wat niet.  Van statistieken houdt hij niet.  Zozeer is hij ervan doordrongen dat voetbal een teamgebeuren is dat hij lijsten van top-schutters en meeste assists eerder als een bekoring tot individualisme beschouwt dan als een uitdrukking van verdienste.  Al staat hijzelf er niet bij stil, zijn naam prijkt bovenaan een heerlijke, statistische weergave. Vragen we ons af welke Cerclespeler voorlopig de laatste is die meer dan driehonderd keren in een officiële match de Groen-Zwarte kleuren verdedigde, dan is ‘Fré’ het antwoord. Met 325 wedstrijden nam hij die koppositie in na zijn laatste Cerclematch in april 2014.  Daarmee verdrong hij na bijna drie jaar Denis Viane van die plaats, die op niet minder dan 383 beurten kan bogen.  En wie zal Fré opvolgen?  Bij het zo veranderde voetballandschap, is de kans op een opvolger wel flinterdun.

Fré, het vorige retro-interview vond plaats in Stekene ten huize van Anthony Portier, nu zitten we hier in jouw huis in Sint-Andries, rechtover de Olympiaterreinen.  Jij en Anthony komen om dezelfde reden aan de beurt: je beëindigt een lange, in hoge mate Zwart-Groen gekleurde, voetbalcarrière.   Anthony houdt ermee op wegens knieletsels, tijdwinst voor zijn gezin en omdat het plezier aan het spel er niet meer is.  En jij, waarom?

Aan meer tijd voor mijn gezin en familiale aangelegenheden hecht ook ik veel belang,  maar bovendien is  de combinatie van mijn werk en competitief voetballen niet meer mogelijk.  Ik droomde er al van voetballer te worden toen ik nog niet eens op de lagere school zat, maar nog voor ik naar het middelbaar ging intrigeerde mij ook alles wat met informatica te maken had.  Sinds een half jaar werk ik nu bij Epson, een Japans bedrijf met wereldwijd 70.000 werknemers, dat printers, scanners en projectoren produceert.  Zozeer een droomjob is dat voor mij, dat ik er de tijdrovende verplaatsing graag bijneem.  Elke werkdag trotseer ik met mijn auto de afstand tussen thuis en Diegem, in de buurt van de Nationale Luchthaven.  Dat komt gemiddeld neer op tweemaal honderd minuten. Per trein zou het even lang duren, en geregeld neem ik zware pakken materiaal mee.

Je hebt ettelijke paren voetbalschoenen bij de Cerclejeugd versleten.  Wat is je uit je prilste Cerclejaren vooral bijgebleven?

Ik kwam als vanzelf als vijf- of zesjarige in het spoor van mijn neef en broers in Cercles Voetbalschool terecht.  De Groen-Zwarte jeugdopleiding stond hoog aangeschreven, het niveau moest zeker niet onderdoen voor dat van ‘de buren’.  Ik was tenger en klein zodat ik  fysisch iets achter was op mijn leeftijdgenoten, maar mijn trainers zagen wel kwaliteiten in mij.  Cercle had toen niet alleen nationale maar ook provinciale jeugdploegen, en meer dan mijn medespelertjes ging ik over van het ene naar het andere niveau.  Ik kon hemelhoog juichen als ik naar ‘nationale’ overgeheveld werd, maar ook bij ‘provinciale’ was het heerlijk voetballen en met veel inzet.  Onder meer met Jan Masureel, Stijn Willems, Bram Vandenbussche en Pieter Doom heb ik goeie vrienden uit ‘provinciale’ overgehouden.  

Je startte als negentienjarige bij de Eerste Ploeg in december 2000.  Herinner je nog die eerste match?  Misschien weet je nog wat jij bij je selectie het meest was: verwonderd, blij, zenuwachtig of zelfzeker? 

Blij was ik alleszins, maar niet verwonderd.  Het moest ervan komen.  In tegenstelling tot de overgrote meerderheid van de trainers, keek Dennis van Wijk niet alleen naar ‘namen’, maar wie goed presteerde op training, kreeg vroeg of laat de kans om zich tijdens het weekend te bewijzen.  Zenuwachtig was ik toen niet, dat was ik pas later bij mijn eerste derby in het fanionelftal.  En zelfzeker?  Aan zelfvertrouwen ontbrak het me niet.  En, ja, het verloop van die eerste match zie ik nog voor ogen.  We verloren thuis met 1-2 tegen Maasmechelen, dat nochtans niet hoog gequoteerd stond.  Na de match was van Wijk in alle staten…  Hoe ik het er zelf van afgebracht had?  Bij mijn eerste duel kreeg ik een klop op mijn hoofd, en kinesist Geert Leys mocht het veld op om mij te verzorgen.  “Zo gaat dat bij de grote jongens,” zei hij.   En ik moest niet lang wachten op bevestiging daarvan, slechts tot mijn tweede match… 

In het ‘Cerclemuseum’ tref ik iets aan dat me bijzonder merkwaardig lijkt.   In je debuutjaar speelde je 6 competitiewedstrijden, het jaar erop 3, en 7 tijdens het daarop volgende seizoen, Cercles kampioenenjaar 2002-‘3.  Met Cercle in Eerste was je er meteen 28 keren bij en vervolgens was je nog zeven seizoenen na elkaar een vaste waarde met minstens 25 beurten.  Een trainer is een machtig man, maar aan zijn voorkeur kon het niet gelegen zijn want zowel juist na als juist voor de promotie had Jerko Tipuric het roer in handen. Blijkbaar was jij niet goed genoeg voor Tweede, maar onmisbaar in Eerste?

In het kampioenenjaar begon ik heel goed, werd zelfs in een krantenartikel als de revelatie van het seizoenbegin bestempeld.  Tegen Geel speelde ik voor de eerste keer in het midden, voordien rechtsbuiten, en na de match zei Jerko mij: “Jij gaat nooit meer weg uit het midden.”  Nog voor die term bestond, draafde ik toen het veld af als ‘box-to-box speler’, en  dankzij mijn goeie conditie had ik daar geen moeite mee.  Na enkele matchen, helaas, werd ik in Heusden-Zolder zwaar getackeld, recht op mijn knieën.  Mijn mediale band was zo goed als door, en de revalidatie duurde verschrikkelijk lang, voor een stuk doordat ik te vroeg weer op het veld wilde staan.  ‘k Heb alleen nog één match gespeeld op het einde van het seizoen, op Maasmechelen.  

"Jerko is een prima trainer.  Zijn enige gebrek is ‘dat hij zich niet weet te verkopen".

Och, blessure, aan die meest voor de hand liggende verklaring had ik niet eens gedacht!  Na één jaar Eerste deed zich een grote verrassing voor: Tipuric was erin geslaagd Cercle in de topklasse te behouden, maar Harm van Veldhoven nam zijn plaats in.

Die trainerswissel vernamen wij al in Westerlo, juist voor de laatste wedstrijd van het seizoen.  Het zat verschillende spelers zo hoog dat ze, vooral onder impuls van Vital Borkelmans, dreigden de match niet te spelen.  “Wij spelen niet,” zei Vital.  “Je speelt wel,” zei Jerko.  En … we keerden naar Brugge terug met een 1-1 gelijkspel. Ja, dat we  in Eerste bleven met de kern die we toen hadden, was een half mirakel.  Jerko door Harm vervangen konden we nauwelijks begrijpen, ook omdat Cercle toen het kleinste budget van heel de reeks had.  En, terloops, ik beëindig straks mijn voetbalcarrière bij het pas naar Eerste Provinciale gepromoveerde Sporting Blankenberge.  Wie is er de trainer?  Jerko.  Staan we op een degradatieplaats?  Neen, je vindt ons zelfs in de eerste helft van de rangschikking.

Jerko blijft?  Neen.  Maar toch is het niet helemaal hetzelfde als bij Cercle halfweg 2004.  Dat men bij een degelijk spelend voetbalteam na zes jaar hoe dan ook graag eens nieuwe wind laat waaien is minder verwonderlijk dan na twee jaar, zoals toen.   Jerko is een prima trainer.  Zijn enige gebrek is ‘dat hij zich niet weet te verkopen’.

Tijdens Cercles gloriejaar, het eerste onder Glen De Boeck, trok jij voor niet minder dan 33 competitiematchen het Groen-Zwarte shirt aan.  Volgens Anthony Portier waren Cercles knalprestaties wel degelijk eerst en vooral aan Glen te danken.  Deel je zijn mening?

Heel zeker.  Vooreerst beschikte Glen over een stel fantastische spelers, maar daarnaast was zijn aanpak  zoals voetbal hoort te zijn: zo eenvoudig, zo simpel als het maar kan.  Dat komt erop neer dat iedere speler heel duidelijk moet weten wat hem als pion van een team op het voetbalschaakbord te doen staat.  En we wisten het! “Jij dit, jij dat, jij dit, jij dat …”  Voetbal is een loopsport, je moet voortdurend bewegen en je moet erop kunnen betrouwen: “Recupereer ik de bal, dan staat daar een medespeler die ik kan aanspelen.” Elke week opnieuw prentte Glen het ons in, steeds weer hetzelfde, zo ongecompliceerd mogelijk moest het zijn.  We hadden alleen maar verstandige spelers, maar waren er een paar blinden bij geweest, dan nog hadden die geweten wat hen te doen stond.  Wat ons tijdens Glens eerste jaar genekt heeft, dat is de gescheurde kruisband van Tom De Sutter in februari.

Maar dat Glen de glansprestatie van zijn eerste jaar erna niet heeft kunnen overdoen, heeft hij toch wel aan zichzelf te wijten.  “Wij zijn te voorspelbaar,” vreesde hij, en hij stapte af van zijn voor ons zo hanteerbaar systeem.  Ik kan het niet genoeg beklemtonen: “In voetbal is simpel spelen het beste, maar het moeilijkste dat er is.”  Weet je welke speler ik het meest bewonderde omdat hij alles zo eenvoudig mogelijk aanpakte? Dat was Oleg Iachtchouk.  Zijn balcontrole was altijd goed.  Zoals alles bij hem, leek zijn meesterschap over de bal en zijn voortgang in het spel vanzelfsprekend. Kreeg jij echter zo’n bal toegespeeld, dan lag die plots een halve meter weg van je voet.  Een eenvoudige, een intelligente, ook een leuke voetballer was Oleg. 

Dankten jullie je sterkte ook niet aan het feit dat Glen tot het uiterste ging  om de fysische conditie op te drijven? 

Ja, Glen was veeleisend, zeker ook qua fysische paraatheid.  ‘k Zie ons nog een uur aan een stuk ‘volle bak’ lopen in Tillegem.  En ook vele baloefeningen bleven duren tot onze tong op het gras lag…  Ik mag echter gerust beweren dat ik een van de spelers was die daar het minst last van had.  Ik heb het perfecte voetballichaam niet, maar wel een fysisch gestel dat geschikt is voor duursporten.  Wat ik als voetballer het meest mis, dat is kracht, en dat heb ik altijd weten te compenseren door ‘adem’ en snelheid.   ‘k Bezit beelden waarop ik tachtig meter loop langs de zijkant van het veld, de bal rond het penaltypunt van de tegenstander stil leg, binnenschiet, en rustig dooradem alsof ik twee stappen had gezet.

"Echte supporters vereenzelvigen zich ook met hun team als het maar niet wil lukken". 

Niet alleen over Glen De Boeck als trainer kun je meespreken, je hebt er in Cercles fanionelftal, asjeblief,  zeven meegemaakt: Dennis van Wijk, Jerko Tipuric, Harm van Veldhoven, Glen, Bob Peeters, Foeke Booy en Lorenzo Staelens.  Twee vragen liggen voor de hand: wie vond jij de beste, en zou je nu met elk van hen even graag aan tafel gaan zitten?

De meeste trainers die ik heb gehad, waren zeer degelijk, en twee van hen waren zelfs zo goed dat ze nog een paar centimeters boven Jerko uitstaken.  Dat waren Glen en, op gelijke hoogte, Yves Van Borm toen ik bij Knokke speelde. Dat ze ‘de beste’ waren, betekent lang niet dat ik met hen het minst in botsing ben gekomen, zelfs niet dat ik nu met hen het liefst zou tafelen. Een en ander kan complex zijn, hoor.  Dennis van Wijk, bijvoorbeeld, kent geen greintje medelijden op het voetbalveld, maar hij is een crème van een mens erbuiten.

We gaan even weg van Cercle.  Nog voor Van Borm heb jij dat trouwens al gedaan.  Je trok halfweg 2011 naar Oud-Heverlee Leuven, kwam na anderhalf jaar terug naar het Groen-Zwarte Olympia, je werd begin 2015 door Cercle eventjes uitgeleend aan Izegem, knokte twee jaar bij F.C. Knokke en nu ben je aan je laatste matchen bij Sporting Blankenberge toe.  

Bij OHL voelde ik me goed thuis, maar toch was ik blij dat Cercle me weer met open armen ontving.  Ook van de supporters voelde ik hun ‘welkom’ aan - en supporters zijn écht ‘de twaalfde man’: niet elke speler voelt het even intens aan, maar de meesten geeft het een kick van vertrouwen als de supporters positief op hun spel reageren. Al te veel supporters denken dat ze betalen om je te zien winnen, maar, neen, ze staan van hun centen af om je zo goed te zien spelen als het je mogelijk is!  Echte supporters vereenzelvigen zich ook met hun team als het maar niet wil lukken. 

U denkt, lezer, ik kom aan de slotbeschouwing van het interview, en dàt waarmee iedere Cerclesupporter Fré omkranst, is niet eens ter sprake gekomen.  17 december 2006, juist voor de winterstop, Cercle-Club, 63ste minuut: Fré keilt de bal tussen de blauw-zwarte doelpalen.  Het blijft 1-0 tot de scheidsrechter affluit.  Wat een vreugde, wat een euforie!  Eén seconde van uniek succes, en Fré is en blijft levenslang wereldberoemd in heel Brugge!  “Ja, zeker, daarover spreken velen me nog dikwijls aan.”  Op mijn slotvraag of het blijde nieuws dat ik vanmorgen in het Nieuwsblad gelezen heb, klopt, bevestigt Fré dat het, alles in acht genomen, onwaarschijnlijk goed evolueert met Alexander, zijn broer die nog geen maand geleden het slachtoffer werd van een zwaar verkeersongeval.  Een flits, ook hier, maar een gevolg dat écht ingrijpt in het leven.  Voor Alexander, vanzelfsprekend.  Voor Fré ook?  “Ik had voordien al besloten te stoppen met voetballen.  Zoveel tijd eist mijn werk van mij op, dat ik er te allen koste genoeg moet vrij maken voor mijn vrouw, mijn twee dochtertjes en heel mijn familie.  Alexanders accident bevestigt wat ik me al goed bewust was: tijd dient ertoe om die zo interessant mogelijk door te brengen.”

(Georges Volckaert)

Lees meer
Cerle Brugge KSV
De beloften: Gianni Swennen

Toen in april het behoud en, met de overname door AS Monaco, de toekomst van Cercle Brugge werd veilig gesteld, legde het bestuur jeugdspelers Olivier Deman, Martin Puskas, Charles Vanhoutte, Francis Cathenis en Gianni Swennen voor twee jaar vast. Deze laatste is ondertussen uitgegroeid tot een van de sterkhouders van het U21 team van Jimmy Dewulf en Wouter Artz. 

Gianni, hoe ben je bij Cercle Brugge terechtgekomen?

Ik begon te voetballen in mijn woonplaats Gavere, en daar werd ik op mijn 8ste opgemerkt door de scouts van KMSK Deinze. Toen ik 15 was, werd ik gecontacteerd door Cercle Brugge, met de vraag om te komen testen. Ik trainde vier keer mee, en speelde ook een match tegen OHL. Nadien mocht ik tekenen. Ik kon ook naar KV Oostende en KV Kortrijk, maar de persoonlijke aanpak van hoofdscout Marc Van Opstaele en het feit dat Cercle Brugge een goede naam heeft op vlak van doorstroming van eigen jeugd, gaf voor mij de doorslag om voor Groen-Zwart te kiezen. 

Vanaf toen ging het snel. Je pikte vlot het niveau op, en bleef vooruitgang boeken.

Bij de U16 werd ik halfweg het seizoen doorgeschoven naar de U17. Vorig jaar startte ik opnieuw bij de U17, maar na de winterstop kreeg ik mijn kans bij de junioren. Enkele weken voor het einde van de competitie werd ik door Jimmy Dewulf en toenmalig Algemeen Directeur Eric Deleu uitgenodigd voor een gesprek. Ze vertelden dat Cercle Brugge sterk geloofde in mij, dat het bestuur mij een profcontract aanbood, en dat ik het seizoen daarop voor de beloften mocht uitkomen.

Het werd nog spannend, want KV Oostende wilde jou absoluut aantrekken. 

Dat klopt. Vorig seizoen kwam de Vereniging in woelige wateren terecht. Er was tot in april geen duidelijkheid of Cercle zich kon handhaven in het professioneel voetbal, en zelfs over haar voortbestaan was er twijfel. Niemand kon 100% duidelijkheid verschaffen. Als andere teams dan interesse tonen en blijven aandringen, ga je als speler eens luisteren. Maar uiteindelijk heb ik voor Cercle gekozen, en voorlopig heb ik me dat nog niet beklaagd.

"Hij is een typische centrumspits."

We polsten bij David Carpels, Hoofd Opleiding, en je coach Jimmy Dewulf naar wat voor type speler jij bent. 

(David) Ik heb vorig seizoen Gianni bij de U17 onder mijn hoede gehad. Hij is een typische centrumspits. Gianni is groot en sterk, kan de bal goed afschermen, sluit goed aan en is redelijk snel. Zijn mentaliteit is prima. Hij toont zich leergierig, intelligent en gedreven, pikt dingen snel op en ligt goed in de groep. Gianni was natuurlijk nog geen afgewerkt product toen hij mijn team verliet. Onder andere aan zijn kopspel en kaatsen moest nog geschaafd worden, en bij de beloften zal hij, door het hoger niveau van zijn ploegmaats en tegenstanders, ongetwijfeld met nog meer werkpunten geconfronteerd worden. 

(Jimmy). Ik ga akkoord met wat David zegt. Gianni heeft daarnaast een neus voor doelpunten en in het begin van het seizoen deed hij het net vaak trillen, maar de voorbije weken sputterde het kanon, en sinds een aantal matchen staat hij droog. Je merkt op training dat hij dan wat ambetant loopt. Een aanvaller leeft van doelpunten  en wil het net ruiken. Als dat niet gebeurt weegt dat, hoe goed je voor de rest ook speelt, op je gemoed. 

Wat doe je dan als trainersstaf?

(Jimmy) Het is dan aan Wouter en mij om hem te helpen dit een juiste plaats te geven, en hem te doen blijven geloven in zijn kwaliteiten. Veel schouderklopjes, eens slaan, eens zalven. Op welk niveau hij later ook terechtkomt, hij zal dit nog meemaken en hij moet leren daarmee omgaan. In die omstandigheden mag hij de zaken zeker niet forceren door zich te ver te laten uitzakken naar het middenveld, iets wat van nature sowieso een beetje in zijn spel zit, om de bal te voelen. Dat is weliswaar een normale reactie, maar heeft een averechts effect, want een spits moet fris in de box zitten, en in het geval van Gianni nog meer met het gezicht naar doel. Daarnaast mag hij ook nog wat leper worden. Zowel Wouter Artz als ik waren vroeger verdedigers, en vanuit dat verleden kunnen we hem een aantal leertips meegeven, meestal details, maar op het hoogste niveau, en daar moet hij toch naar streven, maken ze vaak het verschil. We herhalen die dingen voortdurend, en hij houdt daar dan wel rekening mee, maar het is de bedoeling dat dit op een dag volledig uit zichzelf komt.

Gianni, door het zware onweer waarin Cercle Brugge de afgelopen jaren vaak vertoefde, zochten veel getalenteerde jongeren andere oorden op. Het pleit dan ook voor de jeugdwerking dat ondanks die exodus de beloften het klassement in 1B aanvoeren.

Dat klopt en is een bewijs dat er met de jongeren goed gewerkt werd. Sinds de start van de voorbereiding verloren we slechts één keer in 15 matchen. De koppositie willen we niet meer uit handen geven, we gaan dus resoluut voor de titel. Ook de Beker van België leeft in de groep, want je mag daar enkel met U21-spelers voetballen, en dat geeft een eerlijker beeld over het werkelijke niveau van de beloften. We versloegen in die competitie ondertussen KV Oostende en KV Kortrijk, en met wat geluk met de loting kunnen we heel ver geraken. 

"We gaan resoluut voor de titel."

Wat is het geheim van jullie sterke prestaties?

Een goeie sfeer, we hangen sterk aan elkaar - iets waar ook de trainers een groot aandeel in hebben - en een sterke centrale as. Broes Willem en Simon Vandewiele zijn goed uitvoetballende verdedigers, Robbe Decostere recupereert veel ballen op het middenveld, en Olivier Deman en Charles Vanhoutte kunnen individueel het verschil maken. Vooraf vreesden we dat er elke week heel wat spelers van de grote A-kern zouden afzakken, ten koste van onze speelminuten, maar dat valt goed mee. Zeker op mijn positie heb ik niet te klagen. De trainers drukken ons evenwel voortdurend op het hart dat we, als we om die reden eens naast de basisploeg vallen, in de speeltijd die we krijgen, hoe beperkt die ook is, voor ons leven moeten spelen. 

Jij woont in Gavere, en je loopt school in Brugge. Hoe slaag jij erin om het voetbal met je studies succesvol te combineren?

Het is niet altijd gemakkelijk. In elk geval zijn het lange dagen. Ik sta vroeg op om te studeren en neem daarna de trein van 07.15u in Gavere, richting Brugge. Ik volg de richting Marketing en Ondernemen aan het VHSI. Na de lessen en de studie volgt de training, en daarna pendel ik terug naar Gavere en kom ik omstreeks 22.00u thuis aan. Ik zou kunnen op internaat gaan, maar mijn ouders willen nog wat controle over mij houden. Ze zijn bezorgd, willen het beste voor mij, hameren er voortdurend op dat ik mijn diploma moet behalen en moedigen me aan niet op te geven. De combinatie lukt, maar veel tijd voor andere dingen is er niet. Ik moet dus goed plannen en efficiënt en gefocust studeren. 

Daar kunnen we alleen maar bewondering voor hebben. Bedankt voor het interview en een mooi en blessurevrij seizoen toegewenst!

(Diederiek Vermeersch) 

Lees meer