koop tickets online

SHOT sprak met… Jimmy De Wulf en Wouter Artz


‘Hongerige coaches die staan te trappelen om vooruit te gaan met Cercle’ 


Het was een bericht op de officiële website enkele dagen terug.  Ook de competitie bij de beloften is ondertussen beëindigd.  Door het toepassen van de regel van drie eindigden de Cerclebeloften op een mooie derde plaats.  En toch zat er wellicht nog meer in.  Dit levert bij de technische staf gemengde gevoelens op.  Enerzijds alle begrip voor het stoppen van de competitie, maar anderzijds heerst toch ook het gevoel dat het werk nog niet af was en dat top twee er wellicht nog in zat. En die top twee gaf recht op promotie naar het hoogste beloftenniveau.  Het werd een leuk en lang gesprek tussen twee boezemvrienden die al enkele jaren puik werk leveren met de beloften, maar nog niet zijn waar ze willen zijn.  Het gesprek met Jimmy De Wulf en Wouter Artz verliep trouwens via videochat door de Coronamaatregelen die nog altijd van kracht zijn.  

Jim en Wouter, veel van onze lezers kennen jullie natuurlijk van jullie tijd bij Cercle.  Kunnen jullie nog even kort jullie carrière schetsen vanaf de tijd bij Cercle tot nu? 
 

Jim: Na de tijd bij Cercle, deed ik nog een jaartje KV Oostende.  Vervolgens trok ik voor drie seizoenen naar Cyprus.  Bij Paralamni.  Na die drie seizoenen keerde ik later dan voorzien terug naar België.  Dat kwam door wat betalingsproblemen.  Helaas zaten toen de kernen van de meeste ploegen al vol.  Via de schoonbroer van Rubin Dantschotter kwam ik terecht bij Koksijde.  Hij was daar keeper.  Ik onderhield daar toen de conditie door mee te trainen. 

Cerle Brugge KSV

Het doel was om nog in eerste of tweede klasse aan de slag te kunnen.  Toen dat er niet in zat, tekende ik voor één seizoen bij Koksijde. Het seizoen erna startte ik met de trainerscursussen.  Dat was bewust.  Ik had geen zin om te blijven voetballen in lagere afdelingen.  Het trainer worden was meer dan een bewuste keuze.  Ik begon bij Cercle Brugge bij de U17.  Dat was samen met Bart Van Hecke.  Daarna werden het de beloften.  Eerst met Sven Charita en daarna, tot nu, samen met Wouter.  Met Wouter is het nu al het vierde seizoen dat ik de beloften train. 

Wouter: Na Cercle ging het voor mij nog een seizoen naar FC Volendam in de Nederlandse tweede klasse.  Maar daarna ben ik toch teruggekeerd naar België.  Er volgden een paar seizoenen in tweede bij FCV Dender EH.  Op het einde van die twee seizoenen zeiden de dokters dat het gedaan zou zijn met mijn carrière door knieproblemen, op 27-jarige leeftijd. Toch revalideerde ik  en probeerde het toch nog eens.  Het werd de vierde klasse bij Ieper.  Maar na enkele wedstrijden viel ik weer uit met een blessure aan de knie.  Ik kreeg er het aanbod om scout te worden voor de eerste ploeg.  Dat was een soort van vriendendienst.  Ik overwoog toen eigenlijk om uit het voetbal te stappen, maar na advies van familie, vrienden, mijn huidige vriendin en ook Jimmy besloot ik met mijn trainerscursus te beginnen.  Ik was twee jaar hoofdscout bij Ieper en begon vervolgens als coach bij de U16 van Cercle Brugge.  Dat deed ik één jaar en sindsdien ben ik met Jimmy verantwoordelijk voor de beloften.  

Jullie speelden een tijd samen bij het eerste elftal van Cercle.  Was er onmiddellijk een klik tussen jullie?  

Wouter: Niet echt.  Eigenlijk lachen we daar nu vaak om.  Ik kwam aan in Brugge als een echte Rotterdammer.  Er was toch wat bijsturing nodig om hier te kunnen aarden.  Zeker het eerste seizoen was ik in de ogen van de meeste ploegmaats eerder de ‘asociale Hollander’.  Aanvankelijk trok ik vooral op met de Tsjech Vit Valenta die toen ook in de ploeg zat.  Ook met Anthony Portier en Rubin Dantschotter klikte het al snel.  Halverwege mijn tweede seizoen vond ik echt mijn draai en kon ik het ook goed vinden met Jim.  We vonden elkaar op voetbalvlak, maar ook daarnaast.  Sindsdien is Jim gewoon mijn beste vriend geworden.  

Jim: Dat klopt wel.  Het eerste jaar was het voor Wouter zeker niet makkelijk om zich aan te passen.  Hij was een beetje de vreemde eend in de bijt.  We hadden toen een erg sterke kleedkamer.  De kern was toen een hechte vriendengroep.  Dat heb ik eigenlijk zelden meegemaakt.  En toen kwam Wouter daarbij als de Nederlander die over alles wel een mening had.  Maar gaandeweg leerden we elkaar appreciëren en konden we het over alles hebben.  Vaak is een blik genoeg om op dezelfde golflengte te zitten.  

Wouter: Jim is nu trouwens ook peter van mijn dochtertje.  

Jim: Dit zegt hij nu waarschijnlijk om cadeaus te krijgen.  

Hoe zit het met de taakverdeling bij jullie?  Jim hoofdtrainer en Wouter assistent?  Of hoe moeten we dat zien? 

Jim: Eigenlijk is het een echte duobaan.  Ik zit een jaartje vroeger bij de beloften.  Alles gebeurt eigenlijk in overleg met elkaar.  Toch hebben we een beetje de taken verdeeld.  Zo gebeurt alles qua communicatie met de A-kern via mij.  Alle interactie naar de andere jeudgcategorieën is dan weer voor Wouter.  Dat is dan vooral met de U18 en met de jeugdcoördinator David Carpels.  Vroeger combineerde ik al die taken, maar dat was gewoon te zwaar.  Daar kruipt zoveel tijd in dat het gewoon niet combineerbaar was, zeker niet met nog een job ernaast.  

Jullie zijn momenteel niet full time in dienst bij Cercle.  Wat doen jullie naast  trainerschap van de beloften? 

Wouter: Ik ben werkzaam als teamleader bij Decathlon in Brugge.  Door mijn werkuren en verantwoordelijkheden daar, heb ik niet altijd de tijd en ruimte om o.a. de communicatie met de eerste ploeg te doen.  Daarom is die taakverdeling bij ons echt wel nodig.  

Jim: Momenteel ben ik naast trainer, ook zelfstandige in bijberoep.  Dat is een bewuste keuze.  In alle eerlijkheid en openheid had ik misschien wel al verwacht dat Cercle Brugge verder zou ingezet hebben op mij.  Dat is helaas nog niet gebeurd.  Door dat statuut creëer ik eigenlijk de nodige ruimte wanneer dat wel zou gebeuren.  Momenteel werk ik voor Com-One, het IT-bedrijf van mijn neef.  Ik ben daar verantwoordelijk voor het klantenbeheer en het aantrekken van nieuwe klanten.  Dat is voor mij belangrijk, want mijn neef toont begrip voor mijn situatie.  Voor Wouter ligt dit natuurlijk een stuk moeilijker.  Ik ben blij dat ik die ‘vrijheid’ heb, ik ben mijn neef daar ook dankbaar voor.  

Cerle Brugge KSV

Wie is er nog allemaal betrokken bij de beloften?  

Jim: Als het gaat over het sportieve en over het veldwerk dan kan ik daar kort over zijn.  Dat zijn Wouter en ik. Eigenlijk is dat wel een probleem dat dringend moet aangepakt worden.  Twee mensen die part time aan de slag zijn, is gewoon te weinig.  Zeker met het oog op professionalisering. We voelen de noodzaak om full time trainer te worden. Naast de eigenlijke beloften hebben wij ook soms de betere spelers van de U18 bij ons op training.  Maar daarnaast komen er ook soms nog spelers uit de A-kern bij de beloften.  Dat wordt soms een beetje veel.  Uiteraard zijn er wel mensen die ons ondersteunen.  Zo hebben we Mathias Bil, Johan Dantschotter en Geert Sabbe als afgevaardigden.  Af en toe ook Peter Loef als hij in het land is.  Charlotte Schepens is onze dokter.  Bij elke thuiswedstrijd moeten we namelijk een dokter voorzien.  Zij doet dat uitstekend.  En Jasper Ameye is vaak onze kinesist.  
 

Dan even praktisch.  Hoe ziet een gemiddelde werkweek eruit voor jullie en de beloften?  En hoe is de samenstelling van jullie spelersgroep?

Wouter: Op maandag spelen we altijd een wedstrijd.  Op dinsdag is er een training met de groep.  De woensdag is er ofwel een vrije dag ofwel staan er dan individuele trainingen op het programma.  Donderdag en vrijdag zijn er groepstrainingen, op zaterdag is er een vrije dag en ook op zondagvoormiddag wordt er getraind.  Dit is de huidige situatie.  Dit moet en kan echter nog professioneler. 

Jim: Het feit dat er op zaterdag geen training is, is niet omdat we niet willen trainen.  We zijn dan gewoon niet in de mogelijkheid om een training te organiseren.  Er is dan geen enkel oefenveld vrij, omdat onze vele jeugdploegen dan spelen.  We zouden zeer graag ook een individuele training of groepstraining plannen op zaterdag.  

Wouter: Wat de samenstelling van de groep betreft, mag je je niet miskijken op de naam ‘beloften’.  Het is wellicht één van de moeilijkste groepen die je kunt hebben als trainer.  Je hebt gewoon veel verschillende spelers onder je hoede.  En uiteraard verdient iedereen evenveel aandacht.  Zowel de ‘gewone’ beloften als ik ze zo mag noemen, maar ook zowel de spelers uit lagere leeftijdscategorieën als de spelers die uit de A-kern komen.  Ze hebben ook een ander soort aandacht nodig.  Mochten we meer tijd hebben om er mee bezig te zijn, dan zouden we efficiënter en kwalitatiever werk kunnen verrichten.  Bij het begin van het seizoen proberen we een goeie kern te hebben, maar we proberen in de mate van het mogelijke rekening te houden met wat komt of wat zou kunnen komen in de loop van een seizoen. 

Jim: Ik kan dat staven met wat voorbeelden.  Op dinsdag hebben we een algemene training.  Daar hebben we naast de beloften ook de betere spelers van de U16 en de U18 bij, maar jij kent natuurlijk ook de situatie met de A-kern dit seizoen.  Wij kregen heel wat spelers van de A-kern erbij.  Jongens als Goblet, Taravel, Omeonga en Saadi staan gewoon veel verder in hun ontwikkeling.  Als je die allemaal op één veld hebt, dan is dat niet eenvoudig.  Eigenlijk zou dat moeten opgesplitst worden.  En dat kan alleen maar door tijd.  Eigenlijk zou je voor die jongens uit de A-kern een apart trainingsmoment moeten hebben samen met de beteren van de beloften.  En dan ’s avonds een training met de beteren van de U16 en U18 samen met de andere beloften.  Maar dat is momenteel niet mogelijk.  

Wouter: Tijd is inderdaad zeer belangrijk.  Als je op maandagavond een wedstrijd hebt in Charlerloi en je moet de volgende dag weer aan de slag bij je werkgever en ondertussen ben je ook zo vaak mogelijk bezig met de beloften, dat vergt enorm veel van jezelf en van je gezin.  Door de passie en de goesting zijn we nu zo ver gekomen.  We hebben zeker de ambitie om professioneler te werken.  Jim volgde de jeugdopleiding bij de buren, dat is één van de beste academies van België. Ikzelf doorliep de jeugdreeksen van Feyenoord.  Dat is toch ook top drie in Nederland.  Wij hebben een visie voor een professionele structuur op de lange termijn en we hopen dat Cercle Brugge daar in wil meegaan.  

Hoe verloopt het contact met de eerste ploeg?  Is daar een verandering gebeurt sinds Storck aan het roer staat? 

Jim: Eerst en vooral moet ik zeggen dat we al heel wat trainers de revue hebben zien passeren.  Er is niet echt continuïteit.  Bovendien heeft elke trainer zijn eigen manier om contact te houden met de beloften.  Ikzelf ben altijd de eerste om op een beleefde en open manier te vragen om een goed contact te onderhouden met de beloften.   Het moet en het kan eigenlijk niet anders.  De betere beloften kunnen doorstromen naar het A-niveau en er komen uiteraard ook spelers vanuit de A-kern naar de beloften.  Er moet dus sowieso communicatie zijn.  Dat lukt bij de ene trainer al iets beter dan bij de andere.  Met Storck was de bereidheid er altijd om te praten over voetbal en over de verschillende spelers.  Ik kon hem altijd telefonisch bereiken of via Whatsapp.  Daar valt niet over te klagen.  Maar het kan en het moet eigenlijk nog veel beter.  Eigenlijk staat dit nog in zijn kinderschoenen.  Van andere ploegen hoor ik dat er wekelijks een meeting is tussen de staf van de A-kern, die van de B-kern en zelfs met die van de U18.  Bij ons is dit tot op heden niet het geval.

Wouter: Bij veel andere ploegen staan de trainers van de verschillende categorieën ook op elkaars trainingsveld.  Bij ons gebeurt dit nog niet.  

Jim: Er is wel communicatie, maar het is voorlopig basis.  Er zijn ook heel wat praktische problemen.  Zo traint de A-kern overdag, terwijl wij verplicht worden om ’s avonds te trainen.  Zo is er al heel wat minder kans om elkaar te treffen, laat staan goed te communiceren.  

Wouter: Daar streven we eigenlijk naar.  We zouden graag op dezelfde momenten trainen.  Als er dan moet ingesprongen worden of moet bijgestuurd worden, dan is dat gewoon veel makkelijker.  Dat gebeurt eigenlijk bij de meeste profploegen.  Ik hoop dat Cercle daarin ook snel volgt.  

Cerle Brugge KSV

Over de A-kern gesproken.  Drie beloften zijn dit seizoen opgenomen in de A-kern door Storck.  Met name Thibo Somers, Arne Cassaert en Calvin Dekuyper.  Machtig gevoel?

Jim: De eerste wedstrijd dat de jongens speelden voor het eerste elftal zaten wij constant naar elkaar te sms’en.  Het maakt je apetrots als trainer om die jongens te zien spelen op het hoogste niveau in België.  Voor ons is dat eigenlijk een soort beloning voor het harde werk dat wij in de schaduw verrichten.  Het blijft trouwens niet alleen bij die jongens.  Er zijn ook nog Charles Vanhoutte, Robbe Decostere, Olivier Deman en nog een aantal jongeren die aan  de deur kloppen.  De eerste twee spelen nu op uitleenbasis bij Tubeke en de laatste mocht vorig seizoen van het echte werk proeven.  
Toen Storck twee dagen bij Cercle was, kwam hij een naar een beloftenwedstrijd kijken.  Daags nadien zat ik twee uur met hem samen en wenste hij ons proficiat.  Hij zei dat hij de mentaliteit van de beloften niet in zijn groep had.  Het is fantastisch dat hij het dan ook aandurft om jongeren op te pikken en ze kansen te geven.  Wij vragen dat al jaren om eens een jongere te durven zetten die bij ons tegen zijn (Beloften)limieten aan botst.  Je hebt er eigenlijk niet bij te verliezen.  

Wouter: Ik kan dat gevoel alleen maar bevestigen.  Sinds de vier jaar dat wij coach zijn van de beloften willen wij elke speler naar zijn topniveau brengen.  Daar hameren we op bij elke training en bij elke wedstrijdbespreking.  Voor de ene kan dat het eerste elftal van KM Torhout zijn, voor een andere speler is dat misschien Manchester United bij wijze van spreken.  Als je dan ziet dat die drie jongens nu deel uitmaken van de A-kern van Cercle en ook hun matchen spelen, dan geeft je dat echt de kriebels.  Naast de namen die Jimmy al noemde zijn er nog een aantal spelers. Persoonlijk is het leuk dat ik enkele van die jongens in mijn team had toen we kampioen werden met de U16. 

Er zijn momenteel ook twee reeksen bij de beloften.  Een reeks van 8 en dan een reeks van 16, waar ook Cercle Brugge in speelt. Hoe kwamen ze bij die verdeling? 

Wouter: Dat is voor ons wat vervelend.  Vorig jaar zijn we bij de beste zeven ploegen van België geëindigd.  Als je dat als basis zou nemen voor de nieuwe competitie, dan horen wij daar gewoon altijd bij.  Helaas zijn er andere voorwaarden aan te pas gekomen.  Het gaat eigenlijk over licentiepunten.  Dat maakt het verschil tussen de topreeks (Beloften A) en de reeks waar wij in zitten met alle andere teams (Beloften B).  

Jim: Het bepalen van die reeks was een heel moeilijke oefening.  Het gaat ondermeer over het aantal oefenvelden je hebt, over het aantal jeugdspelers, … Het komt er eigenlijk op neer dat we een aantal ‘puntjes’ te kort kwamen om bij de eerste reeks ingedeeld te worden.  We hebben het gevoel dat we daar wel kunnen thuis horen met onze jeugd.  We zijn derde geëindigd in de B-reeks.  Als je weet dat de eerste twee promoveren, dan weet je dat we er echt dicht bij aanleunen.  Het is dan ook ergens jammer dat de competitie beëindigd is en dat we de twee eerste ploegen (Waasland Beveren en Eupen) niet langer het vuur aan de schenen konden leggen.  

Wouter: Ik denk dat we goed op weg waren om nog bij die eerste twee te geraken.  Ze hebben de regel van drie toegepast om dat niet alle ploegen evenveel wedstrijden hadden gespeeld.  In voetbal is alles mogelijk.  We hadden Eupen geklopt en Waasland Beveren moest nog naar Cercle komen.  We zullen het natuurlijk nooit weten…

Hoe zit het eigenlijk met de appreciatie voor jullie werk?  Vanuit het bestuur, de eerste ploeg, de fans, …

Jim: Ik zal niet zeggen dat we geen appreciatie voelen voor ons werk, maar we vinden het eigenlijk niet genoeg.  We hebben te vaak het gevoel dat we op een eiland zitten en dat we een beetje in de schaduw staan.  Een klein voorbeeld.  Er wordt jaarlijks een ploegfoto genomen van elke categorie.  De A-kern wordt natuurlijk eerst gedaan, vervolgens alle jeugdploegen en dan komt men tot de conclusie dat de foto van de beloften niet is genomen.  En dan wordt die een paar maanden later nog genomen.  Dat is best frustrerend. Al moet ik zeggen dat er stap per stap verbetering komt. Zo zijn er de wedstrijdverslagjes die op de website verschijnen. Ook de woorden van onze voorzitter Vincent Goemaere verraden het feit dat hij meer Cercle DNA wenst en dat doet ons het beste verhopen.

Wouter: Vanuit de supporters voelen we die appreciatie wel.  We merken dat tijdens wedstrijden en op sociale media.  Het kan natuurlijk altijd beter, maar ik denk dat veel supporters wel weten hoe de beloften het doen.  Als het dan gaat over waardering vanuit het bestuur en de eerste ploeg dan zeg ik persoonlijk resoluut ‘neen’.  Het is al aangehaald, wij weten wat profvoetbal en een professionele omkadering inhouden.  Wij halen nu al vier jaar met onze passie en onze ambitie deze resultaten.  We hebben tijdens die jaren gezien hoe Anderlecht, Standard, Genk, Gent en KV Mechelen het aanpakken.  Als Cercle zich wil ontwikkelen tot een meer profesionelere omkadering is er meer nodig.  Ik zeg dit met alle respect, want wij weten ook welk parcours Cercle de afgelopen seizoenen heeft afgelegd.  Alle focus lag op de eerste ploeg en er is stap voor stap keihard gewerkt. Een investering in ons zou zich dubbel en dik terugbetalen naar de toekomst toe.  Het geeft zoveel persoonlijke voldoening als we een speler zien doorbreken bij de eerste ploeg.  Net als het ons voldoening geeft als we het met ons team goed gedaan hebben.  Het zou ons ook voldoening geven mocht men vanuit het bestuur de nodige waardering geven.  

Jim: Ik kan daar nog een voorbeeld aan toevoegen.  Als je kijkt naar een speler die dit seizoen erg belangrijk was voor Cercle Brugge, dan kom je al snel bij Kevin Hoggas.  Die jongen speelde vorig seizoen lange tijd bij de beloften.  Misschien weten weinig supporters dat.  De toenmalige trainer geloofde niet in hem.  Die jongen moest weg en hij kwam bij ons terecht.  Hij moest zich opladen om te trainen met de beloften en om elke maandagavond een match te spelen.  Wel, in het geval van Kevin kwam de appreciatie van de speler zelf.  Voorts heeft bijna niemand daar ons ooit over aangesproken.  Wij waren er om die speler toch de drive en motivatie te geven.  Als je dan nu ziet hoe hij zijn plaats in dat eerste elftal weer ingenomen heeft… Ook dat doet ons enorm deugd.  Omdat we heel wat voor hem gedaan hebben.  Zo kwamen we in Standard voor een wedstrijd, maar had hij zijn paspoort niet bij.  In principe kun je dan bij de beloften niet spelen.  Ik heb toen bemiddeld bij de coach van de tegenstander om hem toch te mogen laten spelen.  Persoonlijk mis ik dat wel.  Die appreciatie en dat respect om die jongen op te vangen en er veel voor te doen.  

En als we eens kijken naar de toekomst.  Wat brengt die? 

Wouter: Het is vrij simpel.  Halverwege november hebben we een gesprek gevraagd met het Cerclebestuur (en dus ook Monaco) om onze toekomstvisie toe te lichten.  Het komt erop neer dat we allebei voltijds in de voetbalwereld willen werken.  We hebben een volledig project klaar.  Het is daarin de bedoeling dat ik nog meer richting de jeugd ga toe werken als persoon die voor de doorstroming moet zorgen.  Ik zou nog meer contact willen hebben met alle trainers en ik zou graag individuele spelers gaan opvolgen zodat we die doorstroming nog beter kunnen organiseren.  Alles gaat tegenwoordig meer en meer over data en die willen we zo goed mogelijk in kaart brengen.  Voorts wil ik dan ook als trainer actief blijven van de beloften.  Op korte termijn is het nog even afwachten hoe het evolueert met de Coronacrisis, maar op lange termijn is het de bedoeling om full time aan de slag te gaan bij Cercle en om de jeugd beter af te stemmen op de eerste ploeg.  Als ik dan kijk op de heel lange termijn is het de bedoeling om zo hoog mogelijk in het profvoetbal te komen.  Ook wil ik op termijn mijn andere trainersdiploma’s nog halen.  Momenteel is dit niet combineerbaar met mijn job en mijn engagement bij Cercle.  

Jim: Ik was tot voor de Coronacrisis volop bezig met mijn Pro Licence diploma te behalen.  Dit ligt momenteel stil.  Het is de bedoeling om dat binnenkort terug op te pikken.  Mijn ambitie is duidelijk.  Ik wil in de staf van de A-kern komen.  Bovendien vind ik het ook hoognodig dat dat gebeurt.  Het is belangrijk dat er iemand in de staf zit die connectie houdt met de beloften.  De beloften bij Cercle Brugge zouden volgens mijn bescheiden mening ook meer en meer in een professioneel statuut moeten komen.  Ze moeten meer en meer kunnen beginnen leven als een prof.  Eigenlijk zou dit al moeten vanaf de U18, het creëren van die profcultuur.  Dat kan perfect door mijn ervaring door te schuiven.  Ik kan dan ook mee op het veld met de A-kern voor trainingen en wedstrijden en ook de wedstrijden van de beloften meevolgen vanop de bank.  In dat voorbeeld is Wouter dan bijvoorbeeld wel de eigenlijke coach van de beloften.  Dit kan in twee richtingen een win-winsituatie zijn.  Jongens die vanuit de A-kern komen vinden dan ook bij de beloften iemand uit de staf van de A-kern.  Omgekeerd kan dat ook tot succes leiden.  De beloften weten dan dat ze gevolgd worden door iemand uit de A-kernstaf.  Op zijn beurt kan Wouter dan bijvoorbeeld ook uitrollen naar de U18.  En dan heb je veel groepen die betrokken zijn bij dezelfde missie en visie.  Dat is dus mijn eerste ambitie, daar hard aan meewerken.  Maar dan moet het wel waargemaakt worden.  Ik heb mezelf al veel weggecijferd voor de vereniging.  Langs de andere kant kan ik natuurlijk ook niet blijven afwachten.  

Duidelijke taal van twee echte Cerclisten die zich met hart en ziel inzetten voor de vereniging.  En met mooie resultaten.  Het doorbreken van jonge gasten in de A-kern en een mooie derde plaats in de afgelopen competitie.  Laat ons hopen dat ze van iedereen de nodige waardering krijgen en dat het niet blijft bij de drie Cercleproducten die dit seizoen op het hoogste niveau doorbraken.  

(Stijn Sinnaeve)
 

Gerelateerde nieuwsberichten

Cerle Brugge KSV
SHOT sprak met … Chloë Goetinck

Psychologe

Het aanstaande seizoen treedt de Cerclejeugd terug aan bij Elite 1.  D.w.z. bij de twaalf beste jeugdopleidingen van het land, en kunnen ze zich terug met de besten meten.  In een vorig artikel schreef ik reeds dat het begrip “jeugdwerking” wel snel kan uitgesproken worden, maar dat er heel wat achter schuilt.  Dat het Cercle menens is met de jeugdwerking en dat dit behoorlijk ver kan gaan, bewijst de op til zijnde samenwerking met een externe psychologe.  
SHOT is graag snel bij de pinken, en nog vooraleer de exacte taakomschrijving van Mevr. Goetinck duidelijk gespecifieerd is, gingen we alvast bij haar even ons oor te luisteren leggen.   Daar de overheid ondertussen een aantal corona maatregelen afzwakte, werd dit het eerste “live” SHOT interview sinds maanden.  Chloë en ikzelf nestelden ons op een zondagmorgen op een Brugs terras (de lokale economie steunen hé) en ik liet deze intelligente  spraakwaterval haar ideeën spuien en een beetje haar ziel en leven blootleggen.

Lees meer
Cerle Brugge KSV
Shot blikt terug ... Europees verhaal

In Het Nieuwsblad van woensdag 1 juli laatstleden verscheen een mooi, uitgebreid artikel over de eerste wedstrijd van Johan Cruyff bij FC Barcelona.  We schrijven 5 september 1973.  De tegenstander: Cercle Brugge! De journalist laat enkele Cerclespelers van destijds aan het woord en omschrijft levendig het gebeuren.  De omschrijving “De meest prestigieuze oefenwedstrijd uit het Belgisch voetbal” laten we ons welgevallen.  Welke Belgische ploeg speelde immers ooit een oefenwedstrijd voor 92.000 toeschouwers?
Naast het feit dat onze toenmalige goallie, Patrick Albert, zich verslikt in het aantal beschikbare plaatsen in het toenmalig Edgard De Smedtstadion en al zeker over de afwezigheid van een zittribune… viel mij voornamelijk, in de overigens anders correcte tekst, volgende zin op na de tekst dat Cercle vijf jaar voordien nog in derde afdeling aantrad: “Laat staan dat het al ooit Europees heeft gespeeld”.

Nou moe, dat deden we destijds ettelijke malen.  Na een opmerking mijnentwege verontschuldigde hij zich voor deze kleine misstap, waarbij hij zich enkel gebaseerd had op de door de UEFA georganiseerde tornooien vanaf de jaren vijftig.

Zand er over dus, maar wij geven u toch graag even die historiek van het vooroorlogse Europese Cerclepalmares mee, zoals het verscheen in het boek “115 jaar Cercle Brugge in een notendop” (nog steeds verkrijgbaar in de shop).  Dit komt voor in hoofdstuk 17, geschreven door medeauteur Marnix Knockaert.

Lees meer
Cerle Brugge KSV
SHOT sprak met … Marc Van Opstaele

ATVJO jeugdwerking Cercle Brugge


Ondanks een toevloed van buitenlandse spelers op de Belgische voetbalvelden, blijft de jeugdopleiding voor de ploegen een groot aandachtspunt.  Er waren jaren dat dit slabbakte, maar o.a. onder druk van de Pro League en KBVB (opleggen minimale vereisten en invoeren van Elite 1 en 2 bv.) en ergens ook wel uit noodzaak, investeren ploegen meer en meer in die jeugdwerking.  Zo blijkt ook uit de cijfers.  Volgens Sporza investeerden de profploegen in 2018 samen vijftig miljoen euro in de jeugd, terwijl 23 miljoen het minimum verplichte was.  Jeugdopleiding, het woord is snel uitgesproken, maar het raderwerk er achter is heel wat gecompliceerder.  Vandaar spraken we met Marc Van Opstaele, ATVJO jeugdopleiding van Cercle, die o.a. hoofdscout is.  Scouting is van primordiaal belang om beloftevolle spelertjes naar je vereniging te halen.  Ze komen immers niet meer, zoals in mijn jonge jaren, vanonder de Brugse kerktorens…

Lees meer