koop tickets online

Tienmaal kampioen.. - Pierre Hanon

Wie kan zeggen dat hij ooit de groen-zwarte kleuren in Cercles fanionelftal verdedigde, verdient lof. Wie ooit het paars-wit bij de eerste ploeg van Anderlecht aantrok, kan terecht iets hoger van de toren blazen. Wie ooit als Rode Duivel de eer van ons land verdedigde, mag er bepaald trots op gaan. Wierook vraagt hij niet, maar Pierre Hanon speelde bij Cercle, bij Anderlecht, werd landskampioen, werd bekerwinnaar zowel op nationaal als op Europees vlak, was een sterkhouder als Rode Duivel. Achtenveertig keren verdedigde Pierre ons nationaal elftal, maar het merkwaardigste getal dat hem siert, is …  tien.  Niet één speler in onze hoogste nationale afdeling behaalde  er meer keren dan hij de hoogste titel: tienmaal werd hij kampioen in onze eerste nationale! 

Op 1 juli 1970 werd je officieel  aangesloten bij Cercle, maar jou interviewen, Pierre, kan onmogelijk starten bij 1970. Daar ging al te veel aan vooraf…

Klopt, je moet zelfs niet lang na mijn geboorte, in Anderlecht, eind 1936, van start gaan. Ik was pas drie of vier jaar toen mijn vader, die een café openhield, tegen zijn klanten zei: “Gaan jullie wat opzij zitten, want de kleine moet hier voetballen.” Zeven jaar oud trok ik naar een groot veld waar we tegen elkaar voetbalden met vijftig tegen vijftig, als het niet met honderd tegen honderd was! Als doel zetten we palen in de grond, en het was niet te verwonderen dat het mensen van Anderlecht opviel dat ik een goed schot had, want ik schoot de palen omver.  Ik tekende een aansluiting bij paars-wit, speelde erbij voordat ik tien was en nooit heb ik bij een jeugdploeg van mijn leeftijd gespeeld, altijd hoger. Wat ik me bijzonder goed herinner, is dat de voorzitter van Anderlecht in ons café kwam en tegen vader en moeder zei: “Als díe niet in ons eerste elftal komt, dan komt er nooit iemand in!”

Ik dacht dat je zou beginnen bij Jef Mermans, Arsène Vaillant, Rie Meert, want althans mijn verste herinneringen aan paars-wit gaan terug tot deze Anderlechtpioniers. Misschien noem ik ze ten onrechte ‘pioniers’, maar vóór hun generatie, voor de Tweede Wereldoorlog, speelde Anderlecht nooit kampioen. Nu is paars-wit al aan dertig kampioenentitels toe!

Ik was tien jaar toen mijn favorieten hun eerste nationale titel binnenhaalden. Dat was in 1947. Zelf kwam ik in het eerste elftal toen ik bijna achttien was, in 1954-’55. We verloren thuis tegen Sporting Charleroi met 0-1, maar dat belette niet dat Anderlecht dan al voor de zesde keer kampioen werd. Toen ik in ’70 naar Cercle vertrok, kon ik bogen op iets dat door geen enkele speler overtroffen is: tienmaal kampioen van België! Onze beste reeks zetten we neer van 1964 tot ’68, met vijf kampioenentitels na elkaar. Het was heerlijk, te meer nog daar ons elftal enkel en alleen uit Belgen bestond. Om even terug te komen op de drie spelers die je daarnet vernoemde: met elk van hen heb ik samen in onze fanionploeg gespeeld, zij het slechts enkele keren. Bovendien was het Jef Mermans die mij leiding gaf en mij ons eerste elftal binnenloodste.

"Mijn beste tegenstander ooit?  Pélé!"

Wil  je voor onze lezers  een ruikertje plukken van je meest memorabele herinneringen aan spelers en wedstrijden van vóór je Cercletijd?

Aan de spits van mijn medespelers staan Pol Van Himst en Jef Jurion, samen met een verdediger zoals ik er nooit, zelfs wereldwijd, een betere heb gekend. Ook al is het wel voorgekomen dat zijn speelsheid ons een puntje kostte, een sterker verdedigende spektakelman dan hij, kwam ik nergens tegen. Zijn naam: Laurent Verbiest. Mijn beste tegenstander ooit: Pélé, tegen wie ik drie of vier keer uitkwam. Mijn mooiste herinnering bij de nationale ploeg: 5-1 winst tegen Brazilië, met drie doelpunten van Jackie Stockman. We hebben daar Brazilië zozeer van het veld gespeeld dat ze ons direct na de match al uitnodigden om hun het volgende jaar repliek te gaan geven op eigen bodem. Minstens de helft van onze spelers waren zo vooruitziende dat ze bedankten voor die return, en, jawel, we kregen er dan ook een 5-0 rammeling. Twintig minuten voor het einde was het nog maar 1-0, maar wegens ademhalingsproblemen bij dat vochtige, warme klimaat, stuikten we ten slotte helemaal in elkaar. Op Europees vlak is vooral de uitschakeling van Real Madrid met 1-0 op de Heizel onvergetelijk voor mij, met een doelpunt van Jef Jurion.

Halfweg 1970 trek jij naar Cercle Brugge. Hoe komt een voetbalmonument als Pierre Hanon ertoe, hoewel nog duidelijk ver af van zijn laatste voetbaladem, naar een matige tweedeklasser te trekken die drie jaar voordien nog in de derde klasse uitkwam?

Als ik naar Cercle gekomen ben, was dat niet negentig of negenennegentig maar honderd procent dankzij en voor Urbain Braems. Ik kon onder meer ook naar Club Mechelen, maar het was me duidelijk dat Urbain mij zeer hoog inschatte en hij overtuigde me dat hij mij echt van doen had. Ik kan niet omschrijven wat die overgang voor mij betekende. In het begin had ik het zéér, zéér moeilijk. Het verschil met Anderlecht was enorm. Ik was gewoon voor 30.000 mensen te spelen, kwam nu uit in het armzalige Edgard De Smedt-stadionneke voor een publiek tienmaal minder in aantal.Ook tijdens de week treinde ik ernaartoe voor avondtrainingen. Neen, je begrijpt het niet als je niet ervaren hebt hoe ánders het er bij  Anderlecht aan toe ging, bij Anderlecht met zijn perfecte accommodatie en materiaalvoorziening.  Dat alles terzijde gelaten waren er toch twee dingen die mijn motivatie hooghielden: ik wilde  hoe dan ook aan iedereen bewijzen dat ik het nog kon, en vooral, ik ben nooit, nooit in mijn leven zulke charmante, zulke vriendelijke mensen tegengekomen als bij Cercle. Niet alleen maar toch in het bijzonder denk ik hierbij aan Gerard Versyp, aan Johan Versyp en aan Lucien Hautekiet.

"Ik ben nooit in mijn leven zulke charmante, vriendelijke mensen tegengekomen als bij Cercle."

En het ging goed bij Cercle! Zeer goed zelfs, aanvankelijk. Tijdens je eerste Cerclejaar al werd Groen-Zwart kampioen en promoveerde dus naar eerste. Ik kan niet voorkomen dat er hierbij toch een vraagje bij me opkomt. Na je unieke carrière bij Anderlecht  daal je af naar een tweedeklasser en direct promoveer je met dat ‘ploegje’ naar de reeks waaruit je weggestapt bent. Was je écht gelukkig met die gang van zaken? Kon  je met hart en ziel opnieuw naar eerste gaan – met Cercle…?

Oh, ja. Met Cercle kampioen spelen in tweede deed me evenveel plezier als kampioen worden in eerste. Zie je, als je een contract afsluit, dan moet je het respecteren. Je moet er volop achter staan, en dan besef je: “Nu speel ik met die ploeg, en net als vroeger komt het erop aan te winnen.” Lukt dat, dan heb je er evenveel plezier aan als iemand die al twintig jaar voor die ploeg speelt.

Het jaar daarop deed Cercle het lang niet onaardig in eerste. Groen-Zwart was vierde halfweg, eindigde als vijfde op één plaats van een Uefa-ticket.

Het begon al fantastisch. De eerste wedstrijd was thuis tegen … Anderlecht! We wonnen met 2-0. ‘k Weet niet of je dat kunt begrijpen, maar hoewel ook dan nog mijn hart voor Anderlecht klopte, was het Cerclegevoel dat mij toen aangreep, overweldigend. Een misschien vergelijkbaar gevoel doorstroomde mij ook bij onze zesde match. We staan 1-0 achter op het veld van Club. Ik pegel een vrije schop van op vijfentwintig meter keihard tegen het net van ex-Cercledoelman Sanders. Wie het gezien heeft, herinnert het zich, ongetwijfeld.  Carlos Desteur lepelde de bal van heel dichtbij op mijn voet, en … raak! Het was een enig mooi doelpunt, maar geen toevalstreffer. Week op week hadden we bij elke training dat nummertje ingeoefend. Zo haalden we 1-1 op Club, en niet veel later lukte het op Club Luik nog eens op die manier te scoren. Nogal wat ploegen hebben het nummertje nadien uitgeprobeerd, maar toch was het vrij vlug op geen enkel veld meer te zien. Was het geen toevalstreffer, efficiënt was het evenmin. Zelf kreeg ik op die manier tijdens de oefeningen gemiddeld zes keren op de tien de bal tussen de palen, maar het scorepercentage was toch wel aan de zeer lage kant. 

"Mijn hart klopte voor Anderlecht, maar het Cerclegevoel greep me toen aan."

Cercle eindigde het volgende seizoen, 1972-73, slechts als elfde. In het feestboek van Roland Podevijn bij Cercles negentigste bestaansjaar wordt dat onder meer toegeschreven aan langdurige kwetsuren, aan schorsingen en aan “wrijvingen met het bestuur (Pierre Hanon)”.  Was het juist geweest indien er niet had gestaan “wrijvingen met het bestuur”, maar “wrijvingen met trainer Grijzenhout”?

Wat je suggereert, klopt helemaal. Niet met het bestuur had ik problemen, enkel en alleen met de nieuwe trainer. Urbain Braems was, helaas, naar Antwerp vertrokken – helaas, want het ging mij onder Urbain zo goed dat ik onder hem misschien wel tot mijn veertigste in eerste klasse had kunnen meedraaien.Graag had hij mij meegenomen, maar mijn contract liep nog één jaar door, en daar hield ik mij aan. Ik moet het niet onder stoelen of banken steken, met de nieuwe trainer, met Han Grijzenhout, heeft het nooit geklikt. Het nam zulke proporties aan dat ik het na enkele maanden niet meer zag zitten. Gelukkiglijk had Cercles bestuur dan het begrip voor mij dat bij Grijzenhout ontbrak.

Het is niet als een stoute vraag bedoeld, Pierre, maar, ja, wat wil je, wij zijn allemaal mensen onderhevig aan psychologische wetmatigheden die ook wel de volgende vraag rechtvaardigen: Kan het bij jou een rol gespeeld hebben dat Grijzenhout als trainer een groentje was en jij als speler een doorgewinterde ex-topvoetballer?

Ik denk inderdaad dat dit heeft meegespeeld.Maar dat neemt niet weg dat Grijzenhout geen greintje respect voor mij opbracht, noch voor mij als persoon, noch voor mij in mijn specifieke situatie. De meeste Cerclespelers waren twintigers.  Ik was 35 jaar.  Ik had een schoolgaande zoon. Als die de vorige twee jaren in juli met vakantie was en de voetbaltrainingen herbegonnen, bezorgde Urbain mij een trainingsschema zodat ik een halve maand van een familiale vakantie kon genieten en daarna toch topfit op de trainingen verscheen. Geen sprake van zo’n situatiebegrip bij Grijzenhout. Integendeel, voortdurend behandelde hij mij alsof ik een spelertje was dat uit Bevordering kwam. Neen, ik heb nooit beweerd dat Grijzenhout op het vlak van het voetbalspelletje op zich geen bekwame trainer was, maar daar waar ik zeer bewust niet boven mijn medespelers uitkraaide, daar waar ik van meet af aan goed in de groep geïntegreerd was, daar waar jongens als John Bogaert, Julien Verriest en Franky Simon bereid waren  voor mij door het vuur te gaan, daar ontbrak het Grijzenhout aan elementair respect voor mij. Overigens: ik geef toe dat mijn houding tegenover Grijzenhout onbewust kan beïnvloed geweest zijn doordat ik bovenaan een heuvel stond en hij onderaan, maar is het niet evengoed mogelijk dat zijn houding tegenover mij voor een stuk juist te verklaren is door zíjn positie daar onderaan?

In overleg met het Cerclebestuur deed jij je derde jaar niet uit en daarna trok je naar Bergen.  Met succes? En wat deed je na Bergen?

Succes? Jawel, want we speelden kampioen in derde en promoveerden dus naar tweede. Ik begon als speler-trainer, maar vond het na een tijdje beter niet meer zelf mee te spelen. Maar, maar, maar … Zie, ik ben geen Vlaming, ik ben geen Waal, ik ben een Brusselaar en ik ben een Belg, maar als wat ik in Brugge en in Bergen heb meegemaakt typisch is voor Vlaanderen en Wallonië, dan is het met de Walen erg gesteld. Cercle was kleinschalig, maar alles was er altijd proper en in orde. Als ik in Bergen twee maanden na de kampioenenviering in de kleedkamers terugkwam, waren die nog altijd dezelfde varkensstallen als direct na die viering.  Mij gaat dat niet, zo’n gebrek aan orde, aan discipline, aan voornaamheid – ik kan er niet tegen. Lang heb ik het dan ook niet uitgehouden in Bergen. Daarna ben ik nog ruim tien jaar jeugdtrainer geweest bij Anderlecht, tot trainer Peruzovic mij voorstelde om de scouting voor de eerste ploeg op mij te nemen. Dat ik dit mocht doen, is voor mij een onvoorstelbare zegen geweest. Het werd het begin van een nieuw, een prachtig hoofdstuk in mijn leven.

Een nieuw, prachtig hoofdstuk in je leven?

Wat ging eraan vooraf? Het voetbal heeft mij eerst en vooral veel plezier bijgebracht.  Nu nog herhaalt mijn vrouw het dikwijls: “Je hebt in je leven geluk gehad. Je hebt kunnen doen wat je graag deed en je bent daar totaal in geslaagd.” Ten tweede heb ik dankzij het voetbal veel mensen leren kennen en veel interessante relaties aangeknoopt. En ten derde dank ik aan Koning Voetbal dat ik goed mijn brood heb verdiend, zozeer zelfs dat ik nu, inderdaad, na mijn voetbalcarrière een prachtig hoofdstuk aan mijn leven kan toevoegen. Het begon als scout bij Anderlecht. Als scout heb ik heel Europa doorgereisd. Dat reizen intrigeerde me zozeer dat ik intussen bijna heel de wereld heb gezien. Reizen is voor mijn vrouw en mezelf, ook nu nog, een festijn. Maanden lang bereid ik onze reizen voor, ter plekke weet ik altijd heel goed wat er het bezoeken waard is, en na elke reis vergt ook het vereeuwigen ervan weken, zo niet maanden tijd. Het bewerken van beeld, klank en kleur, zeg maar, het opmaken van hele filmreportages, vind ik meeslepend en verrijkend. Bijna, bijna geniet ik zoveel van mijn reizen als van het voetballen voordien. En dat is véél gezegd!

U las het al, lezer, Pierre Hanon vraagt geen wierook. Maar het minste dat gezegd kan worden is dat hij een sterke persoonlijkheid is. Hij is zichzelf en hij weet wie hij is. Hij is zich bewust van het toch wel uitzonderlijke dat hij als voetballer gepresteerd heeft. Als er iets is dat hij in zijn omgang met zijn medemensen vereist - en já, dat ís er! -  dan is het  ‘respect’. Wederzijds respect, respectvol benaderd worden en ontvangen respect met respect beantwoorden, bepaalt Pierres levenswijze en –filosofie overduidelijk. Als een vriendelijke, kordate gentleman, die ‘oude waarden’ als voornaamheid,  betrouwbaarheid, zorgvuldigheid, netheid en vooral respect hoog in het vaandel draagt, zal ik me hem blijven herinneren. Toen Pierre gevraagd werd om voor Shot geïnterviewd te worden, antwoordde hij: “Ja, voor Cercle wil ik dat graag doen” (en ook dan zei  hij, letterlijk, dat hij nooit charmantere mensen dan bij Cercle heeft ontmoet). Ik heb het  hem niet gevraagd, lezer, maar ik kan me moeilijk voorstellen dat hij er ook toe bereid  was geweest een interview toe te staan voor de supporters van RAEC Mons. 

(Georges Volckaert)

Gerelateerde nieuwsberichten

Cerle Brugge KSV
RETRO - Liever 'techniek' dan 'fysiek': Philemon Desmaele



Liever 'techniek' dan 'fysiek'                      


Philemon Desmaele geïnterviewd


(redactionele nota: naar aanleiding van het overlijden van Philemon, publiceren we graag het interview dat in SHOT verscheen in mei 2008) 

1958.  Een halve eeuw geleden, op de kop.  Het  jaar dat voor elke lezer een zelfde herinnering oproept.  Zelfs wie nog lang niet kaalt of grijst, weet direct waarover het gaat.
Voor vele oma's en opa's staat dit jaartal in hun geheugen ingeprent als 'het jaar dat ik (tweemaal) (driemaal) (viermaal) ( ...) naar de Expo ben geweest'.  Dat dit laatste niet bij álle 'oude ratten' het geval is, wordt bevestigd door ex-Ratje Philemon Desmaele, een naam die klinkt als een klok voor wie Cercle al heel lang volgt in wel en wee.

 

Lees meer
Cerle Brugge KSV
Cercle en Brugge door de jaren heen… (deel 220)

(periode van 28-01-1961 -> 04-02-1961)


Cercle

De groen-zwarten legden een hobbelig parcours af.  Er werden punten gehaald als het niet verwacht werd maar er werden vooral kostbare punten verloren als het niet mocht.  Voor een elftal dat ambities koesterde om te promoveren was dat geen ideaal scenario.  Gelukkig was de volgende wedstrijd een thuismatch tegen het pas dertiende geklasseerde Olse Merksem.  Met twaalf punten achter hun naam hadden de blauw-gelen niet bijster veel overschot op de laatste in de rangschikking, Lyra, dat amper negen punten verzameld had.  De Antwerpenaars leden best geen nieuw puntenverlies om niet in verlegenheid te komen.  Voor Cercle leek deze wedstrijd de kans bij uitstek om een ruime zege te laten optekenen zodat de komende matchen met een gerust gemoed konden aangevat worden.  Of… zou het nog maar eens anders uitpakken ?

“Vic Bergh” trok voor “Het Brugsch Handelsblad” richting Edgard De Smedtstadion in de hoop dat hij er een verslag kon neerpennen waarin hij een klinkende Cerclezege kon beschrijven…

Cercle Brugge – Olse Merksem 1-4 : Ontgoochelend en smadelijk verlies…” : “Voor wie nog een bewijs moest hebben dat het de laatste weken niet meer vlot bij Cercle, dat er iets hapert, betekent de even afgetekende als smadelijke 1-4 nederlaag van zondag jl. op eigen veld tegen Olse Merksem waarlijk de proef op de som !  De groen-zwarten kunnen voor dit nieuw home-verlies inderdaad weinig of geen verontschuldigingen doen gelden, want het was het resultaat van een doorslechte en ontgoochelende prestatie waaruit omzeggens geen enkele speler vrijuit gaat…  Over gans de duur van de wedstrijd, waarvan de inzet voor de lokalen nochtans van kapitaal belang was met het oog op het verstevigen van hun nog steeds gunstige positie, rammelde het in de Brugse ploeg dat het een aard was en werd zij bestendig netjes de les gespeld door een eerder middelmatige maar geestdriftige en snelle tegenstrever.  Zowel inzake verband, als in samenspel, doordrijvendheid en schotvaardigheid stonden de Bruggelingen onder hun gasten, hetgeen de juiste 1-4 eindcijfers trouwens treffend aantonen.  Het feit dat de groen-zwarten zelfs een goedkope penalty vandoen hadden om de eer te redden, onderschrijft met klank hun hopeloze steriliteit en ondoelmatigheid die niet alleen het gevolg zijn van een te lateraal en te gesloten acteren, maar ook en vooral van een manklopend systeem en een weinig oordeelkundige ploegopstelling.  Als men immers nagaat dat twee specifieke kanthalfs in de voorlijn geplaatst worden en deze laatste iedere steun ontzegd wordt van de gedwongen defensief spelende middenspelers, dan is het klaar dat de onontbeerlijke productiviteit zoek blijft.  Zolang de groen-zwarten geen snedig, direct aanvalsspel kunnen opbrengen, gepaard aan een effectieve schotvaardigheid en afwerking, zal er, helaas, niets in huis komen van de reeds zo lang gekoesterde promoveringsdromen.  Wil men vooraleer het te laat is nog redden wat er te redden is, dan dient er kordaat en onverwijld ingegrepen en hiervoor mag men voor niets en niemand terugschrikken.  Het belang en de toekomst van Cercle staan hier onvoorwaardelijk op het spel !”
 


Technische  krabbels…
Cercle Brugge – Olse Merksem  1-4


- opkomst : 5.000 toeschouwers.
- terrein : goed.
- weersgesteldheid : mist en regenachtig.
- leiding : ref. Cumps, zwak.
- fair-play : correct.
- corners : Cercle 8, Olse Merksem 5.
- doelpunten : 20’ Brandts 0-1, 25’ Roje via Demey 0-2, 35’ Lambert (penalty) 1-2, 54’
  Didden 1-3, 55’ Brandts 1-4.
- Cercle : Mortier, Roje, Serru, Michiels, Wittevrongel, Demey, Notteboom, Lambert, Perot,
  De Caluwé, Desmaele.
- Olse Merksem : Jacobs, Verbois, De Hert, Willems, Soetewey, Didden, Adel, Sips,
  Brandts, Vandeweyer, Adriaenssen.


Als het minder goed gaat met de favoriete ploeg is het vanzelfsprekend dat de supporters zich roeren.  Dat was bij Cercle niet anders.  Al had het, de tegenvallende resultaten van de laatste weken in acht genomen, nog lang geduurd voor iemand zijn nek uitstak.  Iedere supporter spuide wel zijn eigen mening gevolgd door de nodige oplossingen maar tot nu toe was het altijd gekoeld zonder blazen.  De hierna volgende lezersbrief met de toepasselijke titel “Quo vadis Cercle ?” (*) van “een groen-zwarte aanhanger” zorgde ervoor dat het protest tastbaar werd en in een stroomversnelling terecht kwam.  Nu kon geen enkele groen-zwarte verantwoordelijke nog langer zijn hoofd in het zand stoppen.  De zware thuisnederlaag tegen Olse Merksem was de spreekwoordelijke druppel die de al even spreekwoordelijke emmer liet overlopen.  Het was de hoogste tijd om het roer om te gooien…

(*) “Quo vadis” : Latijn voor “Waarheen gaat gij ?” (nvdr)

Quo vadis Cercle ?” : “Toen ik verleden zondag na de match aan ’t mijmeren was over hetgeen men zou kunnen noemen “het treurig geval Cercle”, schoot mij plotseling te binnen dat de wekelijkse voetbalpartij eigenlijk een “heerlijke ontspanning” zou moeten zijn.  Hoe dikwijls echter zijn de prestaties van de Brugse groen-zwarten voor ons, Cerclemannen, een heerlijke ontspanning ?  Veeleer zien wij met schrik de zondag tegemoet.  Ook als de tegenstander bepaald zwakker is zijn wij nooit een ogenblik gerust.  Onze verwachtingen ?  Onze dromen van voor het seizoen ?  Niets anders dan ontgoochelingen !...  Wanneer wij nuchter de gang van zaken bij Cercle beschouwen, dan moeten wij achteraf besluiten : het is de logische ontknoping van hetgeen wij effenaf WANBEHEER moeten noemen.  Ik wil nu niet uitweiden over datgene waarvan ik niet 100 % zeker ben, zoals de persoon van die of die, of nog de training, of nog andere zaken.  Ik stel enkel vast wat nu toch eindelijk voor iedereen allerduidelijkst is : diegene die de ploeg samenstelt, heeft sinds anderhalf jaar nog niets anders gedaan dan de Cercleploeg stelselmatig verzwakken !  Verleden jaar werd de beste voorspeler die wij hadden (*)(dat hij tekortkomingen had ?  Noem de speler die er geen heeft !) meerdere keren onverantwoordelijk niet opgesteld o.a. niet in de kapitale testmatch tegen Eisden.  Nadien werd hij verkocht.  Verzwakking van de ploeg.  Wij zouden kunnen een halflijn hebben van tenminste dezelfde sterkte als die van de gemiddelde elftallen uit de 1e afdeling.  NOOIT wordt dergelijke middenlijn opgesteld.  Verzwakking van de ploeg !  Uitstekende kanthalfs, waarvan men sinds lang weet dat zij in de voorlijn maar half presteren, worden regelmatig weerkerend vooraan geplaatst.  Verzwakking van halflijn en van voorhoede !  Als de voorlijn mank loopt door gewonden of weerbarstige forme, moet de halflijn niet meteen verzwakt worden !  Dan moeten reserven in de aanvalslijn, als die voor handen zijn.  En Cercle beschikt over degelijke invallers.  Iedere persoon die aan de leiding staat, mist al eens, zelfs grovelijk, zelfs twee, drie maal.  Maar dat iemand een jaar en half steeds maar dezelfde flaters begaat, is niet meer aanvaardbaar.  Er is daar iets niet meer in orde, hetzij verregaande incompetentie, hetzij blinde vooringenomenheid of wat dan ook, maar er is daar iets niet meer in orde.  Diegenen die nog dergelijke selectionneur steunen, moeten weten dat zij zich in verdenking stellen.  Is de toestand niet reeds zo ver gezet dat, indien de goed-menenden niet de koppen bij mekaar steken en krachtdadig ingrijpen, Cercle recht naar de ondergang gaat ?  Er is werk voor klaarziende, krachtdadige persoonlijkheden die geloven dat zij daar een heerlijke taak te vervullen hebben.  De Cercle-aanhangers –veel talrijker dan men denkt– zien uit naar de komst van dergelijke persoonlijkheden, die er ook zijn in de schoot van het bestuur. – Een groen-zwarte aanhanger.”

(*) Verleden jaar werd de beste voorspeler die wij hadden… : de briefschrijver bedoelt hier duidelijk Hans Gerard (nvdr).

Ondanks het feit dat Cercle een beetje de pedalen kwijt leek te zijn, en dat is misschien nog zacht uitgedrukt, bleven de groen-zwarten aanklampen bij de toonaangevende elftallen in Tweede Klasse.  Iedereen leed wel eens onverwacht puntenverlies en dat zorgde er voor dat Cercle zich op de vierde plaats kon handhaven.  Omdat ook de topploegen regelmatig al eens één of meerdere puntjes vergooiden, slopen de mindere goden op kousenvoeten dichterbij.  Daardoor was het mogelijk dat na zestien wedstrijden het twaalfde geklasseerde Berchem Sport slechts zes punten minder telde dan leider FC Diest.  De Brugse groen-zwarten totaliseerden, ondanks de tegenvallende prestaties van de laatste weken, amper twee punten minder dan de leider.  Alles bleek dus nog mogelijk…  De stand in Tweede Klasse : 1. FC Diest (21 punten), 2. FC Beringen (21), 3. Union Namen (19), 4. Cercle (19), 5. SK Sint-Niklaas (18), 6. FC Turnhout (18), 7. FC Mechelen (17), 8. Kortrijk Sport (15), 9. Racing Doornik (15), 10. SC Charleroi (15), 11. Racing Brussel (15), 12. Berchem Sport (15), 13. Olse Merksem (14), 14. FC Tilleur (12), 15. Lyra (9), 16. White Star (9).

De Brugse gemoederen waren, ondanks de nog steeds gunstige klassering, zeker nog niet tot bedaren gebracht.  Het potje kookte over, de frustraties kwamen tot een uitbarsting en de diverse oplossingen werden als gloeiend hete lava uitgebraakt.  En, zoals het vaak gaat als het mank loopt, eiste men de kop van de trainer.  Een andere, en natuurlijk een betere, trainer zou meteen alle problemen van tafel vegen.  Na de trainerswissel zou Cercle elke tegenstander van het veld spelen om, op het einde van de competitie, met de vingers in de neus, snel even de titel mee te graaien…

Nieuwe trainer bij Cercle ? : “De laatste ontgoochelende thuiswedstrijden waarop zes van de acht te winnen punten onbegrijpelijk verloren gingen, hebben een grote beroering verwekt in de Brugse sportmiddens in het algemeen en in de Cerclerangen in het bijzonder.  De groen-zwarte supporters, die hun schoon geld betalen om hun ploeg goed voetbal te zien spelen en meteen te zien winnen, staken verleden zondag hun teleurstelling en mistevredenheid niet onder stoelen of banken.  Zowel de spelers om hun passief optreden als de trainer om zijn niets-opbrengend systeem werden zwaar aangevallen en zondagavond konden we zelfs een telegram lezen van een Cerclesupporter die als volgt zijn verontwaardiging uitdrukte : “Delfour à la porte ou le Cercle est perdu” !  Krasser kan het zeker niet zodat er begrijpelijkerwijze ook in de groen-zwarte bestuurskringen uiteenlopende reacties zijn losgekomen met als middelpunt de kwestie van een nieuwe trainer.  Zonder de technische bevoegdheid van Edmond Delfour aan te vechten is het niettemin een feit dat hij tactisch en als selectionneur grotendeels heeft gefaald.  Uit doorgaans zeer betrouwbare bron konden we dan ook vernemen dat het verlopend contract van dhr. Delfour niet zal hernieuwd worden en dat reeds duchtig uitgekeken wordt naar een nieuwe oefenmeester.  Wie het zal zijn blijft vooralsnog een raadsel, maar naar verluidt is de kans groot dat het een bekende oud-Gantoisespeler en gewezen internationaal wordt die trouwens als trainer reeds zijn sporen verdiende.  Er dient dus afgewacht, maar laat ons hopen dat dit netelig en delicaat probleem ten spoedigste wordt opgelost.”

Of de resultaten nu goed of minder goed waren, de bal bleef rollen en de voetbalzondagen volgden elkaar op.  De volgende wedstrijd, een uitmatch, beloofde alvast een lastige klus te worden voor de groen-zwarten.  Er stond immers een reisje naar Namen op het programma.  De Walen deden het bijzonder goed en waren ondertussen opgeklommen naar de derde plaats, net voor Cercle.  Een pronostiek wagen was schier onbegonnen werk want de huidige groen-zwarte ploeg kon van iedereen winnen maar ook van iedereen verliezen.  Het zou dus een dubbeltje op zijn kant worden.  In “Het Brugsch Handelsblad” werd alvast eens vooruit geblikt.

Brugse ploegen voor morgen zondag” – “Namen – Cercle : Cercle zit na de ramp tegen Merksem begrijpelijkerwijze met de handen in het haar en staat voor een zware taak om uit de penarie te geraken.  Daarbij worden de groen-zwarten dan nog morgen een lastige en gevaarlijke verplaatsing naar Union Namen voor de voeten geschoven, zodat zij met heel wat meer wilskracht en moreel zullen moeten bezield zijn om deze hinderpaal zonder veel kleerscheuren over te geraken.  Waar verschillende spelers wegens verwondingen nog onzeker waren, zal de ploeg slechts in laatste instantie samengesteld worden al heeft volgende formatie veel kans om te Namen in lijn te komen : Mortier, Roje, Serru, Perot, Wittevrongel, Demey, Desmaele, Daels, Buyse, Michiels, Balliu, De Caluwé.”

En dan was het zo ver…  Het was nog geen match van de waarheid maar nieuw puntenverlies konden de groen-zwarten zich toch echt niet veroorloven.  Of… zorgden zij nog eens voor een aangename verrassing door het derde gerangschikte Union Namen in eigen huis te kloppen ?  “Veritas” mocht voor “Het Brugsch Handelsblad” meereizen naar Namen en hoopte waarschijnlijk dat hij niet met het schaamrood op de wangen Bruggewaarts zou moeten keren…

Union Namen – Cercle Brugge 0-1 : Willy Mortier matchwinnaar…” : “Volgens de algemene verwachtingen –wij hadden al evenmin gedurfd één frank te zetten op een Cerclezege– hadden de Brugse groen-zwarten geen schijn van kans om te Namen ook maar iets van de buit te oogsten, want de Walen dreven immers op een prima conditie en het terreinvoordeel zou eveneens zijn woordje meepraten.  Wel waren de lokalen bestendig in de meerderheid en moesten de Brugse verdedigers vaak hard op de tanden bijten, doch naarmate de partij vorderde en de stand blank bleef, herwonnen de Cercleboys stilaan hun zelfvertrouwen, temeer dat het spoedig bleek dat de Waaltjes niet de gevreesde ploeg vormden die men wel dacht.  De bijzonder goed gesloten Brugse verdediging schonk de Naamse aanvallers weinig of geen bewegingsvrijheid en de zuivere skoorkansen die voor Mortier ontstonden, waren gemakkelijk op de vingers van één hand te tellen.  Daarbij moeten wij hieraan toevoegen dat de Brugse doelman weer in een prima dag verkeerde en dat hij o.m. door twee sublieme saves de kansen op een overwinning gaaf hield.  Want indien de gastheren, bij wie enkel de oud-speler van FC Luik Keyeux outstanding was, op voorsprong hadden kunnen geraken, dan had de eindstand wellicht helemaal anders kunnen zijn.  Als wij dus Willy Mortier als matchwinnaar bestempelen, ligt de uitleg te vinden in wat voorafgaat.”

Technische  krabbels…
Union Namen – Cercle Brugge  0-1


- opkomst : 7.000 toeschouwers.
- leiding : ref. Burguet, lokaal getint.
- terrein : zonder een sprietje gras en gevaarlijk door de rondgestrooide as.
- fair-play : binnen de perken.
- weersgesteldheid : betrokken doch zacht weder.
- corners : Union Namen 8, Cercle 2.
- het doelpunt : 76’ Desmaele 0-1.
- Union Namen : Nicolay, Pollet, Devos, Sulon, Marnette, Dodet, Keyeux, Tonneau, J. en F.
  Demarteau, Muniken.
- Cercle : Mortier, Roje, Serru, Perot, Wittevrongel, Demey, Desmaele, Daels, Bailliu,
  Michiels, De Caluwé.


Cercle bracht dus twee belangrijke punten mee naar huis en dat vertaalde zich in de rangschikking in een mooie derde plaats.  De stand in Tweede Klasse : 1. FC Diest (23 punten), 2. FC Beringen (21), 3. Cercle (21), 4. FC Turnhout (20), 5. FC Mechelen (19), 6. Union Namen (19), 7. SK Sint-Niklaas (18), 8. Kortrijk Sport (17), 9. Sporting Charleroi (17), 10. Olse Merksem (16), 11. Racing Doornik (15), 12. Racing Brussel (15), 13. Berchem Sport (15), 14. FC Tilleur (12), 15. Lyra (11), 16. White Star (9).
De weg om een promotieticket te behalen, de eerste twee uit Tweede Klasse promoveerden, was echter nog (heel) lang en bezaaid met wolfijzers en schietgeweren.  Het toeval wilde bovendien dat in de volgende wedstrijd alweer een topploeg moest bekampt worden.  Het tweede gerangschikte FC Beringen mocht zich verheugen in een bezoekje aan het Edgard De Smedtstadion.  En bij een wedstrijd in het vooruitzicht hoorde uiteraard een vooruitblik…

Cercle – Beringen : De groen-zwarten staan morgen zondag alweer voor een kapitale thuismatch die beslist moet gewonnen worden om de promotiekansen gaaf te houden.  Beringen is natuurlijk ook allesbehalve een zwak broertje en speelt zondag wellicht ook haar laatste kans, zodat het een buitenmate vinnige en spannende strijd voor de kostbare inzet wordt.  Kan Cercle de nodige geestdrift en zegewil opbrengen, dan geven we haar een lichte voorkeur op een nipte zege.  Heel waarschijnlijk zal dezelfde opstelling in lijn komen die Namen klopte met uitzondering van De Caluwé die gewond werd en eventueel door Buyse zal worden vervangen : Mortier, Roje, Serru, Perot, Wittevrongel, Demey, Desmaele, Daels, Bailliu, Michiels, Buyse.”

Het bericht over een nieuwe trainer die op komst was waarbij bepaalde bronnen lieten uitschijnen dat zij wisten of toch minstens een sterk vermoeden hadden wie het zou worden zette kwaad bloed bij de beheerraad van Cercle Brugge die een vinnige reactie stuurde naar “Het Brugsch Handelsblad” :

Een nieuwe trainer voor Cercle ?” : “Onder deze titel publiceerden we hier in ons vorig nummer een primeur uit een zeer betrouwbare bron waarover we vanwege de beheerraad van RCS Brugeois volgend schrijven ontvingen” : “Het bestuur van de RCS Brugeois is ten zeerste verwonderd in uw blad van 28 januari jl. te lezen dat Cercle Brugge uitziet naar een nieuwe trainer.  Wij houden eraan dit bericht ten stelligste te loochenen.  We behouden steeds het volle vertrouwen in de heer Ed. Delfour, en verzoeken U in het vervolg vooraleer dergelijke ongegronde geruchten te verspreiden, U beter te willen inlichten. – De Beheerraad van RCS Brugeois.” – “N.d.R. – Mogen wij even beleefd aan de Beheerraad van Cercle laten opmerken, dat wij hun goede raad kunnen missen !  Onze inlichtingsbron kon niet “beter” en betrouwbaarder zijn en wij hebben ervaring genoeg van onze “stiel” om te weten hoe we moeten handelen !  Om het verder goede verloop van het kampioenschap niet te hinderen, verstrekken wij thans geen nader commentaar.  Alleen drukken we de hoop uit Cercle’s heropstanding te kunnen begroeten en… derde keer goe keer, de groen-zwarten als kampioenen te mogen huldigen.”

De confrontatie tussen de Beheerraad van Cercle Brugge en de redactie van “Het Brugsch Handelsblad” mocht uitgedrukt worden als hard tegen onzacht.  De komende weken zouden uitwijzen wie gelijk had maar ondertussen waren de kiemen van de onrust gezaaid…  “Een supporter” kroop op zijn beurt in zijn pen om zijn mening en zijn ongerustheid te ventileren :

Onze lezers schrijven…  Een andere klok…” : “Zij staan er nog steeds…  Ik bedoel de beste stuurlui aan wal !  En voor diegene die niet begrijpt waar ik het over heb, zal ik maar meteen zeggen dat ik het hier over de Cercle-aanhang heb.  Ik zal mij zeer angstvallig onthouden hier het woord supporter uit te spreken, want ik stel mij de vraag hoeveel van die ongeveer 6.000 mensen die ’s zondags rond het Edg. Desmedtstadion staan geschaard er werkelijk als supporter aanwezig zijn ?  Ik kan verkeerd zijn, maar ik ben er zeker van dat voor iemand vreemd aan onze streek, die per toeval op een doorsnee thuismatch van Cercle belandt, het zeer moeilijk zou aan te nemen zijn dat Cercle de bezochte club is…  Veeleer gelijken de meeste mensen (supporters ?) op een hoopje twistzieke kritikasters die er hun namiddag komen verslijten om alle soorten tekortkomingen op te speuren en deze (meestal ingebeelde wantoestanden) aan de kaak te stellen op een wijze die met sport of sportiviteit niets meer te maken heeft.  De “super-visie” van deze “technici” kent geen grenzen.  Ik wil hier niet uitmaken of ze al het ongelijk hebben en ik ben zeker geen spreekbuis van het Cerclebestuur, maar iets zou ik die sarcasten toch wel willen wijs maken, nl. dat het terrein geenszins de plaats is voor hun stomme afbraakpolitiek en dat ze beter deden te beseffen dat ze met hun stembanden anders kunnen tewerk gaan !  Ik bedoel dat het hun eerste plicht is de spelers die in het veld staan aan te moedigen en liefst zo luid mogelijk.  Eenmaal zover, kunnen diezelfden als ze huiswaarts keren, zich met de gedachte troosten dat zij toch IETS positiefs hebben gedaan.  En willen die mensen dan kost wat kost nihilist zijn, dat ze dan a.u.b. zwijgen en de spelers gerust laten.  Het staat natuurlijk eenieder vrij te handelen en te denken zoals hij wil, maar zou het wel toevallig zijn dat onze jongens de meeste punten gaan halen op een ander ?...  Vergeten wij om Gods wil niet dat iedere speler al eens een hart onder de riem nodig heeft, en daar zit het hem juist : het Cerclepubliek is een ondankbaar publiek.  Het slecht presteren van een ploeg wordt al te vaak door het publiek in de hand gewerkt, meer nog, HET  ONTSTAAT er dikwijls door.  Op Cercle komen de aanmoedigingen steeds NADIEN en ik durf dit een pietluttige houding noemen.  Doe u de moeite en ga vele ploegen in provinciaal bekijken : 50 mensen maken meer lawaai (in opbouwende zin) dan 6.000 kelen op Cercle doen !  Kijk naar Club !  Daar worden de goals er in geroepen door een massa trouwe supporters…  Waar blijven de groen-zwarte supportersverenigingen ?  Waar zijn de “Buffalo’s” ?  Dat ze zich verenigen –zo nodig elk op zich zelf, al is een federatie hier wel aangewezen– en luide verkondigen aan onze jongens dat ze ook te Brugge geliefd zijn, roep zo luid tot ze het geloven dat “HUN” supporters achter hen staan en geloof mij, zij worden vanzelfs hun eigen.  Ook wij moeten er de goals “inroepen”, daardoor doen wij onszelf en de spelers plezier !  En wie weet ???  – Een supporter.”

Of het nu goed of minder goed ging en de Cercleresultaten de laatste weken al eens wat tegen vielen, de supportersvereniging “Groen-Zwart” uit de Rijselstraat in Sint-Michiels vond toch dat een feestje mocht… :

Groen-Zwart Sint-Michiels in feest” : “Zaterdag jl. kwamen 52 leden van de supportersclub “Groen-Zwart” in hun lokaal, café “City”, bijeen voor een smakelijk souper, gevolgd door een gezellig samenzijn.  De lokaalhoudster die de taak van kokkin op zich had genomen, verdiende terecht de lof die haar door iedereen werd toegezwaaid.  Nadat de inwendige mens terdege was versterkt, zorgde het orkest voor de allerbeste stemming.  Het slaagde er overigens wonderwel in, en zeker toen het nieuw Cerclelied, voor die gelegenheid gemaakt, werd gelanceerd.  De feestvierders lieten het niet aan hun hart komen, ondanks de minder goede uitslagen van hun geliefde ploeg.  De hh. Brinckman en Verkeyn lieten zich als zangsolisten gelden, alsook het duo dhr. en mevr. G. Verkeyn.  Voor de humor zorgden A. Ruysschaert en R. Lagast.  Op zeker ogenblik kwamen zelfs Hitler en Loemoemba op het tapijt !  Het feest duurde tot in de vroege zondagmorgenuurtjes.  Moge het wakker bestuur van de supporterskring het bij deze eersteling niet laten, is de wens van alle feestvierders.”

En we vonden nog een tweede verslagje van hetzelfde supportersfeestje :

Supportersclub “Groen-Zwart” “ : “In het lokaal City, Rijselstraat te Sint-Michiels, werd aan een vijftigtal leden met hun dames een zeer verzorgd avondmaal aangeboden door de Supporterskring Groen-Zwart.  Het welkomstwoord werd uitgesproken door voorzitter Georges Van Vyve, die de erevoorzitter Gerard Versyp verontschuldigde, maar tevens Arthur Ruysschaert als eregast begroette.  Na het eetmaal werd in de beste verstandhouding tot in de “vroege” uurtjes gedanst en gefeest.  Dat de Sint-Michielse Cercle-aanhangers optimisten zijn, werd bewezen bij het aanleren van een nieuw Cerclelied, dat zo talrijke malen werd gezongen, dat de match tegen Union Namen eenvoudig niet meer kon verloren worden.  Tot slot vroeg het toegewijde lid Maurits Willems aan alle supporters om bij de volgende thuiswedstrijden van Cercle alle niet opbouwende en negatieve kritiek aan het adres van de spelers te laten varen en deze integendeel tot het uiterste aan te moedigen.”

Brugge

In de vorige aflevering hadden we het over de slechte staat van de Bisschopsdreef in Sint-Kruis dat aangekaart werd in het artikel “Al hutseklutsend door de Bisschopsdreef te Sint-Kruis – Onhoudbare toestand voor bewoners en weggebruikers”.  Maar het was niet enkel in Sint-Kruis dat er straten in slechte toestand te vinden waren.  Ook Sint-Andries deelde in de spreekwoordelijke brokken… :

Ellendige toestand van Diksmuidse Heirweg te Sint-Andries” : “Wegens de grote regenval der laatste weken is de Diksmuidse Heirweg in een reusachtige modderpoel herschapen.  De bewoners vragen zich terecht af wanneer daar eindelijk eens voor een oplossing zal gezorgd worden.  De straat is bezaaid met verraderlijke putten die vol water liggen zodat de autobezitters het nauwelijks wagen met hun auto buiten te komen uit vrees onklaar te geraken.  Doch vooral voor de huismoeders wier kinderen er dagelijks viermaal door moeten om naar school te gaan is het werkelijk geen pretje.  Natte kousen en doorlopen schoenen zijn er dagelijkse kost.  Voor fietsers is de weg praktisch onberijdbaar geworden.  Reeds herhaalde malen werd op deze toestand gewezen.  Hopen wij maar dat de betrokken instanties zo vlug mogelijk voor een oplossing zullen zorgen.  Wij verwijzen onze lezers overigens naar het verslag der jongste gemeenteraadszitting, elders in ons blad, waarin melding wordt gemaakt van het standpunt van de gemeentelijke overheid terzake.”

Net zoals we vorige keer dieper ingingen op de geschiedenis van de Bisschopsdreef doen we dit deze keer ook voor de Diksmuidse Heirweg.

De Diksmuidse Heirweg werd aangelegd toen de Romeinen heer en meester waren in onze gewesten.  Zij legden op meerdere plaatsen heirbanen aan omdat ze deze rechte wegen nodig hadden om op snelle wijze hun troepen te verplaatsen en om de werking van hun postdiensten zo goed mogelijk te kunnen verzekeren.  De Diksmuidse Heirweg liep toen over de heuvel waar nu het Galgenbos ligt.  Buiten deze heirbaan zijn er geen Romeinse activiteiten in de buurt van het Galgenbos gekend.

Lees meer
Cerle Brugge KSV
Cercle en Brugge door de jaren heen… (deel 215)

(periode van 12-11-1960 -> 19-11-1960)


Cercle


Na de onverwachte zege tegen leider FC Turnhout hoopte elke Cerclefan uiteraard dat er tegen middenmoter SK Sint-Niklaas een verlengstuk aan het succes zou gebreid worden. Maar konden de groen-zwarten ook bevestigen ?  Het gebeurde wel eens meer dat de Bruggelingen wonnen als niemand het verwachtte maar het zou ook niet de eerste keer zijn dat zij de boot ingingen als niemand het voor mogelijk hield.
“Vic Bergh” trok die zondagnamiddag alvast richting Edgard De Smedtstadion om er voor “Het Brugsch Handelsblad” zijn bevindingen aan het papier toe te vertrouwen.   

“Cercle Brugge – S.K. Sint-Niklaas 0-1 : Cercle gaf vroeg Sint-Niklaasgeschenk !” : “Na de memorabele wedstrijd tegen FC Turnhout, waarin de groen-zwarten zich voor eenmaal op hun best toonden, werd het verleden zondag voor de trouwe Cercle-aanhangers weer eens een grote teleurstelling.  Niet zozeer het feit dat Cercle op eigen veld een eerste nederlaag opliep tegen een verrassend goede St-Niklaasploeg, ontstemde de lokale supporters, dan wel de wijze waarop domweg de zo kostbare twee punten als ’t ware werden weggesmeten…  Reeds voor de wedstrijd was er ten alle kante kritiek over de opstelling van de Brugse ploeg waarbij men er niets beter op gevonden had dan de zgz. “zieke” Roje op de backplaats te vervangen door Demey !  Iedereen die de matchen van Cercle van nabij volgt weet immers dat laatstgenoemde speler dit seizoen nog niet boven kwam en zijn vervanging zich reeds een hele tijd opdrong, wat wegens duistere redenen nog niet gebeurde.  Waar de anders zo sympathieke Oostkampenaar als half niet overtuigde, was het op zijn minst onverantwoord hem als achterspeler in lijn te brengen, iets waarmee men zowel de speler in kwestie als Cercle zelf een heel slechte dienst bewees.  De logica eiste in de eerste plaats de onbeschikbare Roje door de reserveback Van Vlaenderen –die de week tevoren tegen Roeselare trouwens goed zijn man had gestaan– te vervangen.  Maar neen, men leende zich liever tot een experiment waarvan men bij voorbaat wist dat er heel wat risico’s aan verbonden waren.  Het matchverloop heeft dat trouwens op treffende wijze bevestigd.  De Brugse verdediging rammelde dat het een aard was en zonder de onvermoeibare activiteit van Perot en Michiels, het brio van Mortier en… het slecht afwerken van de Waaslandse voorspelers, had het best een ramp kunnen worden.  Thans moest men tot 10 minuten voor het einde wachten om de gasten het enige doel van de partij te zien skoren, waarmee zij verdienstelijk de volle inzet wegkaapten.  De grove selectieflater had het hen echter heel wat vergemakkelijkt, zodat we gerust mogen zeggen dat Cercle en trainer Delfour een maand te vroeg aan hun tegenstrevers een St-Niklaasgeschenk uitreikten.”


Technische  krabbels…
Cercle Brugge – S.K. Sint-Niklaas  0-1


- terrein : uiterst glibberig en na de rust modderig.
- weersgesteldheid : betrokken en af en toe felle regenvlagen.
- opkomst : 6.000 toeschouwers.
- leiding : ref. Van Nuffel, goed, maar miste verantwoordelijkheidszin om de flagrante fout
  tegen Perot te bestraffen.
- fair-play : weinig aan te merken.
- corners : Cercle 9, St-Niklaas 6.
- het doelpunt : 80e min. : terwijl Demey en Baas passief lieten begaan, kan Van Dorselaer
  vrij en scherp boven de lichtjes uitgelopen Mortier binnenknallen.
- Cercle : Mortier, Demey, Serru, Perot, Baas, Michiels, Notteboom, Lambert, Bailliu, Daels,
  De Caluwé.
- Sint-Niklaas : Vereecken, Struyf, Janssens, Piessens, Ommeganck, Verleysen, Zaman,
  Beyers, Mariman, Van Dorselaer, Maes.


Na acht wedstrijden stond Kortrijk Sport op de eerste plaats met 11 punten, FC Beringen totaliseerde eveneens 11 punten maar omdat de Limburgers een verlieswedstrijd meer hadden stonden zij pas tweede.  S.K. Sint-Niklaas was na de zege op Cercle opgeklommen naar de derde plaats (10 punten) terwijl de groen-zwarten nu op de zevende stek stonden met negen punten.

De onbegrijpelijke opstelling van Demey als achterspeler zorgde voor heel wat commotie bij de Brugse voetbalsupporters.  Uiteraard was “Dani” er als de kippen bij om een “Bont beeld” van wat leefde bij de Cerclefans in “Het Brugsch Handelsblad” te laten publiceren…

Lees meer
Cerle Brugge KSV
SHOT sprak met … Sven Vandendriessche

Teammanager


Marc Van Lysebetten (voorheen bij AA Gent) werd aanvang dit seizoen aangeworven voor de functie van teammanager, na het vertrek van Nicolas Cornu die deze taak twee seizoenen waarnam .  Marc is echter een tijd onbeschikbaar wegens medische redenen en de vierenveertig jarige Sven Vandendriessche, die eerder ook voor deze functie solliciteerde, neemt actueel deze taak waar.
De seizoensaanvang is een zeer drukke periode voor de teammanager.  Vandaar dit artikel.   
Tijd dus om Sven even aan de Cercle-supporters voor te stellen, evenals een overzicht te geven waar hij zich zoal dient mee bezig te houden.

Lees meer
Cerle Brugge KSV
Shot-online retro: Ghislain Somers geïnterviewd (herpublicatie)

RETRO                                                                                             

Een gelukkig toeval…  

Ghislain Somers geïnterviewd

(nvdr: dit is een herpublicatie van een interview dat in april 2011 verscheen in SHOT.  Dit artikel is in combinatie met het spelersinterview elders op “SHOT-online” (“Praatje met een speler”) met Thibo Somers, zijn neef die recent een semi-profcontract ondertekende.  Ghislain overleed op 4 juli 2015)

“Je hoort dat die mens dat graag vertelt.” Terloops vangt mijn vrouw enkele flitsen op van het bandje dat ik beluister na het interview met Ghislain Somers. Ghilains enthousiasme is zo aanstekelijk dat mijn echtgenote even blijft staan. Het treft haar dat Ghislain zo geniet van wat hij laat horen. De mond die overloopt van datgene waar het hart van vol is, is de spraakfontein van een groentje. Maar het betreft dan wel een groentje van 83 jaar! Zijn eerste van 80 matchen bij het Groen-Zwarte fanionelftal speelde hij in januari 1947, ruim 64 jaar geleden dus. En vanzelfsprekend dat Ghislain grasgroen was, was het geenszins. Vier broers van hem, wel degelijk elkeen van zijn vier broers, trokken een blauw-zwart shirt aan. Nu zou het mooi zijn als ik kon toevoegen dat Ghislain zo overtuigd groen was, dat het nooit bij hem had kunnen opkomen met hetzelfde voetbalplunje als dat van zijn broers voor de dag te komen. Doch, neen, zoals spoedig zal blijken, was het zomaar het toeval dat Ghislain de goede kant uitstuurde. Maar, zo zegt hij uitdrukkelijk, het was een gelúkkig toeval! 

Lees meer