koop tickets online

Voorzitter VZW Cercle Brugge: Piet D'Hooghe

Men moet de dag niet prijzen voor het avond is. We legden ons oor te luister bij Piet D’Hooghe, voorzitter van de VZW Cercle Brugge en vol vuur voor de groenzwarte Vereniging, luttele dagen voor de belangrijke finale-matchen tegen Beerschot-Wilrijk. Op een ijskoude wintermiddag, thuis bij koffie en haardvuur, spraken we over hoe Cercle zichzelf kon blijven in het ‘huwelijk’ met A.S. Monaco, en de vele ambities die er uit zijn geboren.

Laat ons, voor wie dat nog nodig zou zijn, beginnen met de persoon Piet D’Hooghe.

Ik tel intussen, zegge en schrijve, vierenvijftig jaar, met groen bloed geboren. Mijn oom Paul Ducheyne fungeerde tweeëndertig jaar als voorzitter van Cercle Brugge (1970-2002 nvdr). Van jongs af aan ging ik, meestal samen met mijn neef Filip Ducheyne, regelmatig mee naar Cercle kijken. Ik deed mijn humaniora bij de Jezuïten in Aalst, en daarna rechten aan de universiteit Gent waardoor Cercle toch noodgedwongen wat naar de achtergrond verdween. Maar eenmaal afgestudeerd en gehuwd, kwamen wij in Brugge wonen en was Cercle weer helemaal terug.

Om later uiteindelijk zelf bestuurlijk lid van Cercle te worden.

Ik werd eerst lid van de Business Kring, daarna BK12-bestuurslid en tenslotte BK12-voorzitter. Sindsdien rolde ik eigenlijk van het ene in het andere. Ik werd lid van de VZW, bestuurslid van de VZW, vervolgens medeoprichter en vennoot van de CVBA en bestuurslid van de CVBA, om uiteindelijk, sedert vijf mei 2017, Voorzitter van de VZW te worden.

Sedert eind 2016 werden, samen met CVBA-Voorzitter Frans Schotte, de onderhandelingen met AS Monaco gevoerd. Overigens, de intentieverklaring met AS Monaco van vierentwintig december 2016 werd hier, aan deze tafel, ondertekend. Een ontzettend intense periode waarin we geconfronteerd werden met PricewaterhouseCoopers (PwC, een internationaal accountantsbedrijf, nvdr), aangesteld door AS Monaco, die ons soms met zeven à acht man het vuur aan de schenen legden, wat niet evident was gezien de laatste moeilijke jaren van Cercle in 1B. We zijn nog steeds fier dat we daardoor zijn geworsteld. Eigenlijk zijn alle onderhandelingen met PwC en Monaco zeer constructief verlopen, in volledige openheid en in de beste verstandhouding. De uitmatch tegen Lommel (eenentwintig april 2017, Lommel – Cercle: 0-1, nvdr) die ons aan de zekerheid hielp om aan de voorwaarde te voldoen om in 1B te blijven, was een grote last die van onze schouders viel. We hadden allen de tranen in de ogen bij dat laatste fluitsignaal…

"We hadden allen de tranen in de ogen bij dat laatste fluitsignaal…"

Je bent nu voorzitter van de VZW. Velen hoorden erover, maar misschien wil je de Shot-lezer nog even kort toelichten waar die VZW precies voor staat en hoe die zich tot de, vrij recente, CVBA verhoudt?

De CVBA is de vennootschap die het stamnummer van Cercle bezit, en de A-ploeg en (deels) de beloften onder zich heeft. Die CVBA is in 2014 uit de VZW ontstaan, om redenen opgelegd door de fiscus én om externe investeringen mogelijk te maken. De voetbalbond verplichtte ons ook om het stamnummer met de A-ploeg naar de CVBA te verhuizen

Daarna bleef de VZW zonder meer bestaan, met onder zich ondermeer de ganse jeugdwerking, het community-gebeuren, de supportersfederatie en -verenigingen, en de vrijwilligers.  Juridisch is het voor een CVBA immers niet mogelijk om met vrijwilligers te werken. Cercle telt om en bij de tweehonderdnegentig vrijwilligers, een belangrijke groep waar ik zeer fier op ben. Zij vormen nog steeds, zoals voorheen, de "ruggengraat" van Cercle !

Maar de VZW vormt ook een soort toegangspoort tot de CVBA?

Daarnaast is de VZW ook belangrijk omdat elk nieuwe CVBA-vennoot eerst lid moet worden van de VZW. Dit vergt misschien een woordje uitleg. De VZW telt momenteel vierenzeventig leden.  Eén van deze leden is AS Monaco. Elk VZW-lid heeft één stem, onafhankelijk van zijn of haar financiële inbreng. Dezelfde VZW-leden (op twee uitzonderingen na) zijn ook vennoot van de CVBA. In de CBVA daarentegen hangt het stemaantal af van het kapitaal dat wordt ingebracht, waardoor AS Monaco in de CVBA uiteraard de meerderheid van de stemmen heeft. Om vennoot te kunnen worden in de CVBA, moet de betreffende persoon dus eerst als VZW-lid worden aanvaard door de bestaande VZW-leden. Dit alles om te zeggen dat het behouden van de VZW ook gericht was op het behouden van het hart en de eigenheid van Cercle, zodat niet alleen het kapitaal het laken naar zich toe zou trekken. Ook in de deal met Monaco werd dit bewust zo behouden. Het zal in feite nooit kunnen dat een "malafide" persoon, zonder medeweten of instemming van de VZW, plots aandeelhouder wordt van de CVBA. Ontzettend belangrijk dus.

Bovendien blijft de VZW als rechtspersoon ook een belangrijke aandeelhouder van de CVBA. In ruil voor de inbreng van het stamnummer en de A-ploeg verkreeg de VZW bij de oprichting van de CVBA in 2014 aandelen van de CVBA in ruil. Ook na de deal met Monaco is dit zo gebleven.

Dus de VZW is versterkt uit de onderhandelingen met Monaco gekomen?

Ik wil zeker benadrukken dat ook de VZW voordeel heeft gehaald uit de deal met Monaco. Van bij de oprichting van de CVBA had de VZW een vrij aanzienlijke schuld aan de CVBA (ongeveer vijfhonderdduizend euro) die ze niet zelf kon ophoesten. Hiervoor werd een regeling uitgewerkt met Monaco, waardoor deze schuld afgelost is. Daarnaast hebben we, met de steun van Monaco, ook een definitieve regeling kunnen treffen i.v.m. de schuld van de roerende voorheffing op de TV-rechten uit het verleden. Dit alles heeft ervoor gezorgd dat we in de VZW met een schone lei konden beginnen. Uiteraard is dit zeer belangrijk. Voor het eerst sinds lang konden we met de VZW een positief resultaat voorleggen, wat zeer belangrijk is voor de toekomst. We hebben een budget dat we volledig onder controle hebben, en het is zeker mijn intentie om dat zo te houden.

Samenvattend kunnen we stellen dat het democratische hart van Cercle klopt in de VZW, die de toegang bewaakt tot de CVBA?

Voilà, het gaat inderdaad om een mechanisme dat de Cercle-eigenheid zoekt te behouden. Daardoor vermijden we toegangen die we niet kennen of niet willen. 

Je bent sinds vijf mei 2017 voorzitter van de VZW. De focus ligt daarbinnen vooral op de jeugdwerking?

Inderdaad. We tellen tweehonderdenvijf jeugdspelers plus tachtig in de voetbalschool, tweeëntwintig jeugdtrainers in parttime dienstverband, een fulltime hoofd van de jeugdopleiding, David Carpels, die prachtig werk verricht, en uiteraard ook tientallen vrijwilligers in de jeugdwerking. En dan ook een parttime hoofdscout, Marc Van Opstaele, die een hele scouting cel leidt. Dit jaar beschouwen we eigenlijk als een overgangsjaar, gezien de moeilijke laatste drie jaren waar de middelen zeer schaars waren. Met het ganse jeugdteam werken we aan een solide basis om vervolgens alleen maar te groeien Het loopt goed, stap per stap.

Sowieso hebben we de intentie om met de jeugd op termijn te stijgen van niveau. We willen naar de elite A, wat investeringen vraagt in talent, accommodatie, trainers, trainerslonen, … Recent werd een aantal jeugdspelers een contract aangeboden, wat ook een factor is om te kunnen stijgen naar de elite A. Ik voel overigens dat Monaco echt bereid is om ook wat betreft de jeugd een positieve rol te spelen, zelfs bovenop hetgeen "op papier" werd vastgelegd. 

Anderzijds, bij de A-ploeg spreken we niet van een overgangsjaar…

Nee, dat is duidelijk. Monaco stelde van meet af aan een duidelijke doelstelling. In het begin liep dat niet meteen vlot. José Riga is een uitstekend trainer, maar had het nadeel met een compleet nieuwe ploeg te moeten werken. Thans draait "de machine" op volle toeren en hopelijk leidt dit tot het beoogde resultaat.

"Het "huwelijk" is zonder meer geslaagd."

In elk geval, ik hoor links en rechts dat de samenwerking met Monaco momenteel uitstekend verloopt en dat ‘de mayonaise pakt’. Dat is ook jouw aanvoelen?

Voor honderd procent. Ik krijg die vraag vaak voorgeschoteld. Monaco en Cercle begrijpen elkaar perfect, en moeilijkheden worden meteen opgelost in een open communicatie. Het "huwelijk" is zonder meer geslaagd.

Cercle staat nu met twee benen in de finale tegen Beerschot-Wilrijk. Wellicht onnodig te vragen of je er vertrouwen in hebt?

Ik had van meet af aan vertrouwen, ook al vielen de verwachtingen in de eerste periode tegen. Ik besef ook wel dat we niet te vroeg victorie moeten kraaien. Maar zelfs al zou het niet lukken, wat niemand hoopt, verandert dit niets aan de intenties om het te doen lukken.

We moeten de dag niet prijzen voor de avond valt. Als we er echter zeer voorzichtig, bijna onhoorbaar, vanuit gaan dat de A-ploeg stijgt… hoe moeten we dan kijken naar de ambities voor volgend jaar? Monaco ziet in Cercle geen staartploeg?

Nee, zeker niet. Dat blijkt ook uit de hele opzet van de deal tussen Monaco en Cercle. Maar laat ons ons toch eerst concentreren op de eerstkomende belangrijke finale!

Dus de voorbereiding voor eventuele aankopen naar volgend jaar toe is al bezig?

Ik twijfel daar niet aan.  Maar ook hier: het sportieve beleid is een bevoegdheid van Monaco, waar we ons moeten aan houden. Monaco heeft het professionalisme, de ervaring, de knowhow, waarin we alle vertrouwen hebben. Vanaf tien maart vrij zijn is overigens geen evidentie, de brug naar de start van de volgende competitie is lang.

Misschien nog een laatste vraag, waar we vooral bij de buren over horen: het stadiondossier?

Dat dossier is in eerste instantie een bevoegdheid van de CVBA. Sowieso zijn we afhankelijk van de buren, en wel zolang zij op Jan Breydel blijven. Cercle van haar kant heeft een paar jaar terug duidelijk de principiële beslissing genomen om in Jan Breydel te blijven. Ook Monaco ondersteunt dit. Stad Brugge is eigenaar van Jan Breydel en heeft ondertussen verschillende studies besteld met het oog op de keuze tussen verbouwing of nieuwbouw. De beslissingen zullen allicht over de gemeenteraadsverkiezingen heen worden getild, mede gezien de moeilijkheden die de buren ondervinden voor het bekomen van een bouwvergunning voor hun plannen aan de Blankenbergse Steenweg. Maar die beslissingen komen er. In ieder geval blijft Cercle op Jan Breydel. Dit zal niet worden teruggedraaid.

Ik vat samen: Cercle, gelukkig getrouwd met Monaco en vol ambitie, blijft spelen in Jan Breydel, …in 1A?

Uiteraard…! Immers, Cercle leeft, leve Cercle!

(K.V.)

Gerelateerde nieuwsberichten

Cerle Brugge KSV
Cercle en Brugge door de jaren heen… (deel 209)

(periode van 10-09-1960 -> 10-09-1960)


•    Cercle

De tijd van de oefenwedstrijden zat er op.  Nu kwam het serieuze competitiewerk er aan.  Een competitie waarin de groen-zwarten een rol van betekenis wilden spelen met een promotieticket als ultieme beloning.  De weg was lang en meerdere ploegen deden graag een gooi naar de promotie maar ook elftallen die tegen de degradatie vochten konden punten kosten.  En zelfs tegen ploegen waarvan georakeld werd dat ze niets te winnen of te verliezen hadden keek je maar best uit.  De lange weg naar Eerste klasse was overduidelijk bezaaid met heel wat wolfijzers en schietgeweren…
Om het eerste elftal een hart onder de riem te steken had de reservenploeg alvast geprobeerd het goede voorbeeld te geven : ze hadden de reserven van F.C. Diest een 4-0 oplawaai verkocht : “Vorige zaterdag boekten de Cerclereserven een vlotte 4-0 zege tegen Diest.  Met drie doelpunten schoot de oud Sporting Charleroi-midvoor Lambert zich op het voorplan, maar de grote uitblinker was ontegensprekelijk de Wevelgemnaar Eric Daels.”   

De reserven hadden getoond hoe het moet maar het eerste elftal moest nu nog de theorie omzetten in praktijk…


“F.C. Diest – Cercle Brugge 2-2 – Fatale penalty zes minuten voor tijd…” : “Er waren nog amper 6 minuten te spelen en Cercle stond nog steeds met 1-2 aan de winst, toen de ver naar achter opererende lokale rechtsbuiten Maes zijn zoveelste hoge voorzet naar Mortier’s kooi zond.  En weer lieten de supporters hun mistevredenheid horen, want de center was eens te meer veel te dicht bij het doel gegeven, waar Mortier hoog opspringend de bal met de beide vuisten wegbokste.  Op hetzelfde ogenblik beging Roje echter een even dwaze als nutteloze haakfout op de toespringende Van Roosbroeck…
“Penalty !” huilde naast mij de Diesterse trainer Marcel Vercammen en terzelfdertijd floot scheidsrechter Van Gijsegem, terwijl hij kordaat naar de elfmeterstip wees.  Meteen kreeg Jefke Van Camp gelegenheid om de stand te effenen, want alhoewel vrij slecht gegeven, belandde de bal toch tegen de touwen, daar Mortier de verkeerde hoek gekozen had…  En evenals verleden jaar tijdens de eerste kompetitiewedstrijd, verloren de groen-zwarten opnieuw een punt door een “onnozele” strafschop !  Wedden dat Roje nog vaak aan die eerste wedstrijden zal terugdenken ?
Toch dient het gezegd dat die puntendeling de getrouwe weergave is van het geleverde spel.  Toonde de Diest-aanval zich heel wat bedrijviger dan de eerder slappe Brugse voorhoede, dan stond de trapvaste Cercle-defensie veel steviger te been dan haar wit-zwarte overburen, zodat het gelijk spel ongetwijfeld iedereen (of niemand) zal bevredigd hebben.”

Technische krabbels…

F.C. Diest – Cercle Brugge 2-2


- opkomst : 2.500 toeschouwers.
- weersgesteldheid : om beurten regen en zon.
- terrein : goed doch gras veel te lang.
- fair-play : niets te melden.
- leiding : ref. Van Gijseghem, goed.
- corners : Diest 6, Cercle 4.
- doelpunten : 47’ Van Roosbroeck 1-0, 67’ Buyse 1-1, 80’ Bailliu 1-2, 84’ Van Camp
  (penalty) 2-2.
- F.C. Diest : Goeleven, Drijvers, Bos, Greeven, Verdonck, Saenen, Maes, Van Camp,
  Boeckx, Van Roosbroeck, Van Rompay.
- Cercle : Mortier, Roje, Serru, Perot, Baas, Demey, Locskai, Buyse, Bailliu, Michiels,
  Gerard.

Wij weten het reeds van vorige gelegenheden maar ‘Dani’ was er in ‘Het Brugsch Handelsblad’ altijd als de kippen bij om bijzondere gebeurtenissen van de afgelopen week in een ‘bont beeld’ vast te leggen.  De penaltyfout van Marin Roje, zes minuten voor tijd, die Cercle uiteindelijk een waardevol punt zou kosten was voor ‘Dani’ dan ook een dankbaar onderwerp :

Lees meer
Cerle Brugge KSV
Crescendo

Hoewel deze term - het geleidelijk versterken van de toon - afkomstig is uit de (Italiaanse) muziekwereld, is deze overgangsdynamiek treffend voor wat we de voorbije weken meemaakten op Cercle.  Achttien op achttien, ik herinner me niet spontaan wanneer we dit eerder beleefden.  Bovendien is Groen-Zwart ook reeds acht wedstrijden op rij ongeslagen.  Ondanks tweemaal met tien man te moeten spelen en een 2-0 achterstand op “het Kiel”, vochten onze spelers met succes terug.  Niet mis voor een behoorlijk jonge ploeg met voornamelijk technisch talent.  De hand van coach Vercauteren laat zich voelen.

De wil om te winnen en te ‘vechten’ was zeer duidelijk in de voorbij wedstrijd tegen Roeselare.  Gezien de omstandigheden deed deze nipte overwinning dubbel deugd.  Met de beslissing van scheidrechter Dieperink om Lambot rood te geven bij de aangeschoten bal, was het net of hij ons de dieperik wou induwen.  Nog tal van zijn (en eerste assistent) beslissingen smaakten bij de Groen-Zwarte fans als een Zeeuwse slijkmossel.  Een Vlaams gezegde luidt: “Als je van een “Hollander” niet gekl**t wordt, is hij het vergeten” (sorry voor onze Nederlandse Cerclevrienden).  Wel, deze was het niet vergeten.  Zo oordeelde althans het grootste deel van de tribunes.  Het Bondsparket  oordeelde de maandag nadien terecht dat de uitsluiting (meer dan) voldoende was.  Zodoende kan Benjamin vrijdag aantreden op OHL.

Betreffende journalistiek kan men zich ook soms “blauw ergeren”, wat voor een Cerclesupporter natuurlijk dubbel erg is… Over de strafschopfase lazen we (digitale versie van grote kranten) dat Lambot de bal met de handen (meervoud) uit het doel haalde.  Nou jongens, die noemen zich dan journalist!  Even flagrant, zo niet flagranter, was de berichtgeving over het “besmeuren met verf van het eigen stadion”.  Aanleiding: één berichtje van een idioot op de sociale media.  De juistheid van het bericht verifiëren, of achtergrondinformatie opzoeken is voor bepaalde perslui (die naam niet waardig) blijkbaar te veel moeite.  Gelukkig zijn er tal van andere journalisten die hun werk wel au serieux nemen.

In een vorig stukje had ik het o.a. over het gebrek aan persbelangstelling voor 1B.  Anderzijds valt het wel op dat er naargelang wie er aan de leiding staat ruimere artikels over die ploeg verschijnen.  Zowel vorig seizoen als het huidige was de omvang van de artikels telkens ruimer als het ploegen aan de Schelde betrof …

Afin, wat natuurlijk écht van tel is, is onze positie.  In de algemene rangschikking staan we op de eerste plaats met o.a. het meest gescoorde doelpunten.  Op zich heeft die plaats (cf. Lierse vorig jaar) slechts een symbolische waarde.  Het kan wel zijn nut hebben bij de finalewedstrijden waar we vanzelfsprekend hopen van de partij te zijn.  Plaatsen we ons en staan we eerste, dan mogen we de belangrijke terugwedstrijd thuis spelen.  Ook zijn actueel enkel Cercle en Beerschot, indien ze niet promoveren, de twee enige ploegen die nu reeds mathematisch zeker zijn van deelname aan PO2.

Ook met de kijkcijfers gaat het crescendo.  We spreken niet over overvolle tribunes, waarbij  een groot deel van ons zich trouwens onwennig zou voelen, maar over een leuke bezetting met een goede sfeer.  De Brugse politie (en belastingbetaler) hoeft er zelfs geen agent extra  voor in te zetten/betalen …

Nog een uitsmijter: binnenkort wordt de “gouden schoen” uitgereikt.  Als de stemgerechtigden van nu de kortzichtigheid van hun collega’s destijds willen rechtzetten, dan is er maar één mogelijke winnaar: postuum drievoudig topschutter Josip Weber!  Al is het symbolisch  …

Tot slot nog een treurige vermelding, maar met onze hoop dat het goed afloopt.  Na de wedstrijd tegen Roeselare werd Alexander Boi, broer van Fré, nog in volle euforie van de winst, voor zijn deur aangereden.  Alexander verkeert op het ogenblik van dit schrijven nog in kritieke toestand.  We wensen de ganse (Cercle-)familie Boi veel sterkte en hoop op een goede afloop.

Cerclevrienden, steun Groen-Zwart in deze laatste vier cruciale wedstrijden van de reguliere  competitie door uw aanwezigheid én aanmoedigingen.  We zijn er bijna, maar nog niet helemaal.  Kent u het liedje nog?

Laat ons crescendo gaan/spelen…

Leve Cercle!

Georges Debacker
Hoofdredacteur SHOT-online

Lees meer
Cerle Brugge KSV
Laatste koploper van heerlijke reeks? Frederik Boi

Frederik Boi weet wat waardering verdient, en wat niet.  Van statistieken houdt hij niet.  Zozeer is hij ervan doordrongen dat voetbal een teamgebeuren is dat hij lijsten van top-schutters en meeste assists eerder als een bekoring tot individualisme beschouwt dan als een uitdrukking van verdienste.  Al staat hijzelf er niet bij stil, zijn naam prijkt bovenaan een heerlijke, statistische weergave. Vragen we ons af welke Cerclespeler voorlopig de laatste is die meer dan driehonderd keren in een officiële match de Groen-Zwarte kleuren verdedigde, dan is ‘Fré’ het antwoord. Met 325 wedstrijden nam hij die koppositie in na zijn laatste Cerclematch in april 2014.  Daarmee verdrong hij na bijna drie jaar Denis Viane van die plaats, die op niet minder dan 383 beurten kan bogen.  En wie zal Fré opvolgen?  Bij het zo veranderde voetballandschap, is de kans op een opvolger wel flinterdun.

Fré, het vorige retro-interview vond plaats in Stekene ten huize van Anthony Portier, nu zitten we hier in jouw huis in Sint-Andries, rechtover de Olympiaterreinen.  Jij en Anthony komen om dezelfde reden aan de beurt: je beëindigt een lange, in hoge mate Zwart-Groen gekleurde, voetbalcarrière.   Anthony houdt ermee op wegens knieletsels, tijdwinst voor zijn gezin en omdat het plezier aan het spel er niet meer is.  En jij, waarom?

Aan meer tijd voor mijn gezin en familiale aangelegenheden hecht ook ik veel belang,  maar bovendien is  de combinatie van mijn werk en competitief voetballen niet meer mogelijk.  Ik droomde er al van voetballer te worden toen ik nog niet eens op de lagere school zat, maar nog voor ik naar het middelbaar ging intrigeerde mij ook alles wat met informatica te maken had.  Sinds een half jaar werk ik nu bij Epson, een Japans bedrijf met wereldwijd 70.000 werknemers, dat printers, scanners en projectoren produceert.  Zozeer een droomjob is dat voor mij, dat ik er de tijdrovende verplaatsing graag bijneem.  Elke werkdag trotseer ik met mijn auto de afstand tussen thuis en Diegem, in de buurt van de Nationale Luchthaven.  Dat komt gemiddeld neer op tweemaal honderd minuten. Per trein zou het even lang duren, en geregeld neem ik zware pakken materiaal mee.

Je hebt ettelijke paren voetbalschoenen bij de Cerclejeugd versleten.  Wat is je uit je prilste Cerclejaren vooral bijgebleven?

Ik kwam als vanzelf als vijf- of zesjarige in het spoor van mijn neef en broers in Cercles Voetbalschool terecht.  De Groen-Zwarte jeugdopleiding stond hoog aangeschreven, het niveau moest zeker niet onderdoen voor dat van ‘de buren’.  Ik was tenger en klein zodat ik  fysisch iets achter was op mijn leeftijdgenoten, maar mijn trainers zagen wel kwaliteiten in mij.  Cercle had toen niet alleen nationale maar ook provinciale jeugdploegen, en meer dan mijn medespelertjes ging ik over van het ene naar het andere niveau.  Ik kon hemelhoog juichen als ik naar ‘nationale’ overgeheveld werd, maar ook bij ‘provinciale’ was het heerlijk voetballen en met veel inzet.  Onder meer met Jan Masureel, Stijn Willems, Bram Vandenbussche en Pieter Doom heb ik goeie vrienden uit ‘provinciale’ overgehouden.  

Je startte als negentienjarige bij de Eerste Ploeg in december 2000.  Herinner je nog die eerste match?  Misschien weet je nog wat jij bij je selectie het meest was: verwonderd, blij, zenuwachtig of zelfzeker? 

Blij was ik alleszins, maar niet verwonderd.  Het moest ervan komen.  In tegenstelling tot de overgrote meerderheid van de trainers, keek Dennis van Wijk niet alleen naar ‘namen’, maar wie goed presteerde op training, kreeg vroeg of laat de kans om zich tijdens het weekend te bewijzen.  Zenuwachtig was ik toen niet, dat was ik pas later bij mijn eerste derby in het fanionelftal.  En zelfzeker?  Aan zelfvertrouwen ontbrak het me niet.  En, ja, het verloop van die eerste match zie ik nog voor ogen.  We verloren thuis met 1-2 tegen Maasmechelen, dat nochtans niet hoog gequoteerd stond.  Na de match was van Wijk in alle staten…  Hoe ik het er zelf van afgebracht had?  Bij mijn eerste duel kreeg ik een klop op mijn hoofd, en kinesist Geert Leys mocht het veld op om mij te verzorgen.  “Zo gaat dat bij de grote jongens,” zei hij.   En ik moest niet lang wachten op bevestiging daarvan, slechts tot mijn tweede match… 

In het ‘Cerclemuseum’ tref ik iets aan dat me bijzonder merkwaardig lijkt.   In je debuutjaar speelde je 6 competitiewedstrijden, het jaar erop 3, en 7 tijdens het daarop volgende seizoen, Cercles kampioenenjaar 2002-‘3.  Met Cercle in Eerste was je er meteen 28 keren bij en vervolgens was je nog zeven seizoenen na elkaar een vaste waarde met minstens 25 beurten.  Een trainer is een machtig man, maar aan zijn voorkeur kon het niet gelegen zijn want zowel juist na als juist voor de promotie had Jerko Tipuric het roer in handen. Blijkbaar was jij niet goed genoeg voor Tweede, maar onmisbaar in Eerste?

In het kampioenenjaar begon ik heel goed, werd zelfs in een krantenartikel als de revelatie van het seizoenbegin bestempeld.  Tegen Geel speelde ik voor de eerste keer in het midden, voordien rechtsbuiten, en na de match zei Jerko mij: “Jij gaat nooit meer weg uit het midden.”  Nog voor die term bestond, draafde ik toen het veld af als ‘box-to-box speler’, en  dankzij mijn goeie conditie had ik daar geen moeite mee.  Na enkele matchen, helaas, werd ik in Heusden-Zolder zwaar getackeld, recht op mijn knieën.  Mijn mediale band was zo goed als door, en de revalidatie duurde verschrikkelijk lang, voor een stuk doordat ik te vroeg weer op het veld wilde staan.  ‘k Heb alleen nog één match gespeeld op het einde van het seizoen, op Maasmechelen.  

"Jerko is een prima trainer.  Zijn enige gebrek is ‘dat hij zich niet weet te verkopen".

Och, blessure, aan die meest voor de hand liggende verklaring had ik niet eens gedacht!  Na één jaar Eerste deed zich een grote verrassing voor: Tipuric was erin geslaagd Cercle in de topklasse te behouden, maar Harm van Veldhoven nam zijn plaats in.

Die trainerswissel vernamen wij al in Westerlo, juist voor de laatste wedstrijd van het seizoen.  Het zat verschillende spelers zo hoog dat ze, vooral onder impuls van Vital Borkelmans, dreigden de match niet te spelen.  “Wij spelen niet,” zei Vital.  “Je speelt wel,” zei Jerko.  En … we keerden naar Brugge terug met een 1-1 gelijkspel. Ja, dat we  in Eerste bleven met de kern die we toen hadden, was een half mirakel.  Jerko door Harm vervangen konden we nauwelijks begrijpen, ook omdat Cercle toen het kleinste budget van heel de reeks had.  En, terloops, ik beëindig straks mijn voetbalcarrière bij het pas naar Eerste Provinciale gepromoveerde Sporting Blankenberge.  Wie is er de trainer?  Jerko.  Staan we op een degradatieplaats?  Neen, je vindt ons zelfs in de eerste helft van de rangschikking.

Jerko blijft?  Neen.  Maar toch is het niet helemaal hetzelfde als bij Cercle halfweg 2004.  Dat men bij een degelijk spelend voetbalteam na zes jaar hoe dan ook graag eens nieuwe wind laat waaien is minder verwonderlijk dan na twee jaar, zoals toen.   Jerko is een prima trainer.  Zijn enige gebrek is ‘dat hij zich niet weet te verkopen’.

Tijdens Cercles gloriejaar, het eerste onder Glen De Boeck, trok jij voor niet minder dan 33 competitiematchen het Groen-Zwarte shirt aan.  Volgens Anthony Portier waren Cercles knalprestaties wel degelijk eerst en vooral aan Glen te danken.  Deel je zijn mening?

Heel zeker.  Vooreerst beschikte Glen over een stel fantastische spelers, maar daarnaast was zijn aanpak  zoals voetbal hoort te zijn: zo eenvoudig, zo simpel als het maar kan.  Dat komt erop neer dat iedere speler heel duidelijk moet weten wat hem als pion van een team op het voetbalschaakbord te doen staat.  En we wisten het! “Jij dit, jij dat, jij dit, jij dat …”  Voetbal is een loopsport, je moet voortdurend bewegen en je moet erop kunnen betrouwen: “Recupereer ik de bal, dan staat daar een medespeler die ik kan aanspelen.” Elke week opnieuw prentte Glen het ons in, steeds weer hetzelfde, zo ongecompliceerd mogelijk moest het zijn.  We hadden alleen maar verstandige spelers, maar waren er een paar blinden bij geweest, dan nog hadden die geweten wat hen te doen stond.  Wat ons tijdens Glens eerste jaar genekt heeft, dat is de gescheurde kruisband van Tom De Sutter in februari.

Maar dat Glen de glansprestatie van zijn eerste jaar erna niet heeft kunnen overdoen, heeft hij toch wel aan zichzelf te wijten.  “Wij zijn te voorspelbaar,” vreesde hij, en hij stapte af van zijn voor ons zo hanteerbaar systeem.  Ik kan het niet genoeg beklemtonen: “In voetbal is simpel spelen het beste, maar het moeilijkste dat er is.”  Weet je welke speler ik het meest bewonderde omdat hij alles zo eenvoudig mogelijk aanpakte? Dat was Oleg Iachtchouk.  Zijn balcontrole was altijd goed.  Zoals alles bij hem, leek zijn meesterschap over de bal en zijn voortgang in het spel vanzelfsprekend. Kreeg jij echter zo’n bal toegespeeld, dan lag die plots een halve meter weg van je voet.  Een eenvoudige, een intelligente, ook een leuke voetballer was Oleg. 

Dankten jullie je sterkte ook niet aan het feit dat Glen tot het uiterste ging  om de fysische conditie op te drijven? 

Ja, Glen was veeleisend, zeker ook qua fysische paraatheid.  ‘k Zie ons nog een uur aan een stuk ‘volle bak’ lopen in Tillegem.  En ook vele baloefeningen bleven duren tot onze tong op het gras lag…  Ik mag echter gerust beweren dat ik een van de spelers was die daar het minst last van had.  Ik heb het perfecte voetballichaam niet, maar wel een fysisch gestel dat geschikt is voor duursporten.  Wat ik als voetballer het meest mis, dat is kracht, en dat heb ik altijd weten te compenseren door ‘adem’ en snelheid.   ‘k Bezit beelden waarop ik tachtig meter loop langs de zijkant van het veld, de bal rond het penaltypunt van de tegenstander stil leg, binnenschiet, en rustig dooradem alsof ik twee stappen had gezet.

"Echte supporters vereenzelvigen zich ook met hun team als het maar niet wil lukken". 

Niet alleen over Glen De Boeck als trainer kun je meespreken, je hebt er in Cercles fanionelftal, asjeblief,  zeven meegemaakt: Dennis van Wijk, Jerko Tipuric, Harm van Veldhoven, Glen, Bob Peeters, Foeke Booy en Lorenzo Staelens.  Twee vragen liggen voor de hand: wie vond jij de beste, en zou je nu met elk van hen even graag aan tafel gaan zitten?

De meeste trainers die ik heb gehad, waren zeer degelijk, en twee van hen waren zelfs zo goed dat ze nog een paar centimeters boven Jerko uitstaken.  Dat waren Glen en, op gelijke hoogte, Yves Van Borm toen ik bij Knokke speelde. Dat ze ‘de beste’ waren, betekent lang niet dat ik met hen het minst in botsing ben gekomen, zelfs niet dat ik nu met hen het liefst zou tafelen. Een en ander kan complex zijn, hoor.  Dennis van Wijk, bijvoorbeeld, kent geen greintje medelijden op het voetbalveld, maar hij is een crème van een mens erbuiten.

We gaan even weg van Cercle.  Nog voor Van Borm heb jij dat trouwens al gedaan.  Je trok halfweg 2011 naar Oud-Heverlee Leuven, kwam na anderhalf jaar terug naar het Groen-Zwarte Olympia, je werd begin 2015 door Cercle eventjes uitgeleend aan Izegem, knokte twee jaar bij F.C. Knokke en nu ben je aan je laatste matchen bij Sporting Blankenberge toe.  

Bij OHL voelde ik me goed thuis, maar toch was ik blij dat Cercle me weer met open armen ontving.  Ook van de supporters voelde ik hun ‘welkom’ aan - en supporters zijn écht ‘de twaalfde man’: niet elke speler voelt het even intens aan, maar de meesten geeft het een kick van vertrouwen als de supporters positief op hun spel reageren. Al te veel supporters denken dat ze betalen om je te zien winnen, maar, neen, ze staan van hun centen af om je zo goed te zien spelen als het je mogelijk is!  Echte supporters vereenzelvigen zich ook met hun team als het maar niet wil lukken. 

U denkt, lezer, ik kom aan de slotbeschouwing van het interview, en dàt waarmee iedere Cerclesupporter Fré omkranst, is niet eens ter sprake gekomen.  17 december 2006, juist voor de winterstop, Cercle-Club, 63ste minuut: Fré keilt de bal tussen de blauw-zwarte doelpalen.  Het blijft 1-0 tot de scheidsrechter affluit.  Wat een vreugde, wat een euforie!  Eén seconde van uniek succes, en Fré is en blijft levenslang wereldberoemd in heel Brugge!  “Ja, zeker, daarover spreken velen me nog dikwijls aan.”  Op mijn slotvraag of het blijde nieuws dat ik vanmorgen in het Nieuwsblad gelezen heb, klopt, bevestigt Fré dat het, alles in acht genomen, onwaarschijnlijk goed evolueert met Alexander, zijn broer die nog geen maand geleden het slachtoffer werd van een zwaar verkeersongeval.  Een flits, ook hier, maar een gevolg dat écht ingrijpt in het leven.  Voor Alexander, vanzelfsprekend.  Voor Fré ook?  “Ik had voordien al besloten te stoppen met voetballen.  Zoveel tijd eist mijn werk van mij op, dat ik er te allen koste genoeg moet vrij maken voor mijn vrouw, mijn twee dochtertjes en heel mijn familie.  Alexanders accident bevestigt wat ik me al goed bewust was: tijd dient ertoe om die zo interessant mogelijk door te brengen.”

(Georges Volckaert)

Lees meer
Cerle Brugge KSV
Halfweg

In een vorig leven, eigenlijk nog maar anderhalf seizoen geleden, toen ik nog instond voor de gedrukte versie van SHOT, diende er maandelijks een redactioneel stukje te verschijnen op  pagina 1, dit ongeacht of er voldoende inspiratie was of niet…
Nu heb ik de “luxe” om dit te doen wanneer het me uitkomt of wanneer het tijdstip er het best voor geschikt is.  Het einde van de eerste periode komende zondag lijkt me een gepast  moment om even terug te blikken en een hoopvolle blik in de toekomst te werpen.

Voorafgaand aan het huidige seizoen pende ik iets neer met als titel “optimisme”.  We kenden door de inbreng van AS Monaco een tsunami aan nieuwe spelers.  Toen reeds schreef ik dat het onmiskenbare talent dat we binnenloodsten gekneed moest worden tot een hecht team.  De pers plaatste ons voorop als de te kloppen ploeg.  Vanzelfsprekend had dit (terecht) positief beeld ook een keerzijde, want ploegen plooiden zich dubbel tegen ons.  Wellicht door de jeugdige overmoed werden heel wat punten onwaarschijnlijk te grabbel gegooid.  Overwinningen en verlieswedstrijden wisselden zich af. Om die reden vond ik het ook niet raadzaam er iets over neer te pennen en even de kat uit de boom te kijken.

Een aantal supporters die met (terecht) hoge verwachtingen het seizoen tegemoet zagen, waren regelmatig ontgoocheld (verliespunten in het slot van de wedstrijd bv.).  De ene uitte dit al luidruchtiger dan de andere en niet steeds met zinvolle omschrijvingen (op Roeselare stond er na afloop eentje naast me in de toiletten die luidruchtig verkondigde dat het bestuur buiten moest…).  Eén ding is duidelijk: 1e klasse B is een niet te onderschatten reeks waar elke wedstrijd een cupwedstrijd is.

Naast de “techniekers” in onze ploeg hebben we gelukkig ook een aantal vechters en routiniers.  Een elftal met de juiste mix daaruit samenstellen is de taak van de trainer.

Gentleman José Riga (zoals onze voorzitter hem omschreef tijdens de persconferentie bij de aanstelling van Frank Vercauteren), slaagde daar blijkbaar niet in.  Een op dat ogenblik derde plaats in de eerste periode werd als onvoldoende beschouwd en om de doelstelling van dit seizoen te bereiken, lees: een periode winnen om zo de promotie proberen af te dwingen, werd snel ingegrepen.  Nauwelijks enkele uren nadat de coach zijn kastje leegmaakte werd een persconferentie gehouden waarbij de nieuwe trainer voorgesteld werd.  Velen keken ongelovig naar de naam (die voortijdig uitlekte).  Franky Vercauteren!  Zelfs de nationale TV-zenders vonden eens de weg naar de groene kant van Jan Breydel. Ook de naam van de assistent die hij meebracht wekte verwondering, Vincent Euvrard.  Vincent die bij aanvang van het vorige seizoen nog hoofdtrainer was bij Groen-Zwart.  Mooi om een gekend (Groen-Zwart) gezicht terug te zien.

Op het ogenblik van het ingrijpen - lees trainerswissel - maakte Cercle nog een mathematische kans op de eerste  periodetitel.  Het belangrijkste was wellicht dat er nog drie wedstrijden “inloopperiode” waren naar de volgende, ultieme, kans, nl. de 2e periode.
Dat die inloopperiode nodig is, werd duidelijk op het veld van Lierse.  Elke trainer legt zijn eigen accenten.  De groep moet die opnemen.  In enkele dagen tijd is dit quasi onmogelijk.  Op Lierse was dit duidelijk.  Op Tubize, steeds een moeilijk te bespelen ploeg, zeker in het Stade Leburton, zagen we reeds een gans ander Cercle.  Veel balbezit, vele kansen, maar wat niet wijzigde … weinig omgezette kansen.  Zoals vaak tegen ons speelde de doelman ook weer zijn match van het seizoen.

Maar… er is ook een ander aspect! Sportief hebben we het enkele malen zelf laten liggen, maar “de man in oranje” (in het zwart als het een Nederlander is) liet zich tevens niet steeds van zijn mooiste kant zien.  Gigantische krantenkoppen, bladzijden vol bla bla, analisten op TV die nog meer uit hun nek kunnen kletsen, enz… omtrent de videoref.  Wij moeten het echter stellen met een aantal scheidsrechters waar ik om beleefdheidsredenen mijn mening niet verder over uitdruk.

Ik beperk me tot vorige zondag.  Wat indien de scheids wel zijn job deed bij de duidelijke strafschopfout en/of bij een andere fase Tubize tot tien man herleid zou hebben?
Ga ik te kort door de bocht?  Ik denk het niet.  In “KW sportactua” (20 oktober 2017) laat Dennis van Wijk, met heel wat ervaring in 1B, noteren: “Als je eerste klasse B voor volwaardig wil aanzien, dan moet je stoppen met het als laboratorium voor experimenten te beschouwen.  Nu laten ze hier bij ons jonge refs proefstomen, maar ze vergeten dat één punt meer of minder soms het verschil uitmaakt over het voortbestaan van de club.  Het gaat om profvoetbal, je moet dus ook hier toprefs hebben.”   Einde citaat.

De wedstrijd komende zondag tegen Westerlo, die de eerste periode afrondt, is voornamelijk van belang om het goede wat op Tubize te zien was in het spel te bevestigen en… winnend af te sluiten.  Zo kweek je vertrouwen bij spelers en aanhang.  Het is tevens de ultieme voorbereiding om voluit te kunnen gaan voor de 2e periode die de zondag nadien start met een uitgelezen test tegen Beerschot-Wilrijk.

We starten met een nieuwe lei en hopen in februari een feestje te kunnen bouwen met de periodetitel.

Leve Cercle!

Georges Debacker
Hoofdredacteur SHOT-online

Lees meer
Cerle Brugge KSV
Huldiging sportvrijwilliger

Op maandag 11 december vond de jaarlijkse algemene vergadering plaats van de Brugse Sportraad in de cultuurzaal Daverlo te Assebroek.  
Een vast item tijdens deze vergadering is de uitreiking van een getuigschrift en medaille aan vrijwilligers bij een Brugse sportvereniging die minstens 21 jaar dienst op de teller hebben.

Dit jaar waren er een tiental gegadigden, waaronder twee van Cercle nl. Myriam Floré en Pierre Lammens.

Gezien de gevaarlijke weersomstandigheden (sneeuw) tekenden een aantal mensen niet present.  Zo ook de Cercle-genomineerden.  De medaille werd daarna retroactief bekomen.

Lees meer